<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2022:4915</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-05-24T09:36:20</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-05-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-05-18</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">NL22.5883</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Middelburg</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_vreemdelingenrecht">Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2022:4915">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2022:4915</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-05-24T09:34:57</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-05-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2022:4915 Rechtbank Den Haag , 18-05-2022 / NL22.5883</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2022:4915:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Asiel. Herhaalde aanvraag buiten behandeling gesteld. Tweemaal niet verschenen op gehoor. Beroep ongegrond</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2022:4915:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Middelburg</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bestuursrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: NL22.5883</para>
      <para>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="bold">proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <bridgehead role="bold">
      [Naam], eiseres,</bridgehead>
    <parablock>
      <para>V-nummer: [Nummer]</para>
      <para>(gemachtigde: mr. M.R. van der Linde),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,</bridgehead>
    <para>(gemachtigde: mr. F.M. van de Kamp).</para>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <?linebreak?>Procesverloop <?linebreak?>Bij besluit van 29 maart 2022 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiseres tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd buiten behandeling gesteld.<footnote-ref linkend="_3c5d3c30-9a4b-4a31-b24d-e80ffd91814a" /></title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Eiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft het beroep, tezamen met de zaak NL22.5884, op 6 mei 2022 op zitting behandeld in Breda. Eiseres is, met bericht vooraf, niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk </para>
      <para>uitspraak gedaan.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <para>1. Verweerder kan een aanvraag buiten behandeling stellen indien een vreemdeling niet is verschenen bij een gehoor en hij binnen een termijn van twee weken niet heeft aangetoond dat dit niet aan hem toe te rekenen is.<footnote-ref linkend="_04e68ef1-4903-440b-a54b-7b4572ba1027" /></para>
    <para />
    <para>2. Eiseres is twee keer uitgenodigd voor een gehoor opvolgende aanvraag. Op 18 februari 2022 is eiseres voor het eerst zonder bericht niet verschenen bij het gehoor. Bij brief van 8 maart 2022 is zij in de gelegenheid gesteld om haar medische situatie met medische documenten te onderbouwen, zodat beoordeeld kan worden of een medisch onderzoek moet worden verricht voorafgaande aan het gehoor. Daar is geen gevolg aan gegeven. Zij is bovendien op 29 maart 2022 zonder voorafgaand bericht wederom niet verschenen bij het gehoor. Gelet hierop heeft verweerder de opvolgende asielaanvraag van eiseres terecht buiten behandeling gesteld. De vermelding in het aanvraagformulier voor de opvolgende asielaanvraag<footnote-ref linkend="_1ea79230-995f-4f81-82aa-a874ee270249" /> dat zij depressief is en dat zij geheugen- en concentratieproblemen heeft, is onvoldoende om anders te oordelen. In dat formulier wordt immers vermeld dat de aanvrager, indien mogelijk, medische documenten dient over te leggen. Dat is niet gebeurd. Niet is gebleken dat dit voor eiseres niet mogelijk was.</para>
    <para />
    <para>3. De eerst in beroep overgelegde brief van de coördinator van SNDVU<footnote-ref linkend="_4bdd0310-be8f-4ce6-a549-a50a84db2cee" /> kan niet leiden tot een ander oordeel. Allereerst: de brief is niet van een (medisch) deskundige. In die brief staat dat de GGZ-instelling Altrecht heeft geadviseerd om een zorgmelding te doen, maar dat dit nooit echt is opgepakt. Verder staat in de brief dat eiseres door haar huisarts is verwezen naar een psycholoog, maar dat zij daaraan geen gevolg heeft gegeven. Eiseres heeft dus ook in beroep niet kunnen aantonen dat haar situatie aanleiding geeft voor een medisch onderzoek dat voorafgaat aan een gehoor voor haar opvolgende asielaanvraag. </para>
    <para />
    <para>4. De aanvraag is terecht buiten behandeling gesteld. Het beroep is ongegrond.</para>
    <para />
    <para>5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. B.F.Th. de Roos, rechter, in aanwezigheid van R. Ben Sellam, griffier, en openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op <emphasis role="underline">www.rechtspraak.nl</emphasis>. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit proces-verbaal is bekendgemaakt op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para />
      <para>
        <emphasis role="bold">Rechtsmiddel</emphasis>
      </para>
      <para>Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na de dag van bekendmaking. </para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_3c5d3c30-9a4b-4a31-b24d-e80ffd91814a" label="1">
    <para> Op grond van artikel 30c, eerste lid, aanhef en onder b, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw). </para>
  </footnote>
  <footnote id="_04e68ef1-4903-440b-a54b-7b4572ba1027" label="2">
    <para> Zie hiervoor ook de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 7 april 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1033.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1ea79230-995f-4f81-82aa-a874ee270249" label="3">
    <para> Formulier M35-O.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_4bdd0310-be8f-4ce6-a549-a50a84db2cee" label="4">
    <para> Stichting Noodopvang Dakloze Vreemdelingen Utrecht.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>