<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2020:726</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-02-10T10:16:39</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-02-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-02-05</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">13/654040-19</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#opTegenspraak">Op tegenspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2020:726">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2020:726</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-02-10T10:16:07</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-02-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2020:726 Rechtbank Amsterdam , 05-02-2020 / 13/654040-19</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2020:726:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Integrale vrijspraak. Uit de enkele aanwezigheid van verdachte in de woning kan niet worden afgeleid dat hij wetenschap had van de drugs die daar zijn aangetroffen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2020:726:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK AMSTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para />
      <para>
        <emphasis role="bold">VONNIS</emphasis>
      </para>
      <para />
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 13/654040-19 </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum uitspraak: 5 februari 2020</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,	</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>geboren te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ) op [geboortedag] 1986,</para>
      <para>zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek ter terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 22 januari 2020. Verdachte was hierbij niet aanwezig.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie, <?linebreak?>mr. A.M. Ruijs, en van wat de gemachtigd raadsvrouw van verdachte, M.R. Roethof, naar voren heeft gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is – kort samengevat – ten laste gelegd dat hij op 24 april 2019, samen met een ander of alleen, 18,29 kilo MDMA</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="underline">1.</emphasis>heeft vervoerd en aanwezig gehad;</para>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="underline">2.</emphasis>opzettelijk buiten Nederland heeft gebracht (primair) of dit heeft geprobeerd (subsidiair) door koffers met een dubbele bodem, met daarin de drugs, in bezit te hebben gehad en een vliegticket voor 24 april 2019 naar [geboorteland] te hebben gekocht.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De volledige tekst van de tenlastelegging is opgenomen in een bijlage bij dit vonnis. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Vrijspraak</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Standpunt van het Openbaar Ministerie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte moet worden vrijgesproken omdat er onvoldoende bewijs is om tot een bewezenverklaring te komen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte moet worden vrijgesproken. Verdachte was op de verkeerde plaats op het verkeerde moment en had geen wetenschap van de drugs. Er zijn geen DNA-sporen of vingerafdrukken van verdachte op de drugspakketten aangetroffen. Verdachte heeft niets te maken gehad met het boeken van de reis en hij had hier ook geen enkel belang bij. Hij heeft geen rol gehad bij de aanschaf van de koffers en bij de verdere inhoud daarvan.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>3.3.1.</nr>
        <para>
          <emphasis role="bold">Vrijspraak</emphasis>
        </para>
        <para />
        <parablock>
          <para>Op basis van de stukken in het dossier en wat ter terechtzitting is aangevoerd, is de rechtbank, met de officier van justitie en de raadsvrouw, van oordeel dat niet kan worden bewezen dat verdachte wetenschap had van MDMA in de koffers. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Vast is komen te staan dat verdachte op 24 april 2019, samen met medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] , in de woning aan de [adres] was. Verdachte werd daar, bij een overval door gewapende mannen waarbij de woning werd overhoop gehaald, door een van de overvallers in zijn been gestoken. Medeverdachte [medeverdachte 2] is uit het raam gesprongen. Na onderzoek door de politie werden in twee koffers die in de woning stonden, onder de dubbele bodems drugs aangetroffen. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Het dossier bevat onvoldoende aanwijzingen waaruit blijkt dat verdachte enige wetenschap heeft gehad van de in de koffers aanwezige drugs. Hoewel er vraagtekens kunnen worden gezet bij de verklaringen van verdachte, kan hieruit en uit de aanwezigheid van verdachte in de woning, niet worden afgeleid dat hij wetenschap had van de drugs die daar zijn aangetroffen. De drugs zijn immers aangetroffen in de koffers van medeverdachte [medeverdachte 1] . Er kan niet worden vastgesteld dat verdachte wist van de drugs die in die koffers verstopt zaten of dat hij een wezenlijke bijdrage aan het tenlastegelegde heeft geleverd. Verdachte wordt geheel vrijgesproken.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart het ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>mr. K.A. Brunner, 									voorzitter,</para>
      <para>mrs. E.M.M. Gabel en M. Snijders Blok-Nijensteen, 				rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mrs. C.A. Mud en J.G.R. Becker,				griffiers,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 5 februari 2020.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>