<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2020:13969</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-21T19:57:46</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-01-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-12-31</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/09/600876  JE RK 20-2383</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>FJR 2022/28.38</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2020:13969">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2020:13969</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-01-20T12:34:17</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-01-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2020:13969 Rechtbank Den Haag , 31-12-2020 / C/09/600876  JE RK 20-2383</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2020:13969:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>afwijzing machtiging gesloten jeugdhulp (art. 6.1.2 Jw). Minderjarige is vermist, waardoor instemmingsverklaring gedragswetenschapper ontbreekt en niet kan worden geoordeeld of aan de gronden voor gesloten plaatsing is voldaan.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2020:13969:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">Rechtbank DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Jeugd- en Zorgrecht<?linebreak?></para>
      <para>Zaaksgegevens: C/09/600876 / JE RK 20-2383</para>
      <para>Datum uitspraak: 31 december 2020</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">Beschikking van de kinderrechter </bridgehead>
    <bridgehead role="bold">Afwijzing machtiging tot uithuisplaatsing in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak naar aanleiding van het op 9 oktober 2020 ingekomen verzoekschrift van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Stichting Jeugdbescherming west Haaglanden</emphasis> (hierna te noemen: de gecertificeerde instelling),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>betreffende: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">- [minderjarige]</emphasis>, geboren op [geboortedag] 2005 te [geboorteplaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen: [minderjarige] ,  	<?linebreak?>advocaat: mr. L. Rijsdam, gevestigd te Leiden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [de vrouw]
      </para>
      <para>hierna te noemen: de moeder, </para>
      <para>wonende op een bij de rechtbank bekend adres.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als informant aan:</para>
    </parablock>
    <bridgehead role="bold">
      [de man] hierna te noemen: de stiefvader, </bridgehead>
    <para>wonende te [woonplaats] . </para>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het procesverloop</title>
    <para>Bij beschikking d.d. 28 oktober 2020 van de kinderrechter in deze rechtbank is machtiging verleend [minderjarige] te doen opnemen en te doen verblijven in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp van 7 november 2020 tot 7 januari 2021 en is het verzoek voor het overige aangehouden tot deze zitting.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder thans ook:</para>
    </parablock>
    <para>- voornoemde beschikking d.d. 28 oktober 2020;</para>
    <para>- de e-mail van de jeugdbeschermer d.d. 28 december 2020.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 31 december 2020 is de behandeling van de zaak ter zitting met gesloten deuren voortgezet. Daarbij zijn verschenen:</para>
    </parablock>
    <para>- [vertegenwoordiger van de GI] , namens de gecertificeerde instelling;</para>
    <para>- de advocaat van [minderjarige] ;</para>
    <para>- de stiefvader, als informant. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Opgeroepen en niet verschenen zijn:</para>
    </parablock>
    <para>- [minderjarige] ;</para>
    <para>- de moeder. </para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Verzoek en verweer</title>
    <para>Het verzoek strekt tot machtiging [minderjarige] te doen opnemen en te doen verblijven in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp voor de resterende duur van vier maanden. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De advocaat van [minderjarige] heeft verzocht het verzoek van de gecertificeerde instelling af te wijzen. Daartoe heeft zij bepleit dat een gesloten instelling geen optie is, nu [minderjarige] daarvandaan is weggelopen. Zodra [minderjarige] weer terecht is, zal moeten worden bekeken welke woonplek het beste voor [minderjarige] is. Plaatsing in een residentiële setting heeft alleen meerwaarde als [minderjarige] daar de juiste hulp krijgt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De stiefvader heeft, mede namens de moeder, die in kritieke toestand in het ziekenhuis ligt en daarom niet bij de zitting aanwezig kan zijn, het volgende aangegeven. Het verblijf in een gesloten setting heeft [minderjarige] niet geholpen en heeft zelfs averechts gewerkt. Het doel van de ondertoezichtstelling is ervoor zorgen dat [minderjarige] zich niet aan het ouderlijk gezag en de hulp onttrekt, maar juist dat is nu gebeurd. Het belangrijkste is dat [minderjarige] geholpen wordt. Dat kan bijvoorbeeld op een open groep met goede begeleiding. Een gesloten plaatsing moet slechts worden gebruikt voor het bieden van hulp, niet om haar op te sluiten. Thuis wonen is geen optie, gelet op de problematiek en het zelfbepalende gedrag van [minderjarige] .</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Beoordeling</title>
    <para>De kinderrechter stelt vast dat [minderjarige] niet bereid is zich te doen horen, en de moeder in verband met ziekenhuisopname niet bereid is zich te doen horen, zodat het horen van deze personen op grond van artikel 6.1.10, eerste lid onder a, Jeugdwet achterwege kan blijven.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter is, gelet op hetgeen uit het dossier en ter terechtzitting naar voren is gekomen, van oordeel dat sprake is van ernstige opgroei- of opvoedingsproblemen die de ontwikkeling van [minderjarige] naar volwassenheid ernstig belemmeren. Het is zeer zorgelijk dat [minderjarige] is weggelopen en dat het onduidelijk is waar en met wie zij zich bevindt. In de toekomst moet worden voorkomen dat [minderjarige] zich opnieuw aan de jeugdhulp die zij nodig heeft onttrekt of daaraan door anderen wordt onttrokken. De kinderrechter kan, vanwege de vermissing van [minderjarige] en het ontbreken van een recente instemmingsverklaring van een gedragswetenschapper, echter op dit moment niet oordelen over de vraag of opneming en verblijf in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp noodzakelijk is. De machtiging gesloten jeugdhulp is eind oktober 2020 slechts voor korte duur afgegeven, om de betrokkenen te laten werken aan snelle terugplaatsing naar de moeder en omdat [minderjarige] bij [verblijfplaats] zeer ongelukkig was en [verblijfplaats] handelingsverlegen was. De gecertificeerde instelling zal, zodra [minderjarige] wordt gevonden, moeten handelen op grond van de zorgen en omstandigheden op dat moment. Daarbij merkt de kinderrechter op dat - voor zover mogelijk -  het hervatten van het plan voor systeemtherapie en terugplaatsing naar de moeder de voorkeur verdient, en een eventuele gesloten plaatsing zo kort mogelijk zal moeten duren.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Derhalve zal als volgt worden beslist.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para>De kinderrechter:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst af het verzoek [minderjarige] te doen opnemen en te doen verblijven in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp zoals bedoeld in artikel 6.1.2, eerste lid, van de Jeugdwet.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 31 december 2020 door mr. E.C.M. Bouman, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. S. Kokx als griffier.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 13 januari 2021.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:</para>
              <para>- door de verzoeker en de belanghebbende(n) aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,</para>
              <para>- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden. </para>
              <para>Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend bij de griffie van </para>
              <para>het gerechtshof Den Haag.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>