<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ3523</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-12T10:58:19</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BZ3523</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2013-02-12</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">CV 11-33765/ 12-34425</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ3523">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ3523</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-08T12:54:38</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-03-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ3523 Rechtbank Amsterdam , 12-02-2013 / CV 11-33765/ 12-34425</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ3523:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vervolg op uitspraak 9 oktober 2012, LJN: BY1471. Een 52-jarige zoon vordert voortzetting huurovereenkomst na overlijden van zijn 93-jarige moeder die de contractuele huurder was. Tijdens de procedure wordt zoon onder curatele gesteld. Procedure wordt tegen curator q.q. voortgezet. Vordering is tegen beheerder ingesteld in plaats van tegen de verhuurder. Curator q.q. wordt in vordering niet ontvankelijk verklaard.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ3523:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>vonnis </para>
      <para>RECHTBANK AMSTERDAM</para>
      <para>Afdeling Privaatrecht </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Rolnummer: CV 11-33765/12-34425</para>
      <para>Vonnis van: 12 februari 2013</para>
      <para>F.no.: 497</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Vonnis van de kantonrechter</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[eiseres]</para>
      <para>wonende te Hilversum </para>
      <para>eiseres </para>
      <para>nader te noemen: [eiseres]     </para>
      <para>gemachtigde: mr. P.J. van der Putt </para>
    </parablock>
    <para>  </para>
    <para>t e g e n</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap Keij en Stefels Beheer BV  </para>
      <para>gevestigd te Amsterdam   </para>
      <para>gedaagde</para>
      <para>nader te noemen: Keij en Stefels    </para>
      <para>gemachtigde: mr. H.C. Bollekamp       </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>VERDERE VERLOOP VAN DE PROCEDURE</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij tussenvonnis van 9 oktober 2012 heeft de kantonrechter de procedure tussen [de onder curatele gestelde] en Keij en Stefels vanwege de onder curatele stelling van [de onder curatele gestelde] geschorst. Keij en Stefels heeft vervolgens op de voet van artikel 227 Rv [eiseres] in haar hoedanigheid van curator over [de onder curatele gestelde] bij exploot van 29 oktober 2012 opgeroepen te verschijnen op de rolzitting van 13 november 2012 teneinde de procedure in de stand waarin het geding zich bevond voort te zetten. [eiseres] is verschenen en heeft een korte akte genomen, waarop Keij en Stefels - na daartoe bij rolbeschikking van 20 november 2012 in de gelegenheid te zijn gesteld - bij antwoord-akte heeft gereageerd.</para>
      <para>De zaak staat voor vonnis. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>GRONDEN VAN DE BESLISSING</para>
    <para />
    <para>1.	In het tussenvonnis van 9 oktober 2012 heeft de kantonrechter de feiten vastgesteld, de vordering weergegeven en het verweer samengevat. </para>
    <para />
    <para>2.	De kantonrechter heeft eerst de vraag te beantwoorden of [eiseres] in de vordering dat [de onder curatele gestelde] de huurovereenkomst van zijn op 30 maart 2011 overleden moeder met betrekking tot de woning aan het [adres] te Amsterdam voortzet, kan worden ontvangen. </para>
    <para />
    <para>3.	De kantonrechter heeft in het tussenvonnis van 9 oktober 2012 vastgesteld, dat [naam], de moeder van [de onder curatele gestelde], op 15 juli 1986 de huurovereenkomst heeft gesloten met de toenmalige beheerder, als lasthebber van de (toenmalige) eigenaar. Het beheer is thans in handen van Keij en Stefels. De erfpachter/verhuurder is [naam]. </para>
    <para />
    <para>4.	De vordering, die ertoe strekt dat [de onder curatele gestelde] als opvolgend huurder wordt geplaatst in de op [naam] rustende rechten en verplichtingen uit de huurovereenkomst, dient tegen de verhuurder te worden ingesteld. [de onder curatele gestelde], thans [eiseres], heeft de vordering ingesteld tegen de beheerder en heeft niet (tevens) de huidige verhuurder [naam] in rechte betrokken. Dit leidt ertoe dat [eiseres] niet in haar vordering jegens Keij en Stefels kan worden ontvangen. </para>
    <para />
    <para>5.	Bij deze uitkomst van de procedure wordt [eiseres] als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de proceskosten, waaronder begrepen de kosten van het oproepingsexploot. </para>
    <para />
    <para>BESLISSING</para>
    <para />
    <para>De kantonrechter:</para>
    <para />
    <para>I.	verklaart [eiseres] in haar vordering niet-ontvankelijk; </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>II.	veroordeelt [eiseres] in de proceskosten aan de zijde van Keij en Stefels gevallen, welke worden begroot op </para>
      <para>-	€ 350,00 wegens salaris gemachtigde; </para>
      <para>-	€ 76,17 wegens explootkosten;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>III.	verklaart deze proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad. </para>
    <para />
    <para>Aldus gewezen door mr. D.H. de Witte, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 12 februari 2013 in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>