<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2019:8244</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T05:20:07</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-11-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-11-07</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">8096513  CV 19-20927</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>NJF 2020/7</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2019:8244">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2019:8244</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-11-05T13:36:33</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-11-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2019:8244 Rechtbank Amsterdam , 07-11-2019 / 8096513  CV 19-20927</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2019:8244:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Een Amsterdammer die nog een openstaande tandartsrekening had van 5 eurocent bij Infomedics hoeft die niet te betalen omdat de proceskosten van ruim 240 euro niet in verhouding staan tot die 5 eurocent.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2019:8244:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="66caaf95-1778-4f9a-9203-71d3a1af791c" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="4b48edd9-8694-4e00-8618-a3e1858685c8" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <?linebreak?>vonnis </para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK AMSTERDAM</bridgehead>
    <para>Afdeling privaatrecht</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Rolnummer: 8096513  CV 19-20927</para>
      <para>Vonnis van 7 november 2019 </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">Vonnis van de kantonrechter</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>I n z a k e </para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">Infomedics B.V.</bridgehead>
    <parablock>
      <para>gevestigd te Almere</para>
      <para>eiseres</para>
      <para>gemachtigde: CMIB Incassobureau B.V. en Yards Deurwaardersdiensten B.V. en dw R.W.F.M. Draaisma</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>t e g e n</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [gedaagde]
    </bridgehead>
    <parablock>
      <para>wonende te [woonplaats]</para>
      <para>gedaagde</para>
      <para>niet verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">VERLOOP VAN DE PROCEDURE</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij dagvaarding van 16 september 2019, met producties, heeft Infomedics na te melden vordering ingesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [gedaagde] is niet verschenen en heeft geen verzoek tot uitstel van de behandeling gedaan. Tegen hem is verstek verleend. Daarna is een datum voor vonnis bepaald.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>GRONDEN VAN DE BESLISSING</title>
    <para />
    <orderedlist numeration="arabic">
      <listitem>
        <para>Infomedics vordert [gedaagde] te veroordelen tot betaling van een hoofdsom van € 0,05, en de wettelijke rente over € 19,27 vanaf 6 september 2019, met veroordeling van [gedaagde] in de kosten van het geding.<?linebreak?></para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Infomedics stelt daartoe dat [gedaagde] een behandeling heeft laten verrichten door een tandarts in Amsterdam voor een bedrag van € 77,10, waarvan € 57,83 is vergoed door de zorgverzekeraar van [gedaagde] , zodat deze nog een bedrag van € 19,27 diende te voldoen. De factuur daarvoor is op 19 april 2019 verzonden. [gedaagde] is in verzuim sinds het verstrijken van de betalingstermijn van de factuur. De vordering is aan Infomedics gecedeerd ter incasso. Aan [gedaagde] zijn twee herinneringen verzonden en daarna op 4 juni 2019 een aanmaning, waarin is vermeld dat bij gebreke van betaling binnen 15 dagen nadat de brief aan [gedaagde] is bezorgd het openstaande bedrag wordt verhoogd met € 40,- aan incassokosten en de verschuldigde rente. [gedaagde] heeft na aanmaningen € 59,36 betaald. Conform artikel 6:44 BW is de betaling eerst in mindering gebracht op de incassokosten, vervolgens op de tot 6 september 2019 verschenen rente van € 0,14 en ten slotte op de hoofdsom, waarna € 0,05 aan hoofdsom resteerde.<?linebreak?></para>
      </listitem>
    </orderedlist>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Beoordeling<?linebreak?></title>
    <para>3. De kantonrechter is van oordeel dat de vordering niet voor toewijzing in aanmerking komt. Infomedics heeft een verkeerde betalingstermijn vermeld in haar dagvaarding - in de factuur staat 30 dagen en niet 28 dagen - en heeft niet vermeld wanneer [gedaagde] heeft betaald (vermoedelijk op 6 september 2019). Verder valt niet in te zien waarom zij na de betaling van [gedaagde] nog aanspraak maakt op rente over € 19,27 vanaf 6 september 2019. <?linebreak?></para>
    <para>4. Dit een en ander nog daargelaten, moet worden geconstateerd dat Infomedics voor de gestelde resterende hoofdsom van € 0,05 een dagvaarding heeft laten uitbrengen en de zaak op de rol van de kantonrechter heeft laten inschrijven. Daarmee is € 85,16 aan explootkosten € 36,- aan gemachtigdensalaris en € 121,- aan griffierecht gemoeid, in totaal derhalve € 242,16. Dat bedrag aan kosten staat niet in een redelijke verhouding met de gestelde hoofdsom. Het moet als misbruik van recht worden aangemerkt om een debiteur zodanig op kosten te jagen voor een verwaarloosbare vordering, om nog maar niet te spreken van de maatschappelijke kosten die met een procedure zijn gemoeid. De vordering komt daarom onrechtmatig voor, zodat deze zal worden afgewezen.<?linebreak?></para>
    <para>5. De kantonrechter kan zich niet aan de indruk onttrekken dat deze zaak zonder dat daaraan een mensenhand is te pas gekomen uit het geautomatiseerde systeem van Infomedics is gerold, maar dat doet aan voormeld oordeel niet af. Het is aan Infomedics om haar systeem zo in te richten dat enige controle plaatsvindt voordat een dagvaarding wordt aangemaakt en ook van de gerechtsdeurwaarder had mogen worden verwacht dat hij een blik op de inhoud van de dagvaarding had geworpen alvorens tot betekening over te gaan, hetgeen kennelijk eveneens achterwege is gebleven.</para>
    <para />
    <para>6. Bij deze uitslag blijven de proceskosten voor rekening van Infomedics. </para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <para>wijst de vordering af;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <para>veroordeelt Infomedics in de kosten van het geding, tot aan deze uitspraak aan de zijde van [gedaagde] begroot op nihil.</para>
      <para>
        <?linebreak?>
      </para>
      <parablock>
        <para>Aldus gewezen door mr. A.W.J. Ros, kantonrechter en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 7 november 2019 in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>