<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2024:5891</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-09-30T10:14:10</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-09-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-09-19</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">13/193798-24</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2024:5891">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2024:5891</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-09-25T16:14:10</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-09-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2024:5891 Rechtbank Amsterdam , 19-09-2024 / 13/193798-24</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2024:5891:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Herkenning van verdachte op camerabeelden door verbalisanten onvoldoende betrouwbaar. Vrijspraak voor twee diefstallen in vereniging d.m.v. braak.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2024:5891:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="f0f62b08-281a-4441-a0b3-58d0cd8696bb" depth="16" width="551" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK AMSTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Afdeling Publiekrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Teams Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 13/193798-24</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum uitspraak: 19 september 2024</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedag] 1973 te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ),</para>
      <para>wonende op het adres [woonadres] , </para>
      <para>thans gedetineerd in het [detentieadres] . </para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het onderzoek ter terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 5 september 2024. Verdachte was daarbij aanwezig, evenals zijn raadsvrouw, mr. D. Simo.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie, mr. A. Bouwman, en van wat verdachte en zijn raadsvrouw naar voren hebben gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is – kort gezegd – ten laste gelegd dat hij:</para>
    </parablock>
    <para />
    <orderedlist numeration="arabic">
      <listitem>
        <para>in of omstreeks de periode van 27 tot en met 28 september 2023 samen met anderen een bedrijfsinbraak heeft gepleegd bij [bedrijf/benadeelde partij] te Amstelveen, waarbij een grote hoeveelheid laptops is weggenomen;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>op 20 december 2023 samen met een ander een bedrijfsinbraak heeft gepleegd bij [bedrijf] te Amsterdam, waarbij een grote hoeveelheid laptops is weggenomen.</para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>De volledige tenlastelegging is opgenomen in <emphasis role="bold">bijlage I</emphasis> die aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten staan, zijn deze verbeterd. Verdachte is hierdoor niet in de verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Waardering van het bewijs</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het standpunt van het openbaar ministerie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de ten laste gelegde inbraken kunnen worden bewezen, waarbij opgemerkt dat ten aanzien van feit 1, moet worden uitgegaan van de pleegdata 26 en 27 september 2023.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Ten aanzien van beide inbraken heeft de officier van justitie aangevoerd dat verdachte door verschillende verbalisanten op camerabeelden is herkend als een van de daders. Deze beelden zijn van goede kwaliteit. Op de beelden van de inbraak op 26 en 27 september 2023 zijn voldoende onderscheidende persoonskenmerken waar te nemen. Dat geldt ook voor de beelden van de inbraak op 20 december 2023, ondanks dat daar wellicht niet het gezicht van verdachte volledig zichtbaar is. De herkenningen zijn betrouwbaar en kunnen dus worden gebruikt voor het bewijs. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Naast de herkenningen, heeft de officier van justitie gewezen op de pet die is aangetroffen bij de aanhouding van verdachte, in de auto waarin hij als passagier zat. Deze pet lijkt sterk op de pet die de dader blijkens de camerabeelden op had tijdens de inbraken. Er zat ook DNA van verdachte op de aangetroffen pet, waardoor met voldoende zekerheid kan worden gezegd dat verdachte deze pet heeft gedragen. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De raadsvrouw heeft bepleit dat niet bewezen kan worden dat verdachte de inbraken heeft gepleegd en hij dus moet worden vrijgesproken. De raadsvrouw heeft daartoe aangevoerd dat verdachte betrokkenheid bij de inbraken heeft ontkend en het bewijs daarvan enkel is gebaseerd op de herkenning van verdachte op beelden, terwijl die herkenningen onbetrouwbaar zijn. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De raadsvrouw heeft meer specifiek ten aanzien van de inbraak op 26 en 27 september 2023 aangevoerd dat zowel de camerabeelden als de stills van onvoldoende kwaliteit zijn. Er zijn geen onderscheidende persoonskenmerken op waar te nemen. De camerabeelden en stills zijn daarom ongeschikt om een herkenning op te baseren. Daarnaast voert de raadsvrouw aan dat de verbalisanten die verdachte daarop hebben herkend, niet hebben aangegeven op basis van welke specifieke onderscheidende persoonskenmerken zij verdachte hebben herkend. Een herkenning op basis van algemene gezichtskenmerken is onvoldoende voor een betrouwbare herkenning. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Ten aanzien van de inbraak op 20 december 2023 heeft de raadsvrouw eveneens gesteld dat op de camerabeelden en de stills geen onderscheidende persoonskenmerken zichtbaar zijn. Daarnaast heeft verbalisant [verbalisant 1] geverbaliseerd dat hij verdachte heeft herkend op die beelden aan de hand van zijn kleding en verwijst hij in dat kader naar eerdere herkenningen, waarbij de persoon die als verdachte is herkend dezelfde kleding droeg. De processen-verbaal van deze eerdere herkenningen ontbreken echter in het dossier, waardoor de betrouwbaarheid niet kan worden geverifieerd. Daarbij is van belang dat verdachte in het verleden vaker foutief is herkend door verbalisanten [verbalisant 2] en [verbalisant 1] . </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verder heeft de raadsvrouw zich op het standpunt gesteld dat de pet, die is aangetroffen in de auto waarin verdachte zich ook bevond, geen gelijkenissen vertoont met de pet zoals te zien is op de camerabeelden. Zij wijst daarnaast op de omstandigheid dat de SIN-nummers die voorkomen in het DNA-rapport niet te herleiden zijn naar de betreffende pet, waardoor onduidelijk is of het wel om de in de auto aangetroffen pet gaat. De pet kan alleen al daarom niet als bewijs dienen.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>3.3.1</nr>
        <para>
          <emphasis role="bold">Vrijspraak van het onder 1 ten laste gelegde </emphasis>
        </para>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [naam 1] heeft namens [bedrijf/benadeelde partij] aangifte gedaan van diefstal uit het bedrijfspand, gelegen aan de [adres 1] te Amstelveen. Aangever heeft verklaard dat er op 26 en 27 september 2023 een grote hoeveelheid laptops is weggenomen. Van de diefstal zijn camerabeelden beschikbaar. In het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 3] waarin de camerabeelden van 26 september 2023 worden beschreven, is genoteerd dat drie personen het pand binnenkomen via de nooduitgang. In het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 3] waarin de camerabeelden van 27 september 2023 worden beschreven, is genoteerd dat vier personen via dezelfde deur het pand binnenkomen. Verbalisant [verbalisant 4] heeft ook de camerabeelden van 27 september 2023 beschreven. Er wordt telkens beschreven dat de personen meerdere keren met stapels laptopdozen het pand verlaten.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Verdachte is door drie verbalisanten op de bewegende camerabeelden dan wel stills daarvan herkend als één van de daders van de inbraak. De herkenning van verdachte door de drie verbalisanten wordt echter betwist door de raadsvrouw en verdachte ontkent enige betrokkenheid bij deze inbraak. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De rechtbank stelt voorop dat behoedzaam moet worden omgegaan met herkenningen en de bewijskracht daarvan. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Beoordeling van de herkenningen</emphasis>
          </para>
          <para>Voor een beoordeling van de betrouwbaarheid van een herkenning aan de hand van camerabeelden dient eerst te worden onderzocht wat de kwaliteit van de stills of bewegende beelden is en de mate waarin persoonskenmerken zichtbaar zijn. De rechtbank is van oordeel dat de camerabeelden en de stills voldoende duidelijk en helder zijn om daarop iemand te kunnen herkennen.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De vraag is vervolgens in hoeverre op de – in principe duidelijke en heldere – beelden voldoende duidelijke, specifieke en onderscheidende persoonskenmerken zichtbaar zijn van de persoon die door de verbalisanten als de verdachte wordt herkend. De herkenning van een persoon op beeld kan op basis van diens gezicht, kleding en accessoires en/of postuur, houding en – wanneer het bewegend beeld betreft – de manier van bewegen plaastsvinden. Een gezichtsherkenning heeft daarbij de hoogste diagnostische waarde. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Verbalisanten [verbalisant 5] en [verbalisant 1] hebben de bewegende camerabeelden bekeken en hebben verdachte daarop herkend. Hoewel de camerabeelden <emphasis role="italic">an sich</emphasis> geschikt zijn voor een herkenning, is het gezicht van de dader die als verdachte is herkend nooit volledig in beeld, nu hij gezicht bedekkende kleding draagt. Dat de verbalisanten beschrijven dat zij de man op de beelden herkennen aan zijn neus, mond en ogen, is daarmee lastig te plaatsen. Naar het oordeel van de rechtbank zijn er onvoldoende onderscheidende persoonskenmerken waar te nemen voor een betrouwbare herkenning. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Uit het proces-verbaal van herkenning van verbalisant [verbalisant 2] blijkt dat hij verdachte heeft herkend op stills van de camerabeelden. Voor de stills geldt echter in nog sterkere mate dan voor de camerabeelden waar deze van gemaakt zijn dat daarop door de gezicht bedekkende kleding onvoldoende onderscheidende persoonskenmerken te zien zijn. De rechtbank vindt daarom ook deze herkenning onvoldoende betrouwbaar om als bewijs te kunnen gebruiken. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Beoordeling van de pet</emphasis>
          </para>
          <para>Naast de herkenningen, zou de betrokkenheid van verdachte bij de inbraak nog kunnen blijken uit het feit dat er bij zijn aanhouding een pet is aangetroffen, waarop zijn DNA zat. Deze pet lijkt namelijk op de pet die op de beelden van de inbraak wordt gedragen door de dader die als verdachte wordt herkend. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De rechtbank is van oordeel dat, ondanks de omstandigheid dat de bij verdachte aangetroffen pet grote gelijkenissen vertoont met de pet op de camerabeelden, deze pet niet zodanig kenmerkend en bijzonder is dat met voldoende zekerheid gezegd kan worden dat het dezelfde pet betreft en dat dus om die reden – in samenhang bezien met de herkenning – moet worden geoordeeld dat verdachte de dader is geweest. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Conclusie</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank is van oordeel dat niet kan worden vastgesteld dat verdachte betrokken is geweest bij de inbraak. Verdachte zal daarom worden vrijgesproken.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>3.3.2</nr>
        <para>
          <emphasis role="bold">Vrijspraak van het onder 2 ten laste gelegde</emphasis>
        </para>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            [naam 2] heeft namens [bedrijf] aangifte gedaan van diefstal uit het bedrijfspand, gelegen aan de [adres 2] te Amsterdam. Aangever heeft verklaard dat er op 20 december 2023 een grote hoeveelheid laptops is weggenomen. Van de diefstal zijn camerabeelden beschikbaar. In het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 6] , waarin de camerabeelden worden beschreven, is genoteerd dat twee personen het pand binnenkomen. Er wordt beschreven dat de personen een deur hebben geforceerd door middel van een koevoet. Verder blijkt dat zij meerdere keren de ruimte in- en uitlopen, diverse laptopdozen op een steekkar stapelen en deze uit het pand rollen.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Twee verbalisanten hebben verdachte op de camerabeelden herkend als één van de daders, te weten NN1. De herkenning van verdachte door de twee verbalisanten wordt echter betwist door de raadsvrouw en verdachte ontkent enige betrokkenheid bij deze inbraak. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Zoals benoemd in rubriek 3.3.1 stelt de rechtbank voorop dat behoedzaam moet worden omgegaan met herkenningen en de bewijskracht daarvan. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Beoordeling van de herkenningen</emphasis>
          </para>
          <para>Uit de processen-verbaal van de verbalisanten [verbalisant 2] en [verbalisant 1] blijkt dat zij de bewegende camerabeelden van de inbraak hebben bekeken. Hoewel de camerabeelden van minder goede kwaliteit zijn dan de camerabeelden van de inbraak bij [bedrijf/benadeelde partij] op 26 en 27 september 2023, kan daarop desalniettemin een herkenning worden gebaseerd. De rechtbank gaat, vanwege deze omstandigheid, wel behoedzaam om met de herkenningen. Nu het gezicht van de dader die is herkend als verdachte bovendien nooit volledig te zien is op de beelden, komt de rechtbank tot het oordeel dat de herkenningen onvoldoende betrouwbaar zijn om te gebruiken als bewijs.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Beoordeling van de pet</emphasis>
          </para>
          <para>Op de camerabeelden van deze inbraak is, evenals op de camerabeelden van de inbraak bij [bedrijf/benadeelde partij] , te zien dat de dader die als verdachte is herkend een pet draagt, die gelijkenissen vertoont met de pet die bij zijn aanhouding is aangetroffen. Echter zoals uiteengezet in rubriek 3.3.1, is de bewijskracht hiervan te beperkt om te oordelen dat verdachte dus één van de daders was. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Conclusie</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank is van oordeel dat niet kan worden vastgesteld dat verdachte betrokken is geweest bij de inbraak. Verdachte zal daarom worden vrijgesproken.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Beslag</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Onder verdachte is het volgende voorwerp in beslag genomen: </para>
      <para>- 1 STK Pet (Omschrijving: G6526754, Zwart).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aangezien verdachte integraal wordt vrijgesproken, zal ten aanzien van de pet een last worden gegeven tot teruggave aan de rechthebbende.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De vordering van de benadeelde partij [bedrijf/benadeelde partij]</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De benadeelde partij zal in haar vordering niet-ontvankelijk worden verklaard, omdat de verdachte wordt vrijgesproken van het ten laste gelegde feit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De benadeelde partij en de verdachte zullen ieder de eigen kosten dragen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vrijspraak</emphasis>
      </para>
      <para>Verklaart de ten laste gelegde feiten niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">De vordering van de benadeelde partij [bedrijf/benadeelde partij]</emphasis>
      </para>
      <para>Verklaart [bedrijf/benadeelde partij] niet-ontvankelijk in haar vordering.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bepaalt dat de benadeelde partij en de verdachte ieder de eigen kosten dragen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Beslag</emphasis>
      </para>
      <para>Gelast de teruggave van het inbeslaggenomen voorwerp aan de rechthebbende: </para>
      <para>- 1 STK Pet (Omschrijving: G6526754, Zwart).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Voorlopige hechtenis</emphasis>
      </para>
      <para>Heft op het bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte, met ingang van 5 september 2024.</para>
      <para>Dit vonnis is gewezen door:</para>
      <para>mr. J.M.R. Vastenburg, 	voorzitter,</para>
      <para>mrs. E.G.M.M. van Gessel en R.J. Bartels, 	rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. M.K. Raspoort, 	griffier,</para>
      <para>en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 19 september 2024.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [--]
        </emphasis>
      </para>
      <para />
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [--]
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [--]
        </emphasis>
      </para>
      <para />
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [--]
        </emphasis>
      </para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [--]
        </emphasis>
      </para>
      <para />
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>