<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2019:430</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-01-16T10:17:47</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-01-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-01-25</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">13/751899-18</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteEnEnigeAanleg">Eerste en enige aanleg</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2019:430">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2019:430</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-01-28T09:27:14</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-01-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2019:430 Rechtbank Amsterdam , 25-01-2019 / 13/751899-18</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2019:430:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>EAB Bulgarije, artikel 12 OLW, detentieomstandigheden</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2019:430:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">		                    RECHTBANK AMSTERDAM	</bridgehead>
    <bridgehead role="bold">		      INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 13/751899-18</para>
      <para>RK nummer: 18/7290</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Datum uitspraak: 25 januari 2019</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para />
      <para>
        <emphasis role="bold">    UITSPRAAK</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>op de vordering ex artikel 23 van de Overleveringswet (OLW), ingediend door de officier van justitie bij deze rechtbank. Deze vordering dateert van 29 oktober 2018 en betreft onder meer het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB).</para>
      <para>Dit EAB is uitgevaardigd op 6 maart 2018 door <emphasis role="italic">the Regional Prosecutor’s Office – Stara Zagora</emphasis> (Bulgarije) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">	[opgeëiste persoon],</emphasis>
      </para>
      <para>	geboren te [geboorteplaats] (Bulgarije) op [geboortedatum] 1978, </para>
      <para>ingeschreven in de Basisregistratie personen en verblijvend op het adres</para>
      <para>
        [adres], [plaats],</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hierna te noemen de opgeëiste persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Procesgang</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vordering is behandeld op de openbare zitting van 11 januari 2019. Het verhoor heeft plaatsgevonden in tegenwoordigheid van de officier van justitie, mr. K. van der Schaft. </para>
      <para>De opgeëiste persoon heeft zich doen bijstaan door mr. S.M. Hof, waarnemend voor zijn raadsvrouw, mr. S. Pijl, advocaat te Amsterdam, en door een tolk in de Bulgaarse taal.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van artikel 22, eerste lid, OLW uitspraak moet doen met dertig dagen verlengd en heeft vervolgens de termijn waarbinnen zij op grond van artikel 22, derde lid, OLW uitspraak moet doen voor onbepaalde tijd verlengd omdat zij die verlengingen nodig heeft om over de verzochte overlevering te beslissen. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Identiteit van de opgeëiste persoon 		</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft de identiteit van de opgeëiste persoon onderzocht. De opgeëiste persoon heeft ter zitting verklaard dat de bovenvermelde personalia juist zijn en dat hij de Bulgaarse nationaliteit heeft. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Grondslag en inhoud van het EAB</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Voor zover het EAB betrekking heeft op de vervolging van de opgeëiste persoon</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In onderdeel (b).1 van het EAB wordt melding gemaakt van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- een aanhoudingsbevel van <emphasis role="italic">the Public Prosecutor from the Regional Prosecutor’s Office – Stara Zagora</emphasis> van 2 maart 2018 (pre-trial proceedings No. 1228-3m 64/2016).</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De overlevering wordt voor wat betreft dit aanhoudingsbevel verzocht ten behoeve van een door de justitiële autoriteiten van de uitvaardigende lidstaat ingesteld strafrechtelijk onderzoek ter zake van het vermoeden dat de opgeëiste persoon zich schuldig heeft gemaakt aan naar het recht van Bulgarije strafbare feiten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze feiten zijn omschreven in onderdeel e) van het EAB. Een door de griffier gewaarmerkte fotokopie van dit onderdeel is als bijlage aan deze uitspraak gehecht. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Voor zover het EAB sterkt tot executie van aan de opgeëiste persoon opgelegde vrijheidsstraffen</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In onderdeel (b).2 van het EAB wordt melding gemaakt van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>een<emphasis role="italic"> verdict</emphasis> No. 138/06.07.2017 van <emphasis role="italic">the Regional Court – Stara Zagora</emphasis>, in werking getreden op 14 juli 2017 (public criminal case No. 3698/2016); </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>een <emphasis role="italic">ruling</emphasis> No. 1046/02.08.2017 van <emphasis role="italic">the Regional Court – Stara Zagora</emphasis>, in werking getreden op 18 augustus 2017 (private criminal case No. 2174/2017).</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>De overlevering wordt gelet op onderdeel (b).2.1 en (b).2.2 van het EAB voor wat betreft voormelde beslissingen verzocht ten behoeve van de tenuitvoerlegging van:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>een vrijheidsstraf voor de duur van 1 jaar, en </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>een vrijheidsstraf voor de duur van 6 maanden, </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>door de opgeëiste persoon te ondergaan op het grondgebied van de uitvaardigende lidstaat. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voormelde <emphasis role="italic">verdict</emphasis> en <emphasis role="italic">ruling</emphasis> betreffen de feiten zoals die zijn omschreven in onderdeel e) van het EAB. Een door de griffier gewaarmerkte fotokopie van dit onderdeel is als bijlage aan deze uitspraak gehecht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Artikel 12 van de OLW; informatie ongenoegzaam</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het EAB en de aanvullende informatie bij brief van 6 november 2018 blijkt dat een vrijheidsstraf van 1 jaar en een vrijheidsstraf van 6 maanden zijn opgelegd als <emphasis role="italic">cumulative punishments</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verder blijkt dat een <emphasis role="italic">cumulative punishment</emphasis> van 1 jaar vrijheidsstraf, is opgelegd met betrekking tot (straffen opgelegd in) de onderliggende strafzaken:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>No. 3595/2016, Stara Zagora Regional Court;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>No. 3698/2016, Stara Zagora Regional Court.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voorts is vermeld dat een <emphasis role="italic">cumulative punishment </emphasis>van 6 maanden vrijheidsstraf is opgelegd met betrekking tot de (straffen opgelegd in de) onderliggende strafzaken:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>No. 2389/2016, Stara Zagora Regional Court;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>No. 2391/2016, Stara Zagora Regional Court.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>Of deze <emphasis role="italic">cumulative punishment</emphasis> is opgelegd bij het vonnis met nummer 2389/2016 blijkt niet.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank is, anders dan de officier van justitie, van oordeel dat op grond van het EAB en de verstrekte aanvullende informatie onvoldoende duidelijk is geworden wat de aard is van de in onderdeel (b).2 van het EAB genoemde beslissingen in relatie tot de beslissingen (tot strafoplegging) in de onderliggende strafzaken. In het bijzonder is niet duidelijk of het vonnis met nummer 2174/17 een <emphasis role="italic">cumulative punishment</emphasis> inhoudt met betrekking tot twee van de hiervoor genoemde vonnissen, danwel van alle vier de vonnissen, zoals in de aanvullende informatie is vermeld. Dit laatste staat op gespannen voet met de hiervoor genoemde mededeling dat van nog een separate <emphasis role="italic">cumulative punishment</emphasis> van 6 maanden sprake is, zodat het EAB op twee te onderscheiden straffen zou zien. Al het voorgaande maakt dat in ieder geval ten aanzien van de in onderdeel (b).2 van het EAB genoemde beslissingen de toetsing aan artikel 12 van de OLW, althans de vaststelling of die beslissingen moeten worden getoetst aan dit artikel, niet mogelijk is gebleken. Gelet hierop zal de rechtbank de overlevering weigeren voor zover die gevraagd is voor de tenuitvoerlegging van de vrijheidsstraffen. Nu reeds nadere informatie is opgevraagd, zal de rechtbank niet nogmaals informatie opvragen, zoals de raadsvrouw heeft geopperd. Haar verzoek om aanhouding wordt afgewezen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>Strafbaarheid; feiten waarvoor dubbele strafbaarheid is vereist</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De uitvaardigende justitiële autoriteit heeft de feiten die ten grondslag liggen aan het aanhoudingsbevel van <emphasis role="italic">the Public Prosecutor from the Regional Prosecutor’s Office – Stara Zagora</emphasis> van 2 maart 2018 (pre-trial proceedings No. 1228-3m 64/2016) niet aangeduid als feiten waarvoor het vereiste van toetsing van dubbele strafbaarheid niet geldt. Overlevering kan in dat geval alleen worden toegestaan, indien voldaan wordt aan de kaderbesluitconform uitgelegde eisen die in artikel 7, eerste lid, aanhef en onder b, OLW juncto artikel 7, eerste lid, onder a, 2e OLW zijn neergelegd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank stelt vast dat hieraan is voldaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De feiten die ten grondslag liggen aan het aanhoudingsbevel van <emphasis role="italic">the Public Prosecutor from the Regional Prosecutor’s Office – Stara Zagora</emphasis> van 2 maart 2018 (pre-trial proceedings No. 1228-3m 64/2016) leveren naar Nederlands recht op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- <emphasis role="italic">opzettelijk gebruik maken van een vals geschrift, als bedoeld in artikel 225, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, als ware het echt en onvervalst.</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu de rechtbank de overlevering zal weigeren voor zover die gevraagd is voor de tenuitvoerlegging van de vrijheidsstraffen, komt de rechtbank niet meer toe aan de toetsing van de dubbele strafbaarheid van de feiten die aan deze vrijheidsstraffen ten grondslag liggen. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>Detentieomstandigheden</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft in eerdere zaken op grond van het <emphasis role="italic">Public statement</emphasis> van het CPT van <?linebreak?>26 maart 2015 geoordeeld dat in het algemeen een reëel gevaar bestaat dat personen die in Bulgarije zijn gedetineerd onmenselijk of vernederend worden behandeld, zoals bedoeld in artikel 4 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie (zie: Aranyosi en Căldăraru, HvJ EU 5 april 2016, C-404/15 en C-659/15 PPU, ECLI:EU:C:2016:198, punten 88-90.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft, mede gelet op het voorgaande, nadere informatie opgevraagd aan de uitvaardigende justitiële autoriteit met betrekking tot de detentieomstandigheden van de opgeëiste persoon na zijn overlevering in Bulgarije. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij brief van 20 december 2018 heeft het ‘Department of Justice, General Directorate “Execution of Penalties”, Stara Zagora Prison’ de volgende informatie verstrekt:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>“<emphasis role="italic">We here by inform you that if [opgeëiste persoon] is of the open-ended category he will be placed in an open prison dorm "Stara Zagora". Currently the dorm is not overpopulated, he will have at least 4 square meters living space and 24-hour access to a bathroom. In one part of the dorm there are shared bathrooms for every two or three bedrooms, while in another part each bedroom has a bathroom. The area of the sanitary facilities is not included in the calculation of [opgeëiste persoon]'s private space. </emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Practically [opgeëiste persoon] will be able to spend the time from getting up at 6:00 a.m. until evening check at 08:30 p.m. outside his living quarters. Most probably he will be employed at an outdoors workstation in the town of Stara Zagora. </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Inside his sleeping quarters he will spend the time for rest and sleep - from 08:30 p.m. till 06:00 a.m. on the next day.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">If a detention order is imposed on [opgeëiste persoon], he will be staying in the prison quarters, where the problem of overpopulation is also resolved. He will be provided with a minimum of 4 sq. m. living space, not including the bathrooms. Each bedroom has a separate bathroom, which is accessible 24 hours. </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">He will spend inside the living space only the time between 08:00 p.m. and 06:00 a.m. on the next day. The rest of the time he will be busy working or studying.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">The problem with wrongful use of physical force and other means by employees against people deprived of liberty in the Prison in Stara Zagora and its subdivisions has been long resolved and does not currently exist. </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Individual cases of violence among inmates have been reported. For each of those cases a thorough check is carried out and there is disciplinary, and in more severe cases criminal liability of the culprit.</emphasis>” </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij brief van 20 december 2018 heeft ‘District Prosecutor’s Office Stara Zagora’ het volgende verklaard:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>“<emphasis role="italic">From the reference of the prison in Stara Zagora it is obvious that if [opgeëiste persoon]'s penalty is only "imprisonment" with initial general regime, he will be placed in an open prison dormitory "Stara Zagora" type (there is such at the Stara Zagora prison), which is not overpopulated at the moment and where he would have a minimum of 4 sq. meters personal space, not including a sanitary facility, and he will have 24-hour access to a bathroom. </emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">In case the court also imposes on [opgeëiste persoon] detention (which is subject to future appraisal) - in connection with the carried out against him pre-trial case proceedings No 1228-3M 64/2016 on the docket by the General Directorate of the Ministry of Stara zagora (file No. 993/2016 on the docked by the District Prosecutor’s Office Stara Zagora), for which an European Arrest Warrant has also been issued, [opgeëiste persoon] will be staying in the prison quarters, where there is also no problem with overpopulation and he will have a minimum of 4 sq. meters personal space, not including the bathrooms. </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">In the reference provided by the Prison the other questions that you have asked are also answered. The work load mentioned in the above-mentioned reference by the Prison is optional for the inmates and it is paid, and two work days are counted as three days of imprisonment, excluding the work days the observance of which has been cancelled by the court.</emphasis>” </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank is, met de officier van justitie, van oordeel dat voormelde informatie tot de conclusie leidt dat voor de opgeëiste persoon geen sprake is van een reëel gevaar dat hij in detentie in Bulgarije onmenselijk of vernederend zal worden behandeld. Het verzoek om aanhouding van de raadsvrouw teneinde nadere informatie te vragen aan de uitvaardigende justitiële autoriteit over de detentieomstandigheden wordt dan ook afgewezen. Hierbij verwijst de rechtbank ook naar de uitspraak van de rechtbank van 7 augustus 2018 (ECLI:NL:RBAMS:2018:6159), waarbij is geoordeeld dat er geen reëel gevaar was dat de opgeëiste persoon, die eveneens in Stara Zagora Prison zou worden geplaatst, in detentie in Bulgarije onmenselijk of vernederend zou worden behandeld. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Artikel 4 van het Handvest staat gelet op het voorgaande niet in de weg aan  de overlevering. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>7</nr>Slotsom</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">EAB-vervolgingsdeel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu is vastgesteld dat het EAB voldoet aan de eisen van artikel 2 OLW en ook overigens geen weigeringsgronden aan de overlevering in de weg staan, dient de overlevering te worden toegestaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">EAB-executiedeel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu is vastgesteld dat de verstrekte informatie ongenoegzaam is met het oog op de toetsing aan artikel 12 van de OLW, moet de overlevering in zoverre worden geweigerd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>Toepasselijke wetsbepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De artikelen 225 van het Wetboek van Strafrecht en 2, 5, 7 en 12 van de OLW. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">EAB-vervolgingsdeel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">STAAT TOE</emphasis> de overlevering van <emphasis role="bold">[opgeëiste persoon],</emphasis></para>
      <para>aan <emphasis role="italic">the Regional Prosecutor’s Office – Stara Zagora</emphasis> (Bulgarije) ten behoeve van het in Bulgarije tegen hem gerichte strafrechtelijk onderzoek naar de feiten waarvoor zijn overlevering wordt verzocht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">EAB-executiedeel</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">WEIGERT</emphasis> de overlevering van <emphasis role="bold">[opgeëiste persoon],</emphasis></para>
      <para>aan <emphasis role="italic">the Regional Prosecutor’s Office – Stara Zagora</emphasis> (Bulgarije) ten behoeve van de tenuitvoerlegging van de vrijheidsstraffen, te ondergaan op het grondgebied van de uitvaardigende lidstaat, wegens de feiten waarvoor zijn overlevering wordt verzocht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gedaan door</para>
      <para>mr. A.K. Glerum,	  				                         voorzitter,</para>
      <para>mrs. A.R.P.J. Davids en B. Poelert,              				   rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. R.R. Eijsten,		                              griffier,</para>
      <para>en uitgesproken ter openbare zitting van 25 januari 2019. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open. </emphasis>
      </para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>