<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2023:1929</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-02-22T12:37:40</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-02-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-02-06</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/09/641688 / JE RK 23-156</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2023:1929">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2023:1929</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-02-22T12:37:08</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-02-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2023:1929 Rechtbank Den Haag , 06-02-2023 / C/09/641688 / JE RK 23-156</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2023:1929:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Afwijzing verzoek machtiging gesloten jeugdhulp na een spoedmachtiging. Minderjarige is vermist, wordt bijna 18 en er is geen passende woonplek.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2023:1929:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
<uitspraak.info>
<bridgehead role="bold caps">
Rechtbank DEN HAAG
</bridgehead>
<para />
<parablock>
<para>
Team Jeugd- en Zorgrecht
<?linebreak?>
</para>
<para>
Zaaksgegevens: C/09/641688 / JE RK 23-156
</para>
<para>
Datum uitspraak: 6 februari 2023
</para>
</parablock>
<para />
<bridgehead role="bold">
Beschikking van de kinderrechter
</bridgehead>
<bridgehead role="bold">
Afwijzing verzoek machtiging gesloten jeugdhulp na een spoedmachtiging
</bridgehead>
<para />
<parablock>
<para>
in de zaak naar aanleiding van het op 26 januari 2023 ingekomen verzoekschrift van:
</para>
</parablock>
<para />
<bridgehead role="bold">
Stichting Jeugdbescherming west Haaglanden, hierna te noemen: de gecertificeerde instelling,
</bridgehead>
<para />
<parablock>
<para>
betreffende de minderjarige:
</para>
</parablock>
<para />
<bridgehead role="bold">
[minderjarige01] , geboren op [geboortedatum01] 2005 te [geboorteplaats01] ,
</bridgehead>
<para>
hierna te noemen: [minderjarige01] ,
<?linebreak?>
advocaat: mr. P. Drenth te Den Haag.
</para>
<para />
<parablock>
<para>
De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:
</para>
</parablock>
<para />
<bridgehead role="bold">
[de vrouw01] ,hierna te noemen: de moeder,wonende te [woonplaats01] .
</bridgehead>
<para />
</uitspraak.info>
<section role="procesverloop">
<title>
Het procesverloop
</title>
<para>
Bij beschikking 26 januari 2023 heeft de kinderrechter in deze rechtbank een spoedmachtiging verleend om [minderjarige01] in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp te doen opnemen en te doen verblijven van 26 januari 2023 tot 9 februari 2023. De behandeling van het verzoek is voor het overige aangehouden tot de mondelinge behandeling ter zitting.
</para>
<para />
<parablock>
<para>
De kinderrechter heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder nu ook voornoemde beschikking van 26 januari 2023.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Op 6 februari 2023 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld. Daarbij zijn verschenen:
</para>
</parablock>
<itemizedlist mark="-">
<listitem>
<para>
[naam01] namens de gecertificeerde instelling;
</para>
</listitem>
<listitem>
<para>
de advocaat van [minderjarige01] ;
</para>
</listitem>
<listitem>
<para>
de moeder;
</para>
</listitem>
<listitem>
<para>
de heer [naam02] , coach van E25, gehoord als informant.
</para>
</listitem>
</itemizedlist>
<para />
<parablock>
<para>
[minderjarige01] is niet ter zitting verschenen.
</para>
</parablock>
<para />
</section>
<section>
<title>
Feiten
</title>
<para>
Het is onbekend waar [minderjarige01] op dit moment feitelijk verblijft. Voor de overige feiten wordt verwezen naar de voorgaande beschikking.
</para>
<para />
<para />
</section>
<section>
<title>
Verzoek en verweer
</title>
<parablock>
<para>
Het verzoek strekt tot het verlenen van een machtiging om [minderjarige01] te doen opnemen en te doen verblijven in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp tot hij meerderjarig wordt,
</para>
<para>
te weten tot 30 maart 2023.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Aan het verzoek ligt ten grondslag dat er ernstige zorgen zijn over [minderjarige01] ’s ontwikkeling in aanloop naar volwassenheid. De afgelopen periode is geprobeerd een passende woonvorm voor hem te vinden, maar dat is niet gelukt. De moeilijkheid is gelegen in het feit dat er betekenisvolle verschillen zijn gevonden in zijn (cognitief) functioneren, in combinatie met gedragsproblematiek. [minderjarige01] heeft voor een optimale ontwikkeling veel structuur, duidelijke instructies en een voorspelbare omgeving nodig met bij voorkeur individuele begeleiding. De afgelopen periode is gebleken dat hij niet in aanmerking komt voor een woonvorm met WLZ-indicatie. Hoewel de cognitieve vaardigheden van [minderjarige01] beperkt zijn, is er geen sprake van een verstandelijke beperking. Een meer zelfstandige begeleide woonvorm is echter ook niet passend; de pedagogische vraag van [minderjarige01] is daarvoor te groot. Hij is onvoldoende in staat juiste keuzes te maken en zich aan afspraken te houden. Hij laat zich makkelijk verleiden door andere jongeren en is impulsief. Daardoor komt hij in problemen en in aanraking met politie. [minderjarige01] dreigt tussen wal en schip te raken. De machtiging is noodzakelijk om hem op een veilige plek te laten verblijven in afwachting van een tijdelijke plek ter overbrugging. Echter, mede door het gebrek aan perspectief is [minderjarige01] gedemotiveerd en is hij twee weken geleden weggelopen. Het gevolg is dat hij uitgeschreven wordt bij [verblijfplaats01] en geen andere woonplek heeft. Namens de gecertificeerde instelling is ter zitting aangevuld dat het vanwege de onvindbaarheid van [minderjarige01] de vraag is of toewijzing van het verzoek nog zinvol is. Vast staat in elk geval dat er binnen de zeven weken die nog resten tot de achttiende verjaardag van [minderjarige01] , geen perspectief-biedende woonplek zal worden gevonden.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
De advocaat heeft verklaard dat hij [minderjarige01] niet persoonlijk heeft kunnen spreken, maar uit zijn gedrag en houding opmaakt dat hij zich verzet tegen de gesloten plaatsing. Daarom is namens [minderjarige01] afwijzing van het verzoek bepleit.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
De moeder heeft verteld dat zij zich veel zorgen maakt om [minderjarige01] en dat er onvoldoende goede hulp is ingezet om [minderjarige01] beter te begeleiden naar zelfstandigheid en een passend woonperspectief.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
De coach heeft verklaard dat hij [minderjarige01] moeilijk kan bereiken sinds hij weer is weggelopen. Dit is een risicovolle situatie waar op dit moment geen passende oplossing voor is.
</para>
</parablock>
<para />
</section>
<section role="overwegingen">
<title>
Beoordeling
</title>
<para>
De kinderrechter stelt vast dat [minderjarige01] niet bereid is zich te doen horen, zodat het horen van deze persoon op grond van artikel 6.1.10, eerste lid onder a, van de Jeugdwet achterwege kan blijven.
</para>
<para />
<parablock>
<para>
De kinderrechter is, gelet op hetgeen uit het dossier en ter zitting naar voren is gekomen, van oordeel dat het verzoek [minderjarige01] te doen opnemen en te doen verblijven in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp moet worden afgewezen. De reden daarvoor is dat die machtiging op dit moment geen doel dient, omdat [minderjarige01] al bijna twee weken vermist is.
<?linebreak?>
Als gevolg daarvan wordt hij uitgeschreven bij de accommodatie. De kinderrechter overweegt dat deze beslissing niet afdoet aan de ernst van de zorgen over [minderjarige01] en zijn toekomst. De kinderrechter verwacht dan ook van de gecertificeerde instelling dat zij binnen het kader van de ondertoezichtstelling alle middelen aanwendt om [minderjarige01] hulp te bieden en dat zij de zoektocht naar een passende vervolgplek voortzet. Gelet op de korte termijn tot meerderjarigheid van [minderjarige01] zullen alle zeilen moeten worden bijgezet.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Gelet op het voorgaande zal als volgt worden beslist.
</para>
</parablock>
<para />
</section>
<section role="beslissing">
<title>
Beslissing
</title>
<para>
De kinderrechter:
</para>
<para />
<parablock>
<para>
wijst het verzoek af.
</para>
</parablock>
<para />
<para />
<informaltable>
<tgroup cols="3">
<colspec colname="colA" />
<colspec colname="colB" />
<colspec colname="colC" />
<tbody>
<row>
<entry nameend="colC" namest="colA">
<para>
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 6 februari 2023 door mr. J.T.W. van Ravenstein, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. S.T. Viezee als griffier.
</para>
</entry>
</row>
<row>
<entry>
<para />
</entry>
<entry>
<para />
</entry>
<entry>
<para />
</entry>
</row>
<row>
<entry>
<para />
</entry>
<entry>
<para />
</entry>
<entry>
<para />
</entry>
</row>
<row>
<entry nameend="colC" namest="colA">
<para>
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 16 februari 2023.
</para>
</entry>
</row>
<row>
<entry nameend="colC" namest="colA">
<para />
</entry>
</row>
<row>
<entry nameend="colC" namest="colA">
<para>
Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:
</para>
<para>
- door de verzoeker en de belanghebbende(n) aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,
</para>
<para>
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.
</para>
<para>
Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend bij de griffie van
</para>
<para>
het gerechtshof Den Haag.
</para>
</entry>
</row>
<row>
<entry>
<para />
</entry>
<entry>
<para />
</entry>
<entry>
<para />
</entry>
</row>
</tbody>
</tgroup>
</informaltable>
<para />
<para />
</section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>