<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2021:7656</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-07-21T13:02:13</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-07-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-07-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/09/611610 / HA ZA 21-434</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#verstek">Verstek</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_intellectueeleigendomsrecht">Civiel recht; Intellectueel-eigendomsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2021:7656">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2021:7656</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-07-21T13:01:49</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-07-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2021:7656 Rechtbank Den Haag , 21-07-2021 / C/09/611610 / HA ZA 21-434</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2021:7656:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Auteursrecht. Verstek. Thuiskopievergoeding.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2021:7656:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="21ce6d9b-a226-4e64-9b64-4e844ea1f2b1" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="13b17ee0-678d-48b1-91eb-c849110e941a" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team handel</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/09/611610 / HA ZA 21-434</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 21 juli 2021</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">STICHTING DE THUISKOPIE</emphasis>,</para>
      <para>te Amsterdam,</para>
      <para>eiseres,</para>
      <para>advocaat mr. M.S. van der Jagt te Diemen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>, h.o.d.n. <emphasis role="bold">MOBIPHONE</emphasis>,</para>
      <para>te [woonplaats],</para>
      <para>gedaagde,</para>
      <para>niet verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de dagvaarding van 19 april 2021, met productie EP01 tot en met EP11;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het tegen gedaagde verleende verstek.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Vonnis is nader bepaald op heden.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Voor de feiten en het gevorderde wordt verwezen naar het gestelde in de aangehechte kopie van de dagvaarding.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Het gevorderde komt de rechtbank in hoofdzaak niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal grotendeels worden toegewezen, zij het met inachtneming van het volgende.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Oplegging van de door eiseres gevorderde dwangsommen, als stimulans tot nakoming van dit vonnis, is aangewezen. De op te leggen dwangsommen zullen (deels) worden gematigd en gemaximeerd als na te melden. Ten slotte worden de vorderingen waar nodig, ter voorkoming van executiegeschillen, met aangepaste formulering toegewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <parablock>
        <para>Gedaagde zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. Deze worden aan de zijde van eiseres als volgt begroot. Bij de vaststelling van het salaris van de advocaat wordt aansluiting gezocht bij het liquidatietarief voor rechtbanken en gerechtshoven zoals dat geldt voor uitspraken op of na 1 februari 2021, waarbij wordt uitgegaan van tarief II voor vorderingen van onbepaalde waarde (1 punt x </para>
        <para>tarief II = € 563,-). Dit wordt vermeerderd met het griffierecht van € 667,-, de explootkosten van € 85,81 en de verschotten van € 6,66 en € 19,42, in totaal derhalve € 1.341,89.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>veroordeelt gedaagde om aan eiseres een bedrag te betalen van € 2.972,- te vermeerderen met de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW<footnote-ref linkend="_7f03d8e5-537a-4a35-8671-58c1c139eca2" /> over de gefactureerde bedragen vanaf de data dat deze opeisbaar zijn geworden (zoals weergegeven in tabel 1 in nummer 24 van de dagvaarding) tot aan de dag van voldoening;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>veroordeelt gedaagde om binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis aan eiseres:</para>
      <para>- volledig en gespecificeerd opgave te doen van alle in de AMvB’s van 23 oktober 2012<footnote-ref linkend="_7d8551eb-3ba9-48b4-b819-e91df10f5a35" />, 15 oktober 2013<footnote-ref linkend="_fc15c867-d856-410f-bcc3-882ff34e9b51" /> en 28 oktober 2014<footnote-ref linkend="_e11b78df-a04d-4bcc-8704-4082672187df" /> en de SONT-besluiten van 30 augustus 2017<footnote-ref linkend="_ea78f85b-49b6-43b3-99d9-a0bd9fb48db3" /> en 16 oktober 2020<footnote-ref linkend="_a764dac8-7efc-4e7f-a7c0-feb95a6b1e75" /> aangewezen voorwerpen die gedaagde:</para>
      <parablock>
        <para>- in de periode vanaf 1 januari 2013 tot en met de datum van dit vonnis in Nederland</para>
        <para>	heeft geïmporteerd; </para>
        <para>- in de periode van 1 januari 2013 tot en met 31 december 2014 en vanaf 1 januari </para>
        <para>	2020 tot en met de datum van dit vonnis in Nederland heeft gefabriceerd;</para>
      </parablock>
      <para>- onder medezending van afschriften van bescheiden waarvan kennisneming noodzakelijk is voor de vaststelling van de verschuldigdheid en de hoogte van de thuiskopievergoeding, waaronder in ieder geval inkoopfacturen in geval van import en verkoopfacturen in geval van fabricage;</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>en bepaalt dat gedaagde aan eiseres een dwangsom verbeurt van € 500,- voor iedere dag of gedeelte van een dag dat enig deel van deze opgaveverplichting niet of niet volledig is nagekomen, met een maximum van € 25.000,-;</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>veroordeelt gedaagde om binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis aan eiseres:</para>
      <para>- volledig en gespecificeerd opgave te doen van alle in de AMvB’s van 23 oktober 2012, 15 oktober 2013 en 28 oktober 2014 en de SONT-besluiten van 30 augustus 2017 en 16 oktober 2020 aangewezen voorwerpen die gedaagde:</para>
      <parablock>
        <para>- in de periode van 9 september 2019 tot en met de datum van dit vonnis in </para>
        <para>Nederland heeft verhandeld (waaronder begrepen: verkocht, te koop aangeboden, ter verkoop in voorraad gehouden, geadverteerd of op enigerlei wijze direct of indirect bij een of meer van deze handelingen betrokken is geweest);</para>
      </parablock>
      <para>- onder medezending van afschriften van bescheiden waarvan kennisneming noodzakelijk is om vast te stellen of de thuiskopievergoeding door de fabrikant of importeur van de desbetreffende voorwerpen is betaald, waaronder in ieder geval inkoopfacturen en verkoopfacturen;</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>en bepaalt dat gedaagde aan eiseres een dwangsom verbeurt van € 500,- voor iedere dag of gedeelte van een dag dat enig deel van deze opgaveverplichting niet of niet volledig is nagekomen, met een maximum van € 25.000,-;</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>verbiedt gedaagde om, voor eigen rekening of voor rekening van een ander, voorwerpen als bedoeld in artikel 16c lid 1 Aw<footnote-ref linkend="_777e30e4-d0b2-4891-8b56-84c7f85dd867" />, waaronder in ieder geval de voorwerpen aangewezen in het SONT-besluit van 16 oktober 2020 in Nederland te importeren, te fabriceren (waaronder begrepen: assembleren en/of refurbishen) of te verhandelen (waaronder begrepen: verkopen, te koop aanbieden, ter verkoop in voorraad houden, adverteren of op enigerlei wijze direct of indirect bij een of meer van deze handelingen betrokken zijn), waarover niet onverwijld opgave is gedaan en/of niet de verschuldigde thuiskopievergoeding aan eisereis is voldaan;</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>en bepaalt dat gedaagde na betekening van dit vonnis aan eiseres een dwangsom verbeurt van € 50,- per voorwerp dat in strijd met dit verbod wordt geïmporteerd of verhandeld, of </para>
        <para>– naar keuze van eiseres – € 2.500,- voor elke dag dat in strijd met dit verbod wordt gehandeld, een en ander met een maximum van € 25.000,- en één en ander onverminderd de aanspraak van eiseres op de verschuldigde thuiskopievergoeding over de geïmporteerde en/of verhandelde voorwerpen;</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>veroordeelt gedaagde in de proceskosten, aan de zijde van eiseres tot op heden begroot op € 1.341,89;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7.</nr>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. F.M. Bus en in het openbaar uitgesproken door mr. D. Nobel, rolrechter, op 21 juli 2021.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_7f03d8e5-537a-4a35-8671-58c1c139eca2" label="1">
    <para>Burgerlijk Wetboek</para>
  </footnote>
  <footnote id="_7d8551eb-3ba9-48b4-b819-e91df10f5a35" label="2">
    <para>Staatsblad 2012, 505</para>
  </footnote>
  <footnote id="_fc15c867-d856-410f-bcc3-882ff34e9b51" label="3">
    <para>Staatsblad 2013, 400</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e11b78df-a04d-4bcc-8704-4082672187df" label="4">
    <para>Staatsblad 2014, 410</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ea78f85b-49b6-43b3-99d9-a0bd9fb48db3" label="5">
    <para>Staatscourant 2017, 60906</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a764dac8-7efc-4e7f-a7c0-feb95a6b1e75" label="6">
    <para>Staatscourant 2020, 49273</para>
  </footnote>
  <footnote id="_777e30e4-d0b2-4891-8b56-84c7f85dd867" label="7">
    <para>Auteurswet 1912</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>