<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2022:8206</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-01-18T07:25:35</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-08-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-07-22</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/09/582380 / FA RK 19-7811</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>PFR-Updates.nl 2022-0263</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2022:8206">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2022:8206</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-11-22T11:08:00</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-11-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2022:8206 Rechtbank Den Haag , 22-07-2022 / C/09/582380 / FA RK 19-7811</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2022:8206:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Twee meerderjarige kinderen hebben verzocht te worden geadopteerd door hun stiefvader. Op de zitting hebben de kinderen toegelicht waarom deze adoptie voor hen belangrijk is. De wet kent geen meerderjarigenadoptie, zodat het verzoek niet op basis van de wet kan worden toegewezen,</para>
        <para>Verzoekers hebben een beroep gedaan op family life als bedoeld in artikel 8 EVRM. Ook dit beroep kan hen niet baten. Verzoekers en de stiefvader hebben een hele goede band met elkaar, Deze kan echter niet in de vorm van een adoptie juridisch worden vastgelegd, omdat onvoldoende is gebleken dat er sprake is van zulke bijzondere omstandigheden dat de adoptie toch uitgesproken zou kunnen worden.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2022:8206:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>
    <emphasis role="bold caps">Rechtbank DEN HAAG</emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>Meervoudige kamer</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Rekestnummer: FA RK 19-7811</para>
    <para>Zaaknummer: C/09/582380</para>
    <para>Datum beschikking: 22 juli 2022  </para>
  </parablock>
  <section>
    <title>Erkenning adoptie en inschrijving geboorteakte</title>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Beschikking op het op 29 oktober 2019 ingekomen verzoekschrift van:</title>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [Y] ,</title>
    <parablock>
      <para>verzoeker,</para>
      <para>wonende te [woonplaats 1] , Thailand,</para>
      <para>advocaat: mr. H.G.J. Ligtenberg te Utrecht,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>waarin als belanghebbende wordt aangemerkt:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [naam jong-meerderjarige] ,</title>
    <parablock>
      <para>de jong-meerderjarige,</para>
      <para>wonende te [woonplaats 2] , Thailand.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Als belanghebbende ten aanzien van het verzoek tot inschrijving van de geboorteakte wordt daarnaast aangemerkt: </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage, </title>
    <parablock>
      <para>zetelend te ‘s-Gravenhage, </para>
      <para>hierna: de ambtenaar. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Procedure</title>
    <para>De rechtbank heeft kennis genomen van:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>het verzoekschrift;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>het F9-formulier van 25 november 2019 met bijlagen van de zijde van verzoeker;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>het F9-formulier van 27 november 2019 met bijlagen van de zijde van verzoeker;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de brief van 28 november 2019 van de ambtenaar;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de brief van 30 december 2019 met bijlagen van de zijde van verzoeker;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de brief van 12 augustus 2020 met bijlagen van de zijde van verzoeker;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de brief van 11 december 2020 van de ambtenaar;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de brief van 6 januari 2021 van de zijde van verzoeker;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de brief van 12 januari 2021 van de ambtenaar;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>het e-mailbericht van 22 juni 2022 met bijlage van de zijde van verzoeker.  </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 24 juni 2022 is de zaak ter terechtzitting van deze rechtbank behandeld. <?linebreak?>Hierbij zijn verschenen: </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>mr. Ligtenberg;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de ambtenaar in de persoon van [naam ambtenaar] .</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>De jong-meerderjarige heeft bij e-mailbericht van 22 juni 2022 een reactie op het verzoek gegeven, welke reactie door de advocaat van verzoeker is overgelegd. </para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>Verzoek</title>
    <para>Het verzoek zoals dat na aanvulling luidt, strekt ertoe dat de rechtbank: </para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>voor recht verklaart dat de adoptie naar Thais recht van 30 januari 2014 van de jong-meerderjarige door verzoeker wordt erkend;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de adoptie naar Thais recht van 30 januari 2014 van de jong-meerderjarige door verzoeker omzet in een adoptie naar Nederlands recht;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de geboorteakte van [naam kind] van 24 januari 2003 vaststelt en doet inschrijven in het register van de burgerlijke stand van de gemeente Den Haag, waarbij aan de geboorteakte wordt gehecht de akte wijziging voornaam en de akte wijziging achternaam.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Feiten</title>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>Verzoeker heeft de Nederlandse nationaliteit.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Verzoeker woont sinds 2008 in Thailand. </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Op 18 december 2008 is verzoeker getrouwd met [X] <?linebreak?>(hierna: de moeder).</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>De moeder heeft de Thaise nationaliteit.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>De moeder is eerder gehuwd geweest met [naam YY] (hierna: de vader).</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Uit het huwelijk van de moeder en de vader is op [huwelijksdatum] 2003 te [huwelijksplaats] Thailand, geboren [naam kind] </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Op [datum 1] 2003 is de vader in Thailand overleden. </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Op verzoek van de moeder is op 29 oktober 2009 de voornaam van de <?linebreak?>jong-meerderjarige gewijzigd in ‘ [naam jong-meerderjarige] ’.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Op 26 december 2013 heeft ‘The Department of Social Development and Welfare’ toestemming gegeven aan verzoeker om de adoptie door hem van de toen nog minderjarige te laten inschrijven in de daartoe bestemde registers.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Op 30 januari 2014 is de adoptie door verzoeker van de toen nog minderjarige [naam jong-meerderjarige] ingeschreven in de daartoe bestemde registers. Blijkens het addendum bij deze registratie is de geslachtsnaam van de geadopteerde door de adoptie gewijzigd in [geslachtsnaam Y] .</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>De jong-meerderjarige heeft de Thaise nationaliteit.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Verzoeker en de jong-meerderjarige hebben hun gewone verblijfplaats in Thailand. </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Op [huwelijksdatum] 2021 is de jong-meerderjarige meerderjarig geworden.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Beoordeling</title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Verklaring voor recht tot erkenning Thaise adoptie </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Rechtsmacht</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank acht voldoende aanknopingspunten met de Nederlandse rechtssfeer aanwezig om op grond van artikel 3 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van het onderhavige verzoek kennis te nemen. De rechtbank neemt hierbij in aanmerking dat verzoeker de Nederlandse nationaliteit heeft en dat hij wenst dat het Nederlanderschap van de jong-meerderjarige wordt vastgesteld. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Erkenning Thaise adoptie</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank dient te toetsen of de naar Thais recht tot stand gekomen adoptie van de <?linebreak?>jong-meerderjarige van rechtswege in Nederland wordt erkend of voldoet aan de voorwaarden voor erkenning, hetzij op grond van het op 29 mei 1993 te ’s-Gravenhage tot stand gekomen verdrag inzake de bescherming van kinderen en de samenwerking op het gebied van de interlandelijke adoptie (Trb. 1993, 197, hierna: Haags Adoptieverdrag), hetzij, als dat verdrag niet van toepassing is, op grond van artikel 10:108 van het Burgerlijk Wetboek. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het Haags Adoptieverdrag, voor Nederland in werking getreden op 1 oktober 1998 en voor Thailand op 29 april 2004, is niet van toepassing nu hier geen sprake is van een interlandelijke adoptie maar van een binnenlandse adoptie naar het interne recht van Thailand. Het verzoek om tot erkenning van deze Thaise adoptie over te gaan dient daarom te worden beoordeeld aan de hand van de vereisten van artikel 10:108 BW. Dit artikel bepaalt in lid 1 dat een in het buitenland gegeven beslissing waarbij een adoptie tot stand is gekomen in Nederland van rechtswege wordt erkend indien zij is uitgesproken door:</para>
    </parablock>
    <orderedlist numeration="loweralpha">
      <listitem>
        <para>een ter plaatse bevoegde autoriteit van de staat waar de adoptiefouder(s) en het kind zowel ten tijde van het verzoek tot adoptie als ten tijde van de uitspraak hun gewone verblijfplaats hadden of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>een ter plaatse bevoegde autoriteit van de staat waar de adoptiefouder(s), hetzij het kind zowel ten tijde van het verzoek tot adoptie als ten tijde van de uitspraak hun gewone verblijfplaats hadden.</para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het tweede lid bepaalt dat aan een beslissing houdende adoptie erkenning wordt onthouden indien:</para>
    </parablock>
    <orderedlist numeration="loweralpha">
      <listitem>
        <para>an die beslissing kennelijk geen behoorlijk onderzoek of behoorlijke rechtspleging is voorafgegaan of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>in het geval, bedoeld in lid 1 onder b, de beslissing niet is erkend in de staat waar het kind onderscheidenlijk de staat waar de adoptiefouder(s) zowel ten tijde van het verzoek tot adoptie als ten tijde van de uitspraak hun gewone verblijfplaats hadden of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de erkenning van die beslissing kennelijk onverenigbaar is met de openbare orde.</para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Lid 3 bepaalt dat op de in lid 2 onder c genoemde grond aan een beslissing houdende adoptie in elk geval erkenning wordt onthouden indien de beslissing kennelijk op een schijnhandeling betrekking heeft. Lid 4 bepaald dat de erkenning van de beslissing, ook wanneer daarbij een Nederlander betrokken is, niet op de in lid 2 onder c genoemde grond kan worden geweigerd enkel omdat daarop een ander recht is toegepast dan uit de bepalingen van afdeling 2 van Boek 10 zou zijn gevolgd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op de in Thailand gegeven adoptiebeslissing zijn de Thaise Adoptiewet en § 1598/19 tot en met 1598/37 van het Thais Burgerlijk en Handelswetboek van toepassing. Volgens § 1598/27 van het Thais Burgerlijk en Handelswetboek verkrijgt de Thaise adoptie rechtskracht door inschrijving in het familieregister. Gelet op de door verzoeker overgelegde Registration of Adoption van [datum 2] 2014 met nummer [nr.] , voorzien van de benodigde legalisaties, gaat de rechtbank ervan uit dat de adoptie in Thailand is uitgesproken door een ter plaatse bevoegde autoriteit en dat de beslissing rechtskracht heeft gekregen door inschrijving in het familieregister. Nu voorts vast staat dat verzoeker en de toen nog minderjarige zowel ten tijde van het verzoek tot adoptie als ten tijde van de beslissing de gewone verblijfplaats in Thailand hadden, is de rechtbank van oordeel dat aan het vereiste van artikel 10:108 lid 1 BW is voldaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu voorts niet is gebleken dat één van de weigeringsgronden als bedoeld in artikel 10:108 lid 2 of lid 3 BW zich voordoet, komt de rechtbank tot het oordeel dat aan de voorwaarden voor erkenning als bedoeld in voornoemd artikel is voldaan. De rechtbank zal het verzoek, voor recht te verklaren dat de Thaise adoptie wordt erkend, daarom toewijzen.</para>
      <para>
        <emphasis role="underline">Omzetting van de adoptie naar Nederlands recht</emphasis>
      </para>
      <para>Ingevolge artikel 10:110 BW houdt de erkenning van een buitenslands gegeven beslissing waarbij een adoptie tot stand is gekomen tevens in de erkenning van de familierechtelijke betrekking tussen de adoptiefouders en het kind en het gezag van de adoptiefouders over het kind. Ingeval de adoptie in de staat waar zij plaatsvond niet tot gevolg heeft dat de voordien bestaande familierechtelijke betrekkingen worden verbroken, mist de adoptie ook in Nederland dat gevolg; het gaat dan om een zogenoemde zwakke adoptie. Ingevolge artikel <?linebreak?>10:111 BW kan in die situatie een verzoek tot omzetting van de buitenslands tot stand gekomen adoptie in een adoptie naar Nederlands recht worden ingediend, indien het kind gewone verblijfplaats heeft in Nederland en daar voor permanent verblijf bij de adoptiefouders is toegelaten. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zoals de rechtbank ook op de zitting heeft medegedeeld, blijkt uit de rechtsliteratuur over de Thaise adoptie dat deze niet tot gevolg heeft dat de voordien bestaande familierechtelijke betrekkingen worden verbroken. Daarom is de Thaise adoptie een zwakke adoptie. Dat, zoals verzoeker stelt, er enkel nog een erfrechtelijke betrekking kan bestaan tussen de vader en de jong-meerderjarige, is niet juist. Alle familierechtelijke betrekking blijven na de adoptie in stand. Dat de vader al jong is overleden en daarmee geen feitelijke relatie tussen hem en de jong-meerderjarige tot stand is gekomen doet daaraan niet af. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verzoek tot omzetting van de adoptie kan niet worden toegewezen omdat de jong-meerderjarige haar gewone verblijfplaats in Thailand heeft en niet in Nederland. Evenmin is de jong-meerderjarige voor permanent verblijf bij verzoeker als adoptiefouder in Nederland toegelaten. Ook verzoeker heeft zijn gewone verblijfplaats in Thailand. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Verkrijging van het Nederlanderschap</emphasis>
      </para>
      <para>Het verzoekschrift is ingediend om op de voet van artikel 5b, tweede lid, van de Rijkswet op het Nederlanderschap (RWN) het Nederlanderschap van de jong-meerderjarige te verkrijgen. Omdat de Thaise adoptie niet naar een adoptie in Nederland in overeenstemming met artikel 9 van de Wet conflictenrecht adoptie (hiermee wordt bedoeld in overeenstemming met artikel 10:111 BW) wordt omgezet, heeft de jong-meerderjarige het Nederlanderschap niet door deze adoptie verkregen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Inschrijving geboorteakte  </emphasis>
      </para>
      <para>Op basis van artikel 1:25, eerste lid, BW kan iedere belanghebbende een verzoek doen tot inschrijving van een buitenlandse akte van geboorte. Volgens de toelichting van dit wetsartikel is deze bevoegdheid niet beperkt tot degene op wie de akte betrekking heeft. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verzoek is niet toewijsbaar omdat de jong-meerderjarig niet de Nederlandse nationaliteit heeft en evenmin een persoon is die rechtmatig in Nederland verblijft op grond van artikel 8, onder c en d, van de Vreemdelingenwet 2000, zodat de rechtsgrond voor inschrijving van de buitenlandse geboorteakte ontbreekt. Het verzoek zal dan ook worden afgewezen.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart voor recht dat wordt erkend de beslissing zoals vermeld op het formulier ‘Registration of Adoption’ met nummer [nr.] , opgemaakt op [datum 2] 2014 te <?linebreak?>[plaatsnaam] waarbij de (zwakke) adoptie tot stand is gekomen van de thans jong-meerderjarige [naam jong-meerderjarige] , geboren op [huwelijksdatum] 2003 te [plaatsnaam] , Thailand als [naam kind] , door [Y] , geboren op [geboortedatum] 1942 te [geboorteplaats] ;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst af het meer of anders verzochte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is gegeven door mrs. J.C. Sluymer, J.T.W. van Ravenstein en A. Emmens, kinderrechters, bijgestaan door mr. I.M. Talstra - Touwen als griffier en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 22 juli 2022.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>