<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2020:1704</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-03-24T16:13:53</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-03-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-03-13</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">&lt;7785589 \ CV EXPL 19-11577</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2020:1704">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2020:1704</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-03-24T16:13:06</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-03-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2020:1704 Rechtbank Amsterdam , 13-03-2020 / &lt;7785589 \ CV EXPL 19-11577</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2020:1704:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>aanneming van werk, ondeugdelijk verrichte werkzaamheden?</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2020:1704:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="ac1c55b5-5679-4e8f-90ad-b47d85388521" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="9f84e3a0-4049-4f12-9d27-b6ec7ce5a510" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK AMSTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Afdeling privaatrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer \ rolnummer: 7785589 CV EXPL 19-11577</para>
      <para>Uitspraak: 13 maart 2020</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de kantonrechter</emphasis>
      </para>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>eiser in conventie,</para>
      <para>verweerder in reconventie,</para>
      <para>gemachtigde Van Arkel Gerechtsdeurwaarders &amp; Incasso,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>t e g e n </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. de vennootschap onder firma</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde 1] V.O.F.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [vestigingsplaats] ,</para>
    </parablock>
    <para>2. <emphasis role="bold">[gedaagde 2]</emphasis>,</para>
    <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
    <para>3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde 3] B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [vestigingsplaats] ,</para>
      <para>gedaagden in conventie,</para>
      <para>eisers in reconventie,</para>
      <para>vertegenwoordigd door gedaagde sub 2.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen worden hierna aangeduid als [eiser] en [gedaagden] c.s. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de dagvaarding van 13 mei 2019, </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de conclusie van antwoord tevens eis in reconventie, met producties, </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het ambtshalve gewezen tussenvonnis van 13 augustus 2019, waarin de zaak is verwezen naar repliek,</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de conclusie van repliek in conventie tevens vermindering van eis en conclusie van antwoord in reconventie, met producties,</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de conclusie van dupliek in conventie/repliek in reconventie, met een productie,</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de conclusie van dupliek in reconventie. </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten in conventie en in reconventie</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [eiser] heeft in opdracht van [gedaagden] c.s. (verbouwings)werkzaamheden verricht voor verschillende klanten van [gedaagden] c.s.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [eiser] heeft voor deze werkzaamheden onder andere de volgende facturen aan [gedaagden] c.s. gestuurd:</para>
      <informaltable>
        <tgroup cols="4">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <colspec colname="colD" />
          <tbody>
            <row>
              <entry>
                <para>26-09-2017</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>factuur 2017/027</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>820,01</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>05-10-2017</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>factuur 2017/028</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>1.823,20</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>19-10-2017</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>factuur 2017/031</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>788,75</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>22-11-2017</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>factuur 2017/034</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>672,35</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>04-05-2018</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>factuur 2018/007</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>4.283,40</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>12-05-2018</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>factuur 2018/009</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>411,40</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>09-09-2018</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>factuur 2018/019</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>507,60</para>
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Op 21 juni 2018 heeft [gedaagden] c.s. met betrekking tot factuur 2018/007 een deelbetaling gedaan van € 2.150,-. De resterende bedragen van bovenstaande facturen zijn door [gedaagden] c.s. niet voldaan.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Op 30 januari 2018 is [gedaagden] c.s. aansprakelijk gesteld door één van haar klanten wegens (door [eiser] verrichte) ondeugdelijk verrichte werkzaamheden.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het geschil</title>
    <bridgehead role="bold">In conventie </bridgehead>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>
        [eiser] vordert, na vermindering van eis, dat [gedaagden] c.s. hoofdelijk, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis zal worden veroordeeld tot betaling van € 7.156,71 aan hoofdsom, vermeerderd met de wettelijke (handels)rente en kosten. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>
        [eiser] stelt daartoe - kort gezegd - dat hij in opdracht van [gedaagden] c.s. werkzaamheden heeft verricht. [gedaagden] c.s. heeft een deel van de voor deze werkzaamheden verstuurde facturen echter onbetaald gelaten, zodat [eiser] nu betaling vordert van deze facturen. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>
        [gedaagden] c.s. voert verweer. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">In reconventie</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>
        [gedaagden] c.s. vordert dat [eiser] bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis zal worden veroordeeld tot betaling van € 10.232,76, vermeerderd met de wettelijke (handels)rente.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>Samengevat stelt [gedaagden] c.s. daartoe dat [eiser] zijn werkzaamheden ondeugdelijk heeft verricht en vervolgens in gebreke is gebleven om met [gedaagden] c.s. tot een oplossing te komen. De als gevolg hiervan door [gedaagden] c.s. geleden schade dient [eiser] te vergoeden. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>
        [eiser] voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <bridgehead role="bold">In conventie </bridgehead>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>
        [eiser] heeft in conventie nakoming gevorderd van de nog openstaande facturen. [gedaagden] c.s. stelt zowel in conventie als in reconventie aan dat [eiser] zijn werkzaamheden ondeugdelijk heeft verricht. Dit verweer faalt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <parablock>
        <para>Allereerst geldt dat [gedaagden] c.s. de betreffende facturen als zodanig niet heeft betwist, zodat haar betalingsverplichting vast staat.</para>
        <para>
          [gedaagden] c.s. voert evenwel aan dat zij met het oog op de geleden schade als gevorderd in reconventie, niet gehouden kan worden tot betaling van de nog openstaande facturen. Indien [gedaagden] c.s. aldus beoogt een beroep te doen op verrekening van haar betalingsverplichting met de door [gedaagden] c.s. in reconventie gestelde schadevergoedingsvordering, faalt dit beroep nu de reconventionele vordering, zoals hierna wordt overwogen, wordt afgewezen. De door [eiser] gevorderde hoofdsom van € 7.156,71 aan onbetaalde facturen ligt dan ook voor toewijzing gereed. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>
        [eiser] maakt aanspraak op de vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De kantonrechter stelt vast dat het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit) van toepassing is nu het verzuim na 1 juli 2012 is ingetreden. Gelet op productie 7 bij de conclusie van repliek in conventie stelt de kantonrechter vast dat [eiser] voldoende heeft gesteld en onderbouwd dat buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht. Het gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten komt overeen met het in het Besluit bepaalde tarief en zal worden toegewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <parablock>
        <para>Ten aanzien van de gevorderde (handels)rente wordt als volgt overwogen. Deze vordering is niet weersproken. Blijkens de berekening van de reeds verschenen rente is [gedaagden] c.s. uitgegaan van de gewone wettelijke rente ex art. 6:119 BW en niet van de handelsrente ex art. 6:119a BW. Daarom zal de wettelijke rente worden toegewezen.</para>
        <para>Nu - gelet op de vermindering van eis - niet meer één op één kan worden uitgegaan van het in de dagvaarding genoemde bedrag aan rente, zal de rente worden toegewezen vanaf de respectieve vervaldata van de onderliggende facturen. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>
        [gedaagden] c.s. zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten in conventie worden veroordeeld, aan de zijde van [eiser] tot op heden begroot op:</para>
      <informaltable>
        <tgroup cols="3">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <tbody>
            <row>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>92,46</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>aan explootkosten</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>231,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>aan griffierecht</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>600,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>aan salaris gemachtigde (2 punten x tarief € 300,-)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>923,46</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>totaal</para>
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para>De nakosten zullen worden toegewezen op de wijze als in de beslissing vermeld. </para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">In reconventie </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <para>In reconventie heeft [gedaagden] c.s. gesteld dat [eiser] - kort gezegd - ondeugdelijk werk heeft verricht. [eiser] had daarom met een oplossing moeten komen om de ten gevolge van zijn werkzaamheden ontstane schade te herstellen. [eiser] is echter in gebreke gebleven om met een oplossing te komen, waardoor [gedaagden] c.s. schade heeft geleden ten bedrage van € 10.232,76. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7.</nr>
      <para>Deze reconventionele schadevergoedingsvordering is niet toewijsbaar. Voor het slagen van een schadevergoedingsvordering geldt op grond van artikel 6:74 lid 2 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW), indien nakoming niet blijvend onmogelijk is, als vereiste dat de schuldenaar in verzuim is. Nu [gedaagden] c.s. niet heeft gesteld dat nakoming door [eiser] blijvend onmogelijk was, geldt dit vereiste in het onderhavige geval. Op grond van artikel 6:82 lid 1 BW treedt - kort gezegd - het verzuim in wanneer een schuldenaar in gebreke wordt gesteld. Niet is komen vast te staan dat [gedaagden] c.s. [eiser] in gebreke heeft gesteld. Anders dan [gedaagden] c.s. meent, kan de onder 2.4 genoemde aansprakelijkheidsstelling niet worden gekwalificeerd als een aan [eiser] uitgebrachte ingebrekestelling. Dit is immers een door één van de klanten van [gedaagden] c.s. aan [gedaagden] c.s. verstuurde brief en niet een schriftelijke mededeling van [gedaagden] c.s. aan [eiser] waarbij [gedaagden] c.s. hem een redelijke termijn stelt voor de nakoming van de door [gedaagden] c.s. contractuele verplichting jegens haar waarop zij zich in de onderhavige procedure beroept, als bedoeld in artikel 6:82 lid 1 BW. De vraag of deze brief wel of niet aan [eiser] is overhandigd, kan dan ook in het midden blijven. Nu niet is gesteld of gebleken dat [gedaagden] c.s. [eiser] anderszins in gebreke heeft gesteld, leidt bovenstaande tot de conclusie dat de door [gedaagden] c.s. ingestelde schadevergoedingsvordering reeds daarom niet kan slagen. De reconventionele vorderingen worden afgewezen. Hetgeen overigens is aangevoerd behoeft daarom geen bespreking. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.8.</nr>
      <para>
        [gedaagden] c.s. zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten in reconventie worden veroordeeld, aan de zijde van [eiser] tot op heden begroot op € 360,- (2 punten x tarief € 360,- x factor 0,5). De nakosten zullen worden toegewezen op de wijze als in de beslissing vermeld. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para>De kantonrechter:</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">In conventie </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagden] c.s. hoofdelijk, des dat de een betalende de ander zal zijn bevrijd, aan [eiser] een bedrag te betalen van € 7.156,71, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over dit bedrag vanaf de respectieve vervaldata van de onderliggende facturen tot aan de dag der algehele voldoening;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagden] c.s. aan [eiser] een bedrag te betalen van € 732,84 aan buitengerechtelijke incassokosten;	</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagden] c.s. in de proceskosten in conventie, aan de zijde van [eiser] tot op heden begroot op € 923,46,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.5.</nr>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af. </para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">In reconventie</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.6.</nr>
      <para>wijst de vorderingen af;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.7.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagden] c.s. in de proceskosten, aan de zijde van [eiser] tot op heden begroot op € 360,-.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">In conventie en in reconventie</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.8.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagden] c.s. hoofdelijk, des dat de een betalende de ander zal zijn bevrijd, in de na dit vonnis aan de zijde van [eiser] ontstane nakosten, begroot op € 180,00 aan salaris gemachtigde, te vermeerderen, onder de voorwaarde dat betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden en [gedaagden] c.s. niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan dit vonnis heeft voldaan, met een bedrag van € 68,00 aan salaris gemachtigde en de explootkosten van betekening van de uitspraak.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Aldus gewezen door mr. P.J. van Eekeren, kantonrechter, bijgestaan door mr. L. Goris, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 13 maart 2020.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>De griffier							De kantonrechter</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>