<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2017:7562</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-10-20T13:43:10</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-10-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-07-06</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">13/094663-95</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2017:7562">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2017:7562</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-10-19T12:00:34</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-10-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2017:7562 Rechtbank Amsterdam , 06-07-2017 / 13/094663-95</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2017:7562:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>verlenging TBS</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2017:7562:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <bridgehead role="bold">RECHTBANK AMSTERDAM</bridgehead>
  <para />
  <para />
  <parablock>
    <para>Parketnummer: 13/094663-95</para>
  </parablock>
  <para />
  <para />
  <parablock>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="bold">BESCHIKKING</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>op de op 15 mei 2017 ter griffie van deze rechtbank ingekomen vordering van de officier van justitie in het arrondissement Amsterdam d.d. 12 mei 2017 in de zaak tegen:</para>
  </parablock>
  <para />
  <bridgehead role="bold">
    [terbeschikkinggestelde],</bridgehead>
  <para />
  <parablock>
    <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1964,</para>
    <para>thans verpleegd in [verpleegadres],</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>die bij vonnis van deze rechtbank d.d. 29 mei 1996 ter beschikking gesteld werd, teneinde van overheidswege te worden verpleegd, welke terbeschikkingstelling laatstelijk bij beschikking van deze rechtbank d.d. 11 juni 2015 voor de tijd van twee jaren werd verlengd.</para>
  </parablock>
  <para />
  <para />
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="underline">De inhoud van de vordering</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>De vordering van de officier van justitie strekt tot het verlengen van de termijn van genoemde terbeschikkingstelling met één jaar</para>
  </parablock>
  <para />
  <para />
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="underline">De procesgang</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>De rechtbank heeft kennis genomen van de stukken in de zaak met bovenvermeld parketnummer, waaronder:</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>- het op 4 april 2017 op grond van artikel 509o, tweede lid van het Wetboek van Strafvordering uitgebrachte advies, strekkende tot verlenging van deze terbeschikkingstelling met een jaar, alsmede de daarbij overgelegde aantekeningen.</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>De rechtbank heeft op 6 juli 2017 de officier van justitie mr. R.A. Kloos, de terbeschikkinggestelde en diens raadsman mr. S.J. van der Woude, advocaat te Amsterdam, alsmede de deskundige T.A.M. Deenen, verbonden aan het [verpleegadres], in openbare raadkamer gehoord. Hiervan is afzonderlijk proces-verbaal opgemaakt.</para>
  </parablock>
  <para />
  <para />
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="underline">De beoordeling</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>Aan genoemd <emphasis role="bold">advies van het [verpleegadres] van 4 april 2017</emphasis> wordt het volgende ontleend, zakelijk weergegeven:</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">Kernproblematiek</emphasis>
    </para>
    <para>Betrokkene is gediagnosticeerd met schizofrenie van het paranoïde type, alsook met een verstandelijke beperking.</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">Behandelverloop huidig FPC</emphasis>
    </para>
    <para>Betrokkene verblijft sinds februari 2015 in [verpleegadres] op een afdeling voor ongewenst Vreemdelingen met TBS. Uit Suriname kwam informatie dat er nieuwe ontwikkelingen gaande zijn en hierdoor er wellicht toch mogelijkheden zijn voor opname binnen het [psychiatrisch ziekenhuis] Het ministerie heeft daarom een machtiging voor begeleid verlof afgegeven ten behoeve van het onderzoeken van de mogelijkheden voor repatriëring. Het ziekenhuis in Suriname heeft laten weten dat er een resocialisatie afdeling is ontwikkeld, waar betrokkene voor langere periode zou kunnen verblijven. Er is daar professionele begeleiding aanwezig, waardoor ondersteuning vanuit de familie niet nodig zou zijn. De mogelijkheden en de haalbaarheid hiervan worden op dit moment door de maatschappelijk werker en een onafhankelijk psychiater onderzocht. De psychiater heeft het ziekenhuis in Suriname bezocht en geoordeeld dat er inderdaad mogelijkheden zijn voor betrokkene. Mocht er overeenstemming worden behaald door het [psychiatrisch ziekenhuis] en [verpleegadres], dan moet er nog wel een geldig reisdocument worden afgegeven door het Surinaamse consulaat. </para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">Recidivegevaar</emphasis>
    </para>
    <para>Verblijf in een TBS instelling is nog altijd noodzakelijk omdat de problematiek van betrokkene onbehandelbaar is gebleken en deze in onverminderde mate aanwezig is. Dit zorgt voor een hoge mate van het risico op delictgedrag wanneer er geen begeleiding en controle aanwezig is. </para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">Koers en prognose</emphasis>
    </para>
    <para>Het huidige verblijf van betrokkene wordt door het behandelteam als best passend gezien. Het ziekenhuis in Suriname kan dezelfde situatie bieden. Betrokkene zou hier kunnen verblijven op een resocialisatieafdeling, waarbij hij een eigen woonunit op het terrein krijgt en waar hij langdurig (jaren) zou kunnen verblijven. Zij hebben voldoende begeleiding in huis, waardoor geen beroep hoeft te worden gedaan op familie. Tevens kunnen zij betrokkene de medicamenteuze behandeling bieden die [verpleegadres] op dit moment ook biedt. Het verschil is dat hier sprake zal zijn van een meer open afdeling, waardoor de verloven, waarmee betrokkene sinds maart is gestart, kunnen worden gebruikt in de behandeling hier naartoe. Door middel van deze verloven zullen betrokkenes mogelijkheden en moeilijkheden aan de oppervlakte komen en zal onderzocht worden hoe betrokkene voldoende toegerust kan worden om in een meer open afdeling te kunnen verblijven.</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">Advies</emphasis>
    </para>
    <para>Geadviseerd wordt de maatregel van terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege te verlengen voor de duur van een jaar.</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>De deskundige heeft dit advies ter zitting bevestigd en aangevuld in die zin dat er inmiddels een paspoort voor betrokkene klaar ligt op het consulaat, maar dat deze nog niet aan betrokkene is afgegeven. </para>
  </parablock>
  <para />
  <para />
  <para />
  <parablock>
    <para>Gelet op voormeld advies, het verhandelde in raadkamer en artikelen 38d en 38e van het Wetboek van Strafrecht, is de rechtbank van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen eist dat de termijn van de terbeschikkingstelling met één jaar wordt verlengd.</para>
  </parablock>
  <para />
  <para />
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="underline">Beslissing</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>De rechtbank wijst de vordering van de officier van justitie toe en verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling van <emphasis role="bold">[terbeschikkinggestelde]</emphasis> voornoemd met één jaar.</para>
  </parablock>
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <parablock>
    <para>Deze beschikking is gegeven in openbare raadkamer van deze rechtbank door</para>
    <para>mr. P.L.C.M. Ficq,	voorzitter,</para>
    <para>mrs. W.H. van Benthem en J.I.M. Kuin,	rechters,</para>
    <para>in tegenwoordigheid van mr. E. Bouwhuis,	griffier,</para>
    <para>en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 6 juli 2017.</para>
  </parablock>
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <para />
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">			mr. J.I.M. Kuin is buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <para />
</uitspraak>
</open-rechtspraak>