<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2015:8119</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-08-04T08:56:10</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-07-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-06-25</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AWB - 14 _ 10560</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_belastingrecht">Bestuursrecht; Belastingrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0018472&amp;artikel=1a&amp;g=2015-08-14">Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen 1a</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0018472&amp;artikel=7&amp;g=2015-08-14">Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen 7</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0018472&amp;artikel=8&amp;g=2015-08-14">Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen 8</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0018472&amp;artikel=2&amp;g=2015-08-14">Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen 2</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0018472&amp;artikel=21&amp;g=2015-08-14">Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen 21</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0018472&amp;artikel=20&amp;g=2015-08-14">Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen 20</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>V-N Vandaag 2015/1795</rdf:li>
          <rdf:li>FutD 2015-2092</rdf:li>
          <rdf:li>Viditax (FutD) 2015081706</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2015:8119">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2015:8119</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-08-14T13:04:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-08-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2015:8119 Rechtbank Den Haag , 25-06-2015 / AWB - 14 _ 10560</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2015:8119:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Uit de gedingstukken blijkt dat het verzamelinkomen 2011 van eiser bij de uitspraak op bezwaar van 17 april 2014 door de  inspecteur inkomstenbelasting is herzien naar € 16.321 (was vastgesteld bij (ambtshalve) aanslag, gedagtekend 5 maart 2014, op € 50.000). Dat is een wijziging van een inkomensgegeven als bedoeld in artikel 20 van de Awir zodat verweerder op grond van daarvan de toekenning van de huurtoeslag (automatisch) zou hebben herzien, zonder dat indiening van een bezwaarschrift noodzakelijk was. Bij besluit van 9 mei 2014 heeft verweerder de definitief vastgestelde huurtoeslag over 2011 dan ook herzien, waarbij terecht is uitgegaan van het gewijzigde inkomensgegeven. De stelling van eiser dat verweerder het inkomensgegeven bij beschikking van 28 maart 2014 aanvankelijk te hoog heeft vastgesteld en hierdoor een onrechtmatige daad heeft gepleegd, treft geen doel, gelet op het feit dat de huurtoeslag conform de wettelijke bepalingen - en op dat moment dus juist - was vastgesteld. Dat eiser tegen de beschikking van 28 maart 2014 een rechtsmiddel kan aanwenden doet aan het vorenstaande niet af.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2015:8119:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">Rechtbank DEN HAAG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team belastingrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: SGR 14/10560</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">uitspraak van de enkelvoudige kamer van 25 juni 2015 in de zaak tussen</bridgehead>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [eiser] wonende te [plaats] , eiser</bridgehead>
    <para>(gemachtigde: [gemachtigden 1] ),</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [P] , verweerder.</bridgehead>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Eiser heeft tegen het hierna onder 3 te noemen besluit bezwaar gemaakt. </para>
      <para>Verweerder heeft bij beslissing op bezwaar van 14 oktober 2014 het bezwaar gegrond verklaard. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Eiser heeft daartegen op 20 november 2014 beroep bij de rechtbank ingesteld. <?linebreak?></para>
      <para>Verweerder heeft de op de zaak betrekking hebbende stukken overgelegd en een verweerschrift ingediend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 11 juni 2015 te Den Haag. </para>
      <para>Namens eiser zijn verschenen zijn gemachtigden. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigden [gemachtigden 2] . </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Feiten</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>1. Verweerder heeft bij beschikking van 24 december 2010 het voorschot huurtoeslag 2011 vastgesteld op € 3.294, waarbij is uitgegaan van een toetsingsinkomen van € 12.384.</para>
    <para />
    <para>2. Op 5 maart 2014 heeft de inspecteur inkomstenbelasting een ambtshalve aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen 2011 opgelegd en heeft het verzamelinkomen over dat jaar geschat op € 50.000. Eiser heeft hiertegen een bezwaarschrift ingediend. </para>
    <para />
    <para>3. Verweerder heeft bij beschikking van 28 maart 2014 de huurtoeslag 2011 definitief berekend en vastgesteld op € 0, waarbij is uitgegaan van een toetsingsinkomen van </para>
    <para>€ 50.000.</para>
    <para />
    <para>4. Eiser heeft tegen de beschikking van 28 maart 2014 bij verweerder een bezwaarschrift ingediend op 1 april 2014.</para>
    <para />
    <para>5. De inspecteur inkomstenbelasting heeft bij uitspraak op bezwaar van 17 april 2014 het bezwaar van eiser gegrond verklaard en het verzamelinkomen over 2011 vastgesteld op € 16.321.</para>
    <para />
    <para>6. Verweerder heeft bij beschikking van 9 mei 2014 de definitieve huurtoeslag 2011 herzien en vastgesteld op € 3.082.</para>
    <para />
    <para>7. Verweerder is bij uitspraak op bezwaar van 14 oktober 2014 tegemoet gekomen aan het door eiser ingediende bezwaar onder verwijzing naar de beschikking van 9 mei 2014. Verweerder heeft het door eiser in het bezwaarschrift gedane verzoek om een proceskostenvergoeding afgewezen. </para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Geschil <?linebreak?>8.In geschil is of verweerder bij de uitspraak op bezwaar van 14 oktober 2014 terecht geen proceskostenvergoeding heeft toegekend.</title>
    <para>Eiser stelt zich op het standpunt dat hij wel recht heeft op een proceskostenvergoeding, daar verweerder bij het vaststellen van de definitieve beschikking van 28 maart 2014 een onrechtmatige daad heeft gepleegd.  </para>
    <para />
    <para>9. Verweerder neemt het standpunt in dat het beroep ongegrond moet worden verklaard.</para>
    <para />
    <para>10. Voor de volledige weergave van de standpunten van partijen en de onderbouwing daarvan, verwijst de rechtbank naar de gedingstukken.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling van het geschil</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>11. Op grond van artikel 1a, eerste lid, van de Wet op de huurtoeslag is op deze wet de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen (Awir) van toepassing.</para>
    <para />
    <para>12. In artikel 7, eerste lid, van de Wet op de huurtoeslag is bepaald dat het recht op en de hoogte van de huurtoeslag afhankelijk is van de draagkracht van de huurder. Op grond van het bepaalde in artikel 7, eerste lid, van de Awir wordt bij de bepaling van de draagkracht en de hoogte van de tegemoetkoming het toetsingsinkomen in aanmerking genomen. Ingevolge het bepaalde in artikel 8, eerste lid, van de Awir is het toetsingsinkomen het op het berekeningsjaar betrekking hebbende inkomensgegeven. Op grond van artikel 2, eerste lid, aanhef en onder o, van de Awir in samenhang met artikel 21, aanhef en onderdeel e, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (voor zover hier van belang) is het inkomensgegeven het na afloop van het kalenderjaar bij de aanslag inkomstenbelasting over dat kalenderjaar bepaalde verzamelinkomen.</para>
    <para />
    <para>13. Op grond van artikel 20, eerste lid, van de Awir herziet de Belastingdienst/Toeslagen, indien na de toekenning van de tegemoetkoming uit een wijziging van een inkomensgegeven blijkt dat de tegemoetkoming tot een te hoog of te laag bedrag is toegekend, de tegemoetkoming met inachtneming van die wijziging.</para>
    <para />
    <para>14. Verweerder is bij de beschikking van 28 maart 2014 uitgegaan van het door de inspecteur inkomstenbelasting bij (ambtshalve) aanslag, gedagtekend 5 maart 2014, vastgestelde verzamelinkomen van € 50.000. Uit de gedingstukken blijkt dat het verzamelinkomen van eiser bij de uitspraak op bezwaar van 17 april 2014 door de  inspecteur inkomstenbelasting is herzien naar € 16.321. Dat is een wijziging van een inkomensgegeven als bedoeld in artikel 20 van de Awir zodat verweerder op grond van daarvan de toekenning van de huurtoeslag (automatisch) zou hebben herzien, zonder dat indiening van een bezwaarschrift noodzakelijk was. Bij besluit van 9 mei 2014 heeft verweerder de definitief vastgestelde huurtoeslag over 2011 dan ook herzien, waarbij terecht is uitgegaan van het gewijzigde inkomensgegeven. De stelling van eiser dat verweerder het inkomensgegeven bij beschikking van 28 maart 2014 aanvankelijk te hoog heeft vastgesteld en hierdoor een onrechtmatige daad heeft gepleegd, treft geen doel, gelet op het feit dat de huurtoeslag conform de wettelijke bepalingen - en op dat moment dus juist - was vastgesteld. Dat eiser tegen de beschikking van 28 maart 2014 een rechtsmiddel kan aanwenden doet aan het vorenstaande niet af.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Proceskosten</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>15. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. T.A. de Hek, rechter, in aanwezigheid van <?linebreak?>mr. A.M. van Duijvendijk, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 25 juni 2015.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>griffier								rechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Rechtsmiddel</title>
    <para>Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na verzending van de uitspraak hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag. (Nadere informatie www.raadvanstate.nl)</para>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>