<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2017:6955</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T01:30:24</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-09-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-09-26</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/13/633877 / KG ZA 17-923</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#kortGeding">Kort geding</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>NJF 2017/552</rdf:li>
          <rdf:li>PS-Updates.nl 2017-0758</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2017:6955">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2017:6955</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-09-26T11:22:30</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-09-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2017:6955 Rechtbank Amsterdam , 26-09-2017 / C/13/633877 / KG ZA 17-923</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2017:6955:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Gedaagde mocht in een vraaggesprek in het televisieprogramma RTL Boulevard een publicist kierewiet noemen. Daarmee heeft gedaagde niet onrechtmatig gehandeld. Dat heeft de kort gedingrechter bepaald.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2017:6955:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="681198fd-c83b-43e4-8f40-a50709f2faec" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="9d41e67c-853d-4955-9552-ba0e3844215f" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK AMSTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Afdeling privaatrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/13/633877 / KG ZA 17-923</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis in kort geding van 26 september 2017</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>eiser bij dagvaarding van 4 september 2017,</para>
      <para>advocaat mr. T.J. Stapel te Haarlem,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">FREMANTLEMEDIA NETHERLANDS B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Hilversum,</para>
    </parablock>
    <para>2.	<emphasis role="bold">[gedaagde 2]</emphasis>,</para>
    <parablock>
      <para>wonende op een geheim adres,</para>
      <para>gedaagden,</para>
      <para>advocaat mr. H.A.J.M. van Kaam te Amsterdam.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna [eiser] , Fremantlemedia en [gedaagde 2] worden genoemd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <parablock>
      <para>Ter terechtzitting van 12 september 2017 heeft [eiser] gesteld en gevorderd overeenkomstig de in fotokopie aan dit vonnis gehechte dagvaarding. Fremantlemedia en [gedaagde 2] hebben verweer gevoerd met conclusie tot weigering van de gevraagde voorzieningen. Partijen hebben producties in het geding gebracht, Fremantlemedia en [gedaagde 2] ook een pleitnota. Na verder debat hebben partijen verzocht vonnis te wijzen.</para>
      <para>Ter zitting waren aanwezig:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>
          [eiser] met mr. Stapel,</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          [gedaagde 2] en namens Fremantlemedia [naam] met mr. Kaam.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [eiser] publiceert op zijn website, op facebook, op youtube.com en in boeken over misdaden. Een van de misdaden waarover [eiser] publiceert is de moord op [naam 1] in 1999.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [gedaagde 2] is een veelgevraagde spreker in televisieprogramma’s, waaronder het programma RTL Boulevard. Fremantlemedia is de producent van dat programma.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>De moeder en de broer van [naam 1] zijn een kort geding begonnen tegen [eiser] bij de rechtbank Noord Holland. Daarin hebben zij een contactverbod  gevorderd en een bevel om publicaties op zijn website en facebook te verwijderen, die publicaties te rectificeren, en verder hem te verbieden om in woord of geschrift enige uiting te publiceren waarin hij stelt dat de moeder van [naam 1] wordt gechanteerd door haar familie of waarin hij kennelijk de moeder van [naam 1] , of [naam 1] zelf, citeert of lijkt te citeren.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <parablock>
        <para>Op 13 juni 2017 heeft het televisieprogramma RTL Boulevard, met als gastspreker [gedaagde 2] , aandacht besteed aan dat kort geding. Op de vraag van de presentator waar het over gaat heeft [gedaagde 2] het volgende gezegd:</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">“Nou dit is een verhaal dat al veel langer speelt. Er is een zogenaamde complotdenker, [eiser] heet die, hij is van mening dat de man die voor de moord op [naam 1] is veroordeeld, en die dat ook heeft bekend, dat die onschuldig is, en dat die erin geluisd is, onder meer door mij ook. Daar beschuldigt hij mij ook van en hij blijft nu ook de moeder lastigvallen via internet, via briefjes, noem maar op. Die worden daar helemaal gek en gestoord van. Deze man is kierewiet en die moet eigenlijk in een dwangbuis worden afgevoerd.”</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <parablock>
        <para>De mondelinge behandeling van dat kort geding was op 24 juli 2017 in Haarlem. Die dag heeft RTL Boulevard daar weer aandacht aan besteed. Het gesprek daarover tussen de presentator van RTL Boulevard, een mede-presentator en [gedaagde 2] ging – voor zover hier van belang – als  volgt:</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">“</emphasis>[presentator]:<emphasis role="italic"> (1:05)</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">De moord op [naam 1] werd vier jaar geleden opgelost. [eiser] blijft echter hardnekkig volhouden dat de echte dader nog vrij rondloopt. Hij blijft de familie ongevraagd bestoken met zijn theorieën over de moord.’</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">(…)</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Voice over: (2:31)</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘De nabestaanden van [naam 1] hopen in elk geval dat de rechter hun eisen inwilligt en dat [eiser] moet stoppen met zijn publicaties.’</emphasis>
        </para>
        <para>[presentator]:<emphasis role="italic"> (2:40)</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘Ja, zou dat terecht zijn [gedaagde 2] ?’</emphasis>
        </para>
        <para>[ [gedaagde 2] ]:<emphasis role="italic"> (2:41)</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘Nou (wordt gelachen), dat is méér dan terecht. Dat is echt bizar ongelofelijk wat hier allemaal gebeurt. Ik loop bijna 40 jaar mee in dit vak. Ik heb het zelden zo zout gegeten, dat iemand slachtoffers van een gruwelijk misdrijf zo blijft bestoken, belagen, stalken, lastigvallen, beledigen, noem het allemaal maar op. Hij gaat maar door. Ja, dat is echt ongelofelijk gewoon.’</emphasis>
        </para>
        <para>[presentator]:<emphasis role="italic"> (3:08)</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘Wat is de achtergrond van deze [eiser] ? Hij wordt publicist genoemd, maar wie is het?’</emphasis>
        </para>
        <para>[ [gedaagde 2] ]:<emphasis role="italic"> (3:12)</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘Nou, dat is veel te veel eer dat woord publicist, het is gewoon een stalker. Een man die leeft met waanideeën, een complotdenker. Hij gelooft dus dat de werkelijke dader onschuldig is. Hij verwijt mij ook dat ik de echte dader de hand boven het hoofd hou...’</emphasis>
        </para>
        <para>[presentator]<emphasis role="italic"> (tussendoor): (3:29)</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘Oh ja want dat doe jij.’</emphasis>
        </para>
        <para>[ [gedaagde 2] ]<emphasis role="italic"> (gaat verder): (3:30)</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘... waarom zou ik, weet je wel. En hij blijft de familie daar maar mee lastigvallen. Hij publiceert brieven zogenaamd van [moeder naam 1] , de moeder, die al zo veel heeft meegemaakt, waarin zij dan allerlei dingen zegt die hij gewoon verzonnen heeft. Hij praat hun aan dat [naam 1] , waar ze op dit moment dan ook is, zeg maar, hen verraders vindt. Dat ze haar nagedachtenis verraden. Moet je je voorstellen dat je de moeder van een vermoord meisje, dat verkracht in een weiland is gevonden, op die manier daarover publiceert. Dat je dat op je website zet. Ik heb in een eerdere uitzending hier gezegd over deze man dat ie volslagen kierewiet is en in een dwangbuis afgevoerd moet worden. Nou dat is eigenlijk nog te mild uitgedrukt voor wat hij allemaal doet. (…)’</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">(…)</emphasis>
        </para>
        <para>[mede-presentator]:<emphasis role="italic"> (4:36)</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘Hij is al heel lang bezig, waarom is het zo lastig om zo’n man dan te stoppen?’</emphasis>
        </para>
        <para>[ [gedaagde 2] ]:<emphasis role="italic"> (4:39)</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘Nou hij is al meermalen veroordeeld, echt talloze vonnissen. Hij heeft ook dwangsommen al verspeeld. Maar deze man, ja, die heeft een bord voor z’n kop van een omvang die niet is aan te duiden. Die gaat door. Hij heeft ook toevallig wat geld. Hij heeft in, toen die nog redelijk normaal was, heeft ie in z’n leven wat centjes verdiend.’</emphasis>
        </para>
        <para>[presentator]:<emphasis role="italic"> (5:01)</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘Waarmee?’</emphasis>
        </para>
        <para>[ [gedaagde 2] ]:<emphasis role="italic"> (5:02)</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘In de ICT. En nu kan die zich dus permitteren om dit soort rechtszaken aan te gaan...’</emphasis>
        </para>
        <para>[mede-presentator]: </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘Maar dat kost natuurlijk hartstikke veel geld, ook voor hem.’ (5:09)</emphasis>
        </para>
        <para>[ [gedaagde 2] ]:<emphasis role="italic"> (5:10)</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘Dat kost wel geld en hij moet schadevergoedingen betalen en ook nu worden er weer dwangsommen gevorderd. Ik hoop ook dat de rechter dit toewijst. Ik heb hier de dagvaarding van mr. Moszkowicz. Als je dit leest, en dat is gewoon een voornamelijk feitelijk verslag over alles wat hij op zijn site publiceert, dan rijzen de haren je te berge.’</emphasis>
        </para>
        <para>[presentator]:<emphasis role="italic"> (5:31)</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘Maar er is geen enkele theorie die enig hout snijdt hè?’</emphasis>
        </para>
        <para>[ [gedaagde 2] ]:<emphasis role="italic"> (5:34)</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘Geen enkele hout snijdt. Hij denkt ook dat </emphasis>[naam, voorzieningenrechter]<emphasis role="italic"> er mee te maken heeft. Allerlei andere hooggeplaatste justitieambtenaren. Nou ja, mijn persoon ook. Het slaat echt helemaal nergens op en het wordt echt de hoogste tijd dat iemand deze man het zwijgen oplegt. De rechter dus in dit geval. Ik vraag me af, heeft deze man geen familie of mensen om zich heen die eens een keer zeggen: ...‘</emphasis></para>
        <para>[mede-presentator]:<emphasis role="italic"> (5:57)</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘Die dat tegen hem gaan zeggen ja’</emphasis>
        </para>
        <para>[ [gedaagde 2] ]:<emphasis role="italic"> (5:57)</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘... van joh, zo is het nou wel genoeg geweest, nu dimmen, want deze mensen zijn slachtoffer, daar ga je niet zo mee om.’</emphasis>
        </para>
        <para>[presentator]:<emphasis role="italic"> (6:03)</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘Hij is dus duidelijk psychisch in de war zou je kunnen zeggen. Maar goed, ik ben geen arts uiteraard.’</emphasis>
        </para>
        <para>[ [gedaagde 2] ]:<emphasis role="italic"> (6:06)</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘To put it mildly.’</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">”</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Bij vonnis van 7 augustus 2017 zijn de onder 2.3 vermelde vorderingen jegens [eiser] toegewezen.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het geschil</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>
        [eiser] vordert bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, Fremantlemedia te veroordelen tot het plaatsen van een rectificatie op de website van RTL Boulevard, en verder tot het door een presentator van dat programma uitspreken van die rectificatie, met bepaling van een dwangsom op iedere veroordeling van € 2.500,00 per dag met een maximum van € 500.000,00. Daarnaast vordert [eiser] hoofdelijke veroordeling van Fremantlemedia en [gedaagde 2] tot het betalen van een voorschot van € 20.000,00 op de schadevergoeding. Een en ander met hoofdelijke veroordeling van Fremantlemedia en [gedaagde 2] in de proceskosten.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>
        [eiser] stelt daartoe – kort gezegd – dat de uitspraak van [gedaagde 2] in de uitzendingen van het programma RTL Boulevard dat [eiser] kierewiet is en eigenlijk moet worden afgevoerd in een dwangbuis, feitelijk onjuist is, omdat de indruk wordt gewekt dat hij psychisch niet in orde is. Daarvoor bestaat geen feitelijk bewijs. Daarmee zijn de uitingen van [gedaagde 2] onrechtmatig. Bovendien overtreedt hij artikel 261 Wetboek van Strafrecht (smaad).  Er is grote ongelijkheid tussen partijen, omdat [gedaagde 2] zijn uitspraken doet in een veelbekeken televisieprogramma, terwijl [eiser] zo’n groot publiek niet kan bereiken. Fremantlemedia (en [gedaagde 2] ) hadden hem daarom in gelegenheid moeten stellen om weerwoord te geven in hetzelfde televisieprogramma. Dat Fremantlemedia en [gedaagde 2] dit hebben nagelaten moet worden meegewogen bij de beslissing of de uiting van [gedaagde 2] in RTL Boulevard onrechtmatig is jegens hem, aldus [eiser] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <parablock>
        <para>Fremantlemedia en [gedaagde 2] voeren aan dat [gedaagde 2] een waardeoordeel heeft gegeven over de gedragingen van [eiser] . Die gedragingen zijn onderwerp van de kortgeding procedure die de moeder en broer van [naam 1] tegen hem hebben aangespannen. Het is niet nodig dat een waardeoordeel feitelijk wordt bewezen, zeker niet in het licht van het Wetboek van Strafrecht. Overigens is het waardeoordeel van [gedaagde 2] gebaseerd op de gedragingen van [eiser] bij het onderzoek naar, en het strafproces over, de moord op [naam 1] .  </para>
        <para>Het principe van wederhoor is geen recht, maar kan worden gebruikt bij een publicatie. Dat is vooral van belang indien die publicatie bepaalde feiten aan de orde stelt, maar de feiten waarop het waardeoordeel van [gedaagde 2] is gebaseerd zijn van algemene bekendheid, of kunnen worden geacht dat te zijn, aldus Fremantlemedia en [gedaagde 2] .</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>Verder heeft [gedaagde 2] ter zitting aangevoerd persoonlijk te zijn geraakt door de gedragingen van [eiser] . Met name zijn beschuldiging dat [gedaagde 2] meewerkt aan het in de doofpot stoppen van de daadwerkelijke toedracht van de moord op [naam 1] is een aantasting van zijn geloofwaardigheid, mde gelet op zijn staat van dienst als misdaadverslaggever. Daarnaast laat [eiser] zich in e-mails aan [gedaagde 2] , veelal met een cc aan journalisten van landelijke dagbladen, zeer beledigend uit over [gedaagde 2] . Ten slotte heeft [eiser] een paar jaar geleden persoonlijke e-mails van [gedaagde 2] aan zijn toenmalige vriendin doorgestuurd naar zijn vijanden. Dit alles heeft zijn  mening over (de gedragingen van) [eiser] behoorlijk ingekleurd, aldus [gedaagde 2] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Het gaat in deze zaak om een vordering tot rectificatie van uitspraken die [gedaagde 2] in het televisieprogramma RTL Boulevard heeft gedaan over [eiser] . Toewijzing van de vorderingen van [eiser] houdt een beperking in van het in artikel 10 lid 1 van het Europees Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden (EVRM) neergelegde grondrecht van [gedaagde 2] op vrijheid van meningsuiting. Een dergelijk recht kan slechts worden beperkt indien dit bij de wet is voorzien en noodzakelijk is in een democratische samenleving (artikel 10 lid 2 EVRM), bijvoorbeeld ter bescherming van de goede naam en de rechten van anderen. Van een beperking die bij de wet is voorzien is sprake, wanneer de uitlatingen van [gedaagde 2] onrechtmatig zijn in de zin van artikel 6:162 van het Burgerlijk Wetboek (BW). Voor het antwoord op de vraag welk recht – het recht op vrije meningsuiting of het recht ter bescherming van eer of goede naam – in dit geval zwaarder weegt, moeten de wederzijdse belangen worden afgewogen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Het belang van [gedaagde 2] is dat hij zich in het openbaar kritisch, informerend, opiniërend en waarschuwend moet kunnen uitlaten over kwesties van algemeen belang. Het belang van [eiser] is dat hij niet lichtvaardig wordt blootgesteld aan voor hem schadelijke publiciteit. Welk van deze belangen, die in beginsel gelijkwaardig zijn, de doorslag behoort te geven, hangt af van de omstandigheden van het geval.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>
        [eiser] heeft een alternatieve lezing over de moord op [naam 1] in 1999. Die lezing is hoogst onwaarschijnlijk, omdat voor die moord inmiddels iemand is veroordeeld op grond van DNA bewijs en een bekentenis, terwijl tegen dat vonnis geen hoger beroep is ingesteld. Onder het motto dat in de rechtsstaat geen doofpotcultuur mag bestaan, heeft [eiser] zich met zijn alternatieve lezing in tal van publicaties op zijn website, facebook en youtube gemengd in het publieke debat over de (oplossing van de) moord op [naam 1] , een misdrijf dat het publiek ernstig heeft geschokt. Dat is zijn goed recht, maar daarmee maakt hij zich tot publiek persoon en roept hij krachtige tegengeluiden over zich af. Als publiek persoon zal hij die eerder moeten dulden dan andere personen. [eiser] heeft het daarbij niet gelaten. Ut het kort geding vonnis van de voorzieningenrechter in Haarlem blijkt immers dat hij de nabestaanden van [naam 1] , die niets (meer) wilden weten van zijn lezing, zodanig heeft lastiggevallen dat hem een contactverbod is opgelegd en hij heeft moeten rectificeren. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>Tegen die achtergrond handelde [gedaagde 2] niet onrechtmatig door in een vraaggesprek over dat kort geding ongezouten zijn mening te geven en [eiser] voor gek te verklaren (kierewiet). Dat is een waardeoordeel, dat in de gegeven omstandigheden voldoende feitelijke basis heeft om niet excessief te zijn, mede omdat de uitingsvrijheid ruimte laat voor provocatie en overdrijving. Van dat laatste is onmiskenbaar sprake als [gedaagde 2] het heeft over afvoeren in een dwangbuis. Duidelijk is immers dat hij daar niet over gaat en dat degenen die daar wel over beslissen aan zijn mening geen boodschap zullen hebben. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>Een weerwoord van [eiser] zou hooguit over zijn lezing over de moord hebben kunnen gaan, maar daar ging het vraaggesprek niet over. Dat had betrekking op het tegen hem aangespannen kort geding. Weerwoord tegen een dergelijk waardeoordeel is niet zinvol. [gedaagde 2] en Fremantlemedia waren daar dan ook niet toe gehouden, nog daargelaten of zij dat als gastspreker en producent in hun macht hadden.<?linebreak?></para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <para>Dat [gedaagde 2] sinds het akkefietje met zijn e-mails een persoonlijke vijandschap jegens [eiser] koestert spreekt niet in zijn voordeel. Dat zou immers geen rol moeten spelen als hem als gastspreker in een televisieprogramma wordt gevraagd iets over [eiser] te zeggen. Het leidt echter niet tot een andere afweging.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7.</nr>
      <para>De slotsom is dat de uitlatingen van [gedaagde 2] in de twee uitzendingen van RTL Boulevard niet onrechtmatig zijn. De gevraagde voorzieningen worden dan ook geweigerd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.8.</nr>
      <para>
        [eiser] wordt als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten veroordeeld, aan de zijde van [gedaagde 2] en Fremantlemedia tot op heden begroot op € 1.434,00  (€ 618,00 aan griffierecht en € 816,00 aan salaris advocaat).</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para>De voorzieningenrechter</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>weigert de gevraagde voorzieningen,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>veroordeelt [eiser] in de kosten van dit geding, aan de zijde van Fremantlemedia en [gedaagde 2] tot op heden begroot op € 1.434,00,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>verklaart deze kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. A.J. Beukenhorst, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. R. Verloo, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 26 september 2017.<footnote-ref linkend="_b6ac7a37-a2d4-4a7c-9e8e-b1214032757b" /></para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_b6ac7a37-a2d4-4a7c-9e8e-b1214032757b" label="1">
    <para>type: RERV</para>
    <para>coll:</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>