<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2024:14832</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T05:23:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-09-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-09-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/09/666722 / HA ZA 24-446</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_burgerlijkProcesrecht">Civiel recht; Burgerlijk procesrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>PJ 2024/143</rdf:li>
          <rdf:li>PR-Updates.nl 2025-0010</rdf:li>
          <rdf:li>PR-Updates.nl PR-2025-0010</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:14832">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:14832</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-09-19T13:04:05</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-09-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2024:14832 Rechtbank Den Haag , 11-09-2024 / C/09/666722 / HA ZA 24-446</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2024:14832:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Eiseressen zijn niet-ontvankelijk verklaard in hun vorderingen tegen de gedaagde pensioenfondsen waarvan een rechtsopvolger bekend is. T.a.v. de andere gedaagde pensioenfondsen waarvan geen rechtsopvolger bekend is, is de regeling van art. 54 lid 3 Rv van toepassing. Eiseressen hebben deze gedaagden terecht openbaar opgeroepen en de rb heeft verstek verleend tegen deze gedaagden.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2024:14832:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="38c1a23c-93c0-4e09-afa5-dfff7d7dfd0e" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="1677a00e-2d50-418b-adf4-07ea1925a53d" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team handel</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/09/666722 / HA ZA 24-446</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 11 september 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>STICHTING OMNIA WONEN te Amersfoort,</title>
    <parablock>
      <para>2.	<emphasis role="bold">STICHTING STAEDION</emphasis> te Den Haag,</para>
      <para>eiseressen,</para>
      <para>advocaat: mr. E.A. van de Kuilen-Stap en mr. A.F. Bulten te Breda,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>PENSIOENFONDS VOOR DE ARCHITECTENBUREAUS,</title>
    <para>2.	<emphasis role="bold">BEDRIJFSPENSIOENFONDS VOOR DE BAKSTEENINDUSTRIE</emphasis>,</para>
    <para>3.	<emphasis role="bold">BEDRIJFSPENSIOENFONDS VOOR DE  BETONWARENINDUSTRIE</emphasis>,</para>
    <para>4.	<emphasis role="bold">BEDRIJFSPENSIOENFONDS VOOR DE CARTONNAGEINDUSTRIE EN DE PAPIERINDUSTRIE</emphasis>,</para>
    <para>5.	<emphasis role="bold">BEDRIJFSPENSIOENFONDS VOOR HET FILM- EN BIOSCOOPBEDRIJF</emphasis>,</para>
    <para>6.	<emphasis role="bold">BEDRIJFSPENSIOENFONDS VOOR DE GROENTEN- EN FRUITVERWERKENDE INDUSTRIE</emphasis>,</para>
    <para>7.	<emphasis role="bold">ALGEMEEN PENSIOENFONDS VOOR DE HAVEN- EN VERVOERBDRIJVEN</emphasis>,</para>
    <para>8.	<emphasis role="bold">BEDRIJSPENSIOENFONDS VOOR DE HOUTHANDEL</emphasis>,</para>
    <para>9.	<emphasis role="bold">BEDRIJFSPENSIOENFONDS VOOR DE KALKZANDSTEENINDUSTRIE</emphasis>,</para>
    <para>10.	<emphasis role="bold">BEDRIJFSPENSIOENFONDS VOOR DE KOOPVAARDIJ</emphasis>,</para>
    <para>11.	<emphasis role="bold">BEDRIJFSPENSIOENFONDS VOOR DE METAALNDUSTRIE</emphasis>,</para>
    <para>12.	<emphasis role="bold">BEDRIJFSPENSIOENFONDS VOOR DE MEUBELINDUSTRIE EN MEUBILERINGSBEDRIJVEN</emphasis>,</para>
    <para>13.	<emphasis role="bold">VAN OMMEREN PENSIOENFONDS</emphasis>,</para>
    <para>14.	<emphasis role="bold">PENSIOENFONDS RISICO</emphasis>,</para>
    <para>15.	<emphasis role="bold">TWENTS GELDERS BEDRIJFSPENSIOENFONDS VOOR DE TEXTIELINDUSTRIE</emphasis>,</para>
    <para>16.	<emphasis role="bold">PENSIOENFONDS VOOR DE WONINGBOUWCORPORATIES</emphasis>,</para>
    <parablock>
      <para>allen zonder bekende woon- of verblijfplaats,</para>
      <para>gedaagden,</para>
      <para>niet verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <parablock>
        <para> de dagvaarding van 23 februari 2024, tegen de eerste rolzitting van 29 mei 2024, met producties 1 tot en met 7;</para>
        <para> de rolbeslissing van 5 juni 2024;</para>
        <para> de akte van 4 september 2024, met producties 8 tot en met 69, van eiseressen.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Dit vonnis bouwt voort op wat in de rolbeslissing is overwogen. Eiseressen zijn bij rolbeslissing van 5 juni 2024 in de gelegenheid gesteld om nader onderzoek te doen naar de rechtsopvolgers van gedaagden en zich (per gedaagde) uit te laten over hun bevindingen en de gevolgen daarvan voor de procedure. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">ten aanzien van gedaagden 3, 4, 7, 14 en 16</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Eiseressen stellen in voormelde akte dat zij onderzoek hebben gedaan naar gedaagden 3, 4, 7, 14 en 16, maar geen rechtsopvolgers hebben kunnen vinden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat uit voormelde akte met producties blijkt dat eiseressen voldoende onderzoek hebben gedaan naar gedaagden 3, 4, 7, 14 en 16. Nu uit dit onderzoek volgt dat van deze gedaagden geen kantooradres bekend is en geen rechtsopvolger bekend is aan wie de dagvaarding kan worden betekend, is de regeling van artikel 54 lid 3 en 4 Rv van toepassing en mochten deze gedaagden openbaar worden opgeroepen, zoals eiseressen hebben gedaan. De rechtbank zal daarom verstek verlenen tegen gedaagden 3, 4, 7, 14 en 16.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">ten aanzien van gedaagde 13</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Eiseressen stellen dat uit hun onderzoek blijkt dat gedaagde 13 is gefuseerd en dat Stichting Pensioenfonds Vopak de verkrijgede rechtspersoon is. Stichting Pensioenfonds Vopak heeft inmiddels een royementsvolmacht getekend ten behoeve van de doorhaling van de hypothecaire inschrijving in het kadaster ten name van gedaagde 13.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>De rechtbank stelt eiseressen in de gelegenheid zich er over uit te laten of zij hun vordering ten aanzien van gedaagde 13 handhaven of intrekken. De rechtbank zal de zaak daartoe naar de rolzitting van 25 september 2024 verwijzen. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">ten aanzien van gedaagden 1, 2, 5, 6, 8, 9, 10, 11 en 12</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Eiseressen stellen dat uit hun onderzoek blijkt dat Syntrus Achmea Real Estate &amp; Finance B.V. (hierna: SAREF) gedaagden 1, 2, 5, 6, 8, 9, 10, 11 en 12 heeft overgenomen. Eiseressen hebben na de rolbeslissing contact opgenomen met SAREF, maar zij is niet bereid om een royementsvolmacht te tekenen ten behoeve van de doorhaling van de hypothecaire inschrijvingen in het kadaster ten name van gedaagden 1, 2, 5, 6, 8, 9, 10, 11 en 12.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>Eiseressen verzoeken de rechtbank in hun akte om tot toewijzing van hun vordering over te gaan, omdat de toestemming van de hypotheekhouder nodig is en dit op geen enkele manier is te bewerkstelligen. Als de rechtbank dit wenst, zijn eiseressen bereid om SAREF in het geding op te roepen op de voet van artikel 118 Rv. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8.</nr>
      <para>De rechtbank kan niet tot toewijzing van de vordering ten aanzien van gedaagden 1, 2, 5, 6, 8, 9, 10, 11 en 12 overgaan. Het is immers SAREF die, als rechtsopvolger van deze gedaagden had moeten worden gedagvaard. Dat kan niet worden hersteld door oproeping van SAREF op grond van artikel118 Rv. Dat artikel biedt de mogelijkheid om een derde op te roepen die betrokken is bij de materiële rechtsverhouding tussen de eisende en de gedaagde partij(en) in het geding op te roepen, niet om alsnog de juiste partij in de procedure te betrekken. SAREF is niet als derde betrokken bij de materiële rechtsverhouding tussen eiseressen en gedaagden maar zij is gedaagden in die rechtsverhouding opgevolgd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.9.</nr>
      <para>Het voorgaande betekent dat eiseressen niet-ontvankelijk moeten worden verklaard in hun vorderingen tegen gedaagden 1, 2, 5, 6, 8, 9, 10, 11 en 12. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">ten aanzien van gedaagde 15</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.10.</nr>
      <para>Eiseressen stellen dat uit hun onderzoek blijkt dat Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor de Mode- Interieur, Tapijt en Textielindustrie (hierna: Bedrijfstakpensioenfonds Mitt) gedaagde 15 heeft overgenomen. Eiseressen hebben na de rolbeslissing contact opgenomen met Bedrijfstakpensioenfonds Mitt, maar zij heeft nog niet gereageerd op het verzoek om een royementsvolmacht te tekenen ten behoeve van de doorhaling van de hypothecaire inschrijving in het kadaster ten name van gedaagde 15.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.11.</nr>
      <para>Eiseressen verzoeken de rechtbank in hun akte ook ten aanzien van deze gedaagde om tot toewijzing over te gaan, omdat de toestemming van de hypotheekhouder nodig is. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.12.</nr>
      <para>Ten aanzien van gedaagde 15 geldt hetzelfde als de rechtbank hiervoor ten aanzien van gedaagden 1, 2, 5, 6, 8, 9, 10, 11 en 12 heeft overwogen. Eiseressen hadden Bedrijfstakpensioenfonds Mitt moeten dagvaarden als rechtsopvolger van gedaagde 15, in plaats van gedaagde 15. Eiseressen zullen niet-ontvankelijk worden verklaard in hun vorderingen jegens gedaagde 15.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het vervolg van de procedure</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.13.</nr>
      <parablock>
        <para>De rechtbank zal eiseressen in de gelegenheid stellen om op de rolzitting op 25 september 2024 bij akte niet alleen in te gaan op de vordering ten aanzien van gedaagde onder 13, maar ook om aan te geven of zij wenst dat de behandeling van de vorderingen tegen gedaagden 3, 4, 7, 14 en 16 (en mogelijk ook tegen 13) wordt aangehouden zodat zij SAREF en Bedrijfstakpensioenfonds Mitt kan dagvaarden en die zaken worden gevoegd met deze zaak. </para>
        <para>De akte strekt slechts ter voorlichting van de rechtbank zodat het niet noodzakelijk is dat de akte aan gedaagden wordt betekend.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>verleent verstek tegen gedaagden 3, 4, 7, 14 en 16;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>verklaart eiseressen niet-ontvankelijk in hun vorderingen tegen gedaagden 1, 2, 5, 6, 8, 9, 10, 11, 12 en 15;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van <emphasis role="bold">25 september 2024</emphasis> voor het nemen van een akte als bedoeld in 2.5 en 2.13;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Deze beslissing is gegeven door mr. P. Dondorp en in het openbaar uitgesproken op </para>
        <para>11 september 2024.<footnote-ref linkend="_7714d0c7-b7ee-4dfe-b21d-7fc146ac7832" /></para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_7714d0c7-b7ee-4dfe-b21d-7fc146ac7832" label="1">
    <para>type: 2339</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>