<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2020:13685</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-01-04T15:43:13</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-01-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-11-30</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AWB 20/3708</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#mondelingeUitspraak">Mondelinge uitspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2020:13685">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2020:13685</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-01-04T15:42:49</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-01-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2020:13685 Rechtbank Den Haag , 30-11-2020 / AWB 20/3708</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2020:13685:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Ongedocumenteerde vreemdeling; E vecht beeindiging gemeentelijke opvang aan; heeft later alsnog weer gemeentelijke opvang gekregen, zij het op andere grondslag; geen feitelijk belang; geen procesbelang; beroep niet-ontvankelijk</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2020:13685:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK DEN HAAG						</bridgehead>
    <para>
      <?linebreak?>Zittingsplaats Amsterdam</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bestuursrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 	AWB 20/3708 </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer voor vreemdelingenzaken van 30 november 2020 in de zaak tussen</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [eiser] , te [plaatsnaam] , eiser</bridgehead>
    <para>(gemachtigde: [naam] ),</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam, verweerder</para>
      <para>(gemachtigde: [naam] ). </para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij brief van 15 januari 2020 heeft verweerder eiser medegedeeld dat zijn gemeentelijke opvang wordt beëindigd. Het daartegen gemaakte bezwaar heeft verweerder bij besluit van </para>
      <para>6 april 2020 (het bestreden besluit) ongegrond verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 1 mei 2020 heeft de rechtbank het beroepschrift van eiser tegen dit besluit ontvangen. Verweerder heeft een verweerschrift ingediend. Op 7 oktober 2020 heeft eiser nadere gronden ingediend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het onderzoek op de zitting heeft plaatsgevonden op 30 november 2020. Vanwege de maatregelen getroffen tegen het coronavirus heeft de zitting plaatsgevonden via een Skype-verbinding. Partijen zijn vertegenwoordigd door hun gemachtigden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Met inachtneming van artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) heeft de rechtbank onmiddellijk na sluiting van het onderzoek op de zitting mondeling uitspraak gedaan.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <para>1. Eiser heeft verzocht om te worden vrijgesteld van de verplichting tot het betalen van griffierecht. Eiser heeft hiervoor een verklaring over zijn inkomen en vermogen overgelegd. Gelet op vaste rechtspraak van de verschillende hogerberoepsrechters,<footnote-ref linkend="_e26421a1-e149-4bd7-9087-771c70a8c157" /> is de rechtbank van oordeel dat het beroep op betalingsonmacht moet worden gehonoreerd. De rechtbank stelt eiser daarom in deze procedure vrij van de verplichting tot het betalen van griffierecht.</para>
    <para />
    <para>2. Voordat de rechtbank toekomt aan een inhoudelijke beoordeling, ziet zij zich eerst ambtshalve voor de vraag gesteld of eiser een procesbelang in beroep heeft.</para>
    <para />
    <para>3. Eiser is een vreemdeling zonder rechtmatig verblijf in Nederland. Op hem rust een zwaar inreisverbod voor de duur van tien jaar. Momenteel verblijft hij in de [locatie] aan de [adres] .</para>
    <para />
    <para>4. Verweerder heeft op 15 januari 2020 aan eiser medegedeeld dat zijn gemeentelijke opvang beëindigd wordt per 15 april 2020. In het bestreden besluit heeft verweerder dit besluit gehandhaafd. Verweerder stelt zich namelijk op het standpunt dat eiser niet aan de eisen voor opvang voldoet onder het Uitvoeringsplan 24-uursopvang ongedocumenteerden. Ongedocumenteerden met een zwaar inreisverbod van tien jaar of hoger komen in beginsel niet langer in aanmerking voor opvang. Na het bestreden besluit heeft verweerder eiser alsnog feitelijk gemeentelijke opvang toegekend. </para>
    <para />
    <para>5. Eiser heeft op de zitting geen belang gesteld, anders dan een proceskostenveroordeling in bezwaar vanwege de alsnog toegekende opvang.</para>
    <para />
    <para>6. De rechtbank overweegt dat naar vaste rechtspraak procesbelang aanwezig is wanneer het resultaat dat de indiener van een beroepschrift met het beroep nastreeft, ook daadwerkelijk kan worden bereikt en het bereiken van dat resultaat voor deze indiener feitelijk betekenis kan hebben. Het hebben van een louter formeel of principieel belang is onvoldoende voor het aannemen van procesbelang.</para>
    <para />
    <para>7. De rechtbank overweegt dat eiser, hoewel op andere juridische grondslag, momenteel opvang geniet. Deze procedure heeft voor eiser dan ook feitelijk geen betekenis meer. De rechtbank is dan ook van oordeel dat eiser geen procesbelang heeft bij zijn beroep. </para>
    <para />
    <para>8. Het beroep is niet-ontvankelijk.</para>
    <para />
    <para>9. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>mr. G.J. Tingen			      				mr. A.K. Mireku</para>
      <para>griffier	</para>
      <para>						 	rechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Afschrift verzonden aan partijen op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Conc.: GJT</para>
      <para>D: </para>
      <para>VK</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Rechtsmiddel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen vier weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Naast de vereisten waaraan het beroepschrift moet voldoen op grond van artikel 6:5 van de Awb (zoals het overleggen van een afschrift van deze uitspraak) dient het beroepschrift ingevolge artikel 85, eerste lid, van de Vw 2000 een of meer grieven te bevatten. Artikel 6:6 van de Awb (herstel verzuim) is niet van toepassing.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <footnote id="_e26421a1-e149-4bd7-9087-771c70a8c157" label="1">
    <para> Zie bijvoorbeeld ECLI:NL:CRVB:2015:282.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>