<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2020:14063</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-01-19T16:13:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-01-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-12-17</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">8179129 RL EXPL 19-26710</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Gravenhage</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2020:14063">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2020:14063</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-01-19T16:11:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-01-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2020:14063 Rechtbank Den Haag , 17-12-2020 / 8179129 RL EXPL 19-26710</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2020:14063:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Gedaagde is tekortgeschoten in de nakoming van de huurovereenkomst, door (1) het aanwezig hebben van 393 gram hennepgruis en een bedrijfsmatige hennepkwekerij en (2) het verschaffen van elektriciteit aan een buurman. Deze tekortkomingen rechtvaardigen echter geen ontbinding van de huurovereenkomst, omdat o.a. voldoende aannemelijk is geworden dat het hennepgruis voor eigen gebruik was bedoeld en de elektriciteit niet illegaal (in de zin van zonder daarvoor te betalen) is afgetapt. Gedaagde heeft in de 20 jaar dat zij van eiseres huurt geen huurachterstand laten ontstaan, zich als goed huurder gedragen en geen overlast veroorzaakt.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2020:14063:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">RECHTBANK DEN HAAG </bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats ’s-Gravenhage  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>CdW/c</para>
      <para>Zaak-/rolnr.: 8179129 RL EXPL 19-26710</para>
      <para>17 december 2020</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de stichting Stichting Vestia,</emphasis>
        <?linebreak?>gevestigd te Rotterdam,<?linebreak?>eisende partij,<?linebreak?>gemachtigde: mr. R.M. Goeman,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde] ,</emphasis>
      </para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,<?linebreak?>gedaagde partij,<?linebreak?>gemachtigde: mr. M.W. Fakiri.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen worden hierna aangeduid als “Vestia” en “ [gedaagde] ”.<?linebreak?></para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>De kantonrechter heeft kennis genomen van de volgende stukken:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de dagvaarding van 15 november 2019, met producties; </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de conclusie van antwoord, met producties;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de akte overlegging producties aan de zijde van Vestia;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de akte overlegging producties aan de zijde van [gedaagde] .</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Op 11 november 2020 heeft via Skype een mondelinge behandeling plaatsgevonden, waarbij zijn verschenen [vertegenwoordiger van de stichting] namens Vestia, bijgestaan door mr. R.M. Goeman, en [gedaagde] in persoon, bijgestaan door mr. M.W. Fakiri. Van het verhandelde ter zitting zijn door de griffier aantekeningen gemaakt, die zich in het griffiedossier bevinden. Vervolgens is de uitspraak van dit vonnis bepaald op heden.<?linebreak?></para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Tussen Vestia en [gedaagde] bestaat een huurovereenkomst betreffende de woning gelegen aan de [adres 1] te [plaats] (hierna: het gehuurde). Op de huurovereenkomst zijn de door Vestia gehanteerde voorwaarden van toepassing (hierna: de AV). </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>In de huurovereenkomst staat, voor zover relevant, het volgende:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	“Het gehuurde betreft een 2-kamer benedenwoning en is bestemd om te worden gebruikt als 	woonruimte.”</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>In de AV staat, voor zover relevant, het volgende: </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	“Artikel 9</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	1. Huurder zal het gehuurde als een goed huurder en overeenkomstig de daaraan gegeven 	bestemming van woonruimte gebruiken.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	2. het is de huurder uitdrukkelijk niet toegestaan:</emphasis>
          <?linebreak?>
          <emphasis role="italic">	(…)</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	c. het gehuurde te (laten) gebruiken als opslagplaats voor lompen, oud metaal, oud papier 	e.d., alsmede voor licht ontvlambare of gevaarlijke (vloei)stoffen, in een grotere hoeveelheid 	dan de plaatselijke verordeningen aangeven”</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>
        [medewerker Stedin] (hierna: [medewerker Stedin] ), [functie] bij Stedin Netbeheer, heeft op 5 maart 2019 een controle verricht in de woning van de bewoner van [adres 2] te Delft (hierna: [x] ). Bij e-mail van 7 maart 2019 heeft hij het volgende aan [vertegenwoordiger van de stichting] (medewerkster van Vestia) medegedeeld:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	“Bij de controle in de meterkast zag ik een dunnen snoerleiding in de groepenkast op een 	niet professionele aangesloten was, ik vroeg de bewoner waar deze vandaan kwam, hij wilde 	dit niet vertellen. De Politie Eenheid De Haag vertelde de bewoner dat hij dan mee ging 	naar het bureau en aangehouden was hierop vertelde hij dat de snoerleiding naar 109 liep 	daar kwam de stroom vandaan. Bij 109 aan de bel gegaan en de bewoonster lied mij de 	aansluiting zien deze zat in een stopkontact. De bewoonster gesommeerd de snoerleiding te 	verwijderen ze verklaarde aan mij dat ik dit zelf mocht doen, de snoerleiding liep door de 	andere tuinen naar 139 Bij een controle in de meterkast van 139 constateerde ik dat alle 	koppelingen van de gasaansluitingen los zaten en dat er aan de Dienstleiding was gezeten, 	hierop heb ik besloten het pand in de straat af te laten sluiten.”</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>In het rapport t.b.v. derden van [y] , [functie] van politie Eenheid Den Haag staat, voor zover relevant, het volgende:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	“Vraag 1 Ten aanzien van de alcohol: uit de stukken van de douane lijkt, te volgen 	dat het niet er pure alcohol ging, maar slechts om vloeistof met 19,84 alcohol,</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	vergelijkbaar met bijvoorbeeld port. Dat lijkt do situatie minder (brand)gevaarlijk</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	te maken dan wij op basis van de gegevens van de politie en het OM aannemen. 	Zou jij bij do wijkagent kunnen navragen vat hij hiervan weet en kan zeggen? Is 	die 19.8% bijvoorbeeld alleen ethanol, en was er voor het overige wel veel 	methanol (giftige alcohol niet voor consumptie) aanwezig? En waarom zijn zowel 	politie als EcoLoss uitgegaan van pure alcohol?</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	Antwoordt verbalisant:</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	In de woning van [gedaagde] werden op diverse plaatsen flessen gevuld onbekende</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	doorzichtige vloeistof aangetroffen. Dit was in 2 kartonnen dozen voor een kast in 	de woonkamer. Zie hiervoor foto’s 1 t/m 3.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	Achter deze dozen lag in de kast een wijnrek met deze flessen vloeistof. Zie foto 4.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	Op deze zelfde kast stonden bovenop 2 grote karaffen en een wijnfles met de zelfde</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	vloeistof. Zie foto 5.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	In de keuken stonden op de grond 3 flessen mee de genoemde vloeistof. Zie foto 6 	en 7.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	Tenslotte stonden er op de keukentafel enkele flessen en potjes met deze vloeistof.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	Zie foto 8.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	Omdat ik deze vloeistof niet vertrouwde, heb ik, in overleg met de politie 	meldkamer de brandweer gewaarschuwd en ter plaatse laten komen. Als eerste 	kwam de OVD (officier van dienst) van de brandweer vanuit Den haag ter plaatse. 	Deze vertrouwde de vloeistof ook niet en heeft vervolgens een expert van de 	brandweer laten komen. Deze brandweerman heeft de vloeistof onderzocht en gaf 	aan dat het hier om 100% alcohol ging en dat dit als licht ontvlambaar en als zeer 	gevaarlijk moet worden geacht om dit in de woning te hebben. Ten tijde van deze 	constatering was het bedrijf Ecoloss Project BV ook aanwezig en hebben in hun 	rapportage dus ook aangegeven dat het om pure alcohol ging. Zij hebben ook in 	hun rapportage aangegeven dat deze pure alcohol in de woning van [x] 	is aangetroffen en dat het daar 50 liter betrof welke in een ketel is aangetroffen en 	daar ook is gefabriceerd. Ik kan niet aangeven of de vloeistof Ethanol of Methanol 	betrof. </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	Vraag 2 Over de hennep: in de sfeerrapportage van de wijkagent heeft hij het over 	twee ruimtes waar men hennepplantjes kan kweken. In het HJIB zijn wordt 	aangeven dat er geen kwekerij en geen eerdere oogsten waren. Zou de wijkagent 	wat duidelijker kunnen aangeven waarom hij de aangetroffen ruimtes in de 	slaapkamer en schuur heeft aangeduid als ruimten voor het kweken van 	hennepplantjes?. Nu hebben we alleen jouw verklaring over apparatuur. Het zou 	fijn zijn als de wijkagent dat ook duidelijker kan weergeven. </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	Antwoord verbalisant: </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	In de woning van [gedaagde] werd een pan met weed aangetroffen. Zie foto 9.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	In de gang van de woning van [gedaagde] , werd bij de kapstok een aantal op maat 	gemaakte latjes aangetroffen. Zie foto 10.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	In de (slaap)kamer links in de gang werd bij de raamzijde een schraag c.q. 	rechtopstaande houten ondersteuning aangetroffen en daar recht tegenover, aan de 	muur welke aan de gang grenst, een houten dwarsbalk gemonteerd welke op de 	zelfde hoogte zit als het hoogste punt van de schraag waardoor men een verbinding 	met elkaar ken maken. Zie foto 11.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	In een andere hoek van de slaapkamer werden enkele houten bouwmaterialen</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	aangetroffen. Zie foto 12</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	In weer een andere hoek in de slaapkamer werd een soort kooiconstructie 	aangetroffen welke afgedekt was met grote doeken. Met daarnaast een aantal op 	maat gemaakt houten latjes. Zie foto 13.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	Bij het omhoog doen van voornoemde doeken, kwam er een zelf in elkaar 	getimmerd hok te voorschijn welke aan de binnenzijde met isolatiemateriaal was 	bewerkt. In dit isolatiemateriaal zaten ronde gaten en lagen er ronde PVC pijpen 	die vermoedelijk de zelfde doorsnede hadden als de gaten in het isolatiemateriaal. 	Uit de gefabriceerde kast kwam mij een weedlucht tegemoet en kreeg ik de indruk 	dat men in de kast weedplantjes heeft gekweekt. Zie foto 14 en 15.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	Voor de hiervoor genoemde kast stond een wasrek er onder dat wasrek lagen een 	aantal assimilatielampen welke mogelijk, gezien de afmetingen, gebruikt zijn in 	voornoemde kast om de planten te verwarmen en te laten groeien. Zie foto 16.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	In de achtertuin van [gedaagde] trof ik een groot aantal plastic en aardewerkpotten 	in verschillende maten aan. De tuin zag er onverzorgd uit en overal stonden en 	lagen verschillende soorten gereedschap waar men plantjes mee kan kweken en 	onderhouden. Zie fotos 17 t/m 19.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	In een schutting in de tuin, welke deel uitmaakt van de schuur in de tuin, was op 	een hoogte van c.a. 1.80 c.m. hoog een rond gat met een diameter van circa 10 	centimeter uitgeboord. Boven dit gat waren op de schutting ook weer dwars latjes 	gemaakt zodat men verbindingen kon leggen. Aan deze dwars latjes waren witte 	leidingen gemonteerd die ik niet kon thuisbrengen.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	Aan de andere zijde van de schutting met het gat bevond zich in de schuur een 	soort oude constructie als die in de slaapkamer eerder werd aangetroffen. Deze</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	constructie zag er oud en verwaarloosd uit. Zie foto 20.”</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>In het proces-verbaal van verhoor verdachte van de politie Eenheid Den Haag, waarin [gedaagde] is geduid als VE, staat, voor zover relevant, het volgende:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	“VV: U weet waarom u bent aangehouden?</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VE: Ja, ik had wiet in huis voor eigen gebruik. En ik had sterke alcohol in huis om</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	wietolie van te maken voor eigen gebruik</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VV: Weet u hoeveel wiet u in huis had?</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VE: Nee, het was bladafval. Ik weet niet hoeveel dat was. Behalve die pan ligt er misschien 	nog 10 gram van de coffeeshop.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VV: Hoe kwam u aan die pan met wietgruis?</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VE: Ik had van de zomer een grote wietplant, daar is het van.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VV: Hoeveel gebruikt u?</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VE: Ik drie keer per dag keer olie van wiet en meestal s’ avonds een joint.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VV: De inhoud van die pan is 393 gram.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VE: Zoveel nog?</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VV: Maar die plant was van vorige zomer?</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VE: Oktober denk ik.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VV: Hoe maak je die olie?</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VE: Een babykoker met een glas erin met alcohol. Daar doe je dat gruis in en dan</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	lossen de werkzame stoffen op in de alcohol. Vervolgens verdampt de alcohol en hou je</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	olie over. Daar doe je dan olijfolie bij en dat druppel je dan lik ik dat op.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VV: Er lag ook laurierblad in uw woning.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VE: Dat is van de volkstuin. ik doe daar niks mee.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VV: Uw woning is een bende.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VE: Mijn moeder ligt in het ziekenhuis. Ik heb we hulp maar het is al twee weken</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	geleden.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VV: Heeft u werk?</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VE: Nee.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VV: Heeft u een geestelijke stoornis?</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VE: Ik ben bekend met schizofrenie klachten. Daar gebruik ik die druppels voor. Ik</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	heb de afgelopen jaren zes a zeven psychoses doorgemaakt.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VV: Wat heeft u met die meneer van nr. 139?</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VE: We zijn vrienden. Hij slaapt wel eens als het koud is. Maar anders bij hem thuis</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	op de bank.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VV: Waarom liep er een elektriciteitskabel door de achtertuin tussen jullie woningen?</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VE: Hij had geen stroom. Hij betaalde de rekening niet denk ik. De woningbouw heeft me 	er al over gesproken. Ik wilde hem helpen. Ik had daardoor een hogere energierekening.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VV: Wat kreeg u daarvoor?</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	VE: Niets.”</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>Bij brief van 12 augustus 2019 heeft de Douane van de Belastingdienst het volgende aan [x] medegedeeld:”</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	“Naar aanleiding van een controle door de Belastingdienst Douane op 5 maart - 2019 in een 	woning op de [adres 2] en [adres 1] te [plaats] , naar de juistheid van de afdracht van de 	accijns van de hierbij aangetroffen accijnsgoederen het volgende:</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	Bij deze controle is 78 liter alcohol aangetroffen met een percentage van 19,8 %.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	Omgerekend is dat 15,44 liter alcohol á 100%. Omdat deze alcohol is vervaardigd</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	buiten een Accijns Goederen Plaats is deze alcohol niet in de heffing betrokken.”</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8.</nr>
      <para>In een behandelplan van GGZ Delfland staat, voor zover relevant, het volgende:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	“De verhoging van de medicatie is voorlopig niet nodig. Aangezien patiënt aangeeft dat zij 	cannabis als zelfmedicatie gebruikt om tot rust te komen. Zij gebruikt een joint voor het 	naar bed gaan zodat haar nachtrust niet verstoord raakt. Patiënt maakt sinds problemen 	i.v.m. dreigende huiszetting minder stabiele indruk. Zij is kwetsbaar voor prikkels en 	stressoren.”</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Vordering, grondslag en verweer</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <parablock>
        <para>Vestia vordert bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:</para>
        <para>I. te ontbinden de tussen partijen bestaande huurovereenkomst, met onmiddellijke ingang, althans op een door de kantonechter te bepalen datum, betreffende het gehuurde;</para>
        <para>II. [gedaagde] te veroordelen om binnen drie dagen, althans binnen een door de kantonrechter te bepalen termijn, het gehuurde te ontruimen en te verlaten, onder afgifte van de sleutels, met al hetgeen van [gedaagde] is en met al de personen die zijdens [gedaagde] in het gehuurde verblijven;</para>
        <para>III. [gedaagde] te veroordelen in de kosten van dit geding, daaronder begrepen het salaris, de nakosten en de verschotten van de gemachtigde van Vestia.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Vestia legt aan deze vordering, naast voormelde feiten, het volgende ten grondslag. [gedaagde] is toerekenbaar tekort geschoten in de nakoming van de verplichtingen die voortvloeien uit de huurovereenkomst, door zich niet als goed huurder te gedragen en het gehuurde niet als woonruimte te gebruiken. In het gehuurde is 393 gram hennepgruis aangetroffen, alsmede zaken die gebruikt worden bij het kweken en vervaardigen van hennep. Het uitvoeren van activiteiten ten behoeve van de kweek in hennep past niet bij het normale gebruik van het gehuurde als woonruimte. Tevens zijn in het gehuurde diverse flessen aangetroffen, met daarin in totaal 28 liter pure alcohol. Tot slot heeft [gedaagde] een gevaarlijke situatie in het gehuurde doen ontstaan, door op een provisorische en zeer gevaarlijke wijze een elektraleiding aan te leggen tussen het gehuurde en de woning van [x] . Hiermee heeft zij niet alleen voor zichzelf, maar tevens voor haar omwonenden een levensgevaarlijke situatie in het leven geroepen. [gedaagde] heeft dan ook in strijd gehandeld met artikelen 7:213 en 7:214 BW, alsmede artikel 9 lid 2 sub c van de AV. Deze tekortkomingen rechtvaardigen ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van het gehuurde, aldus Vestia.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft gemotiveerd verweer gevoerd en stelt samengevat het volgende. Op 5 maart 2019 was de snoerleiding niet meer aanwezig. [medewerker Stedin] had het gehuurde voor 21 februari 2019 bezocht en [gedaagde] verzocht de snoerleiding te verwijderen, hetgeen zij heeft gedaan. [gedaagde] heeft de elektriciteit niet aan [x] verschaft, zodat hij een alcoholstokerij kan faciliteren. [gedaagde] wilde hem enkel helpen, omdat [x] zonder stroom zat. In het gehuurde is geen pure alcohol aangetroffen; uit de voorlopige belastingaanslag van de Douane blijkt dat de aangetroffen vloeistof slechts 19,8% alcohol bevat. De aangetroffen alcohol valt niet onder gevaarlijke stoffen in de zin van het ADR. Voorts heeft [gedaagde] geen (bedrijfsmatige) hennepkwekerij onderhouden. In het gehuurde is geen apparatuur getroffen die duiden op een hennepkwekerij. Niet is gesteld, noch is gebleken dat de handelingen van [gedaagde] tot stank- of andere overlast hebben geleid. Er is geen sprake van een eerdere oogst. Mocht de kantonrechter oordelen dat er wel sprake is van (een) tekortkoming(en) in de nakoming van de huurovereenkomst, dan is [gedaagde] van mening dat een belangenafweging in haar voordeel uitvalt. [gedaagde] huurt inmiddels 20 jaar van Vestia. In de gehele looptijd van de huurovereenkomst heeft zij geen huurachterstand laten ontstaan, zich als goed huurder gedragen en geen overlast veroorzaakt. Gelet op haar aandoening (Schizofrenie) is [gedaagde] aangewezen op een voorspelbare omgeving. Het voorhanden hebben van cannabis in het gehuurde is enkel voor eigen gebruik geweest. De snoerleiding is direct op verzoek van [medewerker Stedin] verwijderd. Tot slot heeft [gedaagde] een laag inkomen en zal zij bij een eventuele ontruiming een hogere huurprijs moeten betalen, wanneer zij een nieuwe woning betrekt. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>Beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Partijen twisten over de vraag of er sprake is van een aantal tekortkomingen in de nakoming van de verplichtingen uit de huurovereenkomst, op basis waarvan die huurovereenkomst kan worden ontbonden. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Tekortkomingen? </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Vestia stelt dat [gedaagde] is tekortgeschoten in de nakoming van haar verplichtingen uit de huurovereenkomst, omdat (1) in het gehuurde 393 gram hennep en apparatuur voor het kweken van hennep zijn aangetroffen, (2) diverse flessen in het gehuurde zijn aangetroffen met daarin in totaal 28 liter pure alcohol en (3) [gedaagde] een gevaarlijke situatie heeft gecreëerd door een elektraleiding aan te leggen tussen het gehuurde en de woning van [x] . </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>Vast staat dat in het gehuurde 393 gram hennepgruis is aangetroffen. Deze hoeveelheid gaat de in de Aanwijzing Opiumwet genoemde gedooggrens van 5 gram, de geringe hoeveelheid voor eigen gebruik, ruim te boven. Volgens de Opiumwet duidt dit op een handelsvoorraad. Anders dan [gedaagde] meent, is naar het oordeel van de kantonrechter voldoende aannemelijk geworden dat in het gehuurde een hennepkwekerij was ingericht. Uit het onder 2.5 vermelde rapport ten behoeve van derden – dat van doorslaggevend belang wordt geacht – blijkt dat in de slaapkamer van [gedaagde] een kast met daarin gaten en isolatiemateriaal, bouwmaterialen en goederen (pvc-buizen en assimilatielampen) zijn aangetroffen. Dit vindt steun in de foto’s die in het rapport zijn bijgevoegd. De verbalisant heeft daarbij opgemerkt dat de kast naar wiet rook, zodat het vermoeden bestaat dat [gedaagde] in de kast wietplantjes heeft gekweekt. [gedaagde] heeft geen plausibele verklaring voor de aangetroffen apparatuur gegeven. Ter zitting heeft [gedaagde] verklaard dat zij de bouwmaterialen wenst te gebruiken voor het maken van een kast, maar dit is gelet op de waarnemingen van de verbalisant ongeloofwaardig. De aangetroffen apparatuur leidt, mede gelet op het aanwezig hebben van 393 gram hennepgruis, tot het oordeel dat er sprake is van een hennepkwekerij in het gehuurde die als bedrijfsmatig moet worden aangemerkt. Het aanwezig hebben van 393 gram hennepgruis en een bedrijfsmatige hennepkwekerij, levert een tekortkoming op in de nakoming van de huurovereenkomst. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>Voorts verwijt Vestia [gedaagde] dat zij niet heeft voldaan aan haar verplichting op grond van artikel 9 lid 2 sub c van de AV om in het gehuurde geen gevaarlijke (vloei)stoffen op te slaan. De kantonrechter volgt Vestia niet in deze stelling. Uit de voorlopige belastingaanslag van de Douane valt af te leiden dat de in het gehuurde aangetroffen alcohol een percentage had van 19,8%. Van pure alcohol is dus geen sprake. Alcoholische dranken met minder dan 24% alcohol vallen niet onder gevaarlijke stoffen in de zin van het ADR, zodat artikel 7.6 van het Bouwbesluit toepassing mist. [gedaagde] heeft dan ook niet in strijd gehandeld met het Bouwbesluit en met haar verplichting op grond van artikel 9 lid 2 sub c van de AV om in het gehuurde geen gevaarlijke (vloei)stoffen op te slaan. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>Wat betreft de stelling van Vestia dat [gedaagde] een gevaarlijke situatie in het leven heeft geroepen door een elektraleiding aan te leggen tussen het gehuurde en de woning van [x] , overweegt de kantonrechter als volgt. Vast staat dat [gedaagde] [x] heeft voorzien van elektriciteit, door een snoerleiding vanuit haar stopcontact te verbinden met de meterkast van [x] . Deze situatie levert een gevaarlijke situatie op. De wijze waarop de snoerleiding is aangesloten op de meterkast van [x] heeft, zeker als dit ondeugdelijk gebeurt, als bijkomend probleem dat het ontstaan van brand, met alle gevolgen van dien, niet ondenkbaar is. Rommelen met elektriciteit is op zichzelf een tekortkoming in de nakoming van de huurovereenkomst. Dat de snoerleiding geschikt was voor gebruik op het Nederlandse elektriciteitsnetwerk en de meterkast van [x] voorzien was van een aardlekschakelaar, is niet van belang. De discussie tussen partijen over het moment waarop de snoerleiding door [gedaagde] is afgehaald is eveneens niet ter zake doende, aangezien vast staat dat [gedaagde] door middel van een snoerleiding elektriciteit heeft verschaft aan [x] . Door het hiervoor bedoelde risico op gevaarzetting in het leven te roepen, heeft [gedaagde] zich niet gedragen als een goed huurder. Dit levert een tekortkoming op in de nakoming van de huurovereenkomst. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <para>Gezien het voorgaande, is [gedaagde] op twee punten tekortgeschoten in de nakoming van haar verplichtingen uit de huurovereenkomst. Hetgeen [gedaagde] overigens nog heeft aangevoerd, doet aan het voorgaande niet af en leidt niet tot een ander oordeel, zodat de kantonrechter die weren onbesproken zal laten. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ontbinding gerechtvaardigd? </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7.</nr>
      <para>De vraag is vervolgens of deze tekortkomingen voldoende ernstig zijn om tot ontbinding van de huurovereenkomst over te gaan. Artikel 6:265 lid 1 BW bepaalt dat iedere tekortkoming van een partij in de nakoming van een van haar verbintenissen aan de wederpartij de bevoegdheid geeft om de overeenkomst geheel of gedeeltelijk te ontbinden, tenzij de tekortkoming, gezien haar bijzondere aard of geringe betekenis, deze ontbinding met haar gevolgen niet rechtvaardigt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.8.</nr>
      <para>De kantonrechter overweegt dat de tekortkomingen van [gedaagde] van onvoldoende gewicht zijn om recht te geven op ontbinding van de huurovereenkomst en, thans vooruitlopend daarop, ontruiming van het gehuurde. Het volgende is daartoe redengevend. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.9.</nr>
      <para>De kantonrechter acht het voldoende aannemelijk dat het aangetroffen hennepgruis enkel voor eigen gebruik was bedoeld en dat dit gruis geen ander doel had dan om gebruikt te worden als medicatie. Niet is betwist dat [gedaagde] cannabis gebruikt om haar medische klachten, als gevolg van haar Schizofrenie, te verlichten. Dit vindt steun in het door [gedaagde] overgelegde behandelplan van GGZ Delfland, waaruit blijkt dat de verhoging van medicatie niet nodig is omdat [gedaagde] cannabis als zelfmedicatie gebruikt om tot rust te komen. Bovendien heeft [gedaagde] onbestreden gesteld dat zij gewezen is op eigen teelt, aangezien zij thans een bijstandsuitkering geniet en derhalve niet de middelen heeft om cannabis aan te schaffen. Niet is gebleken dat [gedaagde] door het enkele aanwezig hebben van hennepgruis en apparatuur ten behoeve van een hennepkwekerij overlast heeft veroorzaakt. Vestia heeft weliswaar gesteld dat er reële kans op overlast bestaat, maar gesteld noch gebleken is dat deze kans zich heeft verwezenlijkt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.10.</nr>
      <para>Voorts is niet gebleken dat [gedaagde] een alcoholstokerij van [x] heeft gefaciliteerd. Weliswaar heeft [gedaagde] elektriciteit aan [x] verschaft, maar dit betekent niet dat zij dit heeft gedaan om [x] in de gelegenheid te stellen een alcoholstokerij te faciliteren. Dit standpunt van Vestia heeft [gedaagde] gemotiveerd weersproken. Daarbij heeft [gedaagde] gesteld dat zij [x] enkel wilde helpen, omdat hij afgesloten was van stroom, hetgeen zij ook aan de verbalisant heeft verklaard. De kantonrechter weegt ook mee dat de elektriciteit niet illegaal (in de zin van zonder daarvoor te betalen) is afgetapt, aangezien [gedaagde] de hogere energierekening (als gevolg van het verschaffen van elektriciteit aan [x] ) heeft betaald. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.11.</nr>
      <para>Het gegeven dat [gedaagde] cannabis gebruikt voor medische doeleinden, niet gebleken is dat [gedaagde] enig stank- of andere overlast heeft bezorgd jegens haar omgeving en [gedaagde] de hogere energierekening heeft betaald, leidt tot de conclusie dat de tekortkomingen van [gedaagde] geen ontbinding van de huurovereenkomst rechtvaardigen. Dat Vestia een zerotolerancebeleid op het gebied van drugsgerelateerde activiteiten hanteert en dient te waken voor de leefbaarheid in de wijken moge zo zijn, maar gelet op alle bovengenoemde omstandigheden acht de kantonrechter de ontbinding een te zware sanctie. Daarbij is in aanmerking genomen dat [gedaagde] onbestreden heeft gesteld dat zij in de 20 jaar dat zij van Vestia huurt geen huurachterstand heeft laten ontstaan, zich als goed huurder heeft gedragen en geen overlast heeft veroorzaakt. De kantonrechter ziet het gedrag en handelen van [gedaagde] dan ook als een eenmalige fout en gaat ervan uit dat zij inmiddels inziet wat de desastreuze gevolgen voor haar woonsituatie kunnen zijn, in het geval dat zij zich nogmaals een dergelijk gedrag permitteert. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.12.</nr>
      <para>Vestia zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van deze procedure.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>Beslissing  </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- wijst de vordering af;</para>
    <para />
    <para>- veroordeelt Vestia in de kosten van deze procedure, tot op heden aan de zijde van [gedaagde] vastgesteld op € 360,00 als het aan de gemachtigde van [gedaagde] toekomende salaris;</para>
    <para />
    <para>- verklaart deze proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door kantonrechter mr. E.A.W. Schippers en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 17 december 2020.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>