<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2021:16761</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-07-25T13:54:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-07-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-10-29</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">NL21.16131 en NL21.16140</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_vreemdelingenrecht">Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2021:16761">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2021:16761</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-07-25T13:53:38</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-07-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2021:16761 Rechtbank Den Haag , 29-10-2021 / NL21.16131 en NL21.16140</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2021:16761:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Bewaring, Spanje, Colombia, grondslagwijziging, ophouding, beroep tkb en irv niet-ontvankelijk, beroep ongegrond.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2021:16761:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht</para>
      <para>zaaknummer: NL21.16131 en NL21.16140</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [eiser]</emphasis>, eiser</para>
      <para>V-nummer: [V-nummer]</para>
      <para>(gemachtigde: mr. M.M. Altena-Staalenhoef), en</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid</emphasis>, verweerder (gemachtigde: mr. H. Remerie).</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij besluit van 7 oktober 2021 (bestreden besluit 1) heeft verweerder aan eiser een terugkeerbesluit en een inreisverbod voor de duur van twee jaar opgelegd. Bij besluit van 8 oktober 2021 (bestreden besluit 2) heeft verweerder aan eiser de maatregel van bewaring op grond van artikel 59a, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw) opgelegd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Eiser heeft tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Dit beroep moet tevens worden aangemerkt als een verzoek om toekenning van schadevergoeding.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft het beroep op 25 oktober 2021 met behulp van een beeldverbinding op zitting behandeld. Eiser is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <para>1. Eiser stelt van Colombiaanse nationaliteit te zijn en te zijn geboren op [1966].</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bestreden besluit 1</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>2. Het terugkeerbesluit en het inreisverbod zijn op 8 oktober 2021 ingetrokken. Eiser heeft op 12 oktober 2021 zijn beroep hiertegen ingesteld. Het terugkeerbesluit en het inreisverbod waren op dat moment al opgeheven. Eiser wordt dan ook niet-ontvankelijk verklaard in zijn beroep.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bestreden besluit 2</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>3. In de maatregel van bewaring heeft verweerder overwogen dat de maatregel nodig is, omdat een concreet aanknopingspunt bestaat voor een overdracht als bedoeld in de Dublinverordening en een significant risico bestaat dat eiser zich aan het toezicht zal</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>onttrekken. Verweerder heeft als zware gronden1 vermeld dat eiser:</para>
      <para>3a. Nederland niet op de voorgeschreven wijze is binnengekomen, dan wel een poging daartoe heeft gedaan;</para>
      <para>3b. zich in strijd met de Vreemdelingenwetgeving gedurende enige tijd aan het toezicht op vreemdelingen heeft onttrokken;</para>
      <para>en als lichte gronden2 vermeld dat eiser:</para>
      <para>4c. geen vaste woon- of verblijfplaats heeft;</para>
      <para>4d. niet beschikt over voldoende middelen van bestaan;</para>
      <para>4e. verdachte is van enig misdrijf dan wel daarvoor is veroordeeld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>4. Eiser heeft de gronden die aan de maatregel van bewaring ten grondslag liggen niet betwist.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ophouding</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>5. Op 7 oktober 2021 om 18:00 uur is eiser opgehouden. Op 7 oktober 2021 om 23:10 uur is de eerste maatregel van bewaring opgelegd, op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, Vw. Deze maatregel is opgeheven en aansluitend is een nieuwe maatregel opgelegd op 8 oktober 2021 om 14:45 uur, op grond van artikel 59a, Vw. Eiser voert aan dat de termijn van de ophouding is verstreken bij het opleggen van de tweede maatregel van bewaring. Eiser wijst erop dat de maximale termijn voor ophouding 6 uur is en dat de termijn niet is verlengd.</para>
    <para />
    <para>6. De rechtbank overweegt als volgt. Eiser was in de veronderstelling dat zijn asielaanvraag in Spanje nog lopende was en verweerder is hier van uit gegaan bij het vaststellen van de grondslag van de bewaring. Op 8 oktober 2021 heeft verweerder van de Spaanse autoriteiten informatie verkregen dat de asielaanvraag van eiser op 26 augustus 2020 is afgewezen. Dit was reden voor verweerder om de grondslag te wijzigen. Bij een grondslagwijziging is verweerder gehouden om voortvarend te handelen. Uit de jurisprudentie volgt dat verweerder de grondslag binnen twee dagen moet wijzigen, indien de bewaring niet meer op de juiste grondslag berust3. Verweerder heeft de grondslag dus tijdig gewijzigd. Deze grond slaagt niet.</para>
    <para />
    <para>7. Het beroep is ongegrond. Daarom wordt ook het verzoek om schadevergoeding afgewezen.</para>
    <para />
    <para>8. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <mediaobject>
      <imageobject>
        <imagedata align="center" scale="100" fileref="ee91cc7c-febe-480d-8157-419954cf440e" depth="1" width="193" format="image/png" />
      </imageobject>
    </mediaobject>
    <para>1. Artikel 5.1b, derde lid, van het Vreemdelingenbesluit (Vb).</para>
    <para>2 Artikel 5.1b, vierde lid, Vb.</para>
    <para>3 12 april 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1082 en 21 februari 2017, ECLI:NL:RVS:2017:504.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>verklaart het beroep tegen bestreden besluit 1 niet-ontvankelijk;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>verklaart het beroep tegen bestreden besluit 2 ongegrond;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>wijst het verzoek om schadevergoeding af.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. J.A. Schuman, rechter, in aanwezigheid van mr.</para>
      <para>M.A.W.M. Engels, griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De uitspraak is uitgesproken en bekendgemaakt op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <inlinemediaobject>
          <imageobject>
            <imagedata align="center" scale="100" fileref="b680737e-c4df-40fa-acea-287c89b4c907" depth="82" width="251" format="image/png" />
          </imageobject>
        </inlinemediaobject>
        <inlinemediaobject>
          <imageobject>
            <imagedata align="center" scale="100" fileref="de4740af-6ae7-4d8e-9c64-6d72b1e9d754" depth="82" width="251" format="image/png" />
          </imageobject>
        </inlinemediaobject>29 oktober 2021</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para>en is openbaar gemaakt door publicatie op rechtspraak.nl</para>
    <parablock>
      <para />
      <para>Mr. J.A. Schuman	M.A.W.M. Engels</para>
      <para>Rechter	Griffier</para>
      <para>Rechtbank Midden-Nederland	Rechtbank Midden-Nederland</para>
    </parablock>
    <parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para>
        <emphasis role="bold">Documentcode: [Documentcode]</emphasis>
      </para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para>
        <emphasis role="bold">Rechtsmiddel</emphasis>
      </para>
      <para>Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling</para>
      <para>Bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na de dag van bekendmaking.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>