<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2020:6228</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-12-14T13:44:20</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-12-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-12-14</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">13/730002-20 (Promis)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2020:6228">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2020:6228</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-12-11T14:54:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-12-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2020:6228 Rechtbank Amsterdam , 14-12-2020 / 13/730002-20 (Promis)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2020:6228:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Vrijspraak van medeplegen en medeplichtigheid aan een wederrechtelijke vrijheidsberoving omdat – nu niet is komen vast te staan dat verdachte hiervan wetenschap heeft gehad – niet is gebleken dat verdachte hierop opzet heeft gehad.</para>
        <para>Vrijspraak van medeplegen van (schuld)witwassen nu niet is gebleken dat verdachte wist of redelijkerwijs heeft moeten vermoeden dat in haar woning een geldbedrag is bewaard, zodat niet kan worden vastgesteld dat verdachte hierop opzet heeft gehad.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2020:6228:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK AMSTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <para />
    <para>
      <emphasis role="bold">VONNIS</emphasis>
    </para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 13/730002-20 (Promis)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum uitspraak: 14 december 2020</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1991, </para>
      <para>ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres [adres] , [woonplaats] .</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het onderzoek ter terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen op 16 en 17 november 2020 en 14 december 2020. Verdachte was bij de behandeling van haar strafzaak niet aanwezig. Haar raadsvrouw mr. S.C. van Bunnik was wel aanwezig en uitdrukkelijk gemachtigd door verdachte. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officieren van justitie mrs. C.J. Cnossen en E.B. Smit (<emphasis role="italic">hierna: de officier van justitie</emphasis>), de vorderingen van de benadeelde partijen en van wat verdachte en haar raadsvrouw mr. S.C. van Bunnik naar voren hebben gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is – kort samengevat – ten laste gelegd dat zij zich samen met anderen heeft schuldig gemaakt aan</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">feit 1:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>een wederrechtelijke vrijheidsberoving van [slachtoffer] en haar kinderen in de periode van 31 december 2019 tot en met 1 januari 2020 in Amsterdam en Almere, door de woning van [slachtoffer] te betreden met de eerder door hen weggenomen huissleutel, door te zeggen dat [slachtoffer] haar spullen moest pakken, door [slachtoffer] en haar kinderen te laten plaatsnemen in klaarstaande voertuigen, door [slachtoffer] haar telefoon te laten afstaan, door [slachtoffer] en haar kinderen naar de [adres] in [plaats] te brengen, door [slachtoffer] mee te nemen naar een parkeerplaats tegenover het Campanile hotel in Amsterdam Zuidoost en vervolgens weer mee terug naar de [adres] , door [slachtoffer] te slaan met een vuurwapen en te overgieten met kokend water, door [slachtoffer] met een vuurwapen te dreigen haar en haar kinderen te vermoorden, door [slachtoffer] en haar kinderen voortdurend te bewaken en door de woning op de [adres] in [plaats] ter beschikking te stellen;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>indien dat niet tot een bewezenverklaring leidt is ten laste gelegd:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>medeplichtigheid aan wederrechtelijke vrijheidsberoving van [slachtoffer] en haar kinderen in de periode van 31 december 2019 tot en met 1 januari 2020 in Amsterdam en Almere, door voornoemde feitelijkheden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">feit 2:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>witwassen van een geldbedrag van 100.000 euro in de periode van 19 november 2019 tot en met 30 december 2019 in Amsterdam.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De precieze tekst van de tenlastelegging is opgenomen in bijlage I bij dit vonnis en geldt als hier ingevoegd. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Vrijspraak</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het standpunt van het Openbaar Ministerie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft gerekwireerd dat verdachte dient te worden vrijgesproken van alle ten laste gelegde feiten. Ten aanzien van de wederrechtelijke vrijheidsberoving kan niet worden vastgesteld dat verdachte opzet heeft gehad op de wederrechtelijke vrijheidsberoving, dan wel op medeplichtigheid daarbij.  Niet is komen vast te staan dat verdachte op de hoogte is geweest van de plannen van de medeverdachten om aangeefster te ontvoeren en vast te houden in de woning van verdachte. Daarom kan niet worden bewezen dat bij verdachte sprake is geweest van opzet op de wederrechtelijke vrijheidsberoving of op de medeplichtigheid daarbij. Ten aanzien van de witwasverdenking kan niet worden bewezen dat verdachte wetenschap heeft gehad of had moeten hebben van het geldbedrag dat in de woning van verdachte is bewaard. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De raadsvrouw heeft bepleit dat verdachte wordt vrijgesproken van alle ten laste gelegde feiten. De raadsvrouw heeft daartoe – zakelijk weergegeven – het volgende aangevoerd. </para>
        <para>Van een wederrechtelijke vrijheidsberoving is geen sprake geweest. Indien de rechtbank van oordeel is dat sprake is geweest van een ontvoering, dan heeft verdachte daarvan geen wetenschap gehad. Omdat verdachte geen wezenlijke bijdrage heeft geleverd en geen opzet heeft gehad om bij de wederrechtelijke vrijheidsberoving behulpzaam te zijn, kan ook het medeplegen of medeplichtigheid niet worden bewezen. Bovendien is de verklaring van aangeefster om meerdere redenen onbetrouwbaar en ontbreekt steunbewijs. </para>
        <para>Het witwassen kan evenmin worden bewezen, omdat enkel op grond van de verklaring van aangeefster niet kan worden vastgesteld dat verdachte van geld in haar woning wist of dat zij dat redelijkerwijze moest weten. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Met de raadsvrouw en officier van justitie acht de rechtbank het onder feit 1 en feit 2 ten laste gelegde niet bewezen. De rechtbank zal verdachte daarvan vrijspreken. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Beslag </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Onder verdachte zijn de geldbedragen zoals vermeld onder nummers 1 en 2 op de beslaglijst in bijlage II bij dit vonnis in beslag genomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Bewaring ten behoeve van de rechthebbende </emphasis>
      </para>
      <para>De inbeslaggenomen geldbedragen zoals vermeld onder nummers 1 en 2 op de beslaglijst in bijlage II bij dit vonnis dienen te worden bewaard voor de rechthebbende. De goederen zijn aangetroffen in het huis van verdachte in het onderzoek naar de door de medeverdachten begane misdrijven. Nu onvoldoende is gebleken of deze voorwerpen aan verdachte dan wel aan derden toebehoren, zullen deze voorwerpen worden bewaard ten behoeve van de rechthebbende.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>Ten aanzien van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De benadeelde partijen [slachtoffer] , [dochtertje 1] en [dochtertje 2] zullen in de vorderingen niet-ontvankelijk worden verklaard, omdat verdachte van het ten laste gelegde wordt vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De benadeelde partij en de verdachte zullen ieder de eigen kosten dragen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart het onder feit 1 en feit 2 ten laste gelegde niet bewezen en <emphasis role="bold">spreekt verdachte daarvan vrij</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Gelast de bewaring ten behoeve van de rechthebbende</emphasis> van: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nummers 1 en 2 van de inbeslaggenomen voorwerpen zoals vermeld op de aan dit vonnis als bijlage II gehechte beslaglijst.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Verklaart de benadeelde partij [slachtoffer] niet-ontvankelijk in haar vordering.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bepaalt dat de benadeelde partij en de verdachte ieder de eigen kosten dragen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Verklaart de benadeelde partij [dochtertje 1] niet-ontvankelijk in haar vordering.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bepaalt dat de benadeelde partij en de verdachte ieder de eigen kosten dragen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Verklaart de benadeelde partij [dochtertje 2] niet-ontvankelijk in haar vordering.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bepaalt dat de benadeelde partij en de verdachte ieder de eigen kosten dragen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door </para>
      <para>mr. F.W. Pieters, 	voorzitter,</para>
      <para>mrs. M.J.E. Geradts en A.A. Fase, 	rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. E.A. Harland, 	griffier,</para>
      <para>en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 14 december 2020.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>