<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2015:7359</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-08-04T08:58:01</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-06-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-06-25</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AWB - 15 _ 1025</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#mondelingeUitspraak">Mondelinge uitspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_belastingrecht">Bestuursrecht; Belastingrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0018472&amp;artikel=15&amp;g=2015-09-25">Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen 15</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>V-N Vandaag 2015/2084</rdf:li>
          <rdf:li>FutD 2015-2451</rdf:li>
          <rdf:li>Viditax (FutD) 2015100214</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2015:7359">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2015:7359</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-09-25T09:51:35</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-09-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2015:7359 Rechtbank Den Haag , 25-06-2015 / AWB - 15 _ 1025</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2015:7359:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>-</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2015:7359:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>
    <emphasis role="bold caps">Rechtbank DEN HAAG</emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>Team belastingrecht</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>zaaknummers: SGR 15/1025 en SGR 15/1027</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van <?linebreak?>25 juni 2015 in de zaak tussen</title>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [eiser] , wonende te [woonplaats] , eiser<?linebreak?>(gemachtigde: mr. D.C.A. van Wessel),</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [P] , verweerder.</title>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De bestreden beslissing op bezwaar </title>
    <para>De uitspraak van verweerder van 22 december 2014 op het bezwaar van eiser tegen de hierna onder 5 te noemen herziene voorschotbeschikkingen kinderopvangtoeslag voor de berekeningsjaren 2013 en 2014.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Zitting </title>
    <parablock>
      <para>Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 18 juni 2015. </para>
      <para>Eiser is vertegenwoordigd door zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door [vertegenwoordiger] . </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para>De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. </para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen</title>
    <para>1. Op 16 juli 2013 heeft eiser een aanvraag kinderopvangtoeslag over het berekeningsjaar 2013 ingediend. Op grond van artikel 15, vierde lid, van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen (Awir) wordt deze aanvraag geacht mede te zijn gedaan voor de daaropvolgende berekeningsjaren. </para>
    <para />
    <para>2. Met dagtekening 30 april 2014 is aan eiser voor het berekeningsjaar 2013 een voorschot kinderopvangtoeslag toegekend van € 9.884.</para>
    <para />
    <para>3. Met dagtekening 22 april 2014 is aan eiser voor het berekeningsjaar 2014 een voorschot kinderopvangtoeslag toegekend van € 10.262.</para>
    <para />
    <para>4. Bij brief van 26 mei 2014 heeft verweerder eiser verzocht om informatie. In antwoord hierop heeft eiser bij brief van 12 juni 2014, ontvangen door verweerder op 20 juni 2014, facturen van het kinderdagverblijf overgelegd, alsmede een overzicht betalingen 2013 en een jaaropgave 2013.</para>
    <para />
    <para>5. Met dagtekening 21 augustus 2014 en 5 september 2014 zijn de voorschotten kinderopvangtoeslag 2013 en 2014 herzien naar nihil. Bij beschikkingen van 19 augustus 2014 en 29 augustus 2014 zijn de betaalde voorschotten kinderopvangtoeslag voor beide jaren teruggevorderd.</para>
    <para />
    <para>6. Eiser heeft hiertegen bezwaar gemaakt. </para>
    <para />
    <para>7. Bij brief van 26 november 2014 heeft verweerder verzocht om aanvullende informatie, waarin (nogmaals) wordt verzocht om bewijsstukken waaruit blijkt dat de kosten voor kinderopvang door eiser zijn betaald. Ook wordt er gevraagd naar de facturen die betrekking hebben op het jaar 2014 en naar de opvangcontracten gesloten tussen eiser en de kinderopvanginstelling. Tot slot wordt gevraagd om gegevens waaruit blijkt dat eiser in 2013 en 2014 heeft gewerkt. De brief is bij verweerder onbestelbaar retour gekomen. Met dezelfde dagtekening is aan eiser verzocht om instemming met verlenging van de beslistermijn op het bezwaar. Ook die brief is bij verweerder onbestelbaar retour gekomen.</para>
    <para />
    <para>8. Met dagtekening 22 december 2014 heeft verweerder de bezwaren ongegrond verklaard. </para>
    <para />
    <para>9. In geschil is of verweerder de onder 5 genoemde besluiten terecht heeft genomen. </para>
    <para />
    <para>10. Omdat eiser aanspraak maakt op kinderopvangtoeslag, zal hij moeten voldoen aan de daarvoor in de wet gestelde eisen. De rechtbank stelt vast dat eiser onvoldoende informatie aan verweerder heeft verstrekt waaruit kan blijken dat eiser inderdaad recht heeft op de kinderopvangtoeslag. Ter zitting heeft de gemachtigde desgevraagd verklaard dat er niet meer informatie is dan de informatie die door eiser aan verweerder is verstrekt. Daarvan uitgaande is naar het oordeel van de rechtbank niet aannemelijk geworden dat eiser voldoet aan de vereisten om recht te hebben op kinderopvangtoeslag. Zo zijn geen betaalbewijzen en geen contracten met het kinderdagverblijf overgelegd, en heeft eiser geen inzicht vertrekt in zijn werksituatie. Daarom heeft verweerder de kinderopvangtoeslag voor de berekeningsjaren 2013 en 2014 terecht herzien naar nihil en de uitbetaalde voorschotten terecht teruggevorderd. </para>
    <para />
    <para>11. Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen, is het beroep ongegrond verklaard.</para>
    <para />
    <para>12. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. R.C.H.M. Lips, rechter, in aanwezigheid van </para>
      <para>mr. L. Heekelaar, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 25 juni 2015.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>griffier								rechter</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Rechtsmiddel</title>
    <parablock>
      <para>Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na verzending hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, </para>
      <para>2500 EA Den Haag. (Nadere informatie www.raadvanstate.nl)</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>