<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2025:6870</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-10-28T18:02:48</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-09-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-09-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11479613 \ CV EXPL 25-305 en 11698552 \ CV EXPL 25-7090</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#mondelingeUitspraak">Mondelinge uitspraak</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#procesverbaal">Proces-verbaal</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>Notamail 2025/240</rdf:li>
          <rdf:li>Sdu Nieuws Ondernemingsrechtpraktijk 2025/320</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2025:6870">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2025:6870</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-10-15T16:03:25</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-10-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2025:6870 Rechtbank Amsterdam , 04-09-2025 / 11479613 \ CV EXPL 25-305 en 11698552 \ CV EXPL 25-7090</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2025:6870:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Voormalig bestuurder wordt na aftreden aangesproken door schuldeiser vennootschap, omdat hij zich in verleden hoofdelijk heeft verbonden voor deze schuld. Vordering wordt toegewezen. Verweer gedaagde dat hij bij aftreden met vennootschap finale kwijting heeft afgesproken, slaagt niet. Vordering voormalig bestuurder tegen vennootschap wordt bij gebrek aan verweer toegewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2025:6870:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <emphasis role="bold caps">RECHTBANK </emphasis>
      <emphasis role="bold">AMSTERDAM</emphasis>
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel recht</para>
      <para>Kantonrechter </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummers: 11479613 \ CV EXPL 25-305 en 11698552 \ CV EXPL 25-7090 </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van 4 september 2025</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak 11479613 \ CV EXPL 25-305:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">HEINEKEN NEDERLAND B.V.</emphasis>, </para>
      <para>gevestigd in Amsterdam,</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>gemachtigde: Bosveld Incasso en Gerechtsdeurwaarders,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr> [gedaagde 1 in zaak 11479613] B.V., </title>
    <parablock>
      <para>gevestigd in [vestigingsplaats] ,</para>
      <para>niet verschenen,<?linebreak?>2. <emphasis role="bold">[gedaagde 2 in zaak 11479613]</emphasis>, </para>
      <para>wonend in [woonplaats] ,</para>
      <para>gemachtigde: mr. P.J. Bos,</para>
      <para>gedaagde partijen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en in de zaak 11698552 \ CV EXPL 25-7090:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser in zaak 11698552]
        </emphasis>, </para>
      <para>wonend in [woonplaats] ,</para>
      <para>gemachtigde: mr. P.J. Bos,</para>
      <para>eisende partij,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde in zaak 11698552] B.V.</emphasis>, </para>
      <para>gevestigd in [vestigingsplaats] ,</para>
      <para>niet verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <?linebreak?>De zaken zijn behandeld door mr. H.J. Schaberg, kantonrechter, bijgestaan door mr. W.B. Fonville, griffier. Direct na de behandeling heeft de kantonrechter mondeling uitspraak gedaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>1</nr>Het geschil en de beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak 11479613 \ CV EXPL 25-305</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Waar gaat deze zaak over?</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Deze zaak gaat over een lening van Heineken aan [gedaagde 1 in zaak 11479613] van € 30.000,-, waarvoor [gedaagde 2 in zaak 11479613] zich, toen hij nog bestuurder en aandeelhouder van [gedaagde 1 in zaak 11479613] was, hoofdelijk heeft verbonden. [gedaagde 1 in zaak 11479613] heeft een deel van deze lening al aan Heineken terugbetaald, maar er staat nog een bedrag van € 9.933,03 open. Heineken vordert [gedaagde 1 in zaak 11479613] en [gedaagde 2 in zaak 11479613] te veroordelen tot betaling van dit bedrag. [gedaagde 1 in zaak 11479613] heeft geen verweer gevoerd tegen de vordering van Heineken. [gedaagde 2 in zaak 11479613] heeft tegen de vordering van Heineken als verweer gevoerd dat hij zich weliswaar hoofdelijk heeft verbonden aan de lening, maar hij inmiddels uit het bedrijf is gestapt en daarbij finale kwijting heeft afgesproken. [gedaagde 2 in zaak 11479613] vindt dat Heineken hem niet meer aansprakelijk kan houden voor de lening, mede omdat Heineken weet dat het bedrijf een nieuwe bestuurder/eigenaar heeft.  </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">
            [gedaagde 2 in zaak 11479613] is hoofdelijk aansprakelijk </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Naar het oordeel van de kantonrechter is het door [gedaagde 2 in zaak 11479613] aangevoerde onvoldoende om aan te nemen dat de op hem rustende verplichting tegenover Heineken niet meer geldt. [gedaagde 2 in zaak 11479613] heeft zich namelijk tegenover Heineken hoofdelijk verbonden voor de lening, terwijl hij de finale kwijting met (de nieuwe bestuurder/eigenaar van) [gedaagde 1 in zaak 11479613] heeft afgesproken. Heineken stond daarbuiten. [gedaagde 2 in zaak 11479613] stelt dat de accountmanager van Heineken wist dat hij uit het bedrijf was gestapt en daarom het initiatief had moeten nemen om de hoofdelijkheid op naam van de nieuwe bestuurder/eigenaar te zetten. [gedaagde 2 in zaak 11479613] beroept zich in dit verband op een uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 8 november 2023.<footnote-ref linkend="_24fbbf23-745f-4e7e-bafa-6699b37695b2" /> De kantonrechter is van oordeel dat [gedaagde 2 in zaak 11479613] dit initiatief zelf had moeten nemen. Hij had zelf aan Heineken moeten vragen om hem te ontslaan uit de hoofdelijkheid. Dat is niet gebeurd. De aangehaalde zaak betrof een andere situatie, waarin sprake was van een borgtocht en waarin was aangevoerd dat de bestuurderswissel per e-mail aan de schuldeiser was gemeld. In die zaak was dus meer aan de hand dan in deze zaak. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>
        [gedaagde 2 in zaak 11479613] heeft aangevoerd dat toepassing van de hoofdelijke aansprakelijkheid naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is, maar de kantonrechter volgt hem hierin niet. De in dit kader aangevoerde omstandigheden heeft de kantonrechter hiervoor al besproken. Deze maken niet dat Heineken [gedaagde 2 in zaak 11479613] niet aan de hoofdelijke aansprakelijkheid kan houden. De kantonrechter is dan ook van oordeel dat de verplichting tot terugbetaling van de lening ook voor [gedaagde 2 in zaak 11479613] is blijven gelden. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4.</nr>
      <para>Het voorgaande zou anders zijn als zou blijken dat Heineken, zoals [gedaagde 2 in zaak 11479613] met een verwijzing naar de jaarrekening van [gedaagde 1 in zaak 11479613] stelt, de lening zou hebben kwijtgescholden. Waarom dit in de jaarrekening is opgenomen, wordt echter niet duidelijk. [gedaagde 2 in zaak 11479613] heeft dat niet verder toegelicht of onderbouwd. De kantonrechter acht de jaarstukken van [gedaagde 1 in zaak 11479613] onvoldoende om aan te nemen dat Heineken de lening heeft kwijtgescholden en ook te weinig om dit nader te onderzoeken. Nu niet is gebleken dat Heineken de lening heeft kwijtgescholden, moet deze worden terugbetaald. Dit betekent dat [gedaagde 2 in zaak 11479613] en [gedaagde 1 in zaak 11479613] samen gehouden zijn tot terugbetaling van de lening. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Contractuele rente </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.5.</nr>
      <para>Heineken heeft betaling van de contractuele rente van 1% per maand gevorderd en [gedaagde 2 in zaak 11479613] heeft deze rente niet betwist. De contractuele rente zal over de hoofdsom worden toegewezen vanaf de vervaldatum van de factuur van Heineken, te weten, 10 januari 2023.   </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Buitenrechtelijke incassokosten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.6.</nr>
      <para>Heineken vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten van € 866,65. Deze worden ook toegewezen, met de wettelijke rente daarover vanaf de dagvaarding.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Proceskosten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.7.</nr>
      <para>
        [gedaagde 1 in zaak 11479613] en [gedaagde 2 in zaak 11479613] zijn in het ongelijk gesteld en moeten daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Heineken worden begroot op:</para>
      <informaltable>
        <tgroup cols="4">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <colspec colname="colD" />
          <tbody>
            <row>
              <entry>
                <para>- kosten van de dagvaarding</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>116,25</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- griffierecht</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>543,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- salaris gemachtigde</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>812,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(2 punten × € 406,00)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- nakosten</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>135,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>Totaal</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>1.606,25</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.8.</nr>
      <para>De veroordeling van de proceskosten wordt hoofdelijk uitgesproken. Dat betekent dat [gedaagde 1 in zaak 11479613] en [gedaagde 2 in zaak 11479613] allebei kunnen worden gedwongen het hele bedrag te betalen. Als de één (een deel) betaalt, hoeft de ander dat (deel van het) bedrag niet meer te betalen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>in de zaak 11698552 \ CV EXPL 25-7090</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.9.</nr>
      <para>
        [eiser in zaak 11698552] vordert dat [gedaagde in zaak 11698552] wordt veroordeeld tot betaling van al hetgeen tot betaling waarvan hij in de hoofdzaak zal worden veroordeeld. Deze vordering wordt toegewezen, omdat [gedaagde in zaak 11698552] niet in het geding is verschenen en deze vordering de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt. Alles wat [eiser in zaak 11698552] aan Heineken moet betalen, zal [gedaagde in zaak 11698552] dus aan [eiser in zaak 11698552] moeten betalen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.10.</nr>
      <para>
        [gedaagde in zaak 11698552] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eiser in zaak 11698552] worden begroot op:</para>
      <informaltable>
        <tgroup cols="4">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <colspec colname="colD" />
          <tbody>
            <row>
              <entry>
                <para>- kosten van de dagvaarding</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>147,43</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- griffierecht</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>257,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- nakosten</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>135,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>Totaal</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>539,43</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>2</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak 11479613 \ CV EXPL 25-305</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde 1 in zaak 11479613] en [gedaagde 2 in zaak 11479613] om aan Heineken te betalen een bedrag van € 9.833,02, te vermeerderen met de contractuele rente van 1% per maand over het toegewezen bedrag, met ingang van 10 januari 2023, tot de dag van volledige betaling,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde 1 in zaak 11479613] en [gedaagde 2 in zaak 11479613] om aan Heineken te betalen een bedrag van € 866,65 aan buitengerechtelijke kosten, met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over dat bedrag vanaf de dag van dagvaarding,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde 1 in zaak 11479613] en [gedaagde 2 in zaak 11479613] hoofdelijk in de proceskosten van € 1.606,25, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde 1 in zaak 11479613] en [gedaagde 2 in zaak 11479613] niet tijdig aan de veroordelingen voldoen en het vonnis daarna wordt betekend,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>in de zaak 11698552 \ CV EXPL 25-7090</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde in zaak 11698552] tot betaling van al hetgeen tot betaling waarvan [eiser in zaak 11698552] in de zaak met zaaknummer 11479613 \ CV EXPL 25-305 wordt veroordeeld,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde in zaak 11698552] in de proceskosten van € 539,43, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde in zaak 11698552] niet tijdig aan de veroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde in zaak 11698552] tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Hiervan is dit proces-verbaal opgemaakt.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_24fbbf23-745f-4e7e-bafa-6699b37695b2" label="1">
    <para> Rb Amsterdam 8 november 2023, ECLI:NL:RBAMS:2023:7734.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>