<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:PHR:2017:962</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-09-27T10:50:15</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-09-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Parket_bij_de_Hoge_Raad" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Parket bij de Hoge Raad</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Datum genomen">2017-06-27</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">15/01959</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/conclusie">Conclusie</dcterms:type>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:HR:2017:2488" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/conclusie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/latereAanleg" psi:gevolg="http://psi.rechtspraak.nl/gevolg#gevolgd">Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2017:2488, Gevolgd</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:PHR:2017:962">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:PHR:2017:962</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-09-26T12:00:19</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-09-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:PHR:2017:962 Parket bij de Hoge Raad , 27-06-2017 / 15/01959</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:PHR:2017:962:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Geen middelen ingediend, verdachte n-o. Samenhang met 15/02034 en ECLI:NL:HR:2017:592.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <conclusie id="ECLI:NL:PHR:2017:962:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <informaltable>
    <tgroup cols="2">
      <colspec colname="colA" />
      <colspec colname="colB" />
      <tbody>
        <row>
          <entry>
            <para>Nr. 15/01959</para>
            <para>Zitting: 27 juni 2017</para>
            <para />
          </entry>
          <entry>
            <para>
              <emphasis role="underline">Mr. F.W. Bleichrodt</emphasis>
            </para>
            <para>Conclusie inzake:</para>
            <para>
              <emphasis role="underline">
                [verdachte] </emphasis>
            </para>
          </entry>
        </row>
      </tbody>
    </tgroup>
  </informaltable>
  <para />
  <orderedlist numeration="arabic">
    <listitem>
      <para>Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, heeft bij arrest van 22 april 2015 de verdachte wegens primair “openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen, terwijl het door de schuldige gepleegde geweld enig lichamelijk letsel ten gevolge heeft” veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 180 uren, subsidiair negentig dagen hechtenis, waarvan zestig uren, subsidiair dertig dagen hechtenis, voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren en met aftrek als bedoeld in art. 27 Sr. Voorts heeft het hof de vordering van de benadeelde partij toegewezen en aan de verdachte een schadevergoedingsmaatregel opgelegd, één en ander zoals in het arrest vermeld.</para>
    </listitem>
    <listitem>
      <para>Deze zaak hangt samen met de zaak tegen [medeverdachte], nr. 15/02034, waarin ik vandaag eveneens concludeer.<footnote-ref linkend="_0b710f05-847f-484a-8c66-bae82bfb4db2" /></para>
    </listitem>
  </orderedlist>
  <para>3. Namens de verdachte is beroep in cassatie ingesteld. Er is geen schriftuur ingediend.</para>
  <para>4. Op 3 februari 2016 is de aanzegging tevergeefs aangeboden op het oude, op dat moment reeds achterhaalde GBA-adres<footnote-ref linkend="_a99cf145-1ec2-4363-a050-4700bc32b404" /> van de verdachte ( [a-straat 1] in Amsterdam).<footnote-ref linkend="_13131cc5-af6a-4a7f-a2e4-b446bd1539f8" /> Vervolgens is de aanzegging - na niet te zijn afgehaald op het postkantoor - op 11 februari 2016 teruggezonden aan de Hoge Raad. Daarna is de aanzegging op 7 maart 2016 uitgereikt aan een huisgenoot van de verdachte op diens nieuwe GBA-adres ( [b-straat 1] in Lelystad), waarbij is voldaan aan de GBA-controle.<footnote-ref linkend="_86e19ce7-5ed8-4d9e-b280-564f0263ab52" /> Het in de cassatie-akte vermelde adres van de verdachte betreft het oude, achterhaalde GBA-adres van de verdachte in Amsterdam. Voorts is op 15 maart 2016 mededeling van de betekening gedaan aan de raadsman van de verdachte (mr. E.J.M.J. Damen, advocaat te Arnhem). Aldus is de aanzegging overeenkomstig art. 588, eerste lid, onder b, sub 1°, Sv, in verbinding met art. 588, derde lid, onder a, Sv, rechtsgeldig betekend.</para>
  <para>5. Nu de verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, is het voorschrift van art. 437, tweede lid, Sv niet in acht genomen, zodat de verdachte niet in zijn cassatieberoep kan worden ontvangen.</para>
  <para>6. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het beroep.</para>
  <para />
  <parablock>
    <para>De Procureur-Generaal</para>
    <para>bij de Hoge Raad der Nederlanden</para>
  </parablock>
  <para />
  <para />
  <parablock>
    <para>AG</para>
  </parablock>
  <para />
  <footnote id="_0b710f05-847f-484a-8c66-bae82bfb4db2" label="1">
    <para> In de zaak tegen een andere medeverdachte ( [A] ) heeft de Hoge Raad reeds op 4 april 2017, nr. 15/01973, ECLI:NL:HR:2017:584 (onderzoek aan smartphone) uitspraak gedaan. De Hoge Raad heeft de cassatieberoepen van de verdachte en de advocaat-generaal bij het hof in die zaak verworpen.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a99cf145-1ec2-4363-a050-4700bc32b404" label="2">
    <para> Sinds 6 januari 2014 is de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (GBA) vervangen door de basisregistratie personen (BRP).</para>
  </footnote>
  <footnote id="_13131cc5-af6a-4a7f-a2e4-b446bd1539f8" label="3">
    <para> De aan de aanzegging gehechte ID-staat SKDB van 15 maart 2016 betreffende de verdachte houdt in dat hij vanaf 9 mei 2014 tot 7 januari 2016 in de GBA stond ingeschreven op het adres [a-straat 1] in Amsterdam.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_86e19ce7-5ed8-4d9e-b280-564f0263ab52" label="4">
    <para> Uit de aan de aanzegging gehechte ID-staat SKDB betreffende de verdachte van 15 maart 2016 volgt dat de verdachte op de dag van de uitreiking van de aanzegging op dat adres stond ingeschreven in de GBA. Deze houdt immers in dat de verdachte niet was gedetineerd en dat hij met ingang van 7 januari 2016 stond ingeschreven op het adres [b-straat 1] in Lelystad</para>
  </footnote>
</conclusie>
</open-rechtspraak>