<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2018:104</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-01-15T12:38:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-01-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-01-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">13-751140-17     RK 17-1500</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#internationaalPubliekrecht">Internationaal publiekrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2018:104">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2018:104</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-01-15T12:20:07</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-01-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2018:104 Rechtbank Amsterdam , 11-01-2018 / 13-751140-17     RK 17-1500</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2018:104:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Uitlevering aan Servië toelaatbaar verklaard. Pychische problematiek leidt tot advies aan de Minister van Justitie en Veiligheid om detentiegeschiktheid te betrekken bij zijn oordeel.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2018:104:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK  AMSTERDAM, </bridgehead>
    <bridgehead role="bold">INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER </bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 13/751140-17</para>
      <para>RK nummer: 17/1500</para>
      <para>uitspraak: 11 januari 2018<?linebreak?></para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para />
      <para>
        <emphasis role="bold">UITSPRAAK</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>op de vordering ex artikel 23 van de Uitleveringswet van de officier van justitie in het arrondissement Amsterdam van 6 maart 2017, onder meer strekkende tot het in behandeling nemen van het door tussenkomst van de Minister van Veiligheid en Justitie (thans: <emphasis role="italic">Minister van Justitie en Veiligheid</emphasis>) ontvangen verzoek van de Servische autoriteiten tot uitlevering van: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [opgeëiste persoon] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren te [geboorteplaats] (voormalig Joegoslavië) op [geboortedatum] 1974, </para>
      <para>zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland, </para>
      <para>sinds 14 november 2017 gedetineerd in het [Psychiatrisch centrum] , <?linebreak?></para>
      <para>hierna te noemen de opgeëiste persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Procesgang. </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Zitting 6 juli 2017</emphasis>
        <?linebreak?>De rechtbank heeft op 6 juli 2017 de opgeëiste persoon en de officier van justitie, mr. U.E.A. Weitzel, ter openbare zitting gehoord. De opgeëiste persoon werd bijgestaan door een tolk in de Servo-Kroatische taal. De rechtbank heeft de gevangenhouding bevolen en het onderzoek gesloten. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Met betrekking tot de aan de opgeëiste persoon verleende juridische bijstand</emphasis>
        <?linebreak?>Gebleken is dat aan de opgeëiste persoon in een eerder stadium een raadsman was toegevoegd (mr. H.G. Koopman, advocaat te Amsterdam) maar dat hij diens bijstand niet wenste. <?linebreak?>De inhoudelijke behandeling van het uitleveringsverzoek stond eerder gepland op 18 mei 2017 maar is niet doorgegaan omdat een nieuwe advocaat ten behoeve van de opgeëiste persoon werd gezocht.</para>
      <para>Vervolgens is aan de opgeëiste persoon als raadsvrouw mr. T.J. Linthout, advocaat te Rotterdam, (abusievelijk) <emphasis role="italic">toegevoegd</emphasis> en is een nieuwe behandeldatum vastgesteld, te weten <?linebreak?>15 juni 2017.<?linebreak?>Bij de stukken bevindt zich een brief van 7 juni 2017 van mr. T.J. Linthout, waarin deze meedeelt zich als <emphasis role="italic">gekozen</emphasis> advocaat genoodzaakt te zien om haar moverende redenen de verdediging neer te leggen.<?linebreak?>Vervolgens heeft de opgeëiste persoon meegedeeld geen nieuwe advocaat te wensen.</para>
      <para>De opgeëiste persoon is op 6 juli 2017 niet door een advocaat bijgestaan en verklaarde aanvankelijk dat ook niet te wensen. Van dit standpunt is hij uiteindelijk teruggekomen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Tussenuitspraak 20 juli 2017</emphasis>
        <?linebreak?>Bij tussenuitspraak van 20 juli 2017 heeft de rechtbank het onderzoek heropend en voor onbepaalde tijd geschorst. Op grond van artikel 24, derde lid, Uitleveringswet heeft de voorzitter aan  het bestuur van de raad voor rechtsbijstand last gegeven tot aanwijzing van een raadsman aan de opgeëiste persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Zitting 28 december 2017</emphasis>
      </para>
      <para>Met instemming van de officier van justitie en de raadsman van de opgeëiste persoon hervat de rechtbank het onderzoek in de stand waarin het zich bevond op het tijdstip van de schorsing van 20 juli 2017. </para>
      <para>Gehoord zijn de officier van justitie, de opgeëiste persoon en zijn (nieuwe) raadsman mr. T. Nieuwburg, advocaat te Amsterdam.</para>
      <para>De opgeëiste persoon is bijgestaan door een tolk in de Servo-Kroatische taal.<?linebreak?></para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>Beoordeling.</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Identiteit van de opgeëiste persoon</emphasis>
      </para>
      <para>De opgeëiste persoon heeft ter zitting verklaard dat zijn personalia als bovengenoemd, juist zijn en dat hij niet de Nederlandse, maar de Servische nationaliteit heeft.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Grondslag en inhoud van het uitleveringsverzoek</emphasis>
      </para>
      <para>De uitlevering van de opgeëiste persoon wordt verzocht ter strafvervolging ter zake van de verdenking dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan de feiten waarvoor zijn aanhouding is gelast en zoals die zijn omschreven in een door de griffier gewaarmerkte en als bijlage aan deze uitspraak gehechte fotokopie van de <emphasis role="italic">indictment</emphasis> van 13 juni 2013 van <emphasis role="italic">the High Public Prosecutor’s Office </emphasis>in Novi Sad (Servië). </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Het bevel tot aanhouding</emphasis>
        <?linebreak?>De rechtbank heeft, mede gelet op het arrest van de Hoge Raad van 5 juli 2016 (ECLI:NL:HR:2016:1402), zich ervan vergewist of het bevel tot aanhouding, te weten de <emphasis role="italic">decision</emphasis>, van 21 maart 2013, afgegeven door <emphasis role="italic">the Investigative Judge</emphasis> A. Kurjački, verbonden aan <emphasis role="italic">the High Court</emphasis> in Novi Sad, voldoet aan de vereisten van artikel 12, tweede lid, aanhef en onder a van het Europees Verdrag betreffende uitlevering van 13 december 1957, (Trb.65, 9). </para>
      <para>Dit is het geval, het bevel betreft een authentiek afschrift, zoals ook bevestigd is door de officier van justitie, en het is opgemaakt in de vorm, voorgeschreven door de wet van de verzoekende Partij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Strafbaarheid </emphasis>
      </para>
      <para>De feiten waarvoor de uitlevering wordt verzocht zijn naar Servisch recht strafbaar en daarvoor kan telkens een vrijheidsstraf met een maximum van tenminste één jaar worden opgelegd, terwijl die feiten naar Nederlands recht als eenzelfde inbreuk op de Nederlandse rechtsorde strafbaar zijn en daarvoor telkens een vrijheidsstraf van tenminste één jaar kan worden opgelegd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Standpunten</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Het standpunt van de raadsman</emphasis>
        <?linebreak?>De raadsman heeft zich met betrekking tot de vordering gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. <?linebreak?>Hij heeft de rechtbank verzocht de Minister van Justitie en Veiligheid te adviseren rekening te houden met de psychiatrische problematiek waaraan de opgeëiste persoon lijdt en die is onderbouwd met een brief met diverse bijlagen van 27 december 2017, afkomstig van drs. R.N. van der Plank, algemeen directeur en hoofd van het [Psychiatrisch centrum] . </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">De vordering van de officier van justitie</emphasis>
        <?linebreak?>De officier van justitie heeft gevorderd de uitlevering toelaatbaar te verklaren. Weigeringsgronden zijn er niet en deze zijn ook niet gesteld. De feiten zijn dubbel strafbaar. </para>
      <para>De opgeëiste persoon heeft de Servische nationaliteit en heeft geen binding met Nederland.<?linebreak?>De officier van justitie acht het van belang dat de Minister van Justitie en Veiligheid kennis neemt van de problematiek en de mate van detentiegeschiktheid van de opgeëiste persoon, zoals deze kan blijken uit eerder genoemde brief met bijlagen. De officier van justitie heeft daarbij opgemerkt dat nu nog onvoldoende duidelijkheid bestaat omtrent de ontwikkeling van de psychische toestand van de opgeëiste persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Oordeel rechtbank</emphasis>
        <?linebreak?>De rechtbank is, met de officier van justitie en de raadsman, van oordeel dat er geen gronden zijn die in de weg staan aan de uitlevering van de opgeëiste persoon aan de verzoekende Staat, Servië. Zij komt dan ook tot de volgende beslissing.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Advies aan de Minister van Justitie en Veiligheid</emphasis>
        <?linebreak?>De rechtbank ziet in hetgeen is aangevoerd en onderbouwd, aanleiding de Minister van Justitie en Veiligheid te adviseren de detentiegeschiktheid van de opgeëiste persoon te betrekken bij diens oordeel over de inwilligbaarheid van het verzoek.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Slotsom</emphasis>
      </para>
      <para>Nu ten aanzien van de feiten waarvoor de uitlevering wordt gevraagd is bevonden dat aan alle daarvoor in de Wet en het toepasselijk Verdrag gestelde eisen is voldaan, dient de gevraagde uitlevering toelaatbaar te worden verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Toepasselijke wetsartikelen.</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Artikelen 2, 10, 10a en 11b van de Opiumwet;</para>
      <para>artikel 2 van de Uitleveringswet;</para>
      <para>de artikelen 1, 2 en 12 van het Europees Verdrag betreffende uitlevering van 13 december 1957 (Trb.65, 9) en artikel 5 van het Tweede Aanvullend Protocol bij dat Verdrag (Trb.1979, 120).</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>Beslissing.</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart <emphasis role="bold">TOELAATBAAR</emphasis> de door de autoriteiten van de Republiek Servië verzochte uitlevering van <emphasis role="bold">[opgeëiste persoon]</emphasis> voornoemd ter strafvervolging terzake van de verdenking dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan de feiten zoals vermeld in de aan deze uitspraak gehechte bijlage.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gedaan door</para>
      <para>mr. J.A.A.G. de Vries,	              			                         voorzitter,</para>
      <para>mrs. C. Klomp en B. Poelert,                    				   rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van L.C. Werkman,	                                          griffier,</para>
      <para>en uitgesproken ter openbare zitting van 11 januari 2018. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">De jongste rechter is buiten staat deze uitspraak mede te ondertekenen.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Ingevolge artikel 31 van de UW kan de opgeëiste persoon tegen deze uitspraak binnen 14 dagen beroep in cassatie instellen.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>