<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2019:15096</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-04-05T13:51:33</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-04-02</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/09/569700 / JE RK 19-589</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2019:15096">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2019:15096</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-04-05T11:02:00</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2019:15096 Rechtbank Den Haag , 02-04-2019 / C/09/569700 / JE RK 19-589</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2019:15096:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vader verzoekt schriftelijke aanwijzing vervallen te verklaren, hij is van mening dat Impegno geen onafhankelijke behandelinstelling is. De instantie zit in hetzelfde gebouw als de gecertificeerde instelling.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2019:15096:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">Rechtbank DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Jeugd &amp; Bopz</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaksgegevens: C/09/569700 / JE RK 19-589, C/09/570460 / JE RK 19-695</para>
      <para>Datum uitspraak: 2 april 2019</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">Beschikking van de kinderrechter </bridgehead>
    <bridgehead role="bold">Verzoek tot vervallen verklaring schriftelijke aanwijzing en verzoek bekrachtiging schriftelijke aanwijzing betreffende de verzorging en opvoeding (art 1:263 lid 3 BW)</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak naar aanleiding van het op 6 maart 2019 ingekomen verzoekschrift van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [de man] </bridgehead>
    <parablock>
      <para>de vader,</para>
      <para>wonende te [woonplaats 1] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en het op 20 maart 2019 ingekomen verzoekschrift van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Stichting Jeugdbescherming west Zuid-Holland </emphasis>(hierna te noemen: de gecertificeerde instelling); </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>betreffende: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">- [minderjarige]</emphasis>  geboren op [geboortedag] 2004 te [geboorteplaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen: [minderjarige] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [de man]
    </bridgehead>
    <parablock>
      <para>hierna te noemen: de vader, </para>
      <para>wonende te [woonplaats 1] . </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <parablock>
        <para>
          [de vrouw] ,</para>
        <para>hierna te noemen: de moeder, </para>
        <para>wonende te [woonplaats 2] .</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <bridgehead role="bold">Stichting Jeugdbescherming west Zuid-Holland</bridgehead>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het procesverloop</title>
    <para>De kinderrechter heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:</para>
    <para>- het verzoekschrift, met bijlagen, d.d. 4 maart 2019 van de zijde van de vader;</para>
    <para>- het verzoekschrift, met bijlagen, d.d. 19 maart 2019 van de zijde van de gecertificeerde instelling;</para>
    <para>- het emailbericht d.d. 27 maart 2019, van de zijde van de gecertificeerde instelling.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 2 april 2019 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld. Daarbij zijn verschenen:</para>
    </parablock>
    <para>- mevrouw [vertegenwoordigers van de GI] namens de gecertificeerde instelling;</para>
    <para>- de vader;</para>
    <para>- de moeder. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [minderjarige] heeft schriftelijk zijn reactie gegeven.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Feiten</title>
    <para>- Het huwelijk van de vader en de moeder is door echtscheiding ontbonden.</para>
    <para>- De vader en de moeder zijn gezamenlijk belast met het ouderlijk gezag. </para>
    <para>- [minderjarige] verblijft bij de moeder.</para>
    <para>- De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij afzonderlijke beschikking d.d. 2 april 2019  de ondertoezichtstelling van [minderjarige] en zijn jongere [zusje] verlengd van 11 april 2019 tot </para>
    <para>11 april 2020.</para>
    <para>- Stichting Jeugdbescherming west Zuid-Holland heeft de vader een schriftelijke aanwijzing</para>
    <para>gegeven op 27 februari 2019, ertoe strekkende dat [minderjarige] wordt aangemeld bij Impegno.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Verzoek en verweer</title>
    <para>Het verzoek van de vader strekt er toe de schriftelijke aanwijzing vervallen te verklaren. Hij is van mening dat Impegno geen onafhankelijke behandelinstelling is. De instantie zit in hetzelfde gebouw als de gecertificeerde instelling. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verzoek van de gecertificeerde instelling strekt er toe de schriftelijke aanwijzing te bekrachtigen en een dwangsom op te leggen bij niet opvolgen van de schriftelijke aanwijzing. [minderjarige] heeft behandeling nodig voor de trauma’s die hij heeft opgelopen. Die behandeling kan worden gegeven door Impegno. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De moeder heeft aangegeven de mening van de vader niet te delen. Zij ziet niet dat er sprake zou zijn van een belangenverstrengeling tussen de gecertificeerde instelling en Impegno.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Namens de gecertificeerde instelling is naar voren gebracht dat [minderjarige] bij hen heeft aangegeven open te staan voor hulpverlening vanuit Impegno. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Beoordeling</title>
    <para>De kinderrechter is van oordeel dat [minderjarige] behandeling behoeft voor de trauma’s die hij heeft opgelopen. Verwerking van de trauma’s zal er hopelijk ook toe leiden dat [minderjarige] zijn vader weer zal willen zien. Het feit dat Impegno is gehuisvest in hetzelfde gebouw als de gecertificeerde instelling betekent geenszins dat de behandelinstelling een afhankelijke positie zou hebben. Huisvesting heeft alleszins te maken met een efficiënte inzet van de overheidsgelden. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter zal dan ook het verzoek van de vader tot vervallenverklaring van de schriftelijke aanwijzing afwijzen en het verzoek van de gecertificeerde instelling tot bekrachtiging van de schriftelijke aanwijzing, met daaraan verbonden een dwangsom, toewijzen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Derhalve zal als volgt worden beslist.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para>De kinderrechter:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst af het verzoek van de vader tot vervallen verklaren van de schriftelijke aanwijzing d.d. 27 februari 2019;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bekrachtigt de schriftelijke aanwijzing van de gecertificeerde instelling aan de vader d.d. 27 februari 2019;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>legt de vader, bij het niet opvolgen van de schriftelijke aanwijzing, een dwangsom op ter hoogte van €500 ;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beslissing uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 2 april 2019 door mr. M. van Loenhoud, kinderrechter, in tegenwoordigheid van S.A. van Schaik-van Dommelen  als griffier.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 15 april 2019.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Ingevolge artikel 807 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering staat tegen deze beslissing geen hoger beroep open, maar slechts cassatie in het belang der wet.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>