<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2022:3945</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-07-11T16:23:53</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-07-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-07-01</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">13/127149-21 (Promis)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2022:3945">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2022:3945</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-07-11T15:43:02</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-07-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2022:3945 Rechtbank Amsterdam , 01-07-2022 / 13/127149-21 (Promis)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2022:3945:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Een 25-jarige man wordt veroordeeld voor bedreiging en belediging door het versturen van berichten via Instagram. Hem wordt een taakstraf van 40 uren, waarvan 20 uren voorwaardelijk en een proeftijd van 2 jaren opgelegd.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2022:3945:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="334584d6-c5ad-4348-8123-9bdc417913fe" depth="16" width="551" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK AMSTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Afdeling Publiekrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Teams Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 13/127149-21 (Promis)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum uitspraak: 1 juli 2022</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1996,</para>
      <para>ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres: </para>
      <para>
        [adres] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het onderzoek ter terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 17 juni 2022.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie, mr. W.J. Nijkerk. Verdachte is niet verschenen. De raadsman van verdachte, mr. M.H.A. Horsch, heeft verklaard uitdrukkelijk te zijn gemachtigd namens verdachte het woord te voeren. De rechtbank heeft kennisgenomen van hetgeen de raadsman naar voren heeft gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is – kort samengevat – ten laste gelegd dat hij zich op 11 april 2021 te Amsterdam en/of te Eijsden heeft schuldig gemaakt aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <orderedlist numeration="arabic">
      <listitem>
        <para>bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling van [slachtoffer] door het versturen van berichten via Instagram;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>opzettelijke belediging van [slachtoffer] door het versturen van berichten via Instagram.</para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>De tekst van de integrale tenlastelegging is opgenomen in <emphasis role="bold">bijlage I</emphasis> die aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Voorvragen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De dagvaarding is geldig, deze rechtbank is bevoegd tot kennisneming van de ten laste gelegde feiten en de officier van justitie is ontvankelijk. Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">4. 	Waardering van het bewijs</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Standpunten ter terechtzitting</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van de ten laste gelegde feiten. Dat een bedreiging ook kan plaatsvinden tegen niet nader genoemde familieleden en vrienden die zelf geen aangifte hebben gedaan, blijkt uit de uitspraak van de Hoge Raad van 25 januari 2011<footnote-ref linkend="_cdcf7930-ecda-450a-8a82-18076814bc5c" />, aldus de officier van justitie.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De verdediging heeft zich ten aanzien van de bewezenverklaring gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht de ten laste gelegde feiten bewezen. Gezien het standpunt van de officier van justitie, in samenhang met de bekennende verklaring van verdachte bij de politie, behoeft dit oordeel geen verdere motivering.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank acht op grond van de in <emphasis role="bold">bijlage II </emphasis>vervatte bewijsmiddelen bewezen dat verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Feit 1:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op 11 april 2021 te Eijsden [slachtoffer] heeft bedreigd met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend, middels een Instagramaccount " [naam account 1] " en " [naam account 2] " berichten via Instagram naar die [slachtoffer] gestuurd met als inhoud:</para>
      <para>‘<emphasis role="italic">Ik steek die familie en je buitenlandse vrienden persoonlijk zelf neet neer let maar op</emphasis>’, ‘<emphasis role="italic">Ik weet wie jij en je vrienden zijn kijk niet raar op als jezelf of je buitenlandse kanker vriendjes binnenkort in het ziekenhuis liggen</emphasis>’ en ‘<emphasis role="italic">kijk maar 2 keer achterom als ik jouw was</emphasis>’, in elk geval woorden van gelijke dreigende aard of strekking;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Feit 2:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op 11 april 2021 te Eijsden opzettelijk [slachtoffer] door een toegezonden geschrift heeft beledigd, door middels een Instagramaccount " [naam account 1] " en " [naam account 2] " berichten via Instagram naar die [slachtoffer] te sturen met als inhoud: ‘<emphasis role="italic">Ordinaire kanker hoer!</emphasis>’, </para>
      <para>‘<emphasis role="italic">Vieze kanker Pussys</emphasis>’, ‘<emphasis role="italic">Vieze kanker teef</emphasis>’ en ‘<emphasis role="italic">vieze stinkhoer</emphasis>’.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten staan, zijn deze verbeterd. Verdachte is hierdoor niet in de verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de feiten</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De bewezen geachte feiten zijn volgens de wet strafbaar. Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">7. 	De strafbaarheid van verdachte</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>8</nr>Motivering van de straf</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>8.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Eis van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte voor de door hem bewezen geachte feiten zal worden veroordeeld tot een taakstraf van 40 uren, waarvan 20 uren voorwaardelijk en met een proeftijd van 2 jaren. De officier van justitie heeft daarbij onder meer gewezen op de ernst van de feiten.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>8.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De raadsman heeft de rechtbank verzocht bij de strafoplegging aansluiting te zoeken bij de oriëntatiepunten van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (hierna: LOVS). De raadsman heeft er daarbij onder meer op gewezen dat verdachte spijt heeft betuigd, zijn les heeft geleerd en een blanco strafblad heeft.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>8.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De hierna te noemen strafoplegging is in overeenstemming met de ernst van het bewezen geachte, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals daarvan ter terechtzitting is gebleken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft acht geslagen op het Uittreksel Justitiële Documentatie (het strafblad) van verdachte van 14 april 2022. Hieruit blijkt dat verdachte niet eerder voor soortgelijke feiten is veroordeeld. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht, gelet op de hiervoor genoemde omstandigheden en overeenkomstig de eis van de officier van justitie, een taakstraf voor de duur van 40 uren, waarvan 20 uren voorwaardelijk en met een proeftijd van 2 jaren, passend en geboden.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>Toepasselijke wettelijke voorschriften</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De op te leggen straf is gegrond op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 57, 266 en 285 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>10</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.</para>
      <para>Het bewezen verklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Feit 1:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">bedreiging met zware mishandeling, meermalen gepleegd</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Feit 2:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">eenvoudige belediging, meermalen gepleegd</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart het bewezene strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart verdachte, <emphasis role="bold">[verdachte]</emphasis>, daarvoor strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Veroordeelt verdachte tot een <emphasis role="bold">taakstraf</emphasis> van<emphasis role="bold"> 40 (veertig) uren</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beveelt, voor het geval dat de verdachte de taakstraf niet naar behoren heeft verricht, dat vervangende hechtenis zal worden toegepast van 20 (twintig) dagen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beveelt dat een gedeelte, groot <emphasis role="bold">20 (twintig) uren</emphasis>, van deze taakstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij later anders wordt gelast. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Stelt daarbij een <emphasis role="bold">proeftijd van 2 (twee) jaren</emphasis> vast.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De tenuitvoerlegging kan worden gelast indien de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd schuldig maakt aan een strafbaar feit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beveelt dat, als de verdachte het voorwaardelijk deel van de taakstraf bij tenuitvoerlegging niet naar behoren heeft verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast van 10 dagen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door </para>
      <para>mr. R.A. Overbosch, 	voorzitter,</para>
      <para>mrs. J. Thomas en A.J. Scheijde, 	rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. D. Gigengack, 	griffier,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 1 juli 2022.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [.] </emphasis>
      </para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_cdcf7930-ecda-450a-8a82-18076814bc5c" label="1">
    <para> ECLI:NL:HR:2011:BO3400.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>