<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2020:14833</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-06-18T13:33:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-06-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-08-31</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AWB - 20 _ 6701</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#voorlopigeVoorziening">Voorlopige voorziening</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_vreemdelingenrecht">Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2020:14833">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2020:14833</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-06-18T07:32:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-06-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2020:14833 Rechtbank Den Haag , 31-08-2020 / AWB - 20 _ 6701</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2020:14833:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>voorlopige voorziening, feitelijke overdracht aan Spanje, Corona-omstandigheden in Spanje, verzoek afgewezen</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2020:14833:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bestuursrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: AWB 20/6701 </para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">uitspraak van de voorzieningenrechter van 31 augustus 2020 in de zaak tussen</bridgehead>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [verzoeker] , verzoeker</bridgehead>
    <parablock>
      <para>V-nummer: [V-nummer]</para>
      <para>(gemachtigde: mr. M.J.C. van den Hoff),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder</bridgehead>
    <para>(gemachtigde: L. Mol). </para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verweerder heeft meegedeeld verzoeker op 3 september 2020 om 09.30 uur met vluchtnummer [vluchtnummer] over te dragen aan Spanje. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen deze feitelijke overdracht. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <para>1. Omdat sprake is van onverwijlde spoed vanwege de geplande vlucht op 3 september 2020, doet de voorzieningenrechter uitspraak zonder het houden van een zitting<footnote-ref linkend="_738fbb00-5333-48a9-90aa-7aaa339cde19" />.  </para>
    <para />
    <para>2. Verzoeker heeft op 20 februari 2020 een asielaanvraag ingediend. Verweerder heeft besloten de asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Spanje op grond van de Dublinverordening hiervoor verantwoordelijk is. Verzoeker heeft tegen dit besluit beroep ingesteld. De rechtbank heeft dit beroep ongegrond verklaard<footnote-ref linkend="_278747b6-fe61-4fb2-af8e-a24fe19ed1c8" />. </para>
    <para>Verzoeker zou eigenlijk op 24 augustus 2020 worden overgedragen aan Spanje. Deze overdracht is niet doorgegaan, omdat verzoeker niet aanwezig was. Vervolgens heeft verweerder voor verzoeker een nieuwe vlucht geboekt voor 3 september 2020. </para>
    <para />
    <para>3. Verzoeker vindt dat van de overdracht moet worden afgezien. Hij verwijst naar het reisadvies van de Minister van Buitenlandse Zaken en voert aan dat de besmettingsgraad van het coronavirus in heel Spanje is toegenomen. De kleurcode is op 25 augustus 2020 aangepast van ‘geel’ naar ‘oranje’, wat betekent dat alleen naar Spanje kan worden gereisd als dat noodzakelijk is. Volgens verzoeker is zijn overdracht aan Spanje niet noodzakelijk. Als hij aan Spanje wordt overdragen loopt hij grote gezondheidsrisico’s. </para>
    <para />
    <para>4. Verweerder stelt zich op het standpunt dat de overdracht aan Spanje kan doorgaan. Uitgangspunt bij overdracht tussen de lidstaten is de veiligheid van de vreemdeling en van de lidstaten zelf. Volgens verweerder mag hij er op grond van het interstatelijk vertrouwensbeginsel vanuit gaan dat de Spaanse autoriteiten maatregelen nemen ter voorkoming van een verdere verspreiding van het coronavirus, ook ten aanzien van personen die in het kader van de Dublinverordening worden overgenomen. Dat het reisadvies is aangepast, maakt dit volgens verweerder niet anders. Ter onderbouwing van zijn standpunt verwijst hij naar de uitspraak van deze rechtbank, zittingsplaats ’s-Hertogenbosch, van 24 augustus 2020<footnote-ref linkend="_131582c5-8840-4223-90e9-473d56da9188" />.</para>
    <para />
    <para>5. De voorzieningenrechter is van oordeel dat verweerder geen aanleiding heeft hoeven zien om de overdracht van verzoeker op 3 september 2020 niet door te laten gaan. Het is zo dat het aantal coronagevallen in Spanje weer toeneemt. Dit betekent niet dat verzoeker bij overname aan Spanje een onaanvaardbaar gezondheidsrisico loopt. Verweerder heeft toegelicht dat sinds 1 juli 2020 de overdrachten op grond van de Dublinverordening weer zijn opgestart en dat hierbij de veiligheid voorop staat. Het is niet alleen de verantwoordelijkheid van de lidstaten om de veiligheid voorop te stellen. Verzoeker zelf heeft ook de verantwoordelijkheid om risico’s op besmetting zoveel mogelijk te voorkomen. Daartoe moet hij, net zoals hij dat in Nederland moet doen, de richtlijnen van de Spaanse autoriteiten in acht nemen. Niet valt in te zien dat verzoeker het besmettingsrisico niet tot aanvaardbare proporties zou kunnen terugbrengen. Er zijn geen concrete aanknopingspunten aangevoerd waaruit blijkt dat de Spaanse autoriteiten onvoldoende maatregelen nemen om het coronavirus in te dammen en verdere verspreiding te voorkomen, in het bijzonder voor personen die op grond van de Dublinverordening worden overgedragen. Laat staan dat hij in Spanje zal worden onderworpen aan onmenselijke of vernederende behandelingen, zoals bedoeld in artikel 3 van het EVRM. </para>
    <para />
    <para>6. Het reisadvies van de Minister van Buitenlandse Zaken en de verandering van de kleurcode naar ‘oranje’, maakt ook niet dat overdracht niet mogelijk zou zijn. Uit de Dublinverordening volgt dat een Dublinclaimant wordt overgedragen zodra dit praktisch mogelijk is<footnote-ref linkend="_12b09ec8-3a7f-4ca0-9230-2268db10f142" />. Het reisadvies van de Minister van Buitenlandse Zaken maakt niet dat de overdracht praktisch niet meer mogelijk is. Relevant is dat het een advies is aan Nederlanders over het reizen naar Spanje. Niet valt in te zien dat de Minister van Buitenlandse Zaken met dit advies een oordeel heeft willen geven over de bevoegdheid van verweerder om Dublinclaimanten over te dragen aan de verantwoordelijke lidstaat. Verder is van belang dat een Dublinclaimant binnen zes maanden na het claimakkoord moet worden overgedragen aan de verantwoordelijke lidstaat, in dit geval Spanje. Aangezien de Spaanse autoriteiten op 4 maart 2020 hebben ingestemd met terugname van verzoeker moet hij uiterlijk op 3 september 2020 worden overgedragen. </para>
    <para />
    <para>7. Gelet op het voorgaande is de voorzieningenrechter van oordeel dat op grond van het dossier, zoals dat nu voorligt, het bezwaar tegen de feitelijke overdacht geen redelijke kans van slagen heeft.</para>
    <para />
    <para>8. Verder ziet de voorzieningenrechter in de belangen van verzoeker, afgezet tegen die van verweerder, geen aanleiding voor het treffen van de gevraagde voorziening. Het verzoek wordt dan ook worden afgewezen.</para>
    <para />
    <para>9. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. </para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan op 31 augustus september 2020 door mr. J.J. Catsburg, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S. Westerhof, griffier. Als gevolg van maatregelen rondom het coronavirus is deze uitspraak niet uitgesproken op een openbare uitsprakenzitting. Zodra het openbaar uitspreken weer mogelijk is, wordt deze uitspraak, voor zover nodig, alsnog in het openbaar uitgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">											De voorzieningenrechter is verhinderd</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">											de uitspraak te ondertekenen</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>griffier										voorzieningenrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Afschrift verzonden aan partijen op:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Rechtsmiddel</title>
    <para>Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.</para>
  </section>
  <footnote id="_738fbb00-5333-48a9-90aa-7aaa339cde19" label="1">
    <para> Zie artikel 8:83, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_278747b6-fe61-4fb2-af8e-a24fe19ed1c8" label="2">
    <para> Zie de uitspraak van de rechtbank Den Haag, van 20 mei 2020 (NL20.8935).</para>
  </footnote>
  <footnote id="_131582c5-8840-4223-90e9-473d56da9188" label="3">
    <para> NL20.15858, nog niet gepubliceerd.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_12b09ec8-3a7f-4ca0-9230-2268db10f142" label="4">
    <para> Zie hiervoor artikel 29 van de Dublinverordening.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>