<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2011:BW3721</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-09-19T09:26:17</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">ECLI:NL:RBAMS:2011:5796</dcterms:replaces>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BW3721</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2011-07-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">RK: 11/3070</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#raadkamer">Raadkamer</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2011:BW3721">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2011:BW3721</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T10:03:52</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2012-04-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2011:BW3721 Rechtbank Amsterdam , 21-07-2011 / RK: 11/3070</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2011:BW3721:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Klaagschrift ex artikel 552a Sv. Opheffing van beslag. Teruggave van een scooter.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2011:BW3721:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>RECHTBANK AMSTERDAM, TWAALFDE RAADKAMER</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>RK: 11/3070</para>
      <para>BESCHIKKING</para>
    </parablock>
    <para> </para>
    <para />
    <para>op het klaagschrift ex artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering (Sv) van:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[klager],</para>
      <para>geboren op [1970],</para>
      <para>wonende te [woonplaats],</para>
      <para>te dezen woonplaats kiezend op het kantooradres van zijn raadsvrouw,</para>
      <para>mr. G.A. Jansen, Jollemanhof 26, 1019 GW Amsterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>klager.</para>
    <para />
    <para />
    <para>Procesgang</para>
    <para />
    <para>Het klaagschrift is op 19 mei 2011 bij akte ingediend ter griffie van deze rechtbank.</para>
    <para />
    <para>De rechtbank heeft op 19 juli 2011 namens de raadsvrouw van klager haar kantoorgenoot mr. Th.O.M. Dieben, beslagene [beslagene] en de officier van justi¬tie in openbare raadka¬mer ge¬hoord. </para>
    <para />
    <para>Klager is, hoewel daartoe rechtsgeldig opgeroepen, niet in raadkamer verschenen.</para>
    <para />
    <para />
    <para>Inhoud klaagschrift</para>
    <para />
    <para>Het klaagschrift strekt tot teruggave van het inbe¬slaggenomen voorwerp, te weten een scooter met kenteken [kenteken].</para>
    <para />
    <para />
    <para>Beoordeling</para>
    <para />
    <para>Uit de stukken en het verhandelde in raadkamer is het volgende gebleken.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Feiten</para>
      <para>Op 20 januari 2011 is onder beslagene voornoemd voorwerp inbeslaggenomen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verbalisanten zien beslagene rijden op de scooter. Hij negeert een rood verkeerslicht en rijdt daarna over een voetgangersgebied. </para>
      <para>Het blijkt dat beslagene niet in het bezit is van een geldig rijbewijs. Bovendien is hij al twee keer eerder met dezelfde scooter bekeurd voor het rijden zonder rijbewijs.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Standpunten</para>
      <para>De raadsman heeft in raadkamer ter aanvulling op het klaagschrift aangevoerd dat hij zich primair op het standpunt stelt dat de scooter niet kan worden verbeurd verklaard, nu klager niet wist dat beslagene daarop reed zonder rijbewijs. Uit het dossier blijkt niets van eerdere veroordelingen van beslagene, dus de vraag is hoe klager dit ook had moeten weten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>Subsidiair heeft de raadsman zich op het standpunt gesteld dat er geen strafvorderlijk belang is. Beslagene heeft verklaard dat dit de tweede keer was dat hij op deze scooter reed. Na twee keer volgt nog geen verbeurdverklaring van de scooter.</para>
    <para />
    <para>De officier van justitie heeft verklaard zich te verzetten tegen teruggave van het inbeslaggenomen voorwerp aan klager en heeft daartoe aangevoerd dat het belang van strafvordering zich daartegen verzet, nu het openbaar ministerie zal vorderen dat het voorwerp zal worden verbeurd verklaard.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beslagene heeft aangevoerd dat hij de scooter had geleend. Klager wist niet dat beslagene de scooter had gepakt. De sleutel van de scooter zat in het contact.</para>
      <para>Beslagene heeft verklaard dat hij een keer eerder op de scooter heeft gereden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>De rechtbank overweegt het volgende.</para>
    <para />
    <para>In de onderhavige procedure dient de rechtbank te beoordelen of het belang van strafvordering het voortduren van het beslag vordert, en zo neen, of klager redelijkerwijs als rechthebbende op het inbeslaggenomene kan worden aangemerkt.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het belang van strafvordering verzet zich tegen teruggave indien het veiligstellen van de belangen waarvoor – in dit geval - artikel 94 Sv de inbeslagneming toelaat en het voortduren van het beslag nodig maakt. </para>
      <para>In het onderhavig geval is sprake van een voorwerp dat volgens het openbaar ministerie vatbaar is voor verbeurdverklaring. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>De rechtbank dient in dit geval te beoordelen of het niet hoogst onwaarschijnlijk is dat de strafrechter, later oordelend, de verbeurdverklaring van het voorwerp zal bevelen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit de zich thans in het dossier bevindende stukken en het verhandelde in raadkamer blijkt naar het oordeel van de rechtbank dat het op dit moment hoogst onwaarschijnlijk is dat de strafrechter, later oordelend, het inbeslaggenomen voorwerp zal verbeurd verklaren. Immers, er kan niet onomstotelijk worden vastgesteld dat klager wist dat beslagene er met de scooter vandoor was gegaan. Evenmin behoefde klager te verwachten dat beslagene met deze scooter een misdrijf zou begaan. De rechtbank constateert dat in het proces-verbaal van overtreding staat dat uit mutaties is gebleken dat klager weet dat beslagene op de scooter rijdt zonder rijbewijs. Deze mutaties zijn echter niet opgenomen in het dossier, waardoor de rechtbank niet zelf kan controleren of dit zo is.</para>
      <para>De rechtbank geeft klager wel mee dat als beslagene in de toekomst nogmaals op de scooter wordt aangetroffen zonder rijbewijs, hij de scooter hoogstwaarschijnlijk niet meer terug zal krijgen, gelet op deze beschikking.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>De rechtbank is dan ook van oordeel dat bij het ontbreken van strafvorderlijk belang het beslag dient te worden opgeheven.</para>
    <para />
    <para>Het beklag dient derhalve gegrond te worden verklaard.</para>
    <para />
    <para>De rechtbank acht voorts voldoende aannemelijk geworden dat het inbeslaggenomen voorwerp aan klager toebehoort. De rechtbank zal dan ook gelasten dat het voorwerp aan klager dient te worden teruggegeven.</para>
    <para />
    <para>De rechtbank komt tot de volgende beslissing.</para>
    <para />
    <para />
    <para>Beslissing</para>
    <para />
    <para>De rechtbank verklaart het beklag GEGROND en gelast de teruggave van de scooter met kenteken [kenteken] aan klager. </para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beslissing is op 21 juli 2011 gegeven en in het openbaar uitgesproken door </para>
      <para>mr. H.P.H.I. Cleerdin,									rechter,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. C.M. Noomen,						griffier.</para>
    </parablock>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>