<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2019:8729</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-08-26T11:45:06</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-08-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-08-14</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AWB 19/3579</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Middelburg</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_vreemdelingenrecht">Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2019:8729">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2019:8729</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-08-23T13:14:49</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-08-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2019:8729 Rechtbank Den Haag , 14-08-2019 / AWB 19/3579</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2019:8729:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Klare Taal. Visum kort verblijf. Ontvankelijkheid van het beroep. Geen verschoonbare termijnoverschrijding. Beroep niet-ontvankelijk.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2019:8729:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>
    <emphasis role="bold">RECHTBANK DEN HAAG</emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>Zittingsplaats Middelburg</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Bestuursrecht</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>zaaknummer: AWB 19/3579</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      [naam], eiser,</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>en</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>de minister van Buitenlandse Zaken, verweerder.</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>Wat er is gebeurd:</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>In het besluit van 5 maart 2019 (het bestreden besluit) heeft de minister het bezwaar van eiser ongegrond verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Eiser heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank doet uitspraak zonder eerst een zitting te houden<footnote-ref linkend="_9e604daf-dcd9-46f3-b871-2d6fbac126e2" />.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Wat er in het dossier staat:</title>
    <para />
    <para>1. Eiser woont in Marokko. Hij wil graag familie in Nederland bezoeken. Daarom heeft hij een visum aangevraagd.</para>
    <para />
    <para>2. De minister heeft deze aanvraag afgewezen. Eiser heeft toen bezwaar gemaakt. In het bestreden besluit heeft de minister het bezwaar ongegrond verklaard. Dat betekent dat de minister nog steeds geen visum aan eiser wil geven.</para>
    <para />
    <para>3. Nu vraagt eiser aan de rechtbank om te oordelen dat de minister wel een visum aan hem moet geven.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Wat de rechtbank vindt:</title>
    <para />
    <para>4. In de wet staat dat een beroep bij de rechtbank binnen een termijn van vier weken ontvangen moet zijn<footnote-ref linkend="_3a161931-cf93-4711-a471-260529a55a17" />. Dit is een belangrijke regel. Als het onbeperkt mogelijk zou blijven om beroep in te stellen, zouden besluiten namelijk nooit definitief worden. Dat zou leiden tot teveel onzekerheid.</para>
    <para />
    <para>5. In de wet staat ook dat een beroep nog op tijd is als het vóór het einde van de termijn op de post is gedaan en binnen een week na het einde van de termijn is ontvangen<footnote-ref linkend="_a99a7ed2-bac8-41b4-a079-1b763b09c45e" />.</para>
    <para />
    <para>6. In deze zaak is het bestreden besluit van 5 maart 2019. Het beroep is ontvangen op 8 mei 2019. Dit is meer dan een week na het einde van de termijn. Het beroep is dus te laat.</para>
    <para />
    <para>7. De rechtbank heeft aan eiser gevraagd hoe het komt dat het beroep te laat is ingesteld<footnote-ref linkend="_dfeae78b-7e77-43a2-a3c1-a0eb9b4487b1" />. Eiser heeft gereageerd met twee brieven in het Frans. Eigenlijk behandelt de rechtbank alleen brieven in het Nederlands. Toch heeft de rechtbank gekeken of hij de brieven van eiser kan begrijpen. Eiser is het er niet mee eens dat hij geen visum heeft gekregen. Hij vindt dat hij alles wat nodig is voor het afgeven van een visum bij de minister heeft ingeleverd. Eiser vraagt daarom aan de rechtbank om goed naar de zaak te kijken en om eventueel contact op te nemen met zijn familie in Nederland als er nog onduidelijkheden zijn. </para>
    <para />
    <para>8. Uit deze brief blijkt niet dat het niet de schuld is van eiser dat het beroep te laat is. Om die reden mag de rechtbank het beroep niet verder behandelen. Onderaan deze uitspraak staat wat u kunt doen als u het daar niet mee eens bent.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beslissing</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. B.F.Th. de Roos, rechter, in aanwezigheid van mr. A.S. Hamans, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 13 augustus 2019.	</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="2">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <tbody>
          <row>
            <entry>
              <para>griffier</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>rechter</para>
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Afschrift verzonden aan partijen op: </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Als u het niet eens bent met deze uitspraak…</emphasis>
      </para>
      <para>…kunt u binnen zes weken na verzending verzet doen bij deze rechtbank (Rechtbank Den Haag, Zittingsplaats Middelburg, Postbus 400, 4330 AK Middelburg). Daarbij kunt u aangeven dat u wilt worden gehoord.</para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_9e604daf-dcd9-46f3-b871-2d6fbac126e2" label="1">
    <para> Dit mag op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3a161931-cf93-4711-a471-260529a55a17" label="2">
    <para> Dit staat in artikel 69, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a99a7ed2-bac8-41b4-a079-1b763b09c45e" label="3">
    <para> Dit staat in artikel 6:9, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_dfeae78b-7e77-43a2-a3c1-a0eb9b4487b1" label="4">
    <para> Dit moet de rechtbank doen op grond van artikel 6:11 van de Algemene wet bestuursrecht.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>