<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBDHA:2015:16030</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-08-22T12:08:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-03-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-07-31</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/09/493643 / FT RK 15/1633 en C/09/493644 / FT RK 15/1634</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Gravenhage</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_insolventierecht">Civiel recht; Insolventierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>UDH:TvCu/13161 met annotatie van prof. mr. A.W. Jongbloed</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2015:16030">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2015:16030</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-03-24T09:22:08</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-03-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBDHA:2015:16030 Rechtbank Den Haag , 31-07-2015 / C/09/493643 / FT RK 15/1633 en C/09/493644 / FT RK 15/1634</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBDHA:2015:16030:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Verzoek voorlopige voorziening ingediend op 30 juli 2015 om 17:00 uur inzake ontruiming op 31 juli 2015 in de ochtend. Gelet op deze termijn is het voor de rechtbank niet mogelijk geweest om nog op 30 juli 2015 —en derhalve de dag voor de geplande uitzetting- uitspraak te doen.</para>
        <para>Verzoek is in de inventarisatiefase, dus geen schuldenlijst. Dus ook geen minnelijk traject gestart,  niet duidelijk of het minnelijk traject binnen afzienbare tijd gestart zal worden.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBDHA:2015:16030:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>
    <inlinemediaobject>
      <imageobject>
        <imagedata align="center" scale="100" fileref="4fb39d1e-51db-496c-be1f-b2748f9c37f0" depth="2" width="13" format="image/png" />
      </imageobject>
    </inlinemediaobject>
    <inlinemediaobject>
      <imageobject>
        <imagedata align="center" scale="100" fileref="628902de-4c42-4b97-92ab-ea0251b96869" depth="2" width="523" format="image/png" />
      </imageobject>
    </inlinemediaobject>vonnis</para>
  <section>
    <title>RECHTBANK DEN HAAG</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team insolventies – enkelvoudige kamer</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>rekestnummers: C/09/493643 / FT RK 15/1633 en C/09/493644 / FT RK 15/1634</para>
      <para>uitspraakdatum: 31 juli 2015 </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>[verzoeker],</para>
      <para>wonende te [adres],</para>
      <para>[postcode en woonplaats],</para>
      <para>verzoeker,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>heeft een verzoek ingediend waarin gevraagd wordt om een voorlopige voorziening als bedoeld</para>
      <para>in artikel 267b eerste lid van de Faillissementswet. Verzoeker heeft tevens een verzoek tot</para>
      <para>toepassing van de schuldsaneringsregeling ingediend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In het verzoek voorlopige voorziening wordt een verbod tot ontruiming door BoitenLuhrs</para>
      <para>Incasso Gerechtsdeurwaarders, in opdracht van Stichting Vestia gevestigd te Rotterdam,</para>
      <para>gevraagd van de woning van verzoeker. De ontruiming staat thans gepland voor 31 juli 2015 in</para>
      <para>de ochtend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank oordeelt als volgt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De thans gevraagde voorziening is gegrond op artikel 287b eerste lid van de Faillissementswet.</para>
      <para>Deze regeling is er op gericht om een adempauze te creëren die verzoek(st)er in staat moet</para>
      <para>stellen het minnelijk traject voort te zetten om met zijn schuldeisers een regeling voor zijn</para>
      <para>schulden te bereiken c.q. af te ronden. Mocht het niet tot een minnelijke regeling komen, dan</para>
      <para>dient verzoek)er de gelegenheid te krijgen om toepassing van de wettelijke schuldsanering aan te</para>
      <para>vragen, zonder daarbij gehinderd te worden door dreiging van executie van de in het tweede lid</para>
      <para>van art. 287b van de Faillissementswet genoemde maatregelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verzoek tot toepassing van een voorlopige voorziening als bedoeld in artikel 287b eerste lid</para>
      <para>van de Faillissementswet is op 30 juli 2015 om 17:00 uur bij de rechtbank ingediend. Het</para>
      <para>verzoek betreft een woningontruiming op 31juli2015 in de ochtend. Gelet op deze termijn is</para>
      <para>het voor de rechtbank niet mogelijk geweest om nog op 30 juli 2015 —en derhalve de dag voor</para>
      <para>de geplande uitzetting- uitspraak te doen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het verzoekschrift voorlopige voorziening dat is opgesteld door de gemachtigde van</para>
      <para>verzoeker, mr M.N.R. Nasrullah, advocaat te Rotterdam komt naar voren dat de</para>
      <para>schuldhulpverlener thans de openstaande vorderingen aan het inventariseren is en dat er geen</para>
      <para>minnelijk voorstel tot schuldsanering aan de schuldeisers is aangeboden. Het is niet duidelijk of</para>
      <para>het minnelijk traject binnen afzienbare tijd gestart zal worden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet hierop biedt artikel 287b eerste lid Fw geen ruimte voor het verlenen van een voorlopige</para>
      <para>voorziening. Het minnelijk traject vangt immers eerst aan nadat na een volledige inventarisatie</para>
      <para>van de schulden, een voorstel voor een buitengerechtelijke schuldregeling aan de schuldeisers is</para>
      <para>gedaan. Nu hier geen sprake van is, zal de rechtbank verzoeker niet-ontvankelijk verklaren in het</para>
      <para>verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ook zal het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling niet-ontvankelijk worden</para>
      <para>verklaard, omdat het verzoek, zonder een afgeronde minnelijke regeling, niet aan de wettelijke</para>
      <para>vereisten voldoet.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verzoeker zal niet-ontvankelijk verklaard worden in onderhavige verzoeken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- 	verklaart verzoekster niet-ontvankelijk in haar verzoek om een voorlopige</para>
      <para>voorziening als bedoeld in art. 287b Fw;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- 	verklaart verzoekster niet-ontvankelijk in haar verzoek om toelating tot de<?linebreak?>schuldsaneringsregeling.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gewezen door mr. C.M. Derijks lid van genoemde kamer, en uitgesproken ter openbare</para>
      <para>terechtzitting van 31 juli 2015 in tegenwoordigheid van A. van Groningen Schinkel, griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>