<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBBRE:2011:BR3869</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-09-28T11:29:15</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BR3869</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Breda" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Breda</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2011-04-28</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">650933 mb 11-45</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBBRE:2011:BR3869">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBBRE:2011:BR3869</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-09-28T11:22:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2011-08-01</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBBRE:2011:BR3869 Rechtbank Breda , 28-04-2011 / 650933 mb 11-45</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBBRE:2011:BR3869:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Niet dragen van een helm. Betrokkene heeft een tracheostoma, dat wil zeggen dat de luchtpijp eindigt door een stoma. Hij stelt inlichtingen te hebben ingewonnen bij het CBR en het RDW, teneinde een ontheffing te krijgen voor het dragen van een helm. Voormelde instanties hebben toegezegd dat betrokkene mag rijden zonder helm, wanneer hij een doktersverklaring bij zich draagt. Ten tijde van de gedraging heeft betrokkene de doktersverklaring aan de verbalisant getoond. De kantonrechter acht het onbegrijpelijk, dat - gelet op de door betrokkene aangedragen omstandigheden - de officier van justitie niet reeds op het eerste beroepschrift heeft besloten om de beschikking te vernietigen dan wel de sanctie te matigen tot nihil. Beroep is gegrond verklaard.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBBRE:2011:BR3869:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <parablock>
    <para>RECHTBANK BREDA</para>
    <para>team kanton Bergen op Zoom</para>
    <para>zaaknummer : 650933 MB VERZ 11-45</para>
    <para>CJIB-nummer : [nummer]</para>
    <para>Uitspraak : 28 april 2011</para>
    <para>Op de in het openbaar gehouden zitting van 28 april 2011 is mr. W.E.M. Verjans, kantonrechter, bijgestaan door mr. H.J.E.M. Hoezen als griffier, overgegaan tot de mondelinge behandeling van het beroep dat is ingesteld tegen de beslissing van de officier van justitie met bovengenoemd CJIB-nummer. Het beroepschrift is ingediend door:</para>
    <para>naam: : [betrokkene]</para>
    <para>adres : [adres]</para>
    <para>nader te noemen: “betrokkene”.</para>
    <para>Betrokkene is ter zitting verschenen in persoon.</para>
    <para>Namens de officier van justitie is verschenen mevrouw P.B. Jansma, werkzaam bij het CVOM te Utrecht.</para>
    <para>Van het verhandelde ter zitting is door de griffier aantekening gehouden, welke aantekeningen worden geacht deel uit te maken van dit proces-verbaal.</para>
    <para>Betrokkene heeft beroep ingesteld en daartoe aangevoerd hetgeen in het beroepschrift - dat zich bij de stukken van het geding bevindt - is vermeld.</para>
    <para>Mevrouw P.B. Jansma heeft namens de officier van justitie ter zitting voorgesteld het beroep gegrond te verklaren</para>
    <para>1. De beoordeling</para>
    <para>Het beroep is ontvankelijk omdat het tijdig is ingesteld en er zekerheid is gesteld voor de betaling van de sanctie en de administratiekosten.</para>
    <para>Betrokkene voert aan dat hij geen helm droeg, omdat hij een tracheostoma (dat wil zeggen dat de luchtpijp eindigt door een stoma [mond/uiteinde in de hals]) heeft. Hij stelt inlichtingen te hebben ingewonnen bij het CBR en het RDW, over de mogelijkheid tot het verkrijgen van een ontheffing c.q. aantekening op het rijbewijs. Volgens betrokkene hebben de medewerkers van voormelde instanties hem toegezegd dat hij zonder helm mag rijden, wanneer hij een doktersverklaring bij zich draagt. Deze doktersverklaring heeft hij aan de verbalisant getoond ten tijde van de staandehouding, aldus betrokkene.</para>
    <para>De kantonrechter zal, alles afwegend, de officier van justitie volgen in haar voorstel en het beroep gegrond verklaren. De bestreden beslissing dient dan ook te worden vernietigd.</para>
    <para>De gestelde zekerheid dient aan betrokkene te worden terugbetaald als hierna bepaald.</para>
    <para>De kantonrechter begrijpt niet dat de officier van justitie - gelet op de door betrokkene in zijn beroepschrift geschetste omstandigheden - niet reeds op het eerste beroepschrift heeft besloten om de beschikking de vernietigen dan wel de sanctie te matigen tot nihil. Dit zegt iets over de zorgvuldigheid die kennelijk in acht wordt genomen bij de afhandeling van beroepen bij de officier van justitie. De kantonrechter heeft dit reeds in eerdere uitspraken van zijn kant gesignaleerd.</para>
    <para>Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat thans voor betrokkene niet duidelijk is, bij welke instantie hij een ontheffing dient aan te vragen voor het dragen van een helm. De kantonrechter is van oordeel dat een dergelijke ontheffing in het onderhavige geval geïndiceerd is en dat betrokkene niet de dupe mag worden van de thans bestaande onduidelijkheid omtrent de instantie die een dergelijke ontheffing mag verlenen. Betrokkene wordt geadviseerd om ter zake (wederom) contact op te nemen met het CBR.</para>
    <para>2. De beslissing</para>
    <para>De kantonrechter:</para>
    <para>- verklaart het beroep gegrond;</para>
    <para>- vernietigt de bestreden beslissing van de officier van justitie;</para>
    <para>- draagt de officier van justitie op het bedrag van de zekerheidstelling ter hoogte van € 66,00 (inclusief administratiekosten) aan betrokkene terug te betalen.</para>
    <para>Waarvan proces-verbaal,</para>
    <para>De griffier, De kantonrechter,</para>
    <para>Bent u het met de beslissing op uw beroep niet eens, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof te Leeuwarden, doch alleen indien:</para>
    <para>a. de bij deze beslissing opgelegde administratieve sanctie meer dan € 70,00 bedraagt, of</para>
    <para>b. het beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat de zekerheid niet (tijdig) is gesteld.</para>
    <para>Het beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Breda, sector kanton, locatie [jw.fun.concipiënt.1.organisatie], ([jw.fun.concipiënt.1.postbus] [jw.fun.concipiënt.1.pc_postbus] [jw.fun.concipiënt.1.plts_postbus]) en dient door degene die bij de sector kanton beroep heeft ingesteld of door zijn gemachtigde te zijn ondertekend.</para>
    <para>U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.</para>
    <para>De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij in het beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting wordt gevraagd waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten.</para>
    <para>Datum toezending beslissing:</para>
    <para />
  </parablock>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>