<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2025:8121</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-02-04T10:02:00</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-10-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-09-24</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11730427 \ CV EXPL  25-7879</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#mondelingeUitspraak">Mondelinge uitspraak</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#proceskostenveroordeling">Proceskostenveroordeling</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#procesverbaal">Proces-verbaal</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#opTegenspraak">Op tegenspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>NJFCZ 2026/50</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2025:8121">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2025:8121</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-12-11T11:16:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-12-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2025:8121 Rechtbank Amsterdam , 24-09-2025 / 11730427 \ CV EXPL  25-7879</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2025:8121:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Mondeling vonnis. Eiser heeft het dak van de uitbouw van de woning van gedaagde gerenoveerd. Eiser vordert in deze procedure dat gedaagde hem daarvoor betaalt. Volgens gedaagde zijn de werkzaamheden niet goed uitgevoerd. Zij vordert daarom (voorwaardelijk) een schadevergoeding. Uit het expertiserapport volgt dat het dak niet goed is aangebracht waardoor lekkage is ontstaan. Gedaagde hoeft de factuur daarom niet te betalen. Omdat eiser gedaagde op agressieve wijze heeft benaderd nadat zij haar ontevredenheid had geuit over de werkzaamheden, was een ingebrekestelling niet vereist. De vordering wordt afgewezen. De kantonrechter komt daarom niet toe aan de voorwaardelijke tegenvordering.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2025:8121:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <emphasis role="bold caps">RECHTBANK </emphasis>
      <emphasis role="bold">AMSTERDAM</emphasis>
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel recht</para>
      <para>Kantonrechter </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 11730427 \ CV EXPL  25-7879</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van 24 september 2025</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser] (handelend onder de naam [handelsnaam] )</emphasis>, </para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [eiser] ,</para>
      <para>gemachtigde: mr. M. Leung,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>, </para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [gedaagde] ,</para>
      <para>gemachtigde: mr. N.P. Scholte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij dagvaarding van 24 april 2025, met producties, heeft [eiser] een vordering tegen [gedaagde] ingesteld. [gedaagde] heeft op 5 juni 2025 een conclusie van antwoord teven conclusie van eis in voorwaardelijke reconventie, met producties, genomen. Op 24 september 2025 heeft [eiser] een conclusie van antwoord in voorwaardelijke reconventie ingediend. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 24 september 2025 heeft de mondelinge behandeling plaatsgevonden. De zaak is behandeld door mr. T.M.A. van Löben Sels, kantonrechter, en mr. M.E. Zwart da Silva Palma als griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [eiser] is verschenen, namens zijn gemachtigde bijgestaan door mr. R. Warning. [gedaagde] is verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen hebben op de zitting hun standpunten toegelicht en vragen van de kantonrechter beantwoord. Vervolgens heeft de kantonrechter na een korte schorsing de behandeling van de zaak gesloten en op de zitting in aanwezigheid van partijen mondeling uitspraak gedaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>1</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>
        [eiser] heeft in september/oktober 2024, in opdracht van [gedaagde] , het dak van de uitbouw van de woning aan de [adres] gerenoveerd. [gedaagde] heeft de factuur voor de dakrenovatie onbetaald gelaten. [eiser] vordert daarom in deze procedure betaling van € 3.630,-, vermeerderd met incassokosten en rente, en de kosten van deze procedure. [gedaagde] voert verweer en stelt dat de werkzaamheden niet goed zijn uitgevoerd. Zij vordert in reconventie voorwaardelijk – indien in conventie wordt beslist dat [eiser] een vordering heeft op [gedaagde] – een schadevergoeding van € 6.690,50, vermeerderd met rente, en vergoeding van de proceskosten. De kantonrechter wijst de vorderingen van [eiser] af en komt daarom niet toe aan de vorderingen in (voorwaardelijke) reconventie. Die beslissingen worden hierna toegelicht </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ambtshalve toetsing</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Omdat de overeenkomst door een professionele partij is gesloten met een consument, moet de kantonrechter ambtshalve toetsen aan het Europese en Nederlandse consumentenrecht, met name aan Richtlijn 93/13 EG (de Richtlijn oneerlijke bedingen). Naar het oordeel van de kantonrechter zijn er geen afspraken gemaakt die niet eerlijk zijn ten opzichte van de consument. De offerte en factuur bevatten geen oneerlijke bedingen en er is niet gesteld of gebleken dat er algemene voorwaarden van toepassing zijn. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Tekortkoming in de nakoming</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>Uit de door [eiser] overgelegde offerte en factuur blijkt dat de renovatiewerkzaamheden aan het platte dak onder meer bestonden uit het verwijderen van het houten onderdak en het plaatsen van nieuwe houten panelen, bitumen, trimmen en lood. Tussen partijen is niet in geschil dat [eiser] de werkzaamheden zoals vermeld op de offerte en factuur heeft uitgevoerd. De stelling van [eiser] dat hij alleen werkzaamheden aan de zijkant van het dak heeft verricht is daarmee niet verenigbaar, zodat daaraan voorbij wordt gegaan.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4.</nr>
      <para>In oktober 2024 heeft GE Vastgoed de staat van het dak beoordeeld en haar bevindingen vastgelegd in een expertiserapport. Uit het rapport volgt dat de lekkages zijn ontstaan door het ondeugdelijk aanbrengen van nieuwe dakbedekking en loodwerk op de uitbouw. Het rapport ziet naar het oordeel van de kantonrechter op de werkzaamheden die [eiser] heeft verricht en maakt duidelijk dat deze niet goed zijn uitgevoerd en het dak hersteld moet worden. Dat het rapport betrekking heeft op een ander dak acht de kantonrechter niet aannemelijk en blijkt nergens uit. [eiser] is dan ook tekortgeschoten in de uitvoering van de overeenkomst en heeft daarom geen recht op betaling van de factuur. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ingebrekestelling</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.5.</nr>
      <para>Dat [gedaagde] [eiser] niet schriftelijk in gebreke heeft gesteld doet daar niet aan af. [eiser] heeft [gedaagde] immers, nadat [gedaagde] haar ontevredenheid over de werkzaamheden kenbaar had gemaakt, op agressieve wijze benaderd en met een klauwhamer haar voordeurruit vernield. Gelet op de gepleegde vernieling, waarvoor [eiser] strafrechtelijk is veroordeeld, kon van [gedaagde] in redelijkheid niet worden gevergd dat zij [eiser] nogmaals de gelegenheid zou bieden om de werkzaamheden alsnog deugdelijk uit te voeren. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.6.</nr>
      <para>De vorderingen in conventie worden afgewezen. Aan de voorwaardelijke vorderingen in reconventie wordt daarom niet toegekomen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Proceskosten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.7.</nr>
      <para>
        [eiser] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op € 543,50, bestaande uit het salaris van de gemachtigde (2x € 238,-) en de nakosten (€ 67,50).</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>2</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>wijst de vorderingen van [eiser] af,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>veroordeelt [eiser] in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde] begroot op 543,50, eventueel te vermeerderen met de kosten van betekening, te betalen binnen 14 dagen na betekening van dit vonnis, </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis voor wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Deze mondelinge uitspraak is gewezen door mr. T.M.A. van Löben Sels, kantonrechter, bij diens afwezigheid ondertekend door mr. M.W. van der Veen, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier op 24 september 2025.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit proces-verbaal is opgemaakt door de kantonrechter.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>