<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2023:8921</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-06-21T11:09:56</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-06-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-06-15</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">NL23.7681</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Middelburg</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_vreemdelingenrecht">Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2023:8921">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2023:8921</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-06-21T11:09:15</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-06-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2023:8921 Rechtbank Den Haag , 15-06-2023 / NL23.7681</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2023:8921:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Dublin, Zwitserland, kaal overdrachtsbesluit, ongegrond</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2023:8921:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Middelburg</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bestuursrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: NL23.7681</para>
    </parablock>
    <bridgehead role="bold">
      <?linebreak?>uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen</bridgehead>
    <bridgehead role="bold">
      [naam], eiser</bridgehead>
    <parablock>
      <para>V-nummer: [nummer]</para>
      <para>(gemachtigde: mr. A.E.M. de Vries),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder</bridgehead>
    <para>(gemachtigde: mr. K. Bruin).</para>
    <para />
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij besluit van 6 maart 2023 (het bestreden besluit) heeft verweerder bepaald dat eiser aan de autoriteiten van Zwitserland zal worden overgedragen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft het beroep op 31 mei 2023 op zitting behandeld. Eiser en zijn gemachtigde zijn, met voorafgaand bericht, niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <para>1. Eiser stelt te zijn geboren op [geboortedatum] en de Algerijnse nationaliteit te hebben. </para>
    <para />
    <para>2. Verweerder heeft het overdrachtsbesluit gebaseerd op artikel 26, eerste lid, van de Dublinverordening.<footnote-ref linkend="_a654116d-bb71-49b6-a82f-4a365b923a24" /> Daarin is bepaald dat de verzoekende lidstaat de betrokkene in kennis stelt van het besluit om hem over te dragen aan de verantwoordelijke lidstaat. In dit geval  heeft Nederland de autoriteiten van Zwitserland op 2 maart 2023 gevraagd om eiser terug te nemen op grond van artikel 18, eerste lid, onder b, van de Dublinverordening. De Zwitserse autoriteiten hebben het verzoek op grond van artikel 18, eerste lid, onder d, geaccepteerd. </para>
    <para />
    <para>3. Eiser kan zich niet verenigen met het bestreden besluit en voert daartoe aan dat hij op meerdere momenten zijn asielwens heeft kenbaar gemaakt. Onder meer heeft hij dat gedaan op 16 januari 2023 bij de Raad voor de Kinderbescherming. Daarnaast heeft eiser op 21 maart 2023 tijdens de inhoudelijke behandeling van zijn strafzaak nog een keer zijn asielwens kenbaar gemaakt. Eiser verwijst daarbij naar artikel 2, aanheft en onder h, van de Kwalificatierichtlijn<footnote-ref linkend="_7b5fa9fd-920f-4a1a-b4e5-78bbedea9cb3" /> en een uitspraak van de Afdeling<footnote-ref linkend="_eac82143-6c1c-4967-9ba5-17cd7b2324ba" /> van 18 januari 2017<footnote-ref linkend="_b3787a32-defc-456b-ba15-949efa07842b" />, waaruit volgt dat een verzoek om internationale bescherming vormvrij kan worden gedaan. De stukken waaruit blijkt dat eiser zijn asielwens kenbaar heeft gemaakt bevinden zich in het dossier van de gemachtigde van eiser. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank oordeelt als volgt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>4. De rechtbank stelt vast dat eiser geen asielaanvraag heeft ingediend in Nederland. Uit artikel 26 van de Dublinverordening volgt dat een overdrachtsbesluit slechts een kennisgeving aan de vreemdeling is dat hij wordt overgedragen aan de verantwoordelijke lidstaat, als de vreemdeling geen asielaanvraag in Nederland heeft ingediend.<footnote-ref linkend="_69e77d4c-5f6d-41ec-bd03-696e02155fe9" /> Hierbij hoeft verweerder niet te toetsen of de overdracht in strijd is met artikel 3 van het EVRM<footnote-ref linkend="_593d612c-b373-4c64-8522-e2f7d2fd82c1" />, dan wel met artikel 4 van het Handvest.<footnote-ref linkend="_c7ce7bc2-7dc7-4bf6-873d-a442f7d67c59" /> Als de vreemdeling vreest bij overdracht aan de verantwoordelijke lidstaat in een met de hiervoor genoemde artikelen strijdige situatie terecht te komen, kan hij dat laten beoordelen in een procedure op basis van een daartoe in Nederland ingediend asielverzoek. Dit heeft eiser echter niet gedaan. Eiser heeft geen stukken overgelegd waaruit blijkt dat hij zijn asielwens daadwerkelijk kenbaar heeft gemaakt. Uit het bericht van de medewerker van het COA<footnote-ref linkend="_ef957572-ebd4-47d5-bc31-724848fd3eda" /> van 2 maart 2023 volgt daarnaast dat eiser niet bij het COA voorkomt en geen asiel in Nederland heeft aangevraagd. Dat de gemachtigde van eiser wel stukken in haar bezit zou hebben waaruit blijkt dat eiser zijn asielwens kenbaar heeft gemaakt, leidt niet tot een ander oordeel nu deze stukken niet zijn overgelegd. </para>
    <para />
    <para>5. Eiser heeft verzocht om vrijstelling van het griffierecht voor de behandeling van zijn beroep wegens betalingsonmacht. De rechtbank heeft het verzoek om vrijstelling voorlopig toegewezen. Met het door eiser overgelegde formulier heeft hij voldoende aannemelijk gemaakt dat hij voldoet aan de voorwaarden voor vrijstelling. Het verzoek om vrijstelling van het griffierecht wordt definitief toegewezen.</para>
    <para />
    <para>6. Het beroep is ongegrond.</para>
    <para />
    <para>7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. K.M. de Jager, rechter, in aanwezigheid van mr. Ż.A. Meinert, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op <emphasis role="underline">www.rechtspraak.nl</emphasis>.</para>
      <para>De uitspraak is bekendgemaakt op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para />
      <para>
        <emphasis role="bold">Bent u het niet eens met deze uitspraak?</emphasis>
      </para>
      <para>Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een beroepschrift. U moet dit beroepschrift indienen binnen 1 week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven.</para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_a654116d-bb71-49b6-a82f-4a365b923a24" label="1">
    <para>Verordening (EU) nr. 604/2013.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_7b5fa9fd-920f-4a1a-b4e5-78bbedea9cb3" label="2">
    <para> Richtlijn 2011/95/EU.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_eac82143-6c1c-4967-9ba5-17cd7b2324ba" label="3">
    <para>Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b3787a32-defc-456b-ba15-949efa07842b" label="4">
    <para> ECLI:NL;RVS:2017:75.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_69e77d4c-5f6d-41ec-bd03-696e02155fe9" label="5">
    <para>ECLI:NL:RVS:2015:788.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_593d612c-b373-4c64-8522-e2f7d2fd82c1" label="6">
    <para>Verdrag voor de Rechten van de Mens en de fundamentele vrijheden.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c7ce7bc2-7dc7-4bf6-873d-a442f7d67c59" label="7">
    <para>Handvest van de grondrechten van de Europese Unie.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ef957572-ebd4-47d5-bc31-724848fd3eda" label="8">
    <para>Centraal Orgaan opvang asielzoekers.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>