<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2024:5458</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-09-10T09:22:10</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-09-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-09-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">13.193.195-24</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteEnEnigeAanleg">Eerste en enige aanleg</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht_europeesStrafrecht">Strafrecht; Europees strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2024:5458">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2024:5458</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-09-05T11:30:07</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-09-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2024:5458 Rechtbank Amsterdam , 04-09-2024 / 13.193.195-24</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2024:5458:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Bulgaars EAB t.b.v. tenuitvoerlegging vrijheidsstraf.  De rechtbank beschikt over onvoldoende informatie om de (on)voorwaardelijkheid van de verstrekte verzetgarantie te kunnen beoordelen, alsmede om te kunnen beoordelen of van weigering o.g.v. artikel 12 OLW kan worden afgezien. De rechtbank gaat niet over tot heropening van het onderzoek ter zitting voor het inwinnen van nadere informatie,  omdat i.v.m. het verstrijken van de beslistermijn (6 dagen na de uitspraak) niet valt te verwachten dat de informatie tijdig kan worden verstrekt. De overlevering wordt geweigerd.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2024:5458:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK AMSTERDAM</bridgehead>
    <bridgehead role="bold">INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER</bridgehead>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 13.193.195-24</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Datum uitspraak: 4 september 2024 </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para />
      <para>
        <emphasis role="bold">    UITSPRAAK</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>op de vordering van 21 juni 2024 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB).<footnote-ref linkend="_b76812f9-2c08-429a-98d4-9a41200de4ac" /> Dit EAB is uitgevaardigd op 17 mei 2024 door <emphasis role="italic">the Sofia Regional Prosecutor’s Office</emphasis>, Bulgarije (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">	[opgeëiste persoon] ,  </emphasis>
      </para>
      <para>	geboren in [geboorteplaats] (Bulgarije) op [gebooretdag] 1987, </para>
      <para>	zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,</para>
      <para>gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting [penitentiaire inrichting] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hierna ‘de opgeëiste persoon’.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Procesgang</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden op de zitting van 21 augustus 2024, in aanwezigheid van mr. G.M. Kolman, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en is bijgestaan door zijn raadsman, mr. M.R. Mantz, advocaat te Den Haag en door een tolk in de Bulgaarse taal.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de Overleveringswet (OLW) uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met 30 dagen verlengd.<footnote-ref linkend="_0a7a2885-4997-4334-836f-d2100c531a96" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tevens heeft de rechtbank voor de sluiting van het onderzoek de gevangenhouding bevolen. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Identiteit van de opgeëiste persoon</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ter zitting heeft de opgeëiste persoon verklaard dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat hij de Bulgaarse nationaliteit heeft. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Grondslag en inhoud van het EAB</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het EAB vermeldt <emphasis role="italic">a sentence handed down on 04.07.2023 under Criminal Case of a General Nature No. 10364/2021 as per the dockets of the Sofia Regional Court</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De overlevering wordt verzocht ten behoeve van de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf voor de duur van zeven jaren, door de opgeëiste persoon te ondergaan op het grondgebied van de uitvaardigende lidstaat. Van deze straf resteren volgens het EAB nog zes jaren en vier maanden. De vrijheidsstraf is aan de opgeëiste persoon opgelegd bij het hiervoor genoemde vonnis.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis betreft het feit zoals dat is omschreven in het EAB.<footnote-ref linkend="_e7915a1e-4ff2-4478-892d-3560422cb9ae" /></para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Weigeringsgrond als bedoeld in artikel 12 OLW</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Inleiding</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank stelt vast dat het EAB strekt tot de tenuitvoerlegging van een vonnis terwijl de verdachte niet in persoon is verschenen bij het proces dat tot die beslissing heeft geleid, en dat - kort gezegd - is gewezen zonder dat zich één van de in artikel 12, sub a tot en met c, OLW genoemde omstandigheden heeft voorgedaan.  </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op grond van artikel 12, sub d, OLW mag de rechtbank in dit geval de overlevering niet weigeren, als de uitvaardigende justitiële autoriteit heeft vermeld dat</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>( i) het betreffende vonnis na overlevering onverwijld aan de opgeëiste persoon zal worden betekend en hij uitdrukkelijk zal worden geïnformeerd over zijn recht op een verzetprocedure of een procedure in hoger beroep, waarbij hij het recht heeft aanwezig te zijn, waarop de zaak opnieuw ten gronde wordt behandeld en nieuw bewijsmateriaal wordt toegelaten, die kan leiden tot herziening van het oorspronkelijke vonnis en</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>( ii) de opgeëiste persoon wordt geïnformeerd over de termijn waarbinnen hij verzet of hoger beroep dient aan te tekenen, als vermeld in het desbetreffende Europees aanhoudingsbevel.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Het EAB vermeldt in onderdeel d) het volgende:</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">the person was not personally served with the decision, but</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">- the person will be personally served with this decision without delay after the handing over.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">and</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">- upon service of the decision, the person will be expressly informed of his right to appeal or to retry the case with his personal participation, in which the case may be reviewed on the merits, including with the submission of new evidence and the possibility of annulment of the original act,</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">and</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">- the person will be informed of the time frame within which he or she has to request an appeal or a retrial, which will be 180 days.</emphasis>
      </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Standpunten van de verdediging en de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De raadsman heeft geen verweer gevoerd met betrekking tot deze weigeringsgrond. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft primair aangevoerd dat de verstrekte verzetgarantie onvoorwaardelijk is, omdat de uitvaardigende justitiële autoriteit, anders dan in andere zaken,  niet heeft verwezen naar de nationale bepalingen waarop die garantie berust. Mocht de rechtbank tot een ander oordeel komen, dan wordt subsidiair verzocht om (heropening en) schorsing van het onderzoek ter zitting zodat navraag kan worden gedaan op dit punt. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="italic">Oordeel rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Uit de jurisprudentie van deze rechtbank betreffende Bulgaarse overleveringsverzoeken waarin een verzetgarantie is verstrekt, blijkt dat de rechtbank niet zonder meer aanneemt dat die garantie onvoorwaardelijk is.<footnote-ref linkend="_858a12b1-6c8f-48c7-aed9-716b69b1955f" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>In de regel worden hierover daarom vragen gesteld door het Internationaal rechtshulpcentrum in Amsterdam en/of door de rechtbank. Deze vragen zien niet alleen op de (on)voorwaardelijkheid van de verstrekte verzetgarantie, maar ook op de overige omstandigheden aangaande de vraag of de opgeëiste persoon zijn verdedigingsrechten heeft kunnen uitoefenen. Te denken valt aan informatie over (onder andere) een eventueel correspondentieadres waarop de opgeëiste persoon voor de justitiële autoriteiten van de uitvaardigende lidstaat bereikbaar moest zijn gedurende de strafrechtelijke procedure, of hij ervan op de hoogte is gesteld dat hij adreswijzigingen moest doorgeven en of post van de justitiële autoriteiten daadwerkelijk naar het door de opgeëiste persoon verstrekte adres is verzonden. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Deze informatie biedt de rechtbank immers de mogelijkheid om - als zij tot het oordeel komt dat de gegeven verzetgarantie niet aan de eisen van artikel 12, sub d, OLW voldoet en de weigeringsgrond als bedoeld in artikel 12 OLW zich dus voordoet - te beoordelen of zij al dan niet afziet van weigering van de overlevering. In deze zaak zijn echter naar aanleiding van de verzetgarantie geen vragen gesteld.   </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft in deze zaak aangevoerd dat de verstrekte verzetgarantie onvoorwaardelijk is. De rechtbank kan dit op basis van de voorhanden zijnde gegevens echter niet beoordelen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Subsidiair heeft de officier van justitie verzocht om de zaak aan te houden voor het stellen van vragen. Omdat de beslistermijn zes dagen na de uitspraak in deze zaak verstrijkt en daarom niet de verwachting bestaat dat nog tijdig aanvullende informatie zal kunnen worden verstrekt, willigt de rechtbank dit verzoek niet in. Daarbij neemt zij tevens in aanmerking dat voor de uitvaardigende justitiële autoriteit de mogelijkheid bestaat om een nieuw EAB ten aanzien van de opgeëiste persoon uit te vaardigen met daarin wel de benodigde informatie. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Concluderend is de rechtbank van oordeel dat zij niet kan vaststellen of de door de uitvaardigende justitiële autoriteit gegeven verzetgarantie voldoet aan de eisen van artikel 12, sub d, OLW. Om die reden kan de overlevering op grond van artikel 12 OLW worden geweigerd. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank ziet in het licht van wat hiervoor is overwogen geen aanleiding om af te zien van haar bevoegdheid om de overlevering te weigeren, omdat zij over onvoldoende informatie beschikt om te kunnen beoordelen of het feit dat de opgeëiste persoon niet van zijn verdedigingsrechten gebruik heeft gemaakt, aan hem kan worden tegengeworpen. Er kan immers niet worden vastgesteld dat hij uitdrukkelijk of stilzwijgend afstand van zijn verdedigingsrechten heeft gedaan. Evenmin kan worden vastgesteld of de opgeëiste persoon al dan niet voldoende zorgvuldigheid in acht heeft genomen met betrekking tot zijn beschikbaarheid voor (poststukken van) de Bulgaarse justitiële autoriteiten gedurende de strafrechtelijke procedure. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Overlevering van de opgeëiste persoon houdt daarom een schending van de rechten van de verdediging in.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>Slotsom</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank stelt vast dat de weigeringsgrond van artikel 12 OLW van toepassing is. De rechtbank ziet geen aanleiding om af te zien van toepassing van die weigeringsgrond. Om die reden wordt de overlevering geweigerd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>Toepasselijke wetsbepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De artikelen 2, 5 en 12 OLW. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>7</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">WEIGERT</emphasis> de overlevering van <emphasis role="bold">[opgeëiste persoon]</emphasis> [naam o.p.]aan <emphasis role="italic">the Sofia Regional Prosecutor’s Office</emphasis> (Bulgarije); </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">HEFT OP</emphasis> de gevangenhouding van <emphasis role="bold">[opgeëiste persoon]</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door</para>
      <para>mr. A.J.R.M. Vermolen,  				                         		voorzitter,</para>
      <para>mrs. M.C. Danel en R.W.L. Koopmans,       				   		   rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. Y.M.E. Jurgens, 	                         		    griffier,</para>
      <para>en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 4 september 2024.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open. </emphasis>
      </para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_b76812f9-2c08-429a-98d4-9a41200de4ac" label="1">
    <para> Zie artikel 23 Overleveringswet.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_0a7a2885-4997-4334-836f-d2100c531a96" label="2">
    <para> Zie artikel 22, eerste en derde lid, OLW. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_e7915a1e-4ff2-4478-892d-3560422cb9ae" label="3">
    <para> Zie onderdeel e) van het EAB.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_858a12b1-6c8f-48c7-aed9-716b69b1955f" label="4">
    <para> Zie o.a. ECLI:NL:RBAMS:2023:7989 (<emphasis role="italic">tussenuitspraak</emphasis>) en ECLI:NL:RBAMS:2023:8479 (<emphasis role="italic">einduitspraak</emphasis>), ECLI:NL:RBAMS:2024:5127 en ECLI:NL:RBAMS:2024:5229. Anders: ECLI:NL:RBAMS:2024:1246.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>