<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2023:9532</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-07-03T17:01:00</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-07-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-06-30</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">NL23.12865</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#voorlopigeVoorziening">Voorlopige voorziening</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_vreemdelingenrecht">Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2023:9532">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2023:9532</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-07-03T17:00:30</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-07-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2023:9532 Rechtbank Den Haag , 30-06-2023 / NL23.12865</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2023:9532:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verblijfsrecht beëindigd op grond van openbare orde. Hoorplicht, beroep op artikel 8 EVRM. Verzoek om voorlopige voorziening (VoVo) toegewezen. Verzoeker mag niet worden uitgezet voordat op het bezwaarschrift is beslist.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2023:9532:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bestuursrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: NL23.12865</para>
    </parablock>
    <bridgehead role="bold">
      <?linebreak?>uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen</bridgehead>
    <bridgehead role="bold">
      [verzoeker], verzoeker</bridgehead>
    <parablock>
      <para>V-nummer: [v-nummer]</para>
      <para>(gemachtigde: mr. A.G. Kleijweg),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder</bridgehead>
    <para>(gemachtigde: mr. J. van Dam).</para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>In het besluit van 17 april 2023 heeft verweerder het EU-verblijfsrecht van verzoeker ontzegt, dan wel beëindigd en verzoeker ongewenst verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verzoeker heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt. Hij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen ertoe strekkende dat hij zijn bezwaar in Nederland mag afwachten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verweerder heeft op 21 juni 2023 een verweerschrift ingediend. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 28 juni 2023 op zitting behandeld. Verzoeker is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Als tolk is verschenen M. Kwasnik. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Waar gaat de zaak over? </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. Verzoeker is geboren op [geboortedag] 1974 en heeft de Poolse nationaliteit.</para>
    <para />
    <para>2. Verzoeker is in 2013 naar Nederland gekomen. Hij is meerdere keren veroordeeld voor (vermogens)delicten en kampt met een alcoholverslaving. Verweerder heeft daarin aanleiding gezien om het verblijfsrecht van verzoeker vanwege het belang van de openbare orde te beëindigen en verzoeker ongewenst te verklaren. Thans zit verzoeker strafrechtelijk gedetineerd in het kader van een ISD-maatregel<footnote-ref linkend="_4680ea99-d43e-4ac0-afbc-4a2f719b9025" />.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Wat vindt verzoeker? </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>3. Verzoeker voert aan dat hij sinds 2013 werkt en verblijft in Nederland zodat hij van rechtswege beschikt over een verblijfsrecht voor onbepaalde tijd. Voorts zou de uitzetting van verzoeker zijn rehabilitatie frustreren. Verzoeker voert aan dat artikel 8 van het EVRM<footnote-ref linkend="_9a34ddf4-f00e-4697-bb09-ee488297b118" /> en artikel 7 van het Handvest<footnote-ref linkend="_4268fd03-960d-4a0e-9344-93778b5ee226" /> nopen tot voortzetting van het verblijf. Ook wil verzoeker graag gehoord worden in zijn bezwaarprocedure.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Wat vindt verweerder? </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>4. Verweerder verzoekt tot afwijzing van de voorlopige voorziening. Verweerder voert daartoe aan dat verzoeker zich sinds 2013 schuldig heeft gemaakt aan het plegen van strafbare feiten. Er is sprake van een patroon van vermogensdelicten. Bovendien heeft de rechtbank Den Haag bij vonnis van 25 maart 2022 aan verzoeker een tweede ISD-maatregel opgelegd en daarbij overwogen dat er een hoog risico op recidive is. Verzoeker vormt een actuele, werkelijke en voldoende ernstige bedreiging voor de samenleving en daarom weegt het belang van de openbare orde volgens verweerder zwaarder dan het belang van verzoeker. Het verblijfsrecht is beëindigd op grond van de openbare orde, zodat aan eventuele opgebouwde verblijfsrechten geen rechten meer kunnen worden ontlenen. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Wat is het oordeel van de voorzieningenrechter?</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>5. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet.</para>
    <para />
    <para>6. Verzoeker heeft verzocht om in bezwaar gehoord te worden. Verweerder heeft zich ter zitting op het standpunt gesteld daartoe geen aanleiding te zien. Voor zover verzoeker een beroep op artikel 8 van het EVRM doet kan verzoeker in Polen worden gehoord.  </para>
    <para />
    <para>7. Met verzoeker is de voorzieningenrechter van oordeel dat verzoeker moet worden gehoord in bezwaar. Het uitgangspunt is immers dat een vreemdeling in bezwaar moet worden gehoord. Dit uitgangspunt geldt temeer in zaken waarin er beslissingsruimte is en de beslissing sterk afhankelijk is van de omstandigheden van het geval en waarbij een individuele belangenafweging moet worden gemaakt. Daarvan is in het onderhavige geval sprake nu het verblijfsrecht van verzoeker wordt beëindigd en verzoeker een beroep heeft gedaan op privéleven als bedoeld in artikel 8 van het EVRM. Het standpunt van verweerder dat verzoeker in Polen zou kunnen worden gehoord kan de voorzieningenrechter niet volgen. Er zou dan immers de situatie ontstaan waarin verzoeker zou worden uitgezet zonder dat daaraan een gedegen besluitvorming aan ten grondslag ligt.   </para>
    <para />
    <para>8. Gelet op het bovenstaande ziet de voorzieningenrechter aanleiding om de verzochte voorlopige voorziening  toe te wijzen. </para>
    <para />
    <para>9. Nu reeds om die reden de voorlopige voorziening wordt toegewezen zal de voorzieningenrechter de overige gronden onbesproken laten. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Conclusie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>10. De voorzieningenrechter zal het verzoek toewijzen en bepalen dat verzoeker niet mag worden uitgezet totdat op het bezwaar tegen het primaire besluit is beslist.</para>
    <para />
    <para>11. De voorzieningenrechter veroordeelt verweerder in de door verzoeker gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 1.674,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting met een waarde per punt van € 837,- en een wegingsfactor 1).</para>
    <para />
    <para>12. De voorzieningenrechter stelt verzoeker hierbij definitief vrij van het betalen van griffierecht wegens betalingsonmacht. Daarom is er geen aanleiding om te bepalen dat verweerder het griffierecht aan verzoeker moet vergoeden.</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorzieningenrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- wijst het verzoek om een voorlopige voorziening toe;</para>
    <para>- bepaalt dat verzoeker niet mag worden uitgezet voordat op het bezwaarschrift is beslist;</para>
    <para>- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 1.674,-.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. D.C. Laagland, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. J.R. Froma, griffier.</para>
      <para>De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para />
      <para>
        <emphasis role="bold">Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_4680ea99-d43e-4ac0-afbc-4a2f719b9025" label="1">
    <para> Inrichting voor Stelselmatige Daders. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_9a34ddf4-f00e-4697-bb09-ee488297b118" label="2">
    <para>Verdrag tot bescherming van de rechten van de Mens en de fundamentele vrijheden. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_4268fd03-960d-4a0e-9344-93778b5ee226" label="3">
    <para> Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>