<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2023:405</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-01-24T09:39:36</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-01-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-01-18</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/09/629511 / HA ZA 22-426</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_internationaalPrivaatrecht">Civiel recht; Internationaal privaatrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2023:405">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2023:405</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-01-24T07:47:14</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-01-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2023:405 Rechtbank Den Haag , 18-01-2023 / C/09/629511 / HA ZA 22-426</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2023:405:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verstek, internationaal privaatrecht, forumkeuze, rechtskeuze.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2023:405:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">RECHTBANK Den Haag</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team handel </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/09/629511 / HA ZA 22-426</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 18 januari 2023</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">LA GRO GEELKERKEN ADVOCATEN B.V.</emphasis> te Leiden,</para>
      <para>eiseres,</para>
      <para>advocaat mr. drs. I.O. Svensson te Leiden,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">UNITED VANSEN INTERNATIONAL SPORTS COMPANY LTD</emphasis> te Beijing, China,</para>
      <para>gedaagde,</para>
      <para>niet verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het procesdossier bestaat uit de volgende stukken:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de dagvaarding van 14 februari 2022, tegen de eerste rolzitting van 18 mei 2022, met producties 1 tot en met 7;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de akte bij aanbrengen van 18 mei 2022 van de zijde van eiseres, met producties 8 en 9;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de rolbeslissing van 25 mei 2022;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de akte van 17 augustus 2022 van de zijde van eiseres, met producties 10 en 11;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de rolbeslissing van 24 augustus 2022;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de akte van 14 december 2022, met producties 12 tot en met 19;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de rolbeslissing van 21 december 2022;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het ter rolzitting van 21 december 2022 tegen gedaagde verleende verstek.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is een datum voor het wijzen van vonnis bepaald.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Voor de ingestelde vorderingen en de daartoe gestelde feiten verwijst de rechtbank, gelet op artikel 230 lid 2 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, kortheidshalve naar de aan dit verstekvonnis gehechte en gewaarmerkte kopie van de dagvaarding.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Bevoegdheid en toepasselijk recht</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>De zaak heeft een internationaal karakter, omdat gedaagde in China is gevestigd. In dit soort zaken moet de rechtbank ambtshalve in gaan op de bevoegdheid van de Nederlandse rechter en op de vraag welk recht moet worden toegepast. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Eiseres heeft aan haar vorderingen ten grondslag gelegd dat zij in opdracht van gedaagde juridische werkzaamheden heeft verricht. De opdracht tot juridische dienstverlening is vastgelegd in een <emphasis role="italic">engagement letter</emphasis> van 2 maart 2021. Onderdeel van de <emphasis role="italic">engagement letter</emphasis> zijn de <emphasis role="italic">General Terms and Conditions </emphasis>van eiseres. Op grond van artikel 7 van de <emphasis role="italic">General Terms and Conditions</emphasis> is de rechtbank exclusief bevoegd om kennis te nemen van geschillen tussen partijen en is Nederlands recht uitsluitend van toepassing op de overeenkomst, aldus eiseres. In artikel 7 <emphasis role="italic">General Terms and Conditions</emphasis> staat namelijk: </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>	“<emphasis role="italic">Article 7</emphasis></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">The relationship between </emphasis>[eiseres] <emphasis role="italic">and the client is governed by Dutch law. In case of disputes the District Court of The Hague (Rechtbank Den Haag) has exclusive jurisdiction, with the exception that the client and </emphasis>[eiseres] <emphasis role="italic">can jointly opt to submit their dispute to ADR Institute for lawyers (Geschillencommissie Advocatuur) for resolution. If </emphasis>[eiseres]<emphasis role="italic"> is the claimant, it can in its sole discretion decide to file the case with the competent Dutch court.</emphasis>”</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>De rechtsmacht van deze rechtbank moet in de eerste plaats worden beoordeeld aan de hand van de bevoegdheidsregels van de Brussel I <emphasis role="italic">bis</emphasis>-Verordening.<footnote-ref linkend="_1e880ce2-bf76-47eb-aa2a-019fc3e0f6a7" /> Gedaagde is niet in een EU-lidstaat gevestigd, maar dit neemt niet weg dat de bevoegdheidsregeling van artikel 25 van de Brussel I <emphasis role="italic">bis</emphasis>-Verordening over forumkeuzebedingen blijft gelden (zie artikel 6 lid 1 Brussel I <emphasis role="italic">bis</emphasis>-Verordening).</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>Een forumkeuze is mogelijk door middel van een schriftelijke overeenkomst of een schriftelijke bevestiging van een mondelinge overeenkomst (artikel 25 lid 1 sub a Brussel I <emphasis role="italic">bis</emphasis>-Verordening). Daarnaast is een forumkeuze mogelijk indien deze is gedaan in een vorm die wordt toegelaten door de handelwijzen die tussen de partijen gebruikelijk zijn geworden (artikel 25 lid 1 sub b Brussel I <emphasis role="italic">bis</emphasis>-Verordening), of, in de internationale handel, in een vorm die overeenstemt met een in die handel algemeen bekende gewoonte waarvan de partijen op de hoogte (hadden behoren te) zijn en die in de betrokken branche doorgaans in acht wordt genomen (artikel 25 lid 1 sub c Brussel I <emphasis role="italic">bis</emphasis>-Verordening).</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Onder het EEX-Verdrag oud<footnote-ref linkend="_e68bd408-b41f-43c7-ac68-d10e5d7e0d9b" /> heeft het HvJ EG<footnote-ref linkend="_98a86527-ed4b-410a-a885-ef56badb88e5" /> geoordeeld dat het voor het aannemen van een forumkeuzebeding als bedoeld in artikel 17 EEX-Verdrag oud (thans artikel 25 Brussel I <emphasis role="italic">bis</emphasis>-Verordening) overeenstemming tussen partijen vereist is, hetgeen betekent dat partijen daadwerkelijke, duidelijk en nauwkeurig tot uitdrukking komende wilsovereenstemming moeten hebben bereikt over de forumkeuze. Deze wilsovereenstemming moet voldoen aan de strikt uit te leggen vormvoorschriften van artikel 17 EEX-Verdrag oud (thans artikel 25 Brussel I <emphasis role="italic">bis</emphasis>-Verordening).<footnote-ref linkend="_17557507-d1cd-46a1-a576-f30ead3d8180" /> Een in algemene voorwaarden vastgelegd forumkeuzebeding is geldig indien in de tekst zelf van de door beide partijen ondertekende overeenkomst uitdrukkelijk wordt verwezen naar de algemene voorwaarden die dit beding bevatten. Dit geldt echter alleen bij een uitdrukkelijke verwijzing die door een partij bij betrachting van een normale zorgvuldigheid kan worden nagegaan en indien vast staat dat de algemene voorwaarden, met daarin het forumkeuzebeding, daadwerkelijk aan de andere contractspartij zijn medegedeeld.<footnote-ref linkend="_3837c716-b235-482a-aaf6-a758f368b5f9" /></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>In de door gedaagde getekende <emphasis role="italic">engagement letter</emphasis> wordt verwezen naar de <emphasis role="italic">General Terms and Conditions</emphasis> van eiseres. In de <emphasis role="italic">engagement letter </emphasis>staat namelijk: </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>“<emphasis role="italic">The general terms and conditions of </emphasis>[eiseres] <emphasis role="italic">apply to the instruction and our services. These general terms and conditions are attached as Annex. In case of any conflict between this Engagement Letter and the general terms and conditions of </emphasis>[eiseres]<emphasis role="italic">, the provisions of this Engagement Letter shall prevail.(…)</emphasis>”</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Partijen hebben eveneens iedere pagina van de <emphasis role="italic">General Terms and Conditions </emphasis>geparafeerd. Daarmee staat vast dat de genoemde algemene voorwaarden met daarin het forumkeuzebeding (zie r.o. 2.3.) daadwerkelijk aan gedaagde zijn medegedeeld. Partijen zijn naar het oordeel van de rechtbank een geldige forumkeuze in de zin van artikel 25 lid 1 sub a Brussel I <emphasis role="italic">bis</emphasis>-Verordening overeengekomen. De rechtbank oordeelt daarom dat zij op grond van het forumkeuzebeding internationaal bevoegd is om van dit geschil kennis te nemen. De rechtbank is op grond van het forumkeuzebeding ook relatief bevoegd om van dit geschil kennis te nemen, omdat het beding deze rechtbank aanwijst als exclusief bevoegde rechtbank.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8.</nr>
      <para>Ten aanzien van de vraag naar het toepasselijke recht, is Rome I<footnote-ref linkend="_a3dbe9d4-81b2-41fe-8420-4920b9fa41a0" /> van toepassing. Er is immers sprake van een verbintenis uit overeenkomst in burgerlijke en handelszaken in de zin van Rome I. De rechtbank is van oordeel dat sprake is van een uitdrukkelijk gedane rechtskeuze in de zin van artikel 3 lid 1 Rome I. Artikel 7 van de <emphasis role="italic">General Terms and Conditions </emphasis>verwijst namelijk uitdrukkelijk naar Nederlands recht als toepasselijk recht, waardoor Nederlands recht van toepassing is op de vorderingen van eiseres.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Vorderingen</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.9.</nr>
      <para>Eiseres vordert vergoeding van de buitengerechtelijke incassokosten. De rechtbank stelt vast dat het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit) van toepassing is nu het verzuim op/na 1 juli 2012 is ingetreden. De rechtbank stelt vast dat eiseres voldoende heeft gesteld en onderbouwd dat buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht. De rechtbank zal het gevorderde bedrag van € 1.201,93 toewijzen, omdat dit bedrag overeenkomt met het in het Besluit bepaalde tarief. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.10.</nr>
      <para>Het gevorderde komt de rechtbank voor het overige niet onrechtmatig of ongegrond voor. Daarom zal het gevorderde worden toegewezen, op de wijze zoals in het dictum vermeld. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.11.</nr>
      <para>Gedaagde zal, als de in het ongelijk gestelde partij, in de proceskosten (inclusief beslagkosten) worden veroordeeld. De proceskosten aan de zijde van eiseres worden tot op heden begroot op:</para>
      <para>- dagvaarding			€   125,03</para>
      <para>- overige explootkosten		   	€   604,09</para>
      <para>- griffierecht			€ 2.837,-- (€ 676,- + € 2.161,-)</para>
      <para>- salaris advocaat	<emphasis role="underline">		€ 2.228,--  </emphasis>(2 punten × tarief IV à € 1114,-)</para>
      <parablock>
        <para>totaal			€ 5.794,12</para>
        <para>De over de proceskosten gevorderde rente zal toegewezen worden op de wijze zoals in het dictum vermeld.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:  </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>veroordeelt gedaagde tot betaling aan eiseres van een bedrag van € 42.693,31, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW over dat bedrag te rekenen vanaf 2 juni 2021 tot aan de dag van volledige betaling;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>veroordeelt gedaagde tot betaling aan eiseres van een bedrag van € 1.201,93 aan buitengerechtelijke incassokosten;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>veroordeelt gedaagde in de proceskosten (inclusief beslagkosten), aan de zijde van eiseres tot op heden begroot op € 5.794,12, te vermeerderen met de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW over dat bedrag te rekenen vanaf 14 dagen na betekening van dit vonnis tot aan de dag van volledige betaling van de proceskosten;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen en in het openbaar uitgesproken door mr. C.J-A. Seinen, rechter, op 18 januari 2023.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Type: 2753</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_1e880ce2-bf76-47eb-aa2a-019fc3e0f6a7" label="1">
    <para>Verordening (EU) nr. 1215/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2012 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (herschikking), PbEU 2012, L 351/1 (hierna: Brussel I <emphasis role="italic">bis</emphasis>-Verordening).</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e68bd408-b41f-43c7-ac68-d10e5d7e0d9b" label="2">
    <para>Verdrag van 27 september 1968 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken, inwerkingtreding: 2-5-1999, laatstelijk gewijzigd op 2 mei 1999, Trb. 2001, 52 (hierna: EEX-Verdrag oud).</para>
  </footnote>
  <footnote id="_98a86527-ed4b-410a-a885-ef56badb88e5" label="3">
    <para>Het Hof van Justitie voor de Europese Gemeenschappen (HvJ EG).</para>
  </footnote>
  <footnote id="_17557507-d1cd-46a1-a576-f30ead3d8180" label="4">
    <para>Vgl. HvJ EU 14 december 1976, nr. 24/76, ECLI:EU:C:1976:177, Colzani/Rüwa, HvJ EU 14 december 1976, nr. 25/76, ECLI:EU:C:1976:178, Segoura/Bonakdarian en HvJ EU 20 februari 1997, nr. C-106/95, NJ 1998, 565, MSG/Les Gravières Rhénanes).</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3837c716-b235-482a-aaf6-a758f368b5f9" label="5">
    <para>Vgl. HvJ EU 7 juli 2016, ECLI:EU:C:2016:525, (Höszig/ Alstom).</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a3dbe9d4-81b2-41fe-8420-4920b9fa41a0" label="6">
    <para>Verordening (EG) nr. 593/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 17 juni 2008 inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst, PbEU 2008, L 177/6 (hierna: Rome I).</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>