<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2017:9343</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-12-20T13:16:46</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-12-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-09-15</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">13/701925-17</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#opTegenspraak">Op tegenspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2017:9343">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2017:9343</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-12-15T08:16:01</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-12-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2017:9343 Rechtbank Amsterdam , 15-09-2017 / 13/701925-17</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2017:9343:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>ISD Diefstal</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2017:9343:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK AMSTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para />
      <para>
        <emphasis role="bold">VONNIS</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 13/701925-17 (Promis) </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum uitspraak: 15 september 2017</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>geboren te [geboorteplaats] (Bulgarije) op [geboortedag] 1993,</para>
      <para>zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,</para>
      <para>gedetineerd in het Huis van Bewaring [detentieplaats] .</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het onderzoek ter terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 1 september 2017.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie <?linebreak?>mr. F.E.A. Duyvendak en van wat verdachte en zijn raadsvrouw mr. S.C. van Bunnik naar voren hebben gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 3 juni 2017 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen één of meerdere levensmiddelen, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan winkelbedrijf Albert Heijn, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Voorvragen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De dagvaarding is geldig, deze rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde feit en de officier van justitie is ontvankelijk. Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Waardering van het bewijs</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heef gerekwireerd tot bewezenverklaring van de diefstal op grond van de aangifte, het proces-verbaal van de camerabeelden en de bekennende verklaring van verdachte op zitting.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Ten aanzien van de bewezenverklaring heeft de raadsvrouw zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht op grond van de bekennende verklaring van verdachte, de aangifte, en het proces-verbaal van de camerabeelden bewezen, dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, zoals beschreven in rubriek 5. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank acht op grond van de in de bijlage vervatte bewijsmiddelen bewezen dat verdachte </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op 3 juni 2017 te Amsterdam met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen levensmiddelen toebehorende aan winkelbedrijf Albert Heijn.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten staan, zijn deze verbeterd. Verdachte is hierdoor niet in de verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezen geachte feit is volgens de wet strafbaar. Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>De strafbaarheid van verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>Plaatsing in een inrichting voor stelmatige daders</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>8.1.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">De eis van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte de maatregel van plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders (ISD-maatregel) zal worden opgelegd voor de duur van twee jaren.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>8.2.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De verdediging heeft primair bepleit de ISD-maatregel niet op te leggen, omdat verdachte nooit eerder een drangkader tot hulpverlening is opgelegd en hij gemotiveerd is om vrijwillig mee te werken met de reclassering. De reclassering zou hem kunnen helpen met het verkrijgen van een BSN-nummer en een identiteitskaart. Bijzondere voorwaarden, verbonden aan een (deels) voorwaardelijke straf of een geheel voorwaardelijke ISD-maatregel, zijn passender. Subsidiair heeft de raadsvrouw bepleit de zaak aan te houden, zodat de reclassering de rechtbank kan voorlichten over begeleidingsmogelijkheden. Meer subsidiair heeft de raadsvrouw bepleit de maatregel op te leggen voor de duur van maximaal één jaar. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>8.3.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van het rapport van de reclassering van het Leger des Heils d.d. 30 juli 2017, opgemaakt door [rapporteur] . Dit rapport houdt onder meer in dat verdachte   veelvuldig in aanraking blijft komen met politie en justitie in Nederland. Volgens het Veiligheidshuis [locatie] komt hij afspraken met hulpverlening onvoldoende na en zorgt hij voor overlast. Mede gelet op de instabiele leefsituatie van verdachte, wordt het risico op recidive als hoog ingeschat. Verdachte kan geen aanspraak maken op sociale voorzieningen, omdat hij de Bulgaarse nationaliteit heeft, minder dan vijf jaar in Nederland verblijft en het hem ontbreekt aan aantoonbare legale werkverleden. Hierdoor kan aan een eventueel reclasseringstoezicht onvoldoende inhoud worden gegeven zodat wordt geadviseerd geen voorwaardelijke straf met bijzondere voorwaarden op te leggen, maar de maatregel van ISD. Tijdens de ISD-maatregel kan de mogelijkheid voor repatriëring naar Bulgarije worden onderzocht. Ook kan verder onderzoek gedaan worden naar eventueel aanwezige psychiatrische problematiek en kan een behandeling worden ingezet waarmee hij mogelijk beter gestabiliseerd naar Bulgarije kan terugkeren. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Ook blijkt uit het reclasseringsrapport dat veelvuldig, door verschillende instanties en voor meerdere probleemgebieden hulp is aangeboden aan verdachte.  Omdat verdachte de gemaakte afspraken niet naleefde, heeft dat er niet toe kunnen leiden dat het overlastgevende gedrag van verdachte is verminderd. Dat verdachte soortgelijke afspraken nu wel zou nakomen in het kader van een reclasseringstoezicht is niet aannemelijk geworden. De enkele toezegging van verdachte ter zitting is, gelet op de aard en omvang van de eerder aangeboden hulp, daarvoor onvoldoende. De rechtbank acht een (deels) voorwaardelijke straf met oplegging van bijzondere voorwaarden dan ook een gepasseerd station. </para>
        <para>Het reclasseringsrapport bespreekt de ingezette hulpverlening gedetailleerd, waardoor de rechtbank zich voldoende voorgelicht acht om over het nut en de noodzaak van eventuele bijzondere voorwaarden en reclasseringsbegeleiding te kunnen oordelen. Ook blijkt uit het GBA-uittreksel van verdachte dat hij al over een BSN-nummer beschikt. De rechtbank ziet daarom geen aanleiding  de behandeling van de zaak aan te houden om de reclassering nogmaals te laten adviseren. Het verzoek van de raadsvrouw wordt dus afgewezen.   </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank stelt vast dat voor het bewezen geachte feit aan alle voorwaarden is voldaan die artikel 38m van het Wetboek van Strafrecht aan het opleggen van de ISD-maatregel stelt. Hiervoor is bewezen verklaard dat verdachte een misdrijf heeft begaan waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten. Uit het uittreksel justitiële documentatie van <?linebreak?>10 augustus 2017 blijkt dat verdachte gedurende de vijf jaren voorafgaand aan <?linebreak?>3 juni 2017 meer dan driemaal wegens een misdrijf onherroepelijk is veroordeeld tot een vrijheidsbenemende straf, terwijl het in dit vonnis bewezen verklaarde feit is begaan na tenuitvoerlegging van deze straffen en er, zoals blijkt uit de hiervoor genoemde rapportage en het grote aantal veroordelingen in korte tijd, ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de verdachte wederom een misdrijf zal begaan. Verder eist de veiligheid van goederen het opleggen van deze maatregel, gezien het aantal door verdachte begane (winkel)diefstallen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Het doel van de ISD-maatregel strekt enerzijds tot het bieden van programma’s gericht op gedragsverandering of doorplaatsing naar andersoortige gezondheidszorg van betrokkene en anderzijds tot het feitelijk onmogelijk maken van het delinquente gedrag en het beveiligen van de maatschappij door middel van langdurige vrijheidsbeneming. De beëindiging van recidive door de verdachte en de beveiliging van de maatschappij zijn gelijkwaardige doelstellingen.  </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Al het voorgaande in aanmerking genomen is de rechtbank van oordeel dat aan verdachte de ISD-maatregel moet worden opgelegd. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Om de beëindiging van de recidive van verdachte en het leveren van een bijdrage aan de oplossing van zijn problematiek alle kansen te geven en daarnaast ter optimale bescherming van de maatschappij, is het van groot belang dat voldoende tijd wordt genomen om de ISD-maatregel ten uitvoer te leggen. Daarom zal de rechtbank de maatregel voor de maximale termijn van twee jaren opleggen en de tijd die door verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis is doorgebracht niet in mindering brengen op de duur van de maatregel. Daarbij tekent de rechtbank aan dat indien verdachte de keuze maakt om te remigreren naar Bulgarije, de ISD-maatregel op een eerder moment zal kunnen eindigen. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>Toepasselijke wettelijke voorschriften</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De op te leggen maatregel is gegrond op de artikelen 38m, 38n en 310 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>10</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezen verklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Diefstal</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart het bewezene strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart verdachte, [verdachte] , daarvoor strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Legt op de <emphasis role="bold">maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">2 (twee) jaren.</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door </para>
      <para>mr. B.E. Mildner, 	voorzitter,</para>
      <para>mrs. M.C. Eggink en I. Verstraeten-Jochemsen, 	rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. C.L. Lugthart, 	griffier,</para>
      <para>en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 15 september 2017.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De jongste rechter is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>