<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2023:3136</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-03-31T09:00:29</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-03-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-03-17</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">22/6842</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2023:3136">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2023:3136</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-03-21T13:31:13</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-03-31</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2023:3136 Rechtbank Den Haag , 17-03-2023 / 22/6842</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2023:3136:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verweerder heeft het bezwaarschrift van eiser terecht niet-ontvankelijk verklaard vanwege termijnoverschrijding; de publicatie van het besluit in het gemeenteblad is de officiëe bekendmaking; geen verschoonbare termijnoverschrijding; beroep ongegrond.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2023:3136:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bestuursrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: SGR 22/6482 </para>
    </parablock>
    <bridgehead role="bold">
      <?linebreak?>uitspraak van de enkelvoudige kamer van 17 maart 2023 in de zaak tussen</bridgehead>
    <bridgehead role="bold">
      [eiser], uit [woonplaats], eiser</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">het college van burgemeester en wethouders van Delft, verweerder</bridgehead>
    <para>(gemachtigde: A. Blufpand).</para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij besluit van 10 februari 2022 (het primaire besluit) heeft verweerder een parkeergelegenheid aangewezen voor het opladen van elektrische voertuigen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij besluit van 12 september 2022 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van eiser tegen het primaire besluit niet-ontvankelijk verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De zitting was op 17 februari 2023 middels een videoverbinding. Eiser was aanwezig. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Wat heeft verweerder besloten?</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>1. Verweerder heeft het bezwaarschrift van eiser niet-ontvankelijk verklaard, omdat het te laat is ingediend.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Wat vindt eiser in beroep?</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>2. Eiser stelt dat verweerder een fout heeft gemaakt bij de bekendmaking van het primaire besluit, waardoor hij er pas bij de plaatsing van de laadpaal van op de hoogte kwam dat deze voor zijn deur zou komen. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Wat is het oordeel van de rechtbank?</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>3. De rechtbank stelt vast dat het primaire besluit gepubliceerd is in het gemeenteblad op 10 februari 2022.<footnote-ref linkend="_90001220-5ddf-4a90-9031-4ddb70ca0a17" /> Dat betekent dat de bezwaartermijn is aangevangen op 11 februari 2022.<footnote-ref linkend="_2a466131-8a13-4753-9258-2aa035096653" /> Verweerder heeft het bezwaarschrift van eiser op 7 april 2022 ontvangen. Dat is buiten de bezwaartermijn van 6 weken en daarom te laat.<footnote-ref linkend="_22f92503-5f65-4462-bd65-6beb4b5f52c6" /></para>
    <para />
    <para>4. De rechtbank is van oordeel dat verweerder geen aanleiding heeft hoeven zien de overschrijding van de bezwaartermijn verschoonbaar te achten.<footnote-ref linkend="_98946974-7315-4db1-b9f9-984330ded60d" /> De rechtbank stelt vast dat verweerder het primaire besluit tevens bekend heeft gemaakt via de gemeenteberichten van Delft op Zondag van 13 februari 2022. Verweerder heeft onderkend dat in deze publicatie per abuis de postcode [postcode 1] in plaats van de postcode [postcode 2] is vermeld. De publicatie in het gemeenteblad is echter de officiële bekendmaking en daarom leidend.<footnote-ref linkend="_05644546-0082-44af-a7cc-fae7aa410047" /> In deze publicatie is de locatie waar de laadpaal zal worden geplaatst correct weergegeven. In de publicatie in Delf op zondag is ook naar de publicatie in het gemeenteblad verwezen als zijnde de officiële bekendmaking. Het betoog van eiser slaag niet. </para>
    <para />
    <para>5. Het beroep is ongegrond. Verweerder hoeft de kosten die eiser heeft gemaakt voor deze procedure niet te vergoeden. </para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. A.M.H. van der Poort-Schoenmakers, rechter, in aanwezigheid van mr. J.F. Janmaat, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 17 maart 2023.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="2">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <tbody>
          <row>
            <entry>
              <para>griffier</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>rechter</para>
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Bent u het niet eens met deze uitspraak?</title>
    <para>Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een beroepschrift. U moet dit beroepschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven.</para>
  </section>
  <footnote id="_90001220-5ddf-4a90-9031-4ddb70ca0a17" label="1">
    <para> Artikel 3:42 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en artikel 6 van de Bekendmakingswet. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_2a466131-8a13-4753-9258-2aa035096653" label="2">
    <para> Artikel 6:8, eerste lid, van de Awb..</para>
  </footnote>
  <footnote id="_22f92503-5f65-4462-bd65-6beb4b5f52c6" label="3">
    <para> Artikel 6:7 van de Awb.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_98946974-7315-4db1-b9f9-984330ded60d" label="4">
    <para> Artikel 6:11 van de Awb.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_05644546-0082-44af-a7cc-fae7aa410047" label="5">
    <para> Artikel 26 Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer gelezen in samenhang met artikel 7, tweede lid, van de Bekendmakingswet. </para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>