<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2026:3054</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-04-13T12:23:15</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-03-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2026-03-12</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11985640 \ CV EXPL 25-16531</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#mondelingeUitspraak">Mondelinge uitspraak</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#proceskostenveroordeling">Proceskostenveroordeling</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#procesverbaal">Proces-verbaal</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#schadevergoedingsuitspraak">Schadevergoedingsuitspraak</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#opTegenspraak">Op tegenspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>PS-Updates.nl 2026-0168</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2026:3054">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2026:3054</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-04-03T09:32:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-04-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2026:3054 Rechtbank Amsterdam , 12-03-2026 / 11985640 \ CV EXPL 25-16531</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2026:3054:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Regresvordering verzekeraar op gedaagde in verband met fietsongeluk tussen gedaagde en verzekerde. Vordering wordt afgewezen omdat niet in gebleken dag gedaagde bij zijn inhaalmanoeuvre onzorgvuldig heeft gehandeld.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2026:3054:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <emphasis role="bold caps">RECHTBANK </emphasis>
      <emphasis role="bold">AMSTERDAM</emphasis>
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel recht</para>
      <para>Kantonrechter </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 11985640 \ CV EXPL 25-16531</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Proces-verbaal van mondelinge uitspraak van 12 maart 2026</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">ONDERLINGE WAARBORGMAATSCHAPPIJ ZORGVERZEKERAAR ZORG EN ZEKERHEID U.A.</emphasis>, </para>
      <para>gevestigd te Leiden,</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>gemachtigde: mr. B. Boos,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>, </para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>gemachtigde: mr. T.R.S. Franssen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen worden hierna de verzekeraar en [gedaagde] genoemd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De zitting wordt gehouden in het gebouw van de rechtbank in Amsterdam. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De zaak wordt behandeld door mr. S.A.M. Groot, kantonrechter, bijgestaan door mr. Z.A. Mees als griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aanwezig zijn:</para>
    </parablock>
    <para>- mr. Boos,</para>
    <para>- [gedaagde] ,</para>
    <para>- mr. Franssen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De volgende stukken zijn op de zitting aan het procesdossier toegevoegd:</para>
    </parablock>
    <para>- het bericht van 19 januari 2026 met aanvullende producties van de verzekeraar,</para>
    <para>- de antwoordakte van [gedaagde] .  <?linebreak?></para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen hebben op de zitting hun standpunten toegelicht en vragen van de kantonrechter beantwoord. Vervolgens is de mondelinge behandeling gesloten en heeft de kantonrechter op de zitting in aanwezigheid van partijen mondeling uitspraak gedaan. Daarvan is op grond van artikel 29a Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering dit proces-verbaal opgemaakt.<?linebreak?></para>
      <para>De kantonrechter heeft de volgende uitspraak gedaan.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>1</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>De kantonrechter zal de vordering van de verzekeraar afwijzen en licht dit oordeel als volgt toe.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De verzekeraar stelt zich op het standpunt dat [gedaagde] een onrechtmatige daad heeft gepleegd door in strijd te handelen met een zorgvuldigheidsnorm bij het uitvoeren van een bijzondere manoeuvre, namelijk het inhalen van de verzekerde. [gedaagde] heeft zich er niet voldoende van vergewist dat hij veilig kon inhalen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft betwist dat het zo is gegaan. Hij stelt dat de verzekerde hinder veroorzaakte door vrij langzaam en in het midden van het relatief smalle fietspad te fietsen. Hij stelt dat de verzekerde naar de rechterkant van het fietspad ging, toen de fietser die voor [gedaagde] reed de verzekerde wilde inhalen en dat [gedaagde] er vervolgens achteraan fietste om hem ook in te halen. Toen hij naast de verzekerde fietste ging de verzekerde plotseling weer naar het midden. Doordat [gedaagde] niet ver genoeg kon uitwijken naar links, vanwege een geparkeerde fiets, zijn ze tegen elkaar aangekomen en ten val gekomen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4.</nr>
      <para>De bewijslast dat het ongeval door [gedaagde] is veroorzaakt door een overtreding van de wettelijke verkeersregels en/of een zorgvuldigheidsnorm ligt bij de verzekeraar, aangezien zij zich op de rechtsgevolgen daarvan beroept. De verzekeraar is daar niet in geslaagd, zoals blijkt uit het volgende.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.5.</nr>
      <para>Op grond van de Wegenverkeerswet en het Reglement verkeersregels en verkeerstekens dienen verkeersdeelnemers zich zodanig te gedragen dat zij geen hinder veroorzaken in het verkeer. Fietsers dienen zoveel mogelijk rechts te houden en halen elkaar in aan de linkerzijde. Dat de verzekerde langzaam en in het midden van het fietspad fietste en andere fietsers ophield, wordt bevestigd door de verklaring van de getuige. Dit wordt ook bevestigd in het proces-verbaal waarin het ongeval als volgt is omschreven:  “Fietser 1 [de verzekerde] bevond zich op het midden van het fietspad. Fietser 2 [de getuige] haalde Fietser 1 in. Fietser 3 [ [gedaagde] ] haalde ook Fietser 1 in”. Hieruit blijkt dat de verzekerde niet zoveel mogelijk rechts hield en zich daarmee niet aan de verkeersregels hield. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.6.</nr>
      <para>Uit de verklaring van de getuige volgt dat de getuige de verzekerde kon inhalen op het moment dat de verzekerde (nadat de getuige daartoe had gebeld) naar rechts was gegaan. Dat [gedaagde] hem daarna wilde inhalen en de verzekerde op dat moment weer naar het midden ging waardoor ze elkaar aantikten en ten val kwamen sluit aan bij die verklaring. De verzekeraar heeft in het licht van de betwisting door [gedaagde] onvoldoende onderbouwd dat [gedaagde] op enig moment tijdens het inhalen onzorgvuldig is geweest of een verkeerde inschatting heeft gemaakt. Gezien het gedrag van de verzekerde op het fietspad is het aannemelijk dat ze tegen elkaar zijn aangebotst en ten val zijn gekomen door het naar links bewegen van de verzekerde.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.7.</nr>
      <para>De kantonrechter komt tot de conclusie dat niet is komen vast te staan dat [gedaagde] onrechtmatig heeft gehandeld. [gedaagde] is dus ook niet aansprakelijk voor de schade die verzekerde heeft geleden. Dit betekent dat de vordering van de verzekeraar zal worden afgewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.8.</nr>
      <para>Als de in het ongelijk gestelde partij moet de verzekeraar de proceskosten van [gedaagde] betalen. Deze worden vastgesteld op: € 1.154,- aan advocaatkosten (2 punten x € 577,-) en € 144,- aan nakosten. In totaal € 1.298,-.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>2</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>wijst de vordering van de verzekeraar af,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>veroordeelt de verzekeraar in de proceskosten van [gedaagde] van € 1.298,-, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als de verzekeraar niet tijdig aan de veroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>verklaart de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Deze mondelinge uitspraak is gewezen door mr. S.A.M. Groot en in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Hiervan is dit proces-verbaal opgemaakt.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>