<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2019:7267</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-10-17T10:32:06</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-10-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-10-02</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">13/669101-18</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2019:7267">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2019:7267</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-10-17T10:31:33</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-10-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2019:7267 Rechtbank Amsterdam , 02-10-2019 / 13/669101-18</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2019:7267:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Gelet op de feiten en omstandigheden oordeelt de rechtbank dat verdachte tijdens zijn vlucht de tas bij zich droeg waarin cocaïne zat. De verklaring van verdachte acht de rechtbank ongeloofwaardig.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2019:7267:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK AMSTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para />
      <para>
        <emphasis role="bold">VONNIS</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 13/669101-18 (Promis) </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum uitspraak: 2 oktober 2019</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam verdachte] ,</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>geboren te [geboorteplaats] ( [land van herkomst] ) op [geboortedag] 1990,</para>
      <para>zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,</para>
      <para>wonende [adres 1] .</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek ter terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 18 september 2019.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie, mr. M.M. van den Berg, en van wat verdachte en zijn raadsman, mr. E.M. Steller, naar voren hebben gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is – na wijziging op de terechtzitting - ten laste gelegd dat hij op of omstreeks 15 november 2018 te Amstelveen opzettelijk aanwezig heeft gehad (ongeveer) 2.840 gram cocaïne, in elk geval een materiaal bevattende cocaïne, in elk geval een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Waardering van het bewijs</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Standpunt van het Openbaar Ministerie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het tenlastegelegde.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De raadsman heeft vrijspraak van het tenlastegelegde bepleit. Kort gezegd kan de rechtbank volgens hem niet buiten gerede twijfel vaststellen dat de aangetroffen tas met cocaïne in het bezit is geweest van verdachte.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank gaat op grond van de wettige bewijsmiddelen van de volgende feiten en omstandigheden uit.<footnote-ref linkend="_3f691f70-9b50-4688-94f3-8a2cc017ccdc" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Feiten en omstandigheden</emphasis>
        </para>
        <para>Op 15 november 2018 om 18:45 uur reden twee agenten in burger gekleed in een onherkenbaar politievoertuig op de [adres 2] in Amstelveen. Bij huisnummer [huisnummer 1] passeerden zij drie mannen die hen opvielen. De mannen liepen opvallend langzaam en keken veelvuldig om zich heen. Zij leken hun omgeving goed in de gaten te houden en bleven regelmatig even stilstaan. De mannen hadden een Oost-Europees uiterlijk en droegen donkere kleding. Bij huisnummer [huisnummer 2] bleven de mannen bij een BMW met Duits kenteken staan. Op het moment dat de agenten de mannen opnieuw passeerden, keerden de mannen om en liepen zij terug in de richting van de [adres 3] . Bij huisnummer [huisnummer 3] bleven de mannen in de schaduw op een zeer donkere plek staan.<footnote-ref linkend="_1948a540-1bf9-43df-8e43-623a68c16457" /> Eén van de mannen liep vervolgens terug naar de BMW en stapte als bestuurder in. De andere twee mannen liepen langzaam verder in de richting van de [adres 3] , terwijl de BMW in dezelfde richting wegreed. Vlak voor de [adres 3] gingen de BMW en de twee lopende mannen rechtsaf een doodlopend stuk van de [adres 2] in. De BMW werd in een heel donkere en onverlichte hoek geparkeerd. De twee lopende mannen ontmoetten een onbekend gebleven man en schudden hem de hand. De mannen keken hierbij goed om zich heen.<footnote-ref linkend="_3050b53b-d203-4170-b43f-a87bf96c1cb8" /></para>
        <para>De BMW met Duits kenteken reed vervolgens weg en werd gevolgd door twee andere agenten in een opvallend dienstvoertuig. Op de [adres 4] haalden zij de BMW in en gaven zij de bestuurder een stopteken. De BMW haalde daarop de agenten in en reed met verhoogde snelheid weg. Op de [adres 5] ter hoogte van perceel [nummer perceel 1] was de weg opgebroken.<footnote-ref linkend="_ad3030b2-661f-443c-92f0-31434b72275c" /> De BMW stopte en uit het rechter achterportier vluchtte een man die in zijn linkerhand een wit/gele tas vasthield. Hij rende weg over de [adres 5] in de richting van de [adres 3] .<footnote-ref linkend="_0ab3d115-b768-40a5-b51f-25e0247aad3d" /> Agent [naam 1] zag dat de man een witte papieren tas met daarop gele letters opgerold vasthield.<footnote-ref linkend="_cbc8600f-ee0e-4a58-8c0a-f929ba945178" /> Agent [naam 2] rende achter de man aan en agent [naam 1] voegde zich even later bij hem. Op de [adres 5] ter hoogte van perceel [nummer perceel 2] hoorde agent [naam 1] van agent [naam 2] dat de man over de schutting van huisnummer [nummer perceel 2] was geklommen en vermoedelijk in de achtertuinen was. Agenten [naam 2] en [naam 1] klommen over de schutting waarna het mogelijk was via de achtertuinen door te lopen naar de naastliggende percelen. Agent [naam 1] zag vervolgens op de grond tussen de tuinhuisjes van huisnummers [huisnummer 4] en [huisnummer 5] een tas liggen, met daaroverheen een dakpan.<footnote-ref linkend="_8b081760-4270-4a1b-837d-e0deba4a736d" /> De tas was van de [naam winkel 1] .<footnote-ref linkend="_8e631680-bc04-4105-b89f-b78624ed133f" /> Agent [naam 1] herkende de tas als de tas die de vluchtende man uit de BMW eerder vasthield. In de tas zat een aantal blokken verpakt in plastic.<footnote-ref linkend="_9027c2ac-bad9-4db7-bf5d-38d4437d897c" /> Het bleek om 2.84 kilogram cocaïne te gaan.<footnote-ref linkend="_367d8f4b-ad17-4700-8846-e1499c8dd84e" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op het [adres 3] , ter hoogte van [naam winkel 2] , is verdachte om 20:15 uur aangehouden. Hij had vieze schoenen en zijn broek was ter hoogte van zijn knieën bevuild. Ook had hij allerlei restanten van blaadjes en pluisjes op zijn rug.<footnote-ref linkend="_42b200e3-2d65-48c5-83a1-d128cec6ca79" /></para>
        <para>Agenten [naam 3] en [naam 1] herkenden verdachte als de man die uit de BMW vluchtte.<footnote-ref linkend="_a252f618-8fdc-4302-96bd-0d11a2051e5d" /></para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Verklaring van verdachte</emphasis>
        </para>
        <para>Gelet op voornoemde feiten en omstandigheden oordeelt de rechtbank dat verdachte tijdens zijn vlucht de tas bij zich droeg waarin cocaïne zat. De verklaring van verdachte, dat hij niet via de schutting naar de achterliggende tuinen is gevlucht en tijdens het vluchten ook geen tas bij zich had en dat dus een andere persoon de tas met 2.84 kilogram cocaïne (met een straatwaarde van ongeveer € 142.000) daar achtergelaten moet hebben, acht de rechtbank volstrekt onaannemelijk. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank acht bewezen dat verdachte op 15 november 2018 te Amstelveen opzettelijk 2.840 gram van een materiaal bevattende cocaïne aanwezig heeft gehad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank baseert deze beslissing op de in rubriek 3.3. weergegeven feiten en omstandigheden, zoals vervat in de als voetnoten weergegeven gebruikte bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>Strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezen geachte feit is volgens de wet strafbaar. Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>Strafbaarheid van verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Motivering van de straf</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>7.1.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Eis van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van één jaar, met aftrek van voorarrest.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.2.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De raadsman heeft verzocht om verdachte (in geval van een veroordeling) een voorwaardelijke gevangenisstraf, eventueel aangevuld met een taakstraf, op te leggen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.3.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De hierna te noemen strafoplegging is in overeenstemming met de ernst van het bewezen geachte, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals daarvan ter terechtzitting is gebleken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft bij de keuze tot het opleggen van een vrijheidsbenemende straf en bij de vaststelling van de duur daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft bijna drie kilogram cocaïne aanwezig gehad. Cocaïne is een middel waarvan het gebruik schadelijk is voor de volksgezondheid. De handel in en het gebruik van dergelijke middelen brengen, naar de ervaring heeft geleerd, allerlei soorten ernstige criminaliteit en overlast mee. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Blijkens een de verdachte betreffend strafblad van 20 augustus 2019 is verdachte niet eerder in Nederland wegens een strafbaar feit veroordeeld.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft bij de strafoplegging mede gelet  op de zogenoemde oriëntatiepunten straftoemeting van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (LOVS) van de hoven en de rechtbanken. Genoemde oriëntatiepunten dienen ter bevordering van de rechtseenheid in de strafoplegging. Volgens die oriëntatiepunten is voor het opzettelijk aanwezig hebben van 2 tot 3 kilogram harddrugs een gevangenisstraf van 9 maanden passend.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank is van oordeel dat gelet op alle hiervoor genoemde omstandigheden aanleiding bestaat bij de straftoemeting af te wijken van wat de officier van justitie heeft gevorderd.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank zal bepalen dat de onder inbeslaggenomen geldbedragen en telefoon aan verdachte worden teruggegeven, nu geen verband met het bewezenverklaarde feit kan worden vastgesteld. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>Toepasselijke wettelijke voorschriften</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De op te leggen straf is gegrond op de artikelen 2 en 10 van de Opiumwet. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 4 is vermeld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezen verklaarde levert op: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart het bewezene strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart verdachte, <emphasis role="bold">[naam verdachte]</emphasis>, daarvoor strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Veroordeelt verdachte tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf van 9 maanden</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beveelt dat de tijd die door veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van die straf in mindering gebracht zal worden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelast de teruggave aan verdachte van:</para>
    </parablock>
    <para>1. Geld Euro, 210.00</para>
    <parablock>
      <para>-</para>
      <para>5663693</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1.00 STK Zaktelefoon Kl:Zwart</para>
    <parablock>
      <para>BLACKBERRY</para>
      <para>5663697</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door </para>
      <para>mr. E.G.C. Groenendaal, 	voorzitter,</para>
      <para>mrs. K.A. Brunner en B.M. Visser, 	rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. E.J.M. van der Hooft, 	griffier,</para>
      <para>en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 2 oktober 2019.</para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_3f691f70-9b50-4688-94f3-8a2cc017ccdc" label="1">
    <para> Voor zover niet anders vermeld wordt in de voetnoten hierna telkens verwezen naar bewijsmiddelen die zich in het aan deze zaak ten grondslag liggende dossier bevinden, volgens de in dat dossier toegepaste nummering. Tenzij anders vermeld gaat het daarbij om processen-verbaal, in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1948a540-1bf9-43df-8e43-623a68c16457" label="2">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen met nummer PL1300-2018234178-24 van 16 november 2018, doorgenummerde pag. 06, 2e-3e alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3050b53b-d203-4170-b43f-a87bf96c1cb8" label="3">
    <para> Idem, doorgenummerde pag. 06, 8e-9e alinea en doorgenummerde pag. 07, 1e alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ad3030b2-661f-443c-92f0-31434b72275c" label="4">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen met nummer PL1300-2018234178-17 van 16 november 2018, doorgenummerde pag. 08, 2e-4e alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_0ab3d115-b768-40a5-b51f-25e0247aad3d" label="5">
    <para> Idem, doorgenummerde pag. 09, 1e alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_cbc8600f-ee0e-4a58-8c0a-f929ba945178" label="6">
    <para> Proces-verbaal aanvullend met nummer PL1300-2018234178-38 van 22 november 2018, ongenummerd, 3e en 6e alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_8b081760-4270-4a1b-837d-e0deba4a736d" label="7">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen met nummer PL1300-2018234178-17 van 16 november 2018, doorgenummerde pag. 09, 3e alinea en proces-verbaal aanvullend met nummer PL1300-2018234178-38 van 22 november 2018, ongenummerd, 4e alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_8e631680-bc04-4105-b89f-b78624ed133f" label="8">
    <para> Een geschrift, te weten een kennisgeving van inbeslagname met nummer PL1300-2018234178-12 van 15 november 2018, doorgenummerde pag. 1007-1008.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9027c2ac-bad9-4db7-bf5d-38d4437d897c" label="9">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen met nummer PL1300-2018234178-17 van 16 november 2018, doorgenummerde pag. 09, 3e alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_367d8f4b-ad17-4700-8846-e1499c8dd84e" label="10">
    <para> Een geschrift, te weten een kennisgeving van inbeslagname met nummer PL1300-2018234178-9 van 15 november 2018, doorgenummerde pag. 1003-1004, een proces-verbaal sporenonderzoek met nummer PL1300-2018234178-23 van 16 november 2018, doorgenummerde pag. 1013-1014 en een geschrift, te weten een rapport van drs. R.F. Kranenburg met nummer 2018234178 van 26 november 2018, doorgenummerde pag. 1016.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_42b200e3-2d65-48c5-83a1-d128cec6ca79" label="11">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen met nummer PL1300-2018234178-13 van 15 november 2018, doorgenummerde pag. 15, 5e alinea en één na laatste alinea en doorgenummerde pag. 16, 1e alinea.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a252f618-8fdc-4302-96bd-0d11a2051e5d" label="12">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen met nummer PL1300-2018234178-17 van 16 november 2018, doorgenummerde pag. 09, 1e alinea, laatste zin en 4e alinea, laatste zin.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>