<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2013:4833</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-11T07:47:00</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-08-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2013-08-01</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">13/667221-12 (Promis)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Amsterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2013:4833">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2013:4833</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-02-21T13:27:44</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-08-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2013:4833 Rechtbank Amsterdam , 01-08-2013 / 13/667221-12 (Promis)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2013:4833:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Voorbereiding.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2013:4833:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK AMSTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para />
      <para>
        <emphasis role="bold">VONNIS</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 13/667221-12 (Promis)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum uitspraak: 1 augustus 2013</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1993,</para>
      <para>ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens op het adres </para>
      <para>
        [GBA-adres], </para>
      <para>gedetineerd in het Huis van Bewaring “[locatie]” te [plaats].</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het onderzoek ter terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 18 juli 2013.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. S.A. van de Vliet en van wat verdachte en zijn raadsvrouw, mr. A.A. Holleeder, naar voren hebben gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is – na wijziging op de zitting – ten laste gelegd dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">hij op of omstreeks 10 december 2012 te Amsterdam en/of Zaandam, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, ter voorbereiding van het te plegen misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaren of meer is gesteld, te weten:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">diefstal met geweld en/of bedreiging met geweld tegen personen als omschreven in artikel 312 Wetboek van Strafrecht en/of afpersing als omschreven in artikel 317 Wetboek van Strafrecht,</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">opzettelijk een of meer tie-wraps en/of tape en/of een (stoffen) zak en/of een of meer bivakmuts(en) en/of een of meer paraplu('s) en/of een vuurwapen en/of één of meer boxershorts en/of een personenauto en/of een navigatiesysteem, in elk geval voorwerpen, stoffen, informatiedragers, ruimten of vervoermiddelen bestemd tot het begaan van dat misdrijf heeft verworven, vervaardigd, ingevoerd, doorgevoerd, uitgevoerd of voorhanden heeft gehad;</emphasis>
      </para>
      <para>Artikel 46 juncto 47 juncto 312/317 Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Subsidiair:</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Hij op of omstreeks 5 november 2012 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een geldbedrag (van ongeveer 80.000 euro) heeft verworven en/of voorhanden heeft gehad, terwijl hij en/of zijn mededader(s) ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen wist(en) dat het (een) door diefstal met geweld, in elk geval (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Art. 416 jo. 47 Sr.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Voorvragen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De dagvaarding is geldig, deze rechtbank is bevoegd tot kennisneming van de ten laste gelegde feiten en de officier van justitie is ontvankelijk. Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Waardering van het bewijs</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Inleiding</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Naar aanleiding van het onderzoek naar de overval op Albert Heijn aan de [adres 1] te [plaats] op 5 november 2012 is een aantal verdachten aangehouden. Er zijn verschillende technische acties gestart op telefoonnummers en telefoons van deze verdachten. Op het imeinummer [nummer], in gebruik bij [verdachte] is een DCT aangesloten, waarmee pingberichten kunnen worden onderschept. Uit een onderschept bericht van 5 december 2012 krijgt het onderzoeksteam het vermoeden dat [verdachte] bezig is met de voorbereiding van een overval.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Uit verschillende taps, voortkomend uit diverse technische acties op diverse telefoons, valt op te maken dat voorwerpen worden aangeschaft of verkregen die mogelijk ten dienste kunnen staan bij die overval. Ook worden afspraken gemaakt over waar men elkaar zal treffen en hoe laat.</para>
        <para>Observaties op 10 december 2012 leiden uiteindelijk tot de aanhouding op 10 december 2012 van de verdachten [verdachte], [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] in Zaandam, waarbij de verdachten zich bevonden in een paarse Ford Fiesta, voorzien van het kenteken [kenteken].</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Bij de aanhouding van de verdachten zijn diverse voorwerpen aangetroffen en in beslag genomen.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het standpunt van het Openbaar Ministerie</emphasis>
      </para>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>4.2.1.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Kader</emphasis>
          </para>
          <para>De officier van justitie stelt in zijn op schrift gestelde requisitoir het kader voor een strafbare voorbereiding: </para>
        </parablock>
        <orderedlist numeration="loweralpha">
          <listitem>
            <para>.	Voor een strafbare voorbereidingshandeling is vereist dat de voorbereidingsmiddelen, afzonderlijk of gezamenlijk, naar hun uiterlijke verschijningsvorm bestemd zijn tot het begaan van bepaalde misdrijven. Hierbij kan niet geabstraheerd worden van het misdadige doel dat de verdachte(n) voor ogen had(den) (HR 20 feb 2007, LJN AZ0213, r.o. 3.7);</para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>.	Voorwaardelijk opzet op een criminele bestemming van het voorbereidingsmiddel is voldoende (Kamerstukken II 1991-1992, 22268, nr. 3, pag. 15-16);</para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>.	Een gemiddelde rechtsgenoot moet uit de combinatie van zaken overduidelijk kunnen afleiden dat op het moment van handelen met het betreffende voorwerp, er een crimineel doel is (HR 18 nov. 2003, LJN AJ0535);</para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>.	Het is geen vereiste dat de exacte bestemming is vastgesteld. Noch uit de wet noch uit de jurisprudentie volgt dit (HR 17 sep. 2002, LJN AE4200);</para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>.	Uit de Memorie van Toelichting volgt dat “de misdadige bestemming voor de gemiddelde rechtsgenoot, gelet op de omstandigheden waaronder de middelen werden gebruikt en aangetroffen, in het oog springen (Kamerstukken II 1991-1992, 22268, nr. 3, pag. 18).</para>
          </listitem>
        </orderedlist>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <para />
        <parablock>
          <para>De officier acht het primair ten laste gelegde bewezen op grond van onder meer het volgende. </para>
        </parablock>
        <itemizedlist mark="-">
          <listitem>
            <para>Uit een pingbericht van 5 december 2012 van verdachte [verdachte] aan een persoon, [persoon 1], blijken plannen voor een overval. </para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>Uit een telefoontap van 8 december wordt onder meer vernomen dat verdachte tie-wraps wil kopen. </para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>Op 9 december 2012 vraagt verdachte [verdachte] aan medeverdachte [medeverdachte 2] een “pika” te regelen. Medeverdachte [medeverdachte 1] zegt aan verdachte [verdachte] dat er een “pipa” moet komen en ze deze bij [medeverdachte 3] moeten houden en dat er maar één persoon zal zijn die ze gaan ‘raggen’. Voorts hoort verdachte van [medeverdachte 3] dat [medeverdachte 2] er geen kogel bij zal geven en dat dat goed is, want hij wil toch niet schieten. [medeverdachte 3] heeft twee mutsen voor [verdachte]. Vervolgens wordt een afspraak gemaakt tussen verdachte [verdachte] en medeverdachte [medeverdachte 1] om elkaar te treffen bij ‘de Karelklinker’. [medeverdachte 2] zegt dat hij in de wagen zit bij [medeverdachte 2].</para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>Diezelfde dag worden [medeverdachte 2], [medeverdachte 1], [verdachte], [medeverdachte 3] en [medeverdachte 4] gecontroleerd als ze in de Ford Fiësta van [medeverdachte 2] rijden.</para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>Uit onderzoek blijkt dat [medeverdachte 3], [medeverdachte 2], [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] de bijnamen zijn van respectievelijk [medeverdachte 3], [medeverdachte 2], [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1]. [verdachte] wordt ook wel [verdachte] genoemd.</para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>Op 10 december 2012 wordt een observatie gestart op de adressen [adres 2] en [adres 3] te [plaats]. Hieruit blijkt dat [medeverdachte 1] om 8.18 uur de woning verlaat, in het zwart gekleed en met een paraplu in de hand.</para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>Om 8.29 uur verlaat een man, die herkend wordt als [verdachte], de woning. Ook hij is donker gekleed, draagt een zwarte rugtas en een zwarte paraplu. Zij gaan naar de Jan Tooropstraat, waar zij rond 9.00 uur contact maken met een derde persoon die uit de Wijnand Nuijenstraat komt. Zij rijden samen weg in de Ford Fiesta. Om 9.39 uur worden ze aangehouden in Zaandam door het arrestatieteam. </para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>Bij verdachte [verdachte] wordt een zilverkleurig wapen aangetroffen en hij draagt een zwarte boxershort om zijn hals. Bij [medeverdachte 1] worden tie-wraps aangetroffen, waarvan er twee geprepareerd zijn tot mogelijke handboeien. Ook hij draagt een onderbroek om zijn hals. In zijn rechter jaszak heeft hij een bruine kap/zak van het merk Gucci. Voorts draagt hij wollen handschoenen.</para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>Bij de aanhoudingen worden de telefoons aangetroffen die getapt zijn. Op de telefoon van [verdachte] worden foto’s aangetroffen van een persoon die eenzelfde boxershort voor zijn gezicht heeft als die waarmee [verdachte] is aangehouden. Hij houdt een zilveren vuurwapen vast dat lijkt op het wapen dat bij [verdachte] is aangetroffen. Het wapen blijkt na onderzoek een gaspistool te zijn.</para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>Medeverdachte [medeverdachte 2] legt een verklaring af over zijn rol in de zaak. Hij zou de anderen naar Zaandam brengen. Hij dacht dat ze mogelijk een straatroof zouden plegen. Hij was gevraagd door [medeverdachte 1] om te rijden naar Zaandam en kreeg route-instructies van [verdachte].</para>
          </listitem>
          <listitem>
            <para>Medeverdachte [medeverdachte 1] verklaart niets te maken te hebben met een overval. Hij had tie-wraps gehaald om te klussen. Hij had ze van een vriend gekregen om te klussen. [medeverdachte 1] zegt in zijn tweede verklaring dat hij ze van [verdachte] had gekregen. [medeverdachte 3] en [verdachte] zouden die bij de Action halen. [verdachte] zou geld halen in Zaandam, hij zei iets van een  boekhouder in Zaandam. Het plan was van [medeverdachte 3] en [verdachte]. [medeverdachte 1] zou een paar tientjes, maximaal 100 euro krijgen als hij mee ging.</para>
          </listitem>
        </itemizedlist>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>
          <?linebreak?>De raadsvrouw stelt zich op het volgende standpunt.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Voor een bewezenverklaring van voorbereiding dienen twee elementen te worden vastgesteld, namelijk:</para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>dat er voorwerpen voorhanden zijn geweest die naar hun aard gebruikt kunnen worden ter voorbereiding van het in de tenlastelegging omschreven achtjaarsfeit en</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>of deze voorwerpen ook daadwerkelijk in dat kader voorhanden zijn geweest.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>4.3.1</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Voorhanden hebben van voorwerpen</emphasis>
          </para>
          <para>Met betrekking tot het voorhanden hebben van voorwerpen is zij van mening dat verdachte niet bekend was met de aanwezigheid van tie-wraps, de tape, de stoffen zak of het navigatiesysteem. Zij is van mening dat verdachte dient te worden vrijgesproken van het voorhanden hebben van deze voorwerpen. Wat resteert, is het vuurwapen en de onderbroek. Hieruit kan niet zonder meer een concreet plan op een achtjaarsfeit worden afgeleid.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.3.2</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Naar hun aard geschikt voor voorbereiding van een achtjaarsfeit</emphasis>
          </para>
          <para>Het voorhanden hebben van de voorwerpen als een vuurwapen, bivakmutsen, handschoenen, tie-wraps, een navigatiesysteem en een auto sluit niet uit dat een achtjaarsfeit kàn worden voorbereid, maar het volgt hier niet per se uit. De bewijsmiddelen laten niet zonder meer de conclusie toe dat de middelen dienden ter voorbereiding van een achtjaarsfeit. Het bewijst niet het bestanddeel “ter voorbereiding van een misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaar of meer is gesteld”, zodat vrijspraak dient te volgen.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.3.3</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Specifiek misdadig doel</emphasis>
          </para>
          <para>Uit de processtukken kan de opzet op een specifiek misdadig doel niet worden vastgesteld. Een vooropgezet plan tot het plegen van enig misdrijf is uit de bewijsmiddelen niet komen vast te staan.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.3.4</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Alibi van verdachte</emphasis>
          </para>
          <para>Verdachte zelf verklaart dat hij met [medeverdachte 1] mee is gegaan, omdat [medeverdachte 1] geld moest terugkrijgen van een debiteur. Hij ging mee ter ondersteuning, voor het geval de debiteur geweld zou gaan gebruiken. Daarom had hij ter afschrikking een wapen meegenomen. Dit wapen had geen kogels en was een niet-werkend wapen. Ook uit deze verklaring van verdachte blijkt niet dat er een plan was om een achtjaarsfeit te plegen.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De vraag die de rechtbank moet beantwoorden is of sprake is van een strafbare voorbereiding.</para>
      </parablock>
      <paragroup>
        <nr>4.4.1</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Kader</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank stelt voorop dat voor een bewezenverklaring van het plegen van voorbereidingshandelingen is vereist dat kan worden bewezen dat de verdachte opzettelijk voorwerpen bestemd tot het begaan van een misdrijf, waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaren of meer is gesteld, voorhanden heeft. Daarom zal moeten worden bewezen dat de voorwerpen die de verdachten en zijn (eventuele) medeverdachte(n) bij zich droeg(en) bestemd zijn tot het begaan van een dergelijk misdrijf. Krachtens de geldende jurisprudentie is daarbij van belang dat de voorwerpen afzonderlijk dan wel gezamenlijk, naar de uiterlijke verschijningsvorm ten tijde van het handelen, dienstig konden zijn voor het misdadige (HR 20 februari 2007, LJN AZ0213). Niet van belang is dat het merendeel van de aangetroffen voorwerpen normale gebruiksvoorwerpen zijn. Immers dienen de voorwerpen in hun gezamenlijkheid en naar hun uiterlijke verschijningsvormen te worden beoordeeld, waarbij ook niet geabstraheerd mag worden van het doel dat de verdachte met deze voorwerpen voor ogen had. Bij oordelen aangaande het bewijs van dat doel, spelen in beginsel alle feiten en omstandigheden van het geval een rol.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.4.2</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Is sprake van opzet op het plegen van een misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaren of meer is gesteld?</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank is van oordeel dat deze vraag bevestigend beantwoord dient te worden. Dit volgt uit het volgende. </para>
          <para>Op 5 december 2012 heeft verdachte ping-contact met [persoon 1]. [persoon 1] stuurt een hyperlink van AT5, waarin wordt bericht over een gewapende overval op een juwelier in Amsterdam op diezelfde dag. Verdachte pingt terug dat hij met iets soortgelijks bezig is. Uit het bericht valt op te maken dat er een overval zal plaatsvinden gepleegd door twee daders. De buit zal snel te verkrijgen zijn en cash betreffen. Een pippa (vuurwapen) is er al en er zijn tevens paraplu’s gekocht voor de ‘camera’s van boven’. De overval zal in de ochtend plaatsvinden, buiten Amsterdam.</para>
          <para>Op 8 december 2012 heeft verdachte contact met medeverdachte [medeverdachte 1], waarin [medeverdachte 1] zegt dat hij ‘voor de rest alles heeft, tape en zo’. ‘Die andere dingen’ gaan ze straks om half vier halen bij de Action. Het zijn goede tie-wraps. De volgende dag belt verdachte met [medeverdachte 2] om een pika te regelen. Ter terechtzitting van 18 juli 2013 zegt verdachte dat een pika een vuurwapen is.</para>
          <para>Uit bovenstaande stelt de rechtbank vast dat verdachte voornemens was tot het plegen van een diefstal met geweld dan wel een afpersing. </para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.4.3</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Moet het plan om een misdrijf te plegen concreet zijn?</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank overweegt dat voor een veroordeling op grond van artikel 46 van het Wetboek van Strafrecht noodzakelijk is dat vaststaat op welk soort misdrijf met een strafmaximum van acht jaren of meer de voorbereidingshandelingen waren gericht. Voldoende is dat op grond van de tenlastelegging duidelijk is op welk in de strafwet omschreven misdrijf met een strafbedreiging van acht jaren gevangenisstraf of meer, de nader omschreven voorbereidingshandelingen volgens de steller van de tenlastelegging waren gericht. Nu in de tenlastelegging is opgenomen welke strafbare feiten worden bedoeld, acht de rechtbank de misdrijven waarop naar wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaren of meer is gesteld, voldoende concreet omschreven.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.4.4</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Voorwerpen bestemd voor het begaan van een misdrijf</emphasis>
          </para>
          <para>Verdachte, [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] zijn aangehouden in een Ford Fiesta in Zaandam. De navigatie van de auto was geprogrammeerd op het adres [adres 4] te [plaats] en stond aan. Bij de verdachten zijn onder meer aangetroffen een vuurwapen, tie-wraps, een stoffen kap, mutsen en paraplu’s. Twee verdachten droegen een boxershort om hun hals, kennelijk bedoeld om hiermee hun gezicht af te dekken. </para>
          <para>Naar het oordeel van de rechtbank kan uit de combinatie en de onderlinge samenhang van deze aangetroffen voorwerpen en het vooropgezette plan van verdachten worden afgeleid dat de verdachte deze voorwerpen voorhanden heeft gehad met het voornemen om daarmee een diefstal met (bedreiging van) geweld, dan wel afpersing te plegen.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.4.5</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Verklaring van verdachte</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank acht de reden die verdachte ter terechtzitting heeft gegeven om het bezit van het vuurwapen en zijn aanwezigheid op die plaats te verklaren, niet geloofwaardig. Verdachte verklaart immers dat [medeverdachte 1] geld had uitgeleend aan iemand die dit niet terug betaalde. [medeverdachte 1] ging dat geld terughalen in Zaandam en zou verdachte hebben gevraagd mee te gaan om ’een oogje op hem te houden’. Op 10 december 2012 vroeg [medeverdachte 1] aan verdachte een wapen mee te nemen. Verdachte zou op een afstandje blijven staan en pas in actie komen als de situatie dreigend werd. </para>
          <para>Deze verklaring van verdachte wordt weersproken door het eerder genoemde pingbericht waarin [verdachte] spreekt over het plegen ’van iets soortgelijks’. Daarnaast had zijn verklaring op eenvoudige wijze kunnen worden bevestigd door de medeverdachte [medeverdachte 1]. Nu deze heeft verklaard dat juist [verdachte] geld ging ophalen bij een persoon in Zaandam en dat híj door [verdachte] was meegevraagd acht de rechtbank de verklaring van verdachte niet geloofwaardig.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De rechtbank acht op grond van voorgaande en op grond van de in bijlage opgenomen bewijsmiddelen het onder 1 primair ten laste gelegde feit wettig en overtuigend bewezen.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft op grond van de wettige bewijsmiddelen die in de <emphasis role="underline">bijlage bij dit vonnis</emphasis> zijn opgenomen en waarin zijn vervat de redengevende feiten en omstandigheden waarop de bewezenverklaring steunt, de overtuiging gekregen, en acht dan ook bewezen, dat verdachte </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">op 10 december 2012 te Amsterdam en Zaandam, tezamen en in vereniging met een ander, ter voorbereiding van het te plegen misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaren of meer is gesteld, te weten:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">diefstal met geweld en/of bedreiging met geweld tegen personen als omschreven in artikel 312 Wetboek van Strafrecht en/of afpersing als omschreven in artikel 317 Wetboek van Strafrecht,</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">opzettelijk tie-wraps en tape en een (stoffen) zak en mutsen en paraplu's en een vuurwapen en boxershorts en een personenauto en een navigatiesysteem, voorhanden heeft gehad.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezen geachte feit is volgens de wet strafbaar. Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>De strafbaarheid van verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>8</nr>Motivering van de straffen en maatregelen</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>8.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De eis van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte voor het door hem primair bewezen geachte feit zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van 16 maanden, met aftrek van voorarrest. Voorts dienen de in beslag genomen kunststof kap, de tie-wraps, de zwarte Ralph Lauren onderbroek, de handschoenen van het merk Quechua en het pistool onttrokken te worden aan het verkeer. De Nokia 100, de TomTom navigator, de BlackBerry telefoon en de BlackBerry Bold dienen te worden verbeurd verklaard. De Woorich-jas en de Samsung notebook dienen te worden teruggegeven aan verdachte.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>8.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De verdediging heeft primair vrijspraak van het ten laste gelegde feit bepleit. Subsidiair is verzocht de straf te beperken tot de duur van het voorarrest, gelet op de jeugdige leeftijd van verdachte, hij niet eerder is veroordeeld en hij zijn schoolopleiding weer wenst op te pakken. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>8.3.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>De hierna te noemen strafoplegging is in overeenstemming met de ernst van het bewezen geachte, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals daarvan ter terechtzitting is gebleken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft bij de keuze tot het opleggen van een vrijheidsbenemende straf en bij de vaststelling van de duur daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Bij de straftoemeting heeft de rechtbank ermee rekening gehouden dat de verdachte zich samen met de medeverdachte(n) heeft bezig gehouden met het voorbereiden van een diefstal met geweldpleging en/of afpersing. Dat zijn ernstige feiten. Dat het bij voorbereiding van dit misdrijf is gebleven maakt dat niet anders. Het feit dat verdachte en de medeverdachte(n) een pistool hebben verworven om het plan uit te voeren, weegt zwaar. Een mogelijke uitvoering van de door verdachte en zijn medeverdachte(n) beoogde plannen had een diepe impact op de mogelijke slachtoffers kunnen maken. Daarbij is de rechtbank van oordeel dat verdachte een grote initiërende rol heeft gespeeld bij de voorbereiding van het misdrijf. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft verder acht geslagen op het Uittreksel Justitiële Documentatie van <?linebreak?><?linebreak?>25 juni 2013, waaruit blijkt dat verdachte niet eerder is veroordeeld. Daarnaast heeft de rechtbank rekening gehouden met de jeugdige leeftijd en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, zoals daarvan is gebleken tijdens het onderzoek ter terechtzitting van 18 juli 2013. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De strafmaat bij een voorbereidingshandeling wordt bepaald aan de hand van het maximum van de hoofdstraffen op het misdrijf gesteld. Dit wordt bij de voorbereiding met de helft verminderd. De rechtbank heeft bij de straftoemeting aansluiting gezocht bij de strafmaat zoals die geldt voor een overval op een winkel of winkel, zijnde een gevangenisstraf tussen twee en drie jaar.</para>
        <para>Op grond hiervan en mede gelet op de grote rol van verdachte is de rechtbank van oordeel dat de straf, zoals geëist door de officier van justitie, passend en geboden is. Zij ziet dan ook geen aanleiding hiervan af te wijken.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>Beslag</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Onder verdachte is het volgende voorwerp in beslag genomen: </para>
    </parablock>
    <orderedlist numeration="arabic">
      <listitem>
        <para>Een stoffen kap</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Een groene Woorich-jas</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Tie-wraps</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Een zwarte zaktelefoon, merk Nokia 100</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Een navigator, merk TomTom</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Een onderbroek, zwart, Ralph Lauren</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Handschoenen, merk Quechua</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Een zaktelefoon, geel, merk BlackBerry</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Een zaktelefoon, merk BlackBerry Bold</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Een computer, merk Samsung note</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>Een pistool, merk Polat</para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Onttrekking aan het verkeer</emphasis>
      </para>
      <para>Nu met behulp van onder 1, 3, 6, 7 en 11 genoemde voorwerpen het bewezen geachte is voorbereid en het van zodanige aard is dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet of het algemeen belang worden deze voorwerpen onttrokken aan het verkeer. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>10</nr>Toepasselijke wettelijke voorschriften</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De op te leggen straf is gegrond op de artikelen 36b, 36c, 36d, 46, 47, 312 en 317 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>11</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezen verklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">medeplegen van voorbereiding van diefstal voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld, tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden, gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers van het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen en/of medeplegen van afpersing.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart het bewezene strafbaar.</para>
      <para>Verklaart verdachte, <emphasis role="bold">[verdachte]</emphasis>, daarvoor strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van <emphasis role="bold">16 (zestien) maanden</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beveelt dat de tijd die door veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van die straf in mindering gebracht zal worden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Verklaart onttrokken aan het verkeer: </emphasis>
      </para>
      <para>Een stoffen kap</para>
      <para>Tie-wraps</para>
      <para>Een onderbroek, zwart, Ralph Lauren</para>
      <para>Handschoenen, merk Quechua</para>
      <para>Een pistool, merk Polat</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Gelast de teruggave aan [verdachte] van:</emphasis>
      </para>
      <para>Een groene Woorich-jas</para>
      <para>Een zwarte zaktelefoon, merk Nokia 100</para>
      <para>Een zaktelefoon, geel, merk BlackBerry</para>
      <para>Een zaktelefoon, merk BlackBerry Bold</para>
      <para>Een computer, merk Samsung note</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Gelast de teruggave aan de rechthebbende van: </emphasis>
      </para>
      <para>Een navigator, merk TomTom</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door </para>
      <para>mr. F.M. Wieland, 	voorzitter,</para>
      <para>mrs. P.J. van Eekeren en M.J.A. Duker, 	rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. A.M.M. van Leuven, 	griffier,</para>
      <para>en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 1 augustus 2013.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De jongste rechter is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Bijlage 1, Bewijsmiddelen</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>1. De verklaring die verdachte heeft afgelegd ter terechtzitting van de meervoudige strafkamer van 18 juli 2013, zakelijk weergegeven: </para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het is juist dat mijn bijnaam [verdachte] is. </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het klopt dat ik de telefoongesprekken, zoals die in het dossier zijn weergegeven, heb gevoerd. </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ik ga er vanuit dat een “pita” een foto is en een “pika” een vuurwapen.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>2. Een proces-verbaal met nummer 2012286193 van 6 december 2012, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [persoon 2], doorgenummerde pag. 01 e.v. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit proces-verbaal houdt onder meer in als verklaring van verbalisant, zakelijk weergegeven:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Uit dataverkeer is op te maken dat [verdachte] het voornemen uitspreekt om een overval te plegen. [persoon 1] stuurt een hyperlink van de regionale omroep AT5, waarin wordt bericht over een gewapende overval op een juwelier in Amsterdam. Verdachte pingt terug dat hij bezig is met iets soortgelijks. Uit het bericht valt op te maken dat er een overval zal plaatsvinden gepleegd door twee daders. De buit zal snel te verkrijgen zijn en cash betreffen. Een pippa (vuurwapen) is er al en er zijn tevens paraplu’s gekocht voor de ‘camera’s van boven’. Vervoer moet nog geregeld worden, maar na de overval zal men zich lopend van de plaats van de overval verwijderen, alwaar een auto klaar moet staan. De overval zal in de ochtend plaatsvinden, buiten Amsterdam.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit proces-verbaal bevat als bijlage een uitdraai van het ping-contact van [verdachte] naar [persoon 1] en houdt onder meer in: </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">K ben ook bezig met iets;</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Misschien evenveel buit, en sneller en meteen cash;</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">met twee man;</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Pippa s er alles, alleen nog een kleine vervoertje regelen om te gaan;</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Heb paraplu gekocht voor cammies van boven;</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">K ga benenwagen, en dan wil k een waggie gereed hebben;</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">S buiten Amsterdam, in Morning.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>3. Een ambtsedig proces-verbaal nummer 2012316515 van 11 december 2012, opgemaakt door [persoon 3], [functie] van Regiopolitie Amsterdam – Amstelland, doorgenummerde pagina’s 6 e.v.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Dit proces-verbaal houdt onder meer in, zakelijk weergegeven, als verklaring van verbalisant</emphasis>:</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">telefoonnummer [telefoonnummer 1] is in gebruik bij [verdachte]</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">telefoonnummer [telefoonnummer 2] is in gebruik bij [medeverdachte 1]</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">telefoonnummer [telefoonnummer 3] NN2 [medeverdachte 3]</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">telefoonnummer [telefoonnummer 4] is in gebruik bij [medeverdachte 2] (= [medeverdachte 2])</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>4. Een geschrift, zijnde een weergave van een telefoongesprek (doorgenummerde blz. 09).</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum			: 8-12-2012</para>
      <para>Tijdstip		: 14.07.36</para>
      <para>Gespreknummer	: 25</para>
      <para>Getapt persoon	: [verdachte]</para>
      <para>In- /Uitgaand		: uit [telefoonnummer 2] (NN)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit geschrift houdt onder meer in, zakelijk weergegeven: </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">NN: “ We hebben alleen dat nodig. Voor de rest heb ik alles”</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">NN: “ Gaan we het straks halen rond 4 uur, half 4.”</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">B: “Waar kan je het halen”</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">NN: “Action, zegt [medeverdachte 1]</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">NN: “zijn goede tie-wraps”</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">NN: “en dan spreken we af rond half 4, dan gaan we naar Osdorp, de Action in Osdorp gaan we ze halen”.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>5. Een geschrift, zijnde een weergave van een telefoongesprek (doorgenummerde blz. 16).</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum			: 09-12-12</para>
      <para>Tijdstip		: 13.29.32</para>
      <para>Gespreknummer	: 57</para>
      <para>Getapt persoon	: [verdachte]</para>
      <para>In- /Uitgaand		: uit naar [medeverdachte 2]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit geschrift houdt onder meer in, zakelijk weergegeven: </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">B: “ja [medeverdachte 2], met [verdachte]. </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">B: “Heb je dan een pika, of zo?</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>6. Een geschrift, zijnde een weergave van een telefoongesprek (doorgenummerde blz. 18).</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum			: 09-12-12</para>
      <para>Tijdstip		: 13.30.34</para>
      <para>Gespreknummer	: 58</para>
      <para>Getapt persoon	: [verdachte]</para>
      <para>In- /Uitgaand		: uit naar [telefoonnummer 2]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit geschrift houdt onder meer in, zakelijk weergegeven: </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">B: “luister, ik heb [medeverdachte 2] net gebeld”</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">B: “hij heeft misschien een pika</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">NN: “Misschien een pika, er moet zeker een pika zijn. Dat ding moeten we vandaag bij [medeverdachte 3] houden”.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">NN: “we praten zo over die plannen”</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para>7. Een geschrift, zijnde een weergave van een telefoongesprek (doorgenummerde blz. 20).</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum			: 09-12-12</para>
      <para>Tijdstip		: 14.19.50</para>
      <para>Gespreknummer	: 60</para>
      <para>Getapt persoon	: [verdachte]</para>
      <para>In- /Uitgaand		: uit met [medeverdachte 3]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit geschrift houdt onder meer in, zakelijk weergegeven: </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">B: “Ga je me die janoe en die muts brengen?”</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">…</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">BB: “Heb je [medeverdachte 2] al gesproken dan?”</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">BB: “Ja, hij zei tegen mij dat hij die kogel nu d’r bij kan geven”</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">B: “Nee nee, we gaan ook niet schieten, daar niet van”.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">B: “die kogel wil ik liever niet, want als ik word gepakt met een geladen iets…”</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">B: “begrijp je, daarom geef je me alleen die janoe zo en die muts van jou.”</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">BB: “Ik heb twee mutsen, wil je er een of wil [medeverdachte 1] er ook een?</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">BB: ik heb twee dezelfde die over je gezicht heen gaan.”</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>8. Een geschrift, zijnde een weergave van een telefoongesprek (doorgenummerde blz. 22).</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum			: 09-12-12</para>
      <para>Tijdstip		: 14.28.03</para>
      <para>Gespreknummer	: 63</para>
      <para>Getapt persoon	: [verdachte]</para>
      <para>In- /Uitgaand		: in van [telefoonnummer 2] </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit geschrift houdt onder meer in, zakelijk weergegeven: </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">B: “[medeverdachte 1], ik loop even van [medeverdachte 4] snel naar die, naar [medeverdachte 3]”</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">B: “even die janoe* halen”</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>* Opmerking verbalisant: janoe = verm. verbastering van “ganoe” - wapen</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>9. Een geschrift, zijnde een weergave van een telefoongesprek (doorgenummerde blz. 24).</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum			: 09-12-12</para>
      <para>Tijdstip		: 14.36.29</para>
      <para>Gespreknummer	: 66</para>
      <para>Getapt persoon	: [verdachte]</para>
      <para>In- /Uitgaand		: uit met [telefoonnummer 2]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit geschrift houdt onder meer in, zakelijk weergegeven: </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">NN: “wat ga je doen, ga je die ding naar  huis brengen?”</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">B: “ik ben nu achter bij Abe van de Jan Toorop. Ik wacht op die [medeverdachte 3] en dan ga ik hem naar huis brengen.”</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">NN: “Ik word opgehaald door [medeverdachte 2].”</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">B: “We hebben hem gisteren gebeld, maar niets, die hoerenzoon”</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">NN: “Hij heeft me daarna nog gebeld in de avond.”</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>1. Een geschrift, zijnde een weergave van een telefoongesprek (doorgenummerde blz. 26).</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum			: 09-12-12</para>
      <para>Tijdstip		: 14.43.14</para>
      <para>Gespreknummer	: 72</para>
      <para>Getapt persoon	: [verdachte]</para>
      <para>In- /Uitgaand		: in van [telefoonnummer 2]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit geschrift houdt onder meer in, zakelijk weergegeven: </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">NN: “Ik kom nu naar je deur toe.”</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">NN: “Ik zit in die waggie met [medeverdachte 2]”</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">B: “Rij naar Karelklinker”</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">NN: “Ja kalmeer, ik kom nu naar Karelklinker”</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>1. Een proces-verbaal met nummer 2012316515 van 11 december 2012, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren [persoon 7] en [persoon 4], doorgenummerde pag. 47 e.v.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit proces-verbaal houdt onder meer in als verklaring van verbalisanten, zakelijk weergegeven:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Op 9 december 2012 te 14:50 uur ziet verbalisant [persoon 4] vanuit de richting van de Karel Klinkenbergstaat een personenauto, merk Ford Fiesta met kenteken [kenteken] rijden. Hierin zitten 5 mannen van Marokkaanse afkomst. Verbalisant herkent een van de mannen als [verdachte].</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">De auto wordt om 17:40 uur gecontroleerd door een herkenbare surveillancepolitie. De 5 mannen zijn:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic"> Bestuurder 		= [medeverdachte 2]</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic"> Rechts voorin 	= [medeverdachte 1]</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic"> Links achterin	= [medeverdachte 3]</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic"> Midden achterin	= [medeverdachte 4]</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic"> Rechts achterin	= [verdachte]</emphasis>
        </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para />
    <para>1. Een geschrift, zijnde een niet ondertekend proces-verbaal van observatie van 10 december 2012, opgemaakt door [persoon 5] en vijf (5) verbalisanten X06, X54, X67, X73 en X76, doorgenummerde pag. 49 e.v.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit proces-verbaal houdt onder meer in als verklaring van verbalisanten, zakelijk weergegeven:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Op 10 december 2012 zijn observatiewerkzaamheden verricht waarbij de volgende waarnemingen zijn gedaan:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Om 8.18 uur wordt door X76 gezien dat uit perceel [adres 2] te [plaats] een man komt met Noord Afrikaans uiterlijk. Deze man (NN1) is gekleed in een zwarte broek, zwarte schoenen, zwarte pet en zwarte jas met daaronder een grijze capuchon. Hij heeft een paraplu in zijn hand.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Om 8.29 uur ziet X54 uit het centrale portiek, waar onder andere perceel [adres 3] te [plaats] is gevestigd, een man komen die later door X73 wordt herkend als [verdachte]. X54 ziet dat [verdachte] is gekleed in een donkergrijze jas, zwarte broek, zwarte handschoenen en een zwarte pet op zijn hoofd. Hij ziet dat [verdachte] een zwarte rugzak bij zich draagt en een zwarte paraplu vast houdt.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">X54 zien beide mannen contact maken en weglopen in de richting van de Jan Tooropstraat te [plaats]. </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Om 9.01 uur zien X67 en X73 [verdachte] en NN1 de Wijnand Nuijenstraat inlopen. Zij maken contact met een Noord Afrikaanse man (NN2) die uit perceel [adres 5] komt. Zij gaan richting Piet Mondriaanstraat te [plaats]. Even later wordt door X06 gezien dat vanaf het parkeerterrein, gelegen tussen de Willem Nakkenstraat en de Jan Mankestraat de paarse Ford Fiesta met kenteken [kenteken] komt rijden. X06 ziet dat NN2 het voertuig bestuurt en dat [verdachte] en NN1 achterin het voertuig zitten.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Om 9.30 uur wordt de observatie op Westzijde te Zaandam, overgenomen door het arrestatieteam.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. Een proces-verbaal met nummer 2012316515 van 11 december 2012, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [persoon 4], doorgenummerde pag. 65 e.v.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit proces-verbaal houdt onder meer in als verklaring van verbalisant, zakelijk weergegeven:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Op 10 december 2012 werd verdachte [medeverdachte 1] aangehouden ter zake poging overval.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Opvallend was de volgende aangetroffen kleding en meegebrachte goederen van de verdachte:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">een grijz met paarse onderbroek van het merk Fine Man, dat gedragen werd door verdachte om zijn hals</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">witte tie-wraps, waarvan twee ineengevouwen en twee volledig los. De ineengevouwen tie-wraps waren op zodanige wijze geprepareerd dat deze mogelijk als handboeien zouden kunnen dienen</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">bruine kap/zak van het merk Gucci in de rechter jaszak van de jas</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">wollen Nike handschoenen</emphasis>
        </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para />
    <para>1. Een proces-verbaal met nummer 2012316515 van 11 december 2012, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [persoon 4], doorgenummerde pag. 68 e.v.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit proces-verbaal houdt onder meer in als verklaring van verbalisant, zakelijk weergegeven:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Op 10 december 2012 werd verdachte [verdachte] aangehouden ter zake poging overval.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Opvallend was de volgende aangetroffen kleding en meegebrachte goederen van de verdachte:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">een zwarte onderbroek merk Ralph Lauren, dat gedragen werd door de verdachte om zijn hals </emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">handschoenen van het merk Quechua</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">Verdachte droeg tijdens de aanhouding een vuurwapen in zijn broeksband aan de voorzijde.</emphasis>
        </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para />
    <para>1. Een proces-verbaal van doorzoeking ter inbeslagneming met nummer 2012316515 van 10 december 2012, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren [persoon 4] en [persoon 2], doorgenummerde pag. 72 e.v.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit proces-verbaal houdt onder meer in als verklaring van verbalisanten, zakelijk weergegeven:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Op 10 december 2012 hebben zij, verbalisanten, het onder goednummer 4428103 in beslag genomen voertuig van de verdachten, een Ford Fiesta met kenteken [kenteken] doorzocht. Tijdens de doorzoeking werden de hierna genoemde goederen aangetroffen en in beslag genomen:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">TomTom navigatiesysteem</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">Twee paraplu’s op de achterbank</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">Een honkbalknuppel in een sporttas in de kofferbak</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">Een Eastpack rugzak op de achterbank</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">Een groene Woolrich-jas op de achterbank</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">Een Ralph Laurenpetje</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">Een Moncler muts</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">Een zwarte Conte of Florence muts op de vloer achter de bijrijder</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">Een zwart Guccupetje op de achterbank</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">Geld: 20 euro en 15 cent</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">Een sleutelbos met drie sleutels</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">Een Nokia 100 in de groene Woolrich-jas</emphasis>
        </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para />
    <para>16. Een proces-verbaal wapenonderzoek met nummer 2012316515 van 11 december 2012, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [persoon 6], doorgenummerde pag. 140 e.v.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit proces-verbaal houdt onder meer in als verklaring van verbalisant, zakelijk weergegeven:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Op 11 december 2012 heb ik een onderzoek ingesteld naar het in beslag genomen vuurwapen. Voorwerp:	gaspistool</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Merk:		Polat-22</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Model:		Magnum</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Kaliber:	9 mm PAK</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Juridische omschrijving: gaspistool</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Dit gaspistool is een vuurwapen in de zin van artikel 1 onder 3e, gelet op artikel 2 lid 1, categorie III onder 1e van de Wet wapens en munitie. </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>