<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:ORBBNAA:2001:BU3893</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T09:07:15</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BU3893</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" psi:resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/RvBbel" scheme="psi.rechtspraak">Raad van Beroep voor Belastingzaken (Nederlandse Antillen en Aruba)</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2001-03-15</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">2000/067</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_belastingrecht">Bestuursrecht; Belastingrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:ORBBNAA:2001:BU3893">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:ORBBNAA:2001:BU3893</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T09:07:15</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2011-11-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:ORBBNAA:2001:BU3893 Raad van Beroep voor Belastingzaken (Nederlandse Antillen en Aruba) , 15-03-2001 / 2000/067</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:ORBBNAA:2001:BU3893:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Invoerrecht en accijns / Belastingjaar 1999</para>
        <para>Opslagruimte in de Arubaanse Vrije Zone is op één lijn te stellen met een douane-entrepot.</para>
        <para>De entrepothouder is bij vermis aansprakelijk voor invoerrecht en accijns, tenzij het vermis is veroorzaakt door een buitengewone gebeurtenis. Diefstal kan niet worden aangemerkt als zo'n buitengewone gebeurtenis. </para>
        <para>De entrepothouder is ook niet aansprakelijk indien het vermis wordt opgehelderd in de betekenis van douanetechniek. Vast moet komen te staan dat de vermiste goederen niet in het vrije verkeer zijn terecht gekomen. Bij diefstal kan dit niet worden vastgesteld.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:ORBBNAA:2001:BU3893:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>Beschikking van 15 maart 2001 nr. 2000/067</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>DE RAAD VAN BEROEP VOOR BELASTINGZAKEN</para>
      <para>zitting houdende in Aruba,</para>
    </parablock>
    <para> </para>
    <para>inzake:</para>
    <para> </para>
    <para>appellante</para>
    <para />
    <para>tegen</para>
    <para> </para>
    <para>de Inspecteur der Belastingen</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>1. Loop van het geding</para>
      <para>1.1. Aan appellante is door de Inspecteur een op 23 september 1999 gedagtekende uitnodiging tot betaling van invoerrecht en accijns gedaan ten bedrage van in totaal Afl. 34.880,40, zulks wegens vermis van 228 dozen whiskey uit de opslagruimte van appellante in de Vrije Zone van Aruba. De Inspecteur heeft het - tijdig - door appellante tegen deze uitnodiging gemaakte bezwaar bij beschikking van 7 februari 2000 afgewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1.2. Appellante is tegen de beschikking op bezwaar op 16 februari 2000, dus tijdig, in beroep gekomen bij de Raad. De Inspecteur heeft een vertoogschrift ingediend.</para>
    <para />
    <para>1.3. De mondelinge behandeling van de zaak heeft plaatsgehad ter zitting van de Raad op 23 november 2000, gehouden op Aruba, waar beide partijen zijn verschenen. Partijen hebben elk een pleitnota overgelegd.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>2. Vaststaande feiten</para>
      <para>Appellante beschikt over een opslagruimte in de Vrije Zone op Aruba. Op 2 augustus 1999 zijn uit die opslagruimte als gevolg van diefstal met braak 228 dozen ontvreemd, inhoudende ieder 12 flessen Dewars Whiskey van 75 cl elk. Van deze diefstal heeft appellante aangifte gedaan bij de politie en bij de douane. Niet bekend is waar de whiskey is gebleven.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>3. Omschrijving geschil en standpunten van partijen</para>
      <para>3.1. In geschil is of de diefstal meebrengt dat appellante over de gestolen whiskey invoerrecht en accijns verschuldigd is geworden. Die vraag beantwoordt de Inspecteur bevestigend en appellante ontkennend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>3.2. Appellante beroept zich met haar eerste grief op het bepaalde in art. 202, lid 2, Landsverordening In-, Uit- en Doorvoer (LIUD) met de - door de Inspecteur weersproken - stelling dat de diefstal moet worden gekwalificeerd als een buitengewone gebeurtenis die aan de heffing van invoerrecht en accijns in de weg staat.</para>
    <para />
    <para>3.3. Met haar tweede grief beroept appellante zich op het bepaalde in art. 9, lid 4, Landsbesluit Vrije Zones (LbVZ) met de - door de Inspecteur weersproken - stelling dat het verschil in minder (vermis) is opgehelderd nu bekend is dat het vermis door diefstal is ontstaan, zodat geen invoerrecht en accijns is verschuldigd.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>4. Overwegingen omtrent het geschil</para>
      <para>4.1. Voor de heffing van invoerrechten en accijnzen moet de opslagruimte van appellante in de Arubaanse Vrije Zone op één lijn worden gesteld met een douane-entrepot. Als hoofdregel heeft te gelden dat het vermis van accijnsgoederen uit zo'n entrepot meebrengt dat de entrepothouder - die voor dat vermis aansprakelijk is - invoerrecht en accijns wordt verschuldigd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>4.2. Die hoofdregel lijdt uitzondering indien het vermis is veroorzaakt door een buitengewone gebeurtenis als bedoeld in art. 202, lid 2, LIUD. Zoals de Raad in zijn beschikking van 10 maart 1987, no. 3/87 (in de zaak met no. 59/86), heeft geoordeeld kan diefstal niet worden aangemerkt als zo'n buitengewone gebeurtenis. Mitsdien faalt de eerste grief.</para>
    <para />
    <para>4.3. De hoofdregel lijdt ook uitzondering indien het vermis wordt opgehelderd in de in art. 9, lid 4, LbVZ bedoelde zin. Het gaat hier om opheldering in de betekenis die daaraan vanuit een oogpunt van douanetechniek moet worden gegeven. Daarbij moet in ieder geval komen vast te staan dat de vermiste goederen niet in het vrije verkeer zijn terecht gekomen. Nu het vermis door diefstal is ontstaan, kan dit laatste niet worden vastgesteld. Daarom faalt ook de tweede grief.</para>
    <para />
    <para>4.4. Appellante heeft ook nog een derde grief aangevoerd tegen de beschikking op bezwaar, maar deze mist zelfstandige betekenis en deelt derhalve het lot van de beide andere grieven. Daarom moet als volgt worden beslist.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>5. Beslissing</para>
      <para>De Raad verklaart het beroep ongegrond.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>mrs. L. van Gijn, J.W. Ilsink en Th. Groeneveld</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>