<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBBRE:2008:BG2036</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-10-02T13:25:18</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">ECLI:NL:RBBRE:2008:3401</dcterms:replaces>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BG2036</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Breda" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Breda</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2008-09-24</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AWB 08/1200</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_belastingrecht">Bestuursrecht; Belastingrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBBRE:2008:BG2036">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBBRE:2008:BG2036</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T03:41:16</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2008-10-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBBRE:2008:BG2036 Rechtbank Breda , 24-09-2008 / AWB 08/1200</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBBRE:2008:BG2036:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De inspecteur draagt de bewijslast van feiten die bepalend zijn voor het aanvangstijdstip van de bezwaartermijn. Belanghebbende betwist gemotiveerd dat de naheffingsaanslag en boetebeschikking zijn verzonden en stelt dat deze niet eerder dan op 12 september 2007 bekend zijn gemaakt. De bewijslast dat zulks wel het geval is geweest, rust derhalve op de inspecteur. De inspecteur voldoet niet aan de op hem rustende bewijslast. </para>
      <para />
      <para> </para>
      <para />
      <para>Uit de stukken van het geding volgt dan dat de bezwaartermijn niet eerder is aangevangen dan op 12 september 2007, zijnde de dag dat belanghebbende ermee </para>
      <para />
      <para>bekend is geworden dat aan hem een naheffingsaanslag en boete zijn opgelegd. Belanghebbende heeft op 23 oktober 2007 bezwaar gemaakt tegen de </para>
      <para />
      <para>naheffingsaanslag. Op grond van artikel 24a AWR wordt dit bezwaar geacht mede te zijn gericht tegen de boete. Uit het voorgaande en het bepaalde in artikel </para>
      <para />
      <para>6:7 en 6:8 van de Awb volgt dat het bezwaar van belanghebbende tijdig is. Het bezwaar van belanghebbende is ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard.</para>
      <para />
      <para>Volgt terugverwijzing.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBBRE:2008:BG2036:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>RECHTBANK BREDA</para>
      <para>Sector bestuursrecht, enkelvoudige belastingkamer</para>
      <para>Procedurenummer: AWB 08/1200</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Uitspraakdatum: 24 september 2008</para>
    <para />
    <para>Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak als bedoeld in afdeling 8.2.6 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) juncto artikel 27d van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR) in het geding tussen</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[belanghebbende], wonende te [woonplaats],</para>
      <para>eiser,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>en</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>de inspecteur van de Belastingdienst,</para>
      <para>verweerder.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>Eiser en verweerder worden hierna aangeduid als respectievelijk belanghebbende en inspecteur.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De bestreden uitspraken op bezwaar </para>
      <para>De uitspraken van de inspecteur van 1 februari 2008 op het bezwaar van belanghebbende tegen de aan hem voor het tijdvak 1 januari 2001 tot en met 31 december 2003 opgelegde naheffingsaanslag omzetbelasting naar een bedrag aan omzetbelasting van € 177.286 en de gelijktijdig bij beschikking vastgestelde vergrijpboete van € 88.643.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zitting </para>
      <para>Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 10 september 2008 te [woonplaats]. </para>
      <para>Aldaar zijn verschenen en gehoord, belanghebbendes gemachtigde, alsmede de inspecteur.</para>
    </parablock>
    <para> </para>
    <para />
    <para>1.	Beslissing</para>
    <para />
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>-	verklaart het beroep gegrond;</para>
      <para>-	vernietigt de bestreden uitspraken;</para>
      <para>-	draagt de inspecteur op om met in achtneming van deze beslissing opnieuw uitspraak op het bezwaar te doen;</para>
      <para>-	veroordeelt de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende ten bedrage van </para>
      <para>€ 644 en wijst de Staat aan als de rechtspersoon die dit bedrag aan belanghebbende moet vergoeden;</para>
      <para>-	gelast dat de Staat het door belanghebbende betaalde griffierecht van € 39 aan hem vergoedt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>2.	Gronden</para>
    <para />
    <para>2.1.	De inspecteur draagt de bewijslast van feiten die bepalend zijn voor het aanvangstijdstip van de bezwaartermijn. Belanghebbende betwist gemotiveerd dat de naheffingsaanslag en boetebeschikking zijn verzonden en stelt dat deze niet eerder dan op 12 september 2007 bekend zijn gemaakt. De bewijslast dat zulks wel het geval is geweest, rust derhalve op de inspecteur.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.2.	Met hetgeen de inspecteur heeft aangevoerd en bijgebracht maakt hij niet </para>
      <para>aannemelijk dat de naheffingsaanslag en boetebeschikking zijn verzonden op de door hem  gestelde datum van 26 september 2006. Er is geen bewijs van verzending van de naheffingsaanslag en boetebeschikking. De inspecteur voldoet niet aan de op hem rustende bewijslast. Uit de stukken van het geding volgt dan dat de bezwaartermijn niet eerder is aangevangen dan op 12 september 2007, zijnde de dag dat belanghebbende ermee bekend is geworden dat aan hem een naheffingsaanslag en boete zijn opgelegd. Belanghebbende heeft op 23 oktober 2007 bezwaar gemaakt tegen de naheffingsaanslag. Op grond van artikel 24a AWR wordt dit bezwaar geacht mede te zijn gericht tegen de boete. Uit het voorgaande en het bepaalde in artikel 6:7 en 6:8 van de Awb volgt dat het bezwaar van belanghebbende tijdig is. Het bezwaar van belanghebbende is ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. De bestreden uitspraken dienen te worden vernietigd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.3.	In zijn arrest van 9 juni 2006, nr. 41 130, onder meer gepubliceerd in BNB </para>
      <para>2006/290 heeft de Hoge Raad overwogen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>“Indien de inspecteur de niet-ontvankelijkheid van een bezwaar heeft uitgesproken en de belastingrechter die uitspraak vernietigt, dient de rechter in de regel met toepassing van artikel 8:72, lid 4, Awb de inspecteur op te dragen opnieuw op het bezwaar te beslissen. Van die regel kan worden afgeweken indien daartoe goede grond bestaat, bijvoorbeeld indien partijen aandringen op een inhoudelijke beoordeling van het geschil door de rechter, of indien duidelijk is dat de belanghebbende niet wordt benadeeld doordat de rechter zelf in de zaak voorziet.”</para>
    <para />
    <para>2.4.	De rechtbank ziet in het onderhavige geval geen aanleiding om af te wijken van de in het voornoemde arrest geformuleerde regel. Partijen hebben niet aangedrongen op een inhoudelijke behandeling van de zaak en het is ook niet op voorhand duidelijk dat belanghebbende niet wordt benadeeld indien de rechter zelf in de zaak voorziet.</para>
    <para />
    <para>2.5.	Gelet op het vorenoverwogene is beslist als voormeld.</para>
    <para />
    <para>2.6.	De rechtbank vindt aanleiding de inspecteur te veroordelen in de kosten die belanghebbende in verband met de behandeling van het beroep redelijkerwijs heeft moeten maken. Deze kosten zijn op de voet van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vastgesteld op € 644 (1 punt voor het indienen van het beroepschrift, 1 punt voor het verschijnen ter zitting met een waarde per punt van € 322 en een wegingsfactor 1).</para>
    <para />
    <para>De rechtbank acht geen termen aanwezig voor vergoeding van kosten van de bezwaarfase,  nu niet aannemelijk is geworden dat belanghebbende om vergoeding van deze kosten heeft verzocht voordat, zoals is vereist op grond van artikel 7:15, derde lid, van de Awb, uitspraak op bezwaar is gedaan.</para>
    <para />
    <para />
    <para>Deze uitspraak is gedaan op 24 september 2008 door mr. W. Brouwer, rechter, en op dezelfde dag in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van drs. J.M.C. Hendriks, griffier.</para>
    <para />
    <para>Afschrift aangetekend verzonden aan partijen op: </para>
    <para />
    <para>Rechtsmiddel</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na de verzenddatum hoger beroep instellen bij het gerechtshof te ‘s-Hertogenbosch (belastingkamer), Postbus 70583, </para>
      <para>5201 CZ ’s-Hertogenbosch.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij het instellen van hoger beroep dient het volgende in acht te worden genomen:</para>
      <para>1 - bij het beroepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak overgelegd.</para>
      <para>2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:</para>
      <para> 	a. de naam en het adres van de indiener;</para>
      <para>	b. een dagtekening;</para>
      <para> 	c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het hoger beroep is ingesteld;</para>
      <para> 	d. de gronden van het hoger beroep.</para>
    </parablock>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>