<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2026:2121</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-03-04T10:24:52</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-03-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2026-02-26</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">13-304797-25</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2026:2121">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2026:2121</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-03-02T15:58:31</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-03-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2026:2121 Rechtbank Amsterdam , 26-02-2026 / 13-304797-25</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2026:2121:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Op 11 november 2025 wordt in de slaapkamer en kelderbox van verdachte een vuurwapen, munitie en grote hoeveelheid harddrugs aangetroffen. Een deel van de harddrugs is alleen indicatief getest. Voldoende bewijs voor wetenschap ten aanzien van de drugs in de kelderbox. Verdachte is zonder tolk door de R-C gehoord, maar er is geen sprake van een vormverzuim.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2026:2121:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="24fa291d-bfb5-467f-bfbd-f016b3867163" depth="16" width="551" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK AMSTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Afdeling Publiekrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 13/304797-25</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum uitspraak: 26 februari 2026</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedag] 1988 in [geboorteplaats] ,</para>
      <para>wonende op het adres [adres 1] , </para>
      <para>thans gedetineerd in [Penitentiaire Inrichting] .</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek ter terechtzitting</title>
    <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 12 februari 2026.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie, mr. A.C. Bennis, en van wat verdachte en zijn raadsman, mr. A. Aïssal, naar voren hebben gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Beschuldiging</title>
    <para>Aan verdachte is – kort gezegd – ten laste gelegd dat hij zich op 11 november 2025 in Amsterdam heeft schuldig gemaakt aan </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>1. het opzettelijk aanwezig hebben van hoeveelheden MDMA, metamfetamine, heroïne en cocaïne;</para>
      <para>2. het voorhanden hebben van een vuurwapen (pistool) en munitie van categorie III.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De volledige tenlastelegging is opgenomen in bijlage I die aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Waardering van het bewijs</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft gerekwireerd tot partiële vrijspraak van het onder 1 tenlastegelegde opzettelijk aanwezig hebben van cocaïne omdat er geen cocaïne is aangetroffen. Ten aanzien van het overige onder 1 en 2 tenlastegelegde stelt de officier van justitie zich op het standpunt dat deze feiten bewezen verklaard kunnen worden. </para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat sprake is van een onherstelbaar vormverzuim in de zin van artikel 359a van het Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv) omdat verdachte door de rechter-commissaris – voorafgaand aan de doorzoeking van de woning – zonder een tolk Turks is gehoord. Verdachte beheerst de Nederlandse taal onvoldoende om te begrijpen wat de cautie inhoudt en wat er aan hem werd gevraagd. Dit vormverzuim moet leiden tot strafvermindering. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De raadsman heeft zich verder op het standpunt gesteld dat verdachte partieel moet worden vrijgesproken voor de verdovende middelen die zijn aangetroffen in de kelderbox omdat het dossier onvoldoende bewijs bevat dat verdachte hierover beschikkingsmacht had. Daarnaast stelt de raadsman zich op het standpunt dat zijn client ook partieel vrijgesproken dient te worden van de in de woning aangetroffen blokken. Deze blokken zijn niet door het NFI getest waardoor niet kan worden vastgesteld dat deze heroïne bevatten. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De verdediging refereert zich ten aanzien van feit 2 aan het oordeel van de rechtbank. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank is van oordeel dat op grond van de bewijsmiddelen zoals opgenomen in bijlage II bij dit vonnis, wettig en overtuigend kan worden bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de ten laste gelegde feiten, met uitzondering van het in feit 1 ten laste gelegde aanwezig hebben van cocaïne. De rechtbank overweegt daartoe in het bijzonder het volgende.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op 11 november 2025 is in een slaapkamer in de woning op het adres [adres 2] in een kast een vuurwapen en munitie aangetroffen. Onder het bed is een hoeveelheid van een materiaal bevattende heroïne (blokken en schijven) aangetroffen. In de bij de woning horende kelderbox is een hoeveelheid van een materiaal bevattende heroïne (blokken), MDMA (poeder) en metamfetamine (kristallen) aangetroffen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>3.3.1.</nr>
        <para>
          <emphasis role="italic">Vormverzuim</emphasis>
        </para>
        <para />
        <parablock>
          <para>Ten aanzien van de door de rechter-commissaris zonder tolk Turks aan de verdachte gestelde vragen merkt de rechtbank op dat uit de processen-verbaal met betrekking tot de doorzoeking volgt dat verdachte de Nederlandse taal voldoende beheerste om de vragen van de rechter-commissaris te begrijpen. Verdachte heeft immers op de vragen van de rechter-commissaris specifieke mededelingen gedaan over de daadwerkelijke vindplaats van het wapen, de munitie en de hoeveelheid verdovende middelen dat het niet anders kan dan dat de verdachte de vragen begrepen heeft. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Op grond van het voorgaande stelt de rechtbank vast dat geen sprake is van een vormverzuim in de zin van artikel 359a Sv. </para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>3.3.2.</nr>
        <para>
          <emphasis role="italic">Verdovende middelen in de woning</emphasis>
        </para>
        <para />
        <parablock>
          <para>De rechtbank stelt vast dat een deel van de blokken die in de woning zijn aangetroffen enkel indicatief zijn getest. Deze indicatieve testen gaven een positief resultaat voor heroïne. In beginsel is een enkele positieve indicatieve test, in de regel, onvoldoende om tot een bewezenverklaring voor het aanwezig hebben van (hard)drugs te komen. Uit de processen-verbaal volgt echter dat de indicatief geteste blokken dezelfde verschijningsvorm hebben als de blokken die wel zijn getest door het NFI. Uit de rapporten van het NFI volgt dat deze bemonsterde blokken heroïne bevatten. Vanwege de overeenkomstige verschijningsvorm van de blokken is de rechtbank van oordeel dat ervan kan worden uitgegaan dat de enkel indicatief positief geteste blokken ook daadwerkelijk heroïne bevatten. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De rechtbank is van oordeel dat verdachte deze verdovende middelen opzettelijk aanwezig heeft gehad. Verdachte heeft namelijk aan politieagenten, die betrokken waren bij de doorzoeking, verteld waar zij de verdovende middelen konden vinden en de ex-partner van verdachte heeft verklaard dat de slaapkamer, waar de verdovende middelen zijn aangetroffen gewoonlijk door verdachte werd gebruikt. De verklaring van verdachte, ter terechtzitting,  dat hij een maand lang zijn woning heeft verhuurd aan anderen acht de rechtbank niet geloofwaardig, omdat verdachte hiervan geen enkele concrete onderbouwing heeft gegeven en hierover verschillend heeft verklaard. Bovendien is die verklaring ook niet in overeenstemming met de verklaring van de ex-partner van verdachte. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Gelet op het voorgaande kan het niet anders dan dat verdachte wetenschap heeft gehad van de aanwezigheid van de heroïne in zijn woning en dat hij ook beschikkingsmacht over deze verdovende middelen heeft gehad.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Volgens vaste rechtspraak is het uitgangspunt dat een bewoner van een woning in beginsel geacht wordt bekend te zijn met alles wat zich in de woning bevindt en afspeelt. Deze aanname kan echter worden weerlegd als de verdachte een aannemelijke verklaring heeft voor het tegendeel. Daarvan is niet gebleken.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>3.3.3.</nr>
        <para>
          <emphasis role="italic">Verdovende middelen in de kelderbox</emphasis>
        </para>
        <para />
        <parablock>
          <para>Ten aanzien van de verdovende middelen die in de kelderbox zijn aangetroffen overweegt de rechtbank het volgende. Verdachte is de eigenaar van de kelderbox en hij had toegang tot deze kelderbox met onder andere de sleutel die door de ex-partner van verdachte aan de politie is overhandigd. De blokken heroïne die daar zijn aangetroffen hebben een overeenkomstige verschijningsvorm als de blokken heroïne die zijn aangetroffen in de woning. In dezelfde kelderbox is ook metamfetamine en MDMA aangetroffen. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat verdachte wetenschap heeft gehad van de aanwezigheid van de heroïne, MDMA en metamfetamine aangetroffen in de kelderbox en dat hij ook beschikkingsmacht over deze verdovende middelen heeft gehad. </para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>3.3.4.</nr>
        <para>
          <emphasis role="italic">Vuurwapen en munitie</emphasis>
        </para>
        <para />
        <parablock>
          <para>Het wapen is, op aanwijzing van verdachte, in de slaapkamer van verdachte aangetroffen en uit het wapenonderzoek blijkt dat het aangetroffen vuurwapen en de munitie verboden zijn.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De rechtbank acht bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het voorhanden hebben van een vuurwapen en munitie van categorie III.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para>De rechtbank acht bewezen dat verdachte</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 1: </emphasis>
      </para>
      <para>op 11 november 2025 te Amsterdam, opzettelijk aanwezig heeft gehad hoeveelheden van een materiaal bevattende MDMA en metamfetamine en heroïne, middelen als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 2: </emphasis>
      </para>
      <para>op 11 november 2025 te Amsterdam</para>
    </parablock>
    <para>- een vuurwapen van categorie III, te weten een pistool (merk Springfield, kaliber 9x19mm) en;</para>
    <para>- munitie van categorie III, te weten 14 en 5 patronen van kaliber 9x19mm en kaliber 9x17mm, voorhanden heeft gehad.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten staan, zijn deze verbeterd.</para>
      <para>Verdachte is hierdoor niet in de verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>Strafbaarheid van de feiten</title>
    <para>De bewezen geachte feiten zijn volgens de wet strafbaar. Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>Strafbaarheid van verdachte</title>
    <para>Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Motivering van de straffen en maatregelen</title>
    <paragroup>
      <nr>7.1.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Eis van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte ter zake van de door hem bewezen geachte feiten zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden waarvan 12 maanden voorwaardelijk met aftrek van de tijd die verdachte in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht en een proeftijd van 2 jaren met de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.2.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Strafmaatverweer van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De verdediging heeft de rechtbank verzocht rekening te houden met de persoonlijke omstandigheden van verdachte en de straf te matigen, door een groot deel van de straf voorwaardelijk op te leggen. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.3.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De hierna te noemen strafoplegging is in overeenstemming met de ernst van het bewezen geachte, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals ter terechtzitting is gebleken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft bij de keuze tot het opleggen van een vrijheidsbenemende straf en bij de vaststelling van de duur daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan ernstige overtredingen van de Opiumwet. Hij heeft in zijn slaapkamer en kelderbox opzettelijk ongeveer 26 kilogram harddrugs aanwezig gehad. Harddrugs zijn voor de gezondheid van de gebruikers daarvan zeer schadelijk. Het gebruik ervan is bezwarend en in toenemende mate ontwrichtend voor de samenleving. Daarnaast heeft verdachte een vuurwapen en munitie in zijn slaapkamer voorhanden gehad. Dergelijke wapens en munitie brengen een onaanvaardbaar risico voor de veiligheid van personen met zich. Vanwege de ernst van het strafbare handelen van de verdachte is dan ook alleen een onvoorwaardelijke gevangenisstraf een passende sanctie.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft bij het bepalen van de straf rekening gehouden met de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd. De rechtbank heeft hiervoor aansluiting gezocht bij de</para>
        <para>Landelijke Oriëntatiepunten voor Strafoplegging die de rechtbanken en hoven onderling hebben afgesproken. Het oriëntatiepunt voor het opzettelijk aanwezig hebben van harddrugs van meer dan 20 kilogram bij een first offender is een gevangenisstraf van meer dan 36 maanden. Het oriëntatiepunt voor een het voorhanden hebben van een pistool bij een first offender is een gevangenisstraf van 4 maanden.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verder heeft de rechtbank kennisgenomen van het rapport van Reclassering Nederland van</para>
        <para>3 februari 2026. Hieruit blijkt dat verdachte hulp nodig heeft op de praktische leefgebieden en dat er mogelijk sprake is van problemen op het gebied van psychosociaal functioneren. De reclassering heeft geadviseerd om bij een veroordeling een deels voorwaardelijke straf op te leggen met bijzondere voorwaarden. De rechtbank ziet in voornoemd reclasseringsadvies aanleiding om aan verdachte een deels voorwaardelijke straf op te leggen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Alles overwegende zal de rechtbank aan verdachte een gevangenisstraf opleggen voor de duur van 36 maanden met aftrek van voorarrest, waarvan 12 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren. Aan de proeftijd worden de bijzondere voorwaarden verbonden zoals door de reclassering is geadviseerd.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>Beslag</title>
    <para>Onder verdachte zijn de volgende goederen in beslag genomen:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>1 STK Verdovende Middelen (Omschrijving: PL1300-2025285011-G6735559, Roze poeder);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>2 STK Verdovende Middelen (Omschrijving: PL1300-2025285011-G6735557);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>5 STK Verdovende Middelen (Omschrijving: PL1300-2025285011-G6735518);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>2 STK Verdovende Middelen (Omschrijving: PL1300-2025285011-G6735506);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>2 STK Verdovende Middelen (Omschrijving: PL1300-2025285011-G6735504);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>8 STK Verdovende Middelen (Omschrijving: PL1300-2025285011-G6735488);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>11 STK Verdovende Middelen (Omschrijving: PL1300-2025285011-G6735475);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>10 STK Verdovende Middelen (Omschrijving: PL1300-2025285011-G6735469);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>1 STK Verdovende Middelen (Omschrijving: PL1300-2025285011-G6735473);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>5 STK Patroon (Omschrijving: PL1300-2025283898-G6735008);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>1 DV Patroon (Omschrijving: PL1300-2025283898-G6735009);</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>1 STK Pistool (Omschrijving: PL1300-2025283898-G6735003).</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Onttrekking aan het verkeer</emphasis>
      </para>
      <para>De inbeslaggenomen goederen dienen onttrokken te worden aan het verkeer en zijn daarvoor vatbaar, aangezien met betrekking tot deze voorwerpen het bewezen geachte is begaan en deze voorwerpen van zodanige aard zijn dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>Toepasselijke wettelijke voorschriften</title>
    <parablock>
      <para>De op te leggen straf is gegrond op artikels:</para>
      <para>14a, 14b, 14c, 36b, 36c, 55, 57 van het Wetboek van Strafrecht;</para>
      <para>2, 10 Opiumwet;</para>
      <para>26, 55 Wet wapens en munitie.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>10</nr>Beslissing</title>
    <para>De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 4 is vermeld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezen verklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 1:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 2:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">eendaadse samenloop van:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III</emphasis>
      </para>
      <para>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="bold">en</emphasis>
      </para>
      <para>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="bold">handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart het bewezene strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart verdachte, <emphasis role="bold">[verdachte]</emphasis>, daarvoor strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van <emphasis role="bold">36 (zesendertig) maanden.</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beveelt dat de tijd die door veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering (en in voorlopige hechtenis) is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van die straf in mindering gebracht zal worden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bepaalt dat een gedeelte, groot <emphasis role="bold">12 (twaalf) maanden</emphasis>, van deze gevangenisstraf niet tenuitvoergelegd zal worden, tenzij later anders wordt bevolen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Stelt daarbij een proeftijd van <emphasis role="bold">2 (twee) jaren</emphasis> vast.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De tenuitvoerlegging kan worden bevolen als de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd schuldig maakt aan een strafbaar feit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De tenuitvoerlegging kan ook worden bevolen als de veroordeelde gedurende de proeftijd niet aan de hierna vermelde bijzondere voorwaarden voldoet.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Stelt als bijzondere voorwaarden dat:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>veroordeelde zich meldt bij Reclassering Nederland op het adres [adres 3]. Veroordeelde blijft zich melden op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt. De reclassering zal contact met veroordeelde opnemen voor de eerste afspraak;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeelde zich laat behandelen door Family Supporters of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering, zolang de reclassering de behandeling nodig vindt. De zorgverlener bepaalt de wijze van behandeling;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeelde meewerkt aan het verkrijgen en behouden van een woonplek bij Exodus of een soortgelijke instelling voor begeleid wonen of maatschappelijke opvang, te bepalen door de reclassering. Het verblijf start zo snel als mogelijk;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeelde houdt zich aan de huisregels en het dagprogramma dat de instelling in overleg met de reclassering opstelt;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeelde zich inspant voor het vinden en behouden van betaald werk, met een vaste structuur;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeelde meewerkt aan het aflossen van zijn schulden en het treffen van afbetalingsregelingen, ook als dit inhoudt meewerken aan schuldhulpverlening in het kader van de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen. Veroordeelde geeft de reclassering inzicht in zijn financiën en schulden.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Geeft aan de reclassering de opdracht als bedoeld in artikel 14e, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voorwaarden daarbij zijn dat de veroordeelde gedurende de proeftijd</para>
    </parablock>
    <para>- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;</para>
    <para>- medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14e, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht, daaronder begrepen de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zo lang als de reclassering dit noodzakelijk acht.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart onttrokken aan het verkeer:</para>
    </parablock>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>1 STK Verdovende Middelen (Omschrijving: PL1300-2025285011-G6735559, Roze poeder);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>2 STK Verdovende Middelen (Omschrijving: PL1300-2025285011-G6735557);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>5 STK Verdovende Middelen (Omschrijving: PL1300-2025285011-G6735518);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>2 STK Verdovende Middelen (Omschrijving: PL1300-2025285011-G6735506);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>2 STK Verdovende Middelen (Omschrijving: PL1300-2025285011-G6735504);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>8 STK Verdovende Middelen (Omschrijving: PL1300-2025285011-G6735488);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>11 STK Verdovende Middelen (Omschrijving: PL1300-2025285011-G6735475);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>10 STK Verdovende Middelen (Omschrijving: PL1300-2025285011-G6735469);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>1 STK Verdovende Middelen (Omschrijving: PL1300-2025285011-G6735473);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>5 STK Patroon (Omschrijving: PL1300-2025283898-G6735008);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>1 DV Patroon (Omschrijving: PL1300-2025283898-G6735009);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>1 STK Pistool (Omschrijving: PL1300-2025283898-G6735003). </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door</para>
      <para>mr. A.M. Timorason, 							voorzitter,</para>
      <para>mrs. R. Van de Water en P. Sloot, 						rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. T. Brouwer, 					griffier,</para>
      <para>en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 26 februari 2026.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [...]
        </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <?linebreak?>
        [...]
        <?linebreak?>
        [...]
        <?linebreak?>
        [...]
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>