<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2022:1571</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-04-26T08:30:09</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-03-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-03-29</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AWB - 21 _ 2953</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_omgevingsrecht">Bestuursrecht; Omgevingsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2022:1571">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2022:1571</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-04-26T08:29:04</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-04-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2022:1571 Rechtbank Amsterdam , 29-03-2022 / AWB - 21 _ 2953</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2022:1571:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Bezwaar te laat. Publicatie omgevingsvergunning op gemeentelijke website, door verkeerde kaart niet op overheid.nl. Omdat eiseres overheid.nl echter zelf niet in de gaten hield en uitging van buurtcollectief is termijnoverschrijding niet verschoonbaar.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2022:1571:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK AMSTERDAM</bridgehead>
    <para>Bestuursrecht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: AMS 21/2953 </para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">uitspraak van de enkelvoudige kamer van 29 maart 2022 in de zaak tussen</bridgehead>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [eiseres] , te Amsterdam, eiseres</bridgehead>
    <para>(gemachtigde: mr. M.A. Johannsen),</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam, verweerder</bridgehead>
    <para>(gemachtigde: mr. P.J.M. Nooij). </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Als derde-partij heeft aan het geding deelgenomen: <emphasis role="bold">de besloten vennootschap Republica Development B.V.</emphasis>, te Amsterdam, vergunninghouder.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Met het besluit van 14 februari 2020 (het primaire besluit) heeft verweerder aan vergunninghouder een omgevingsvergunning verleend. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Met het besluit van 21 april 2021 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van eiseres niet-ontvankelijk verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Eiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De zaak is behandeld op de zitting van 15 februari 2022. </para>
      <para>Eiseres is verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Namens de derde-partij is verschenen </para>
      <para>
        [naam] (mede-eigenaar Republica BV). </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <para>1. Verweerder heeft een omgevingsvergunning verleend aan vergunninghouder ten behoeve van het bouwproject ‘Republica’ voor het oprichten van diverse gebouwen op het adres [adres] in Amsterdam. </para>
    <para />
    <para>2. Eiseres woont vlak bij het perceel. Eiseres is het niet eens met de verleende omgevingsvergunning en heeft hiertegen bij brief van 12 januari 2021, binnengekomen bij verweerder op 13 januari 2021, bezwaar gemaakt. Haar bezwaarschrift is echter buiten de wettelijke termijn van zes weken ingediend. Een bezwaarschrift dat te laat is ingediend is in principe niet-ontvankelijk. Dat is alleen anders als de indiener van het bezwaarschrift deze termijnoverschrijding niet kan worden verweten.</para>
    <para>3. De vraag die partijen in deze zaak verdeeld houdt, is of eiseres kan worden verweten dat zij te laat bezwaar heeft gemaakt. De rechtbank zal in deze uitspraak eerst beoordelen of verweerder de omgevingsvergunning volgens de regels heeft gepubliceerd. Daarna zal zij beoordelen of de termijnoverschrijding in dit specifieke geval verschoonbaar was.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Publicatie van de omgevingsvergunning</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>4. Niet ter discussie staat dat verweerder de omgevingsvergunning op de juiste manier bekend heeft gemaakt aan vergunninghouder. Verweerder heeft de omgevingsvergunning daarnaast gepubliceerd op de website van de gemeente, www.amsterdam.nl. Bij deze publicatie is op het bijbehorende kaartje de verkeerde locatie aangeduid, namelijk de [adres] in Zwolle in plaats van Amsterdam. Omdat de kaart niet juist is, zo begrijpt de rechtbank, is de omgevingsvergunning vervolgens niet tijdig (volgens eiseres pas in december 2020) op de website www.overheid.nl gepubliceerd. </para>
    <para />
    <para>5. De rechtbank oordeelt dat met publicatie op de gemeentelijke website is voldaan aan het vereiste van artikel 3.9, eerste lid, aanhef en onder a, in samenhang bezien met artikel 3.8 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.<footnote-ref linkend="_d4fb9095-b13b-4c2e-8f71-b2abb4f4aa21" /> Daarbij is van belang dat hoewel bij de publicatie op de bijbehorende kaart de verkeerde locatie is aangeduid, de gepubliceerde tekst in de bekendmaking van de verleende omgevingsvergunning voldoende duidelijk is. In de publicatie is immers het juiste adres en postcode vermeld, een omschrijving van het project gegeven en dat daarvoor een omgevingsvergunning is verleend in Stadsdeel Noord. Publicatie op de website www.overheid.nl was ten tijde van deze besluitvorming rechtens niet vereist. Op zichzelf betwisten partijen ook niet dat verweerder op juiste wijze de omgevingsvergunning heeft gepubliceerd.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Verschoonbaarheid van de termijnoverschrijding</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>6. Eiseres heeft vervolgens pas nadat zij in december 2020 van een buurtbewoner had vernomen dat er een omgevingsvergunning was verleend bezwaar ingediend. Ten aanzien van de vraag of de termijnoverschrijding verschoonbaar is, overweegt de rechtbank als volgt. Verschoonbaarheid van een termijnoverschrijding wordt in de rechtspraak niet snel aangenomen. De termijnen waar het hier om gaat dienen namelijk ook de rechtszekerheid van een vergunninghouder. Als de bezwaartermijn is verlopen, moet deze ervan uit kunnen gaan dat de vergunning gebruikt kan en mag worden. Alleen in uitzonderlijke gevallen kan van dit uitgangspunt worden afgeweken.<footnote-ref linkend="_f4089749-9a67-4602-a20e-0748ffa1a1d1" /></para>
    <para />
    <para>7. Eiseres heeft betoogd dat de gemiddelde burger erop mag vertrouwen dat de berichtenservice van www.overheid.nl als betrouwbaar beschouwd kan worden. Burgers worden op de gemeentelijke website juist verwezen naar www.overheid.nl om op de hoogte te blijven van publicaties in de buurt. Dat de omgevingsvergunning vervolgens niet tijdig gepubliceerd is op www.overheid.nl is verwijtbaar te noemen en levert volgens eiseres een verschoonbare termijnoverschrijding op. In dit verband vindt eiseres nog van belang dat alle besluiten in het kader van deze omgevingsvergunning, onder andere de aanvraag en de verlenging van de beslistermijn, op www.overheid.nl gepubliceerd zijn. Het belangrijkste besluit, de omgevingsvergunning, is dit echter niet. </para>
    <para />
    <para>8. De rechtbank overweegt dat burgers die zoeken op de website www.overheid.nl en via de e-mail berichtenservice geabonneerd zijn op www.overheid.nl door het ontbreken van (tijdige) publicatie van de omgevingsvergunning op deze website wellicht op het verkeerde been gezet zijn. Hierbij vindt de rechtbank, net als eiseres, nog van belang dat de gemeentelijke website burgers expliciet naar www.overheid.nl verwijst om op de hoogte te worden gehouden van publicaties in de buurt. </para>
    <para />
    <para>9. De rechtbank is echter van oordeel dat dit argument niet opgaat voor eiseres omdat zij zelf nu juist niet geabonneerd was op de e-mailberichtenservice van www.overheid.nl. Eiseres heeft in dit kader nog toegelicht dat binnen het buurtcollectief waar eiseres bij aangesloten is een taakverdeling bestaat. Wegens deze taakverdeling heeft eiseres berichtgeving op de online platforms niet zelf in de gaten gehouden. Eiseres ging ervan uit dat zij geïnformeerd werd door haar buurtgenoten. </para>
    <para />
    <para>10. Het is echter eiseres die bezwaar (en beroep) heeft ingesteld. Omdat eiseres (alleen namens haarzelf) beroep heeft ingesteld moet de rechtbank beoordelen of haar handelen verschoonbaar is. Naar het oordeel van de rechtbank behoort het tot de eigen verantwoordelijkheid van eiseres om er zorg voor te dragen dat zij op de hoogte blijft van de voortgang van de verlening van een omgevingsvergunning in de buurt. De gevolgen van haar keuze om daarbij te vertrouwen op het buurtcollectief waar zij bij aangesloten was, komen voor haar risico. </para>
    <para />
    <para>11. Omdat verweerder heeft voldaan aan de wettelijke bekendmakingsvereisten en op juiste wijze van het besluit mededeling heeft gedaan, is niet relevant of eiseres binnen twee weken nadat zij van het bestaan van de omgevingsvergunning op de hoogte is geraakt haar bezwaar kenbaar heeft gemaakt.<footnote-ref linkend="_46547b41-b9d2-46ee-8596-a078addc63ee" /></para>
    <para />
    <para>12. Gelet op het hiervoor overwogene is de rechtbank van oordeel dat de termijnoverschrijding van eiseres niet verschoonbaar kan worden geacht en dat verweerder het bezwaarschrift van eiseres terecht niet-ontvankelijk verklaard heeft. </para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Conclusie </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>13. Het beroep is ongegrond. Voor een proceskostenveroordeling of vergoeding van het betaalde griffierecht bestaat geen aanleiding. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. C.A.E. Wijnker, rechter, in aanwezigheid van mr. C.J. van ‘t Hoff, griffier<emphasis role="italic">. </emphasis>De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 29 maart 2022.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>griffier</para>
      <para> rechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Afschrift verzonden aan partijen op: <?linebreak?></para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>Rechtsmiddel</title>
    <para>Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Als hoger beroep is ingesteld, kan bij de voorzieningenrechter van de hogerberoepsrechter worden verzocht om het treffen van een voorlopige voorziening of om het opheffen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <footnote id="_d4fb9095-b13b-4c2e-8f71-b2abb4f4aa21" label="1">
    <para> Zie bijvoorbeeld de uitspraak van de Afdeling van 13 december 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3419, r.o. 3.1.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_f4089749-9a67-4602-a20e-0748ffa1a1d1" label="2">
    <para> Zie bijvoorbeeld de uitspraak van de Afdeling van 24 december 2014, ECLI:NL:RVS:2014:4702, r.o. 3.1. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_46547b41-b9d2-46ee-8596-a078addc63ee" label="3">
    <para> Zie bijvoorbeeld de uitspraak van de Afdeling 13 december 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3419, r.o. 3.1.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>