<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2020:6335</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-10-02T15:31:33</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-12-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-10-26</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">8430875  EA VERZ 20-248</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>AR-Updates.nl 2021-0054</rdf:li>
          <rdf:li>VAAN-AR-Updates.nl 2021-0054</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2020:6335">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2020:6335</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-01-11T14:32:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-01-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2020:6335 Rechtbank Amsterdam , 26-10-2020 / 8430875  EA VERZ 20-248</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2020:6335:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Eindbeschikking na tussenbeschikking. Informatieplicht werkgever bij verzoek werknemer om vermindering van arbeidsomvang wegens arbeidsongeschiktheid.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2020:6335:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="94ab8ad3-e465-4e34-94bf-5077d3274aaf" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="c8ea2ec9-89ba-474a-a38b-37263732b27c" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
    </para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK AMSTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Afdeling privaatrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 8430875  EA VERZ 20-248</para>
      <para>beschikking van: 26 oktober 2020</para>
      <para>func.:  33618</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">beschikking van de kantonrechter</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>I n z a k e</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">het openbaar lichaam de Koninklijke Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants</emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te Amsterdam</para>
      <para>verzoekster</para>
      <para>nader te noemen: NBA</para>
      <para>gemachtigde: mr. G.A. Diebels</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>t e g e n</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [verweerster]
    </bridgehead>
    <parablock>
      <para>wonende te [woonplaats]</para>
      <para>verweerster</para>
      <para>nader te noemen: [verweerster]</para>
      <para>gemachtigde: mr. R.M.S. Carli</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">VERDER VERLOOP VAN DE PROCEDURE</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 31 augustus 2020 is een tussenbeschikking gegeven. Ter uitvoering van die tussenbeschikking hebben beide partijen een akte ingediend. Nadien is een datum voor beschikking bepaald.  </para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="beslissing">
    <title>GRONDEN VAN DE BESLISSING</title>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Verdere beoordeling</title>
    <para />
    <para>1. In de tussenbeschikking van 31 augustus 2020 zijn partijen in de gelegenheid gesteld om zich uit te laten over de juistheid van de berekeningen zoals weergegeven in rechtsoverweging 34, 35, 41 en 43. Partijen hebben zich bij akte daarover uitgelaten. De kantonrechter oordeelt daarover als volgt. </para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Opmerking vooraf </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>2. [verweerster] heeft in haar akte (ook) gereageerd op de door de kantonrechter in de tussenbeschikking genomen inhoudelijke beslissingen ter zake van de geschilpunten tussen partijen. Zij is het met een deel van die beslissingen niet eens. In de tussenbeschikking zijn partijen echter in de gelegenheid gesteld om uitsluitend te reageren op de juistheid van de berekeningen zoals weergegeven in de tussenbeschikking. Partijen zijn niet in de gelegenheid gesteld om te reageren op de juistheid van de beslissingen die aan die berekeningen ten grondslag liggen. Aan hetgeen [verweerster] ter zake van de inhoudelijke beslissingen van de kantonrechter naar voren heeft gebracht, zal dan ook voorbij worden gegaan. De kantonrechter overweegt ten overvloede nog dat de door [verweerster] bestreden gedeelten van de tussenbeschikking van 31 augustus 2020 eindbeslissingen betreffen en dat in hetgeen [verweerster] aanvoert geen aanleiding wordt gezien op de inhoud hiervan terug te komen. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Achterstallig salaris en schadevergoeding ter hoogte van gederfd loon</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>3. Partijen zijn het eens met de in de tussenbeschikking weergegeven berekeningen, zodat over de verschillende perioden de volgende bedragen toewijsbaar zijn. </para>
    <para />
    <bridgehead role="underline">1 oktober 2017 tot en met maart 2018</bridgehead>
    <para>Geen recht op achterstallig salaris en/of een schadevergoeding. </para>
    <bridgehead role="underline">1 april 2018 tot en met 16 oktober 2018</bridgehead>
    <para>
      <emphasis role="bold">€ 3.331,71 bruto</emphasis> aan schadevergoeding in verband met gederfd loon.</para>
    <bridgehead role="underline">17 oktober 2018 tot en met december 2018 </bridgehead>
    <para>
      <emphasis role="bold">€ 1.098,23 bruto</emphasis> aan schadevergoeding in verband met gederfd loon. </para>
    <bridgehead role="underline">1 januari 2019 tot en met 29 mei 2019 (afgerond 1 juni 2019)</bridgehead>
    <para>
      <emphasis role="bold">€ 2.291,80 bruto </emphasis>aan schadevergoeding in verband met gederfd loon. </para>
    <bridgehead role="underline">1 juni 2019 tot en met 16 oktober 2019  </bridgehead>
    <para>
      <emphasis role="bold">€ 2.426,63 bruto</emphasis> aan schadevergoeding in verband met gederfd loon en <emphasis role="bold">€ 2.363,99 bruto </emphasis>aan achterstallig salaris. </para>
    <bridgehead role="underline">17 oktober 2019 tot en met december 2019 </bridgehead>
    <para>
      <emphasis role="bold">€ 1.348,13 bruto </emphasis>aan schadevergoeding in verband met gederfd loon. </para>
    <bridgehead role="underline">1 januari 2020 tot en met juli 2020</bridgehead>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">€ 3.865,26 bruto </emphasis>aan schadevergoeding in verband met gederfd loon. </para>
      <para>- <emphasis role="underline">augustus en september 2020</emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="bold">€ 1.104,36 bruto </emphasis>aan schadevergoeding in verband met gederfd loon. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het voorgaande volgt dat de totale schadevergoeding in verband met gederfd loon                     <emphasis role="bold">€ 15.466,12 bruto</emphasis> bedraagt. Het totale achterstallige salaris bedraagt <emphasis role="bold">€ 2.363,99 bruto</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Achterstallig vakantiegeld en 13e maand en schadevergoeding </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>4. Partijen zijn het eens met de in de tussenbeschikking weergegeven berekeningen, zodat over de verschillende perioden de volgende bedragen toewijsbaar zijn. </para>
    <para />
    <bridgehead role="underline">1 oktober 2017 tot en met maart 2018</bridgehead>
    <para>Geen recht op achterstallige bedragen en/of schadevergoeding. </para>
    <bridgehead role="underline">1 april 2018 tot en met 16 oktober 2018</bridgehead>
    <para>
      <emphasis role="bold">€ 266,54 bruto</emphasis> en <emphasis role="bold">€ 277,53 bruto </emphasis>aan schadevergoeding in verband met gederfd vakantiegeld en 13e maand. </para>
    <para />
    <bridgehead role="underline">17 oktober 2018 tot en met december 2018 </bridgehead>
    <para>
      <emphasis role="bold">€ 87,87 bruto</emphasis> en <emphasis role="bold">€ 91,49 bruto </emphasis>aan schadevergoeding in verband met gederfd vakantiegeld en 13e maand. </para>
    <bridgehead role="underline">1 januari 2019 tot en met 29 mei 2019 (afgerond 1 juni 2019)</bridgehead>
    <para>
      <emphasis role="bold">€ 183,34 bruto</emphasis> en <emphasis role="bold">€ 190,91 bruto </emphasis>aan schadevergoeding in verband met gederfd vakantiegeld en 13e maand. </para>
    <bridgehead role="underline">1 juni 2019 tot en met 16 oktober 2019  </bridgehead>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">€ 189,12 bruto</emphasis> en <emphasis role="bold">€ 196,92 bruto</emphasis> aan achterstallig vakantiegeld en 13e maand. </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">€ 194,13 bruto </emphasis>en<emphasis role="bold"> € 202,14 bruto </emphasis>aan schadevergoeding in verband met gederfd vakantiegeld en 13e maand. </para>
    </parablock>
    <bridgehead role="underline">17 oktober 2019 tot en met december 2019 </bridgehead>
    <para>
      <emphasis role="bold">€ 107,85 bruto</emphasis> en <emphasis role="bold">€ 112,30 bruto</emphasis> aan schadevergoeding in verband met gederfd 	vakantiegeld en 13e maand. </para>
    <bridgehead role="underline">1 januari 2020 tot en met juli 2020</bridgehead>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">€ 309,22 bruto </emphasis>en<emphasis role="bold"> € 321,98 bruto </emphasis>aan schadevergoeding in verband met gederfd 	vakantiegeld en 13e maand. </para>
      <para>- <emphasis role="underline">augustus en september 2020</emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="bold">€ 88,35 bruto </emphasis>en<emphasis role="bold"> € 91,99 bruto</emphasis> aan schadevergoeding in verband met gederfd 	vakantiegeld en 13e maand. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het voorgaande volgt dat de totale schadevergoeding in verband met gederfd vakantiegeld en 13e maand <emphasis role="bold">€ 2.525,64 bruto</emphasis> bedraagt. Het totale achterstallige vakantiegeld en 13e maand bedraagt <emphasis role="bold">€ 386,04 bruto</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vakantie-uren en schadevergoeding </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>5. Partijen zijn het eens met de in de tussenbeschikking weergegeven berekening(en), zodat vastgesteld wordt dat [verweerster] recht heeft op een bedrag van <emphasis role="bold">€ 6.172,95 bruto</emphasis> aan openstaande vakantie-uren en <emphasis role="bold">€ 3.672,79 bruto </emphasis>aan schadevergoeding ter hoogte van 96,5 vakantie-uren. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Conclusie </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>6. Uit het voorgaande volgt dat [verweerster] recht heeft op een totale schadevergoeding ter hoogte van <emphasis role="bold">€ 21.664,55 bruto</emphasis> en een bedrag van <emphasis role="bold">€ 2.363,99 bruto</emphasis> en <emphasis role="bold">€ 386,04 bruto</emphasis> aan achterstallig salaris respectievelijk achterstallig vakantiegeld en 13e maand. Deze bedragen zullen worden toegewezen. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Proceskosten</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>7. Zoals reeds in de tussenbeschikking is overwogen, worden de proceskosten gecompenseerd in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt. </para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">In het tegenverzoek:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <para>veroordeelt NBA tot betaling aan [verweerster] van een bedrag van € 2.363,99 bruto aan achterstallig salaris, te vermeerderen met de wettelijke verhoging die tot op heden begroot wordt op nihil;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <para>veroordeelt NBA tot betaling aan [verweerster] van een bedrag van € 386,04 bruto aan achterstallig vakantiegeld en 13e maand, te vermeerderen met de wettelijke verhoging die tot op heden begroot wordt op nihil; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <para>veroordeelt NBA tot betaling aan [verweerster] van een schadevergoeding ter hoogte van € 21.664,55 bruto; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <para>veroordeelt NBA tot betaling aan [verweerster] van de wettelijke rente over de onder I tot en met III vermelde bedragen, te berekenen vanaf 14 dagen na heden tot de algehele voldoening; </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">In het verzoek en tegenverzoek:</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <para>compenseert de proceskosten in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <para>verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <para>wijst het meer of anders verzochte af. </para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Deze beschikking is gegeven door mr. E.J. van der Molen, kantonrechter, in samenwerking met mr. R. van Rijn, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 26 oktober 2020.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>de griffier						de kantonrechter </para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>