<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2022:6223</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-11-03T14:09:53</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-10-31</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-10-27</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">13/001914-22</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2022:6223">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2022:6223</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-11-03T10:46:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-11-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2022:6223 Rechtbank Amsterdam , 27-10-2022 / 13/001914-22</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2022:6223:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vrijspraak witwassen. Witwasvermoeden is weerlegd door verklaring verdachte. Het OM heeft verklaring tot op zekere hoogte onderzocht. Echter lag het op de weg van het OM om nader onderzoek naar de verklaring te verrichten.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2022:6223:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="15317369-2b50-4caf-ad91-8ccc47778770" depth="16" width="551" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK AMSTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Afdeling Publiekrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Teams Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 13/001914-22 </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum uitspraak: 27 oktober 2022</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1992,</para>
      <para>wonende op het adres [adres] .</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het onderzoek ter terechtzitting</title>
    <para>Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 13 oktober 2022.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. D.G. Specker en van wat verdachte en zijn raadsvrouw mr. R.V.S. Adriaanse naar voren hebben gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is – kort gezegd – ten laste gelegd dat hij zich op 29 juli 2020 in Amsterdam, samen met een ander, heeft schuldig gemaakt aan witwassen van € 18.900,- en/of een Volkswagen Polo. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De tekst van de volledige tenlastelegging is opgenomen in een <emphasis role="bold">bijlage</emphasis> die aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Vrijspraak</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Standpunt van het Openbaar Ministerie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie vindt dat het medeplegen van witwassen van € 18.900,- en de Volkswagen Polo kan worden bewezen. Het witwasvermoeden kan worden aangenomen op basis van de feiten en omstandigheden die uit het dossier blijken en deze dienen in onderlinge samenhang te worden bezien. Verdachte heeft vervolgens geen verifieerbare, concrete en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijke verklaring over de herkomst van het geldbedrag en de Volkswagen Polo gegeven. Bovendien is de verklaring van verdachte met onvoldoende stukken onderbouwd. Hierdoor heeft hij het vermoeden van witwassen niet kunnen weerleggen. Het kan daarom niet anders zijn dan dat het geldbedrag en de Volkswagen Polo van misdrijf afkomstig zijn en dat verdachte dit wist. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft dit feit samen met medeverdachte [medeverdachte] gepleegd. Er is sprake van nauwe en bewuste samenwerking, omdat er gezamenlijk gebruik is gemaakt van de Volkswagen Polo, zowel verdachte als [medeverdachte] een geldbedrag in die auto hebben geïnvesteerd en de verklaringen naderhand onderling zijn afgestemd. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De raadsvrouw vindt dat verdachte moet worden vrijgesproken van het medeplegen van witwassen. Op basis van het dossier kan er geen witwasvermoeden worden aangenomen. Voor zover wel sprake zou zijn van een witwasvermoeden heeft verdachte voor de herkomst van het geldbedrag van € 18.900,- een concrete, verifieerbare en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijke verklaring gegeven. Deze verklaring is door het Openbaar Ministerie onderzocht en geverifieerd. De verklaring van verdachte wordt namelijk bevestigd door de verklaring van [persoon 1] . Nu het geldbedrag een legale herkomst kent, kan niet worden toegekomen aan een beoordeling van de vraag of de Volkswagen Polo van misdrijf afkomstig is wegens het causaal verband tussen de aankoop van die auto met het geldbedrag van € 18.900,-. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op 29 juli 2020 is een contant geldbedrag van € 18.900,- op de bankrekening van [persoon 2] gestort. Vervolgens heeft [verdachte] met dat geldbedrag een Volkswagen Polo aangeschaft. Ten tijde van de aankoop van deze auto ontving verdachte een uitkering. Deze omstandigheden leveren een vermoeden van witwassen op. Verdachte heeft verklaard dat hij een gedeelte van het geld, in totaal € 15.000,-, van zijn moeder, oma en vriend van zijn oma heeft geleend. Het restant van de koopsom heeft verdachte zelf bij elkaar gespaard. Verder heeft verdachte verklaard dat de autodealer geen contante geldbedragen in ontvangst wilde nemen en hij daarom het contante geld op de bankrekening van [persoon 2] heeft gestort en vervolgens de koopsom vanaf die rekening heeft gepind.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank is van oordeel dat verdachte een concrete, verifieerbare en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijke verklaring heeft gegeven. Verdachte heeft met deze verklaring het vermoeden van witwassen weerlegd. Het Openbaar Ministerie heeft deze verklaring tot op zekere hoogte onderzocht door [persoon 1] te horen. Echter lag het op de weg van het Openbaar Ministerie nader onderzoek naar de verklaring van verdachte te verrichten. Verdachte wordt daarom vrijgesproken van het medeplegen van witwassen van € 18.900,- en de Volkswagen Polo. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart het ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door </para>
      <para>mr. P. van Kesteren, 	voorzitter,</para>
      <para>mrs. D. Segbedzi en R.J. Bartels, 	rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. M.E. Niemeijer, 	griffier,</para>
      <para>en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 27 oktober 2022.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          […] </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para> .</para>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>