<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBAMS:2007:BB3597</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T18:39:49</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BB3597</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Amsterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Amsterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2007-09-10</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">13/420975-07</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#raadkamer">Raadkamer</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001903">Wetboek van Strafvordering</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001903&amp;artikel=59a">Wetboek van Strafvordering 59a</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>NJFS 2007, 256</rdf:li>
          <rdf:li>NbSr 2007/374</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2007:BB3597">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2007:BB3597</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T01:51:35</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2007-09-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBAMS:2007:BB3597 Rechtbank Amsterdam , 10-09-2007 / 13/420975-07</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBAMS:2007:BB3597:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Beslissing van de raadkamer in hoger beroep. Criteria waaraan de rechter-commissaris de inverzekeringstelling moet toetsen. Niet mag de rechter-commissaris het bevel tot verlenging van de inverzekeringstelling toetsen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBAMS:2007:BB3597:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>RECHTBANK VAN HET ARRONDISSEMENT AMSTERDAM</para>
    <para />
    <para>Parketnummer: 13/420975-07</para>
    <para />
    <para />
    <para>BESCHIKKING IN HOGER BEROEP</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gezien de akte rechtsmiddel met appèlmemorie van de officier van justitie</para>
      <para>in het arrondissement Amsterdam tegen de beschikking d.d. 15 juni 2007 van de</para>
      <para>rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in het</para>
      <para>arrondissement Amsterdam, ingekomen ter griffie van deze rechtbank d.d. 19 juni 2007,</para>
      <para>waarbij de verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>     [verdachte]</para>
      <para>     geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1986</para>
      <para>     wonende te [adres],</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>onmiddellijk in vrijheid is gesteld door de rechter-commissaris.</para>
    <para />
    <para />
    <para>PROCEDURE</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft acht geslagen op de stukken, waaronder die betrekking</para>
      <para>hebben op de voorlopige hechtenis van verdachte, en heeft in raadkamer de</para>
      <para>officier van justitie en de raadsvrouw, mr. M.J. Kikkert, van verdachte</para>
      <para>gehoord.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>HET APPEL</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de orde is het beroep van de officier van justitie tegen de beslissing van</para>
      <para>de rechter-commissaris verdachte onmiddellijk in vrijheid te stellen bij</para>
      <para>gelegenheid van de toetsing van diens inverzekeringstelling.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is op 14 juni 2007 om 4.10 uur aangehouden en om 13.33 uur in</para>
      <para>verzekering gesteld. De officier van justitie heeft met ingang van 15 juni</para>
      <para>2007 om 9.42 uur het bevel tot inverzekeringstelling verlengd voor ten</para>
      <para>hoogste drie dagen. Op 15 juni 2007 werd verdachte ter toetsing van de</para>
      <para>inverzekeringstelling om 16.42 uur aan de rechter-commissaris voorgeleid.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechter-commissaris heeft geoordeeld dat de inverzekeringstelling van</para>
      <para>verdachte niet onrechtmatig is, maar heeft verdachte "desondanks"</para>
      <para>onmiddellijk in vrijheid gesteld. Daartoe heeft de rechter-commissaris</para>
      <para>overwogen dat niet valt in te zien, in het licht van de nog te verrichten</para>
      <para>onderzoekshandelingen (zo begrijpt de rechtbank), dat de verlenging van de</para>
      <para>inverzekeringstelling dringend noodzakelijk is.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit oordeel miskent, hoewel uitdrukkelijk door de rechter-commissaris in</para>
      <para>diens beslissing opgenomen, dat artikel 59a lid 5 van het Wetboek van</para>
      <para>Strafvordering de rechter-commissaris 'slechts' de bevoegdheid geeft de</para>
      <para>verdachte onmiddellijk in vrijheid te stellen indien hij de</para>
      <para>inverzekeringstelling onrechtmatig oordeelt. In dat verband dient de</para>
      <para>rechter-commissaris te toetsen (zo volgt ook uit de Kamerstukken II 1992/93,</para>
      <para>21 225, nr. 13) of:</para>
      <para>- sprake is van een redelijk vermoeden van schuld;</para>
      <para>- sprake is van een verdenking ter zake een strafbaar feit waarvoor voorlopige</para>
      <para>   hechtenis is toegelaten;</para>
      <para>- de inverzekeringstelling in het belang is van het onderzoek;</para>
      <para>- de vormvoorschriften terzake inverzekeringstelling in acht zijn genomen;</para>
      <para>- de inverzekeringstelling niet in strijd is met het ongeschreven recht, meer</para>
      <para>   in het bijzonder de beginselen van een goede procesorde.</para>
      <para>Aangenomen moet worden dat de rechter-commissaris de inverzekeringstelling</para>
      <para>van verdachte hieraan volledig heeft getoetst en geen onrechtmatigheden heeft</para>
      <para>geconstateerd, in welk geval hij verdachte niet in vrijheid had mogen stellen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voorzover de rechter-commissaris tot uitdrukking heeft willen brengen dat de</para>
      <para>toetsing van de inverzekeringstelling van verdachte, op verzoek van de</para>
      <para>officier van justitie, ook het bevel tot verlenging van de</para>
      <para>inverzekeringstelling omvat, oordeelt de rechtbank dat een dergelijk</para>
      <para>uitgangspunt geen steun vindt in de wet, noch in de wetsgeschiedenis.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>BESCHIKKENDE</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op het voorgaande verklaart de rechtbank het beroep van de officier van</para>
      <para>justitie gegrond.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank vernietigt de beslissing van de rechter-commissaris en beveelt</para>
      <para>dat aan het bevel tot inverzekeringstelling uitvoering zal worden gegeven.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gedaan in raadkamer van 10 september 2007 door</para>
      <para>mr. J. Piena, voorzitter,</para>
      <para>mrs. C.P. Bleeker, H.M.J. Quaedvlieg, rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van R. Schilp, griffier,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>mr. J. Piena, voorzitter,</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para>R. Schilp, griffier</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>