<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2021:5740</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-11-10T09:02:26</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-10-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-09-10</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AWB - 21 _ 469</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2021:5740">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2021:5740</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-11-10T09:01:54</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-11-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2021:5740 Rechtbank Amsterdam , 10-09-2021 / AWB - 21 _ 469</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2021:5740:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>8:54. Beroep te laat.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2021:5740:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK AMSTERDAM</bridgehead>
    <para>Bestuursrecht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: AMS 21/469 </para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">uitspraak van de enkelvoudige kamer van in de zaak tussen</bridgehead>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [eiser] , te Amstelveen, eiser, hierna: [eiser]</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, </emphasis>verweerder, hierna: Uwv,</para>
      <para>( [gemachtigde verweerder] ).</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [eiser] heeft bezwaar gemaakt tegen de beslissing van het Uwv van 2 november 2020 op zijn bezwaar. Het Uwv heeft dit doorgestuurd aan de rechtbank om als beroepschrift te behandelen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <para>1. De rechtbank sluit het onderzoek in deze zaak, omdat voortzetting van het onderzoek niet nodig is. De rechtbank doet uitspraak zonder dat een zitting wordt gehouden, omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is.<footnote-ref linkend="_8e592626-dd46-4db7-92f0-dde68eeb14a5" /> Dat betekent dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk behandelt. </para>
    <para />
    <para>2. Voor het indienen van een beroepschrift geldt volgens de wet een termijn van zes weken.<footnote-ref linkend="_fec4b144-5718-4318-830b-5d01d9b538a4" /> De termijn begint op de eerste dag nadat het bestreden besluit op de post is gedaan.<footnote-ref linkend="_cd46124c-0bb2-4cdb-af56-4451ef067083" /> Een beroepschrift is op tijd ingediend, indien het voor het einde van de termijn is ontvangen.<footnote-ref linkend="_06badc7b-58ee-4711-a991-612d1d3def90" /> Dient iemand het beroepschrift te laat in, dan verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Verder staat in de wet dat de rechtbank het beroep toch ontvankelijk kan verklaren als een goede reden bestond om het beroepschrift te laat in te dienen.<footnote-ref linkend="_c8a863ad-f197-445d-938f-052b25a2aaeb" /></para>
    <para />
    <para>3. De rechtbank vindt het aannemelijk dat het bestreden besluit op 2 november 2020 is verzonden. De laatste dag van de beroepstermijn was dus 14 december 2020.</para>
    <para />
    <para>4. [eiser] heeft het beroepschrift op 12 januari 2021 ingediend bij het Uwv. </para>
    <para>Het beroepschrift is dus te laat ingediend. </para>
    <para />
    <para />
    <para>5. De rechtbank heeft [eiser] gevraagd naar de reden daarvoor. [eiser] heeft geantwoord dat hij op 16 april 2020 en op 16 augustus 2020 bij het Uwv een aanvraag om een werkloosheidsuitkering heeft ingediend. [eiser] dacht daarom dat hij een uitkering zou krijgen vanaf 1 maart 2019. Omdat hij het niet eens is met de ingangsdatum, heeft hij beroep ingesteld.</para>
    <para />
    <para>6. De rechtbank vindt dit geen reden om het beroepschrift te laat in te dienen. [eiser] is in het besluit ook gewezen op de mogelijkheid om binnen zes weken beroep in te stellen bij de rechtbank. De rechtbank ziet niet in waarom [eiser] het beroep niet binnen zes weken kon indienen. </para>
    <para />
    <para>7. Het beroep is daarom kennelijk niet-ontvankelijk. Dat betekent dat de rechtbank niet toekomt aan een inhoudelijke beoordeling van het beroep. </para>
    <para />
    <para>8. Bij deze uitkomst bestaat geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. </para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. F.L. Bolkestein, rechter, in aanwezigheid van </para>
      <para>mr. M.M. Mazurel, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>griffier		</para>
      <para>				rechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Afschrift verzonden aan partijen op: </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Wat kunt u doen als u het niet eens bent met deze uitspraak?</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bent u het niet eens met deze uitspraak, dan kunt u een verzetschrift opsturen naar deze rechtbank. U kunt een verzetschrift opsturen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. In het verzetschrift kunt u vragen om te worden gehoord. In dat geval vindt alsnog een zitting plaats.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_8e592626-dd46-4db7-92f0-dde68eeb14a5" label="1">
    <para> Zie artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). </para>
  </footnote>
  <footnote id="_fec4b144-5718-4318-830b-5d01d9b538a4" label="2">
    <para> Zie artikel 6:7 van de Awb. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_cd46124c-0bb2-4cdb-af56-4451ef067083" label="3">
    <para> Zie artikel 6:8, eerste lid, van de Awb.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_06badc7b-58ee-4711-a991-612d1d3def90" label="4">
    <para> Zie artikel 6:9, eerste lid, van de Awb.  </para>
  </footnote>
  <footnote id="_c8a863ad-f197-445d-938f-052b25a2aaeb" label="5">
    <para> Zie artikel 6:11 van de Awb.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>