<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2024:11041</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-07-17T17:33:30</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-07-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-07-02</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/09/656320 / HA RK 23-435</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:11041">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2024:11041</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-07-17T17:33:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-07-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2024:11041 Rechtbank Den Haag , 02-07-2024 / C/09/656320 / HA RK 23-435</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2024:11041:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Artikel 17 Rijkswet op het Nederlanderschap (RWN) Verzoeker is op grond van de artikelen 15 en 16 van de RWN van rechtswege het Nederlanderschap verloren, doordat verzoeker, op het moment van het afleggen van de verklaring van afstand door de vader van verzoeker, minderjarig was.</para>
        <para>Verzoek is afgewezen.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2024:11041:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>
    <emphasis role="bold caps">Rechtbank DEN HAAG</emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>Meervoudige kamer</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Rekestnummer: HA RK 23-435</para>
    <para>Zaaknummer: C/09/656320</para>
    <para>Datum beschikking: 2 juli 2024</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>Beschikking op het op 2 november 2023 ingekomen verzoekschrift van: </title>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [verzoeker] ,</title>
    <parablock>
      <para>verzoeker,</para>
      <para>verblijvende te [plaatsnaam 1] ,</para>
      <para>advocaat: mr. S. Karkache te Rotterdam.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Als belanghebbende wordt aangemerkt:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>DE STAAT DER NEDERLANDEN, </title>
    <parablock>
      <para>(Ministerie van Justitie en Veiligheid, Immigratie- en Naturalisatiedienst,</para>
      <para>verder te noemen “de IND”),</para>
      <para>zetelende te ’s-Gravenhage,</para>
      <para>vertegenwoordigd door: mr. [naam] .</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Procedure</title>
    <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>het verzoekschrift, met bijlagen;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de brief van de IND van 14 december 2023;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de brief van verzoeker van 13 maart 2024;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de brief van de IND van 18 maart 2024.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 21 mei 2024 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: verzoeker en zijn advocaat. Namens de IND is [naam] verschenen. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Verzoek en het standpunt van de IND</title>
    <para>Het verzoekschrift strekt tot vaststelling van het Nederlanderschap van verzoeker, een en ander voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De IND concludeert tot afwijzing van het verzoek.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Feiten </title>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>In de Basisregistratie Personen (BRP) is geregistreerd dat op [huwelijksdatum] 1999 te [plaatsnaam 2] , Marokko, [de vader] (de vader) en [de moeder] (de moeder) met elkaar zijn gehuwd.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Op de Marokkaanse geboorteakte van verzoeker, voorzien van apostille, met nummer 473 van het jaar 1999 is vermeld dat verzoeker op [geboortedatum] 1999 te [geboorteplaats] , Marokko, is geboren als kind van de vader en de moeder.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Bij Koninklijk Besluit van 22 april 1997, KB97.1725, heeft de vader de Nederlandse nationaliteit verkregen.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>De vader had ten tijde van de geboorte van verzoeker de Nederlandse nationaliteit. </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>De vader heeft op 9 juli 2001 een verklaring van afstand van de Nederlandse nationaliteit afgelegd.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>De vader is op 5 januari 2009 overleden.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Verzoeker heeft op 11 oktober 2023 een aanvraag om een verblijfsvergunning ingediend met als doel om hier in Nederland te mogen verblijven in afwachting van deze vaststellingsprocedure. </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Verzoeker staat niet in de BRP ingeschreven.  </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Beoordeling</title>
    <para>De rechtbank stelt voorop dat het verzoek is gegrond op artikel 17 van de Rijkswet op het Nederlanderschap (RWN). Op basis van dit artikel is de rechtbank enkel bevoegd om tot vaststelling van het Nederlanderschap van een persoon over te gaan of tot vaststelling dat die persoon het Nederlanderschap niet bezit. De rechtbank kan niet het Nederlanderschap verlenen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>In geschil is of verzoeker in het bezit is van de Nederlandse nationaliteit. Verzoeker stelt dat dit het geval is, terwijl de IND aangeeft dat verzoeker de Nederlandse nationaliteit van rechtswege is verloren. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank stelt op basis van de registratie in de BRP en de geboorteakte van verzoeker vast dat verzoeker is geboren uit het huwelijk tussen zijn vader en moeder. Verzoeker heeft dus op grond van artikel 3 RWN bij geboorte – als kind van een Nederlandse vader – de Nederlandse nationaliteit verkregen. De vader van verzoeker heeft op 9 juli 2001, door middel van het afleggen van een “Verklaring van afstand van de Nederlandse nationaliteit”, het Nederlanderschap verloren. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Artikel 15 aanhef en onder b RWN (oud) bepaalt: </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">“Het Nederlanderschap gaat voor een meerderjarige verloren:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">(…)</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">b. door het afleggen van een verklaring van afstand”. </emphasis>
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Artikel 16 lid 1 aanhef en onder c RWN (oud) bepaalt: </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">“Het Nederlanderschap gaat voor een minderjarige verloren:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">(…)</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">c. indien zijn vader of moeder het Nederlanderschap verliest ingevolge artikel 15, onder b, c of d”. </emphasis>
    </para>
    <parablock>
      <para>Lid 2 van dit artikel luidt: </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">“Het verlies van het Nederlanderschap treedt niet in, indien en zolang de andere ouder het Nederlanderschap bezit”. </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit deze artikelen van de RWN volgt dat verzoeker van rechtswege het Nederlanderschap is verloren, doordat verzoeker, op het moment van het afleggen van de verklaring van afstand door de vader van verzoeker, minderjarig was. </para>
      <para>De uitzondering van lid 2 gaat voor verzoeker niet op, omdat zijn moeder niet het Nederlanderschap bezit. Bij de herziening van de RWN op 1 april 2003 is lid 2 van artikel 16 RWN verruimt. De toegevoegde bepalingen – waarvan enkelen ook met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 1985 worden geacht te gelden – zien op situaties dat het verlies van het Nederlanderschap, bedoeld in het eerste lid, niet intreedt. Deze situaties zijn evenwel ook niet van toepassing op verzoeker. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verzoeker stelt zich op het standpunt dat bij de verklaring van afstand door zijn vader een belangenafweging had moeten plaatsvinden. De afstandsverklaring is eenzijdig door de vader van verzoeker gedaan zonder hierin de moeder van verzoeker, als zijn wettelijk vertegenwoordigster, te betrekken. Bij de afstandsverklaring zijn de belangen van verzoeker, in hoedanigheid van een (kwetsbaar) kind, op geen enkele manier betrokken, aldus verzoeker. Volgens hem ziet de afstandsverklaring bovendien enkel op het Nederlanderschap van zijn vader. Hij wordt hierin als kind niet vermeld, aldus verzoeker.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank stelt vast dat in de RWN de wijzen van het verkrijgen van de Nederlandse nationaliteit of het behouden daarvan limitatief zijn opgesomd. Voor het maken van een belangenafweging zoals door verzoeker is betoogd, is geen ruimte. Ook het feit dat de moeder niet is betrokken en dat het kind niet in de verklaring van afstand wordt vermeld, is op grond van de artikelen van de RWN niet relevant. De rechtbank ziet in het gestelde dan ook geen grond waarop kan worden geconcludeerd dat verzoeker, ondanks de afstandsverklaring door zijn vader, het Nederlanderschap heeft behouden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank stelt vast dat verzoeker op zitting zijn eerdere ingenomen stelling, dat het verlies van het Unieburgerschap tot onevenredige gevolgen zou leiden uit het oogpunt van het Unierecht, heeft ingetrokken. Voor zover verzoeker een beroep op een  evenredigheidsbeginsel of een ander algemeen beginsel van behoorlijk bestuur heeft willen doen om tot vaststelling van het Nederlanderschap te komen, kan dit beroep niet slagen. De manieren waarop de Nederlandse nationaliteit kan worden verkregen, zijn zoals hiervoor overwogen limitatief opgenomen in de RWN. Onder deze manieren van verkrijging is niet begrepen de werking van enig algemeen beginsel van behoorlijk bestuur (zie bijvoorbeeld Hoge Raad, 25 februari 2022, ECLI:NL:HR:2022:331).</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>*</para>
      <para>wijst het verzoek af. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is gegeven door mrs. C.S.F. de Nijs, A. Emmens en L.L. Benink, rechters, bijgestaan door mr. M.T.E. Krijger-van Huut als griffier en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 juli 2024.</para>
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>