<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2024:7339</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-12-06T11:08:08</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-11-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-11-27</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">13/280830-24 (EAB III)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteEnEnigeAanleg">Eerste en enige aanleg</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht_europeesStrafrecht">Strafrecht; Europees strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2024:7339">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2024:7339</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-12-05T11:51:05</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-12-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2024:7339 Rechtbank Amsterdam , 27-11-2024 / 13/280830-24 (EAB III)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2024:7339:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Pools vervolgings-EAB. Gebleken is dat reeds bij uitspraak van 22 december 2022 een beslissing is genomen op het voorliggende EAB, waarbij de overlevering is toegestaan. Volgens vaste jurisprudentie van deze rechtbank kan op een EAB waarop reeds een definitieve beslissing is genomen, niet nogmaals een beslissing worden genomen.  Dit brengt met zich mee dat de rechtbank de officier van justitie niet-ontvankelijk verklaart in haar vordering. De rechtbank komt dan ook niet toe aan een inhoudelijke beoordeling van het voorliggende vervolgings-EAB en derhalve evenmin aan een beoordeling van de detentieomstandigheden.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2024:7339:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK AMSTERDAM</bridgehead>
    <bridgehead role="bold">INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER</bridgehead>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 13/280830-24 (EAB III)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Datum uitspraak: 27 november 2024 </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para />
      <para>
        <emphasis role="bold">    UITSPRAAK</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>op de vordering van 5 september 2024 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB).<footnote-ref linkend="_0c11b1c7-a536-4546-a171-1b6bc84d9178" /> Dit EAB is uitgevaardigd op 30 september 2020 door <emphasis role="italic">the Regional Court in Siedlce</emphasis> (Polen) (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [opgeëiste persoon] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren te [geboorteplaats] (Polen) op [geboortedag] 1972,</para>
      <para>zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,</para>
      <para>gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting te [plaats] (locatie [locatie] ),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hierna ‘de opgeëiste persoon’.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Procesgang</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Een eerste behandeling van het EAB is op de zitting van 16 oktober 2024 aangehouden in afwachting van antwoorden op aan de uitvaardigende justitiële autoriteit gestelde vragen ten aanzien van de detentieomstandigheden in het Poolse <emphasis role="italic">remand regime</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft de behandeling van het EAB - met instemming van partijen in gewijzigde samenstelling - voortgezet op de zitting van 13 november 2024, in aanwezigheid van mr. A.L. Wagenaar, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en is bijgestaan door zijn raadsman, mr. M.P.M. Balemans, advocaat in Amsterdam, en door een tolk in de Poolse taal.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de Overleveringswet (OLW) uitspraak moet doen over de verzochte overlevering op de zitting van 16 oktober 2024 met <?linebreak?>30 dagen verlengd.<footnote-ref linkend="_408f77f6-ac03-4ad1-8338-9dd3c81f14d2" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tevens heeft de rechtbank op de zitting van 16 oktober 2024 de gevangenneming bevolen.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">2. 	Identiteit van de opgeëiste persoon	</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ter zitting heeft de opgeëiste persoon verklaard dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat hij de Poolse nationaliteit heeft. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Ontvankelijkheid van de officier van justitie</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voorafgaand aan de behandeling van het EAB op 13 november 2024 is het de rechtbank bekend geworden dat op dit EAB reeds bij uitspraak van 22 december 2022 een beslissing is genomen, waarbij de overlevering is toegestaan.<footnote-ref linkend="_83dcedf1-1160-4ff3-8d63-654cd1d4bbbe" /> Deze constatering is op de zitting van 13 november 2024 met de raadsman en de officier van justitie besproken. Ter zitting is de niet-geanonimiseerde versie van de onder voetnoot 3 genoemde uitspraak aan alle partijen verstrekt, waarna de officier van justitie en de raadsman (evenals de rechtbank) tot de conclusie zijn gekomen dat het om een beslissing op exact hetzelfde EAB gaat.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Volgens vaste jurisprudentie van deze rechtbank kan op een EAB waarop reeds een definitieve beslissing is genomen, niet nogmaals een beslissing worden genomen.<footnote-ref linkend="_9e4ad3ba-bb00-4e7a-8cf5-d1c72a676514" /> Dit brengt met zich mee dat de rechtbank de officier van justitie niet-ontvankelijk verklaart in haar vordering. De rechtbank komt dan ook niet toe aan een inhoudelijke beoordeling van dit vervolgings-EAB en derhalve evenmin aan een beoordeling van de detentieomstandigheden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsman heeft aangevoerd dat de eerder (bij uitspraak van 22 december 2022) toegestane overlevering uitgesteld moet worden om te voorkomen dat de opgeëiste persoon in een <emphasis role="italic">remand prison</emphasis> in hechtenis wordt genomen terwijl er zorgen zijn over de detentieomstandigheden aldaar. Dit punt kan in het kader van de feitelijke overlevering, in voorkomend geval in een kort geding procedure, aan de orde komen. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">VERKLAART</emphasis> de officier van justitie <emphasis role="bold">NIET-ONTVANKELIJK </emphasis>in de vordering van </para>
      <para>5 september 2024 tot het in behandeling nemen van het EAB.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">STELT VAST  </emphasis>dat de overleveringsdetentie inzake EAB III is geëindigd. Deze uitspraak is gedaan door</para>
      <para>mr. B.M. Vroom-Cramer,  			                         				voorzitter,</para>
      <para>mrs. M.E.M. James-Pater en D.A. Segbedzi,			   			   rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. L.J.F. Ceelie,                		                                          griffier,</para>
      <para>en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 27 november 2024.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_0c11b1c7-a536-4546-a171-1b6bc84d9178" label="1">
    <para> Zie artikel 23 Overleveringswet.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_408f77f6-ac03-4ad1-8338-9dd3c81f14d2" label="2">
    <para> Zie artikel 22, eerste en derde lid, OLW.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_83dcedf1-1160-4ff3-8d63-654cd1d4bbbe" label="3">
    <para> Rechtbank Amsterdam 22 december 2022, ECLI:NL:RBAMS:2022:7807.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9e4ad3ba-bb00-4e7a-8cf5-d1c72a676514" label="4">
    <para> Zie o.a. rechtbank Amsterdam 22 maart 2023, ECLI:NL:RBAMS:2023:1661.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>